Landenweb.nl

PELOPONNESOS
 

Basisgegevens
  Officiële
  landstaal
  Grieks
  Hoofdstad  Patras (grootste stad)
  Oppervlakte  21.379 km²
  Inwoners  ca. 1.155.019
  (2011, laatst bekend)
  Munteenheid  euro
  (EUR)
  Tijdsverschil  +1 (zomer +2)
  Web  .gr
  Code.  GRC
  Tel.  +30

Populaire bestemmingen GRIEKENLAND

AeginaAlonissosAndros
ChiosHydraKalymnos
KarpathosKefaloniaKorfoe
KosKretaLefkas
LesbosMykonosNaxos
ParosPatmosPeloponnesos
PorosRhodosSamos
SantoriniSkiathosSkopelos
SpetsesThassosZakynthos

Geografie en Landschap

Geografie

De Peloponnesos (ook wel Morea genoemd naar de vorm van het blad van de moerbeiboom) is het grootste schiereiland van Griekenland, en ligt ten zuiden van het Griekse vasteland en ten zuidwesten van de hoofdstad Athene.

De Peloponnesos wordt gescheiden van het Griekse vasteland door de Golf van Korinthe, een onderdeel van de Ionische Zee en de Golf van Aegina(ook wel Saronische Golf), een onderdeel van de Egeïsche Zee, en ermee verbonden door de (ca. 10 km brede) Landengte (isthmus) van Korinthe. Deze landengte wordt weer doorsneden door het Kanaal van Korinthe (bijna 6,5 km lang, 23 m breed en 8 m diep), waardoor men zou kunnen zeggen dat de Peloponnesos op een kunstmatige manier van een schiereiland in een eiland veranderde.

De oppervlakte van de Peloponnesos bedraagt ca. 21.400 km², ongeveer de helft van Nederland. Kaap Matapan (ook wel Tainaro) is het meest zuidelijke punt van de Peloponnesos, met kliffen tot wel 50 m hoog. De vlakbij gelegen grot werd door de oude Grieken beschouwd als de ingang van de Hades, het dodenrijk.

De Argo-Saronische eilanden liggen ten oosten van de Peloponnesos, de Ionische Eilanden ten westen en zuiden van het schiereiland. Enkele van de eilanden liggen niet ver van de Peloponnesische kust, zoals Proti, Sapienza, Schiza, Elafonisos, Kythira, Spetses, Dokos, Hydra, Poros, Aegina en Agistri.

advertentie

Peloponnesos SatellietfotoPhoto: Publiek Domein

advertentie

Landschap

De Peloponnesos telt een grote variëteit aan landschappen, maar overheersend zijn toch wel de bergachtige gebieden, ca. twee derde van de Peloponnesos is bergachtig. De Peloponnesos telt ook een aantal rivieren, onder andere de Neda, de Selinountas, de Dafnon, de Pineios, de Evrotas, de Polilimnio, de Alphios, de Vouraikos, de Erymanthos, de Sireos, de Aroanios, de Krathis, de Krios en de Lousios. Het grootste meer van de Peloponnesos is het Stymphalia-meer, en bij Porto Cheli, 80 km ten zuiden van Nauplion, ligt het meer Ververontas.

De woeste, nauwelijks bewoonde landstreek Arcadië ligt centraal op de Peloponnesos. Wandelaars genieten van een tocht door de Lousios-kloof, ca. 5 km lang en 300 meter diep.

Ten noorden van Arcadië ligt Achaea, met op de grens van dat gebied met Arcadië een bergketen met toppen van ca. 2300 meter. De 1926 m hoge Panachaiko domineert de kustregio bij Patras, in het zuiden van de regio Aechaea liggen de nog hogere Aroania (2341 m) en de Erymanthos (2224 m). Andere bergketens zijn Kollis, Omplos, Kombovouni en Movri. De belangrijkste rivieren zijn van oost naar west de Vouraikos, de Selinountas, de Charadros, de Peiros, de Tytheus en de Larissos.

Achaea grenst in het noorden aan de Golf van Korinthe, kent veel mooie zandstranden en naast de wetlands-natuurgebieden Kato Achaia en Varda ook nog het natuurgebied Kalogria. Bossen, maar ook droge, kale gebieden zijn vooral te vinden in de bergachtige streken, graslanden in de wat lagere regionen.

advertentie

Satellietfoto PeloponnesosPhoto: NASA in het publieke domein

Ten zuidwesten van Achaea ligt de vlakke streek Elis, de meest westelijke regio van de Peloponnesos. De langste rivier in deze regio is Alphios, ander rivieren zijn de Erymanthos, de Pineios en de Neda. Behalve de Erymanthos stromen al deze rivieren uit in de Ionische Zee. Het oostelijke deel van Elis is bosrijk, in het zuiden overheerst de pijnboom. In de buurt van het dorp Foloi en in het bergachtige oosten liggen wat natuurreservaten. Ongeveer een derde van de bodem, met name in het noorden, is vruchtbaar en geschikt voor landbouwactiviteiten, de rest is bergachtig. Elis telt een aantal bergketens, waaronder Movri (maximaal 400 meter hoog), Divri (max. 1500 meter) en Minthe (max. 1100 meter). Ca. 1-1,5% was vroeger moerasland, met name in de streek Samiko; daarvan is nog maar ca. 10 km2 beschermd moerasgebied, de rest is geschikt gemaakt voor landbouw, van over. Elis ligt in een seismisch actieve zone, met aardbevingen in 1909, 1910, 1920, 1953 en 2008. In augustus 2007 werd Elis getroffen door enorme bosbranden, 8500 ha bos en 2300 ha landbouwgrond werden verwoest.

In de zuidoosthoek van de Peloponnesos ligt Laconië, een grote vruchtbare vlakte omgeven door de hoge toppen van de bergketen Taigetos (100 km lang; hoogste top en op twee na hoogste berg van Griekenland, Profitis Ilias, 2407 m en genoemd naar de profeet Elia) en meer heuvelachtige Parnon-gebergte (90 km lang; hoogste top is Malevos, 1935 m), en doorsneden door de rivier Evrotas, ca. 100 km lang en uitmondend in de Laconische Baai. De vallei waar de Evrotas doorheen stroomt is vruchtbaar en levert de grootste sinaasappelopbrengst van waarschijnlijk geheel Griekenland.

Opmerkelijk is de rots van Monemvassia, gelegen op Vatika, het meest oostelijke schiereiland van de Peloponnesos. Deze rots zat ooit vast aan de Peloponnesos, maar in 375 n.Chr. zorgde een aardbeving ervoor dat het een rotseiland werd. Bijzonder is de Kastania-grot in de buurt van Neapoli, waar 3 miljoen jaar oude stalagmieten en stalactieten te zien zijn. Deze streek telt talloze bronnen, alleen al de Anakolou-kloof boven Xirokambi, waar aan het begin de nog steeds begaanbare oudste stenen boogbrug van Europa staat, telt meer dan zestig bronnen. Naast de kapen Malea en Tainaron en een ggedeelte van het schiereiland Mani behoort ook het eiland Elafonisos tot Laconië.

In de zuidwesthoek van de Peloponnesos ligt de streek Messenië met de rivier Neda, een rotsachtige kust en zéér vruchtbare vlaktes. Vrij onbekend zijn de Polylimnio-watervallen en de meertjes Kadoula en Kadi bij de plaatsjes Kazarma en Charavgi. De belangrijkste bergketens zijn die van de Taygetus in het oosten, Kyparissia in het noordwesten en Lykodimo in het zuidwesten. De belangrijkste rivieren zijn de Neda in het noorden en de Pamisos in Centraal-Messenië.

Net ten noorden van de Baai van Navarino ligt het Voidoikoilia-strand, door de gezaghebbende krant New York Times beoordeeld als een van de tien mooiste stranden ter wereld. Ten zuidwesten van Messenië liggen de Messeense, veelal onbewoonde, Oinousses-eilanden, waarvan de grootste Sapientza, Schiza en Venetiko zijn. Het kleine eiland Sphacteria sluit de baai van Pylos praktisch af.

Drie schiereilanden kenmerken het zuiden van de Peloponnesos. In het noorden van het middelste schiereiland, de Mani, liggen de bergen Helmos (2338 m) en de Killini (2374 m). Het landschap van de Mani wordt gedomineerd door de vele torenhuizen. Het westelijke schiereiland heet Pylia en het oostelijke schiereiland wordt Vatika genoemd.

Het gebied rond Pyrgos Dirou op de Mani is letterlijk bezaaid met grotten en grotsystemen (minimaal 70 km lang), waarvan de Diros-grotten, uitgesleten door de ondergrondse Vlychada-rivier, de belangrijkste zijn. In deze grotten zijn belangrijke bezwijzen gevonden van onder andere vroege menselijke en Neanderthal-bewoning. Hoewel de grotten, onder andere de Glyvada-grot, de Alepotripa-grot en de Katafigi-grot, al bekend waren bij lokale mensen sinds 1895, werd er pas in 1949 een begin gemaakt met grondig onderzoek en in 1967 geopend voor publiek.

In het noordoosten van de Peloponnesos liggen de streken Korinthe en het vruchtbare Argolis, met veel landbouw, maar ook met populaire stranden en, op het schiereiland Methana, een vulkaan, 32 uitgedoofde kraters en hete zwavelachtige en zouthoudende bronnen. Vulkanische activiteiten zijn er sinds meer dan 300 jaar niet meer voorgekomen.

Het hoogste punt van Korinthe is de 575 meter hoge Akrokorinth. In Centraal-Argolis ligt het meeste bouwland, waar vooral citroenen en sinaasappelen verbouwd worden. Argolis grenst in het noordoosten aan de Saronische Golf en in het zuiden en zuidwesten aan de Argolische Golf. Belangrijke bergketens zijn Oligyrtos in het noordwesten, Lyrkeio en Ktenia in het westen en Arachnaio en Didymo in het oosten.

Klimaat en Weer

Het schiereiland Peloponnesos heeft over het algemeen een mediterraan klimaat met droge, warme zomers en milde, natte winters. In de zomer wordt het al gauw warmer dan 30 °C en temperaturen en hittegolven van rond de 40 °C zijn geen zeldzaamheid, met name in het binnenland. In de bergachtige gebieden liggen de maximum- en minimumtemperaturen een stuk lager, is het weer veel onstabieler en vriest en sneeuwt het in de winterperiode. De westkant van de Peloponnesos is veel natter dan de oostkant.

De bergen van de Peloponnesos zijn zeer geschikt voor de wintersport, onder andere op de berg Chelmós in de streek Achaea. Op de toppen van de hoogste bergen, tusen 2000 en 2500 meter, ligt vaak van november tot begin juni sneeuw.

Klimaattabel zuidelijke Peloponnesos

maandgem. max.temp.gem.min.tempuren zon p/d/neerslagdagen p/mzeetemp.
januari13 °C4 °C51216 °C
februari13 °C5 °C51115 °C
maart15 °C6 °C61015 °C
april18 °C8 °C7916 °C
mei23 °C11 °C9618 °C
juni27 °C15 °C10322 °C
juli31 °C18 °C12224 °C
augustus31 °C19 °C11225 °C
september27 °C15 °C9424 °C
oktober22 °C12 °C7822 °C
november18 °C9 °C51019 °C
december14 °C6 °C41217 °C

Planten en Dieren

advertentie

Planten

De beste tijd om wilde bloemen en planten te bewonderen op de Peloponnesos is de lente, maar de bloeitijd begint in feite al in januari en verloopt verder in golven, met april als meest uitbundige maand. Maar ook in de droge, hete zomer zijn er nog wel botanische bijzonderheden te vinden, en de herfst is nog een periode met een mini-revival wat bloeiende flora betreft.

Hieronder per maand een kenmerkende bloem of plant op de Peloponnesos:

MaandNaamKleur bloem
januari(dwerg)irispaars
februariblauw druifje of druifhyacinthdonkerblauw
maartblauwe lupinelichtblauw
aprilsaliewit/paars
meivenkelgeel
junistekelacanthuswit/lila/roze/geel
julizeeui of zeeajuinwit
augustuszeewolfsmelkgroen
septemberdoornappelwit
oktoberhertshoornweegbreegroen
novemberBougainvillea glabraviolet
decemberbosrank of bosdruifwit

Orchideeën, 80 soorten en allemaal beschermd, vallen in Griekenland in drie soorten uiteen: orchissen, waaronder de sniporchis en de zeldzame Ophrys tenthredinifera; spiegelorchissen, waaronder de aapjesorchis en de wantsenorchis; tongorchissen, waaronder de brede tongorchis en de gewone tongorchis.

Bijzonder is de reuzenorchis, die tot 80 cm hoog boven gras of struiken kan uitsteken en in de zon bijzonder lekker ruikt.

De olijfboom heeft al sinds de oudheid een economische waarde en is dan ook overal op de Peloponnesos te vinden samen met de solitaire of in kleine bosjes voorkomende cypres. Elk dorpsplein wordt wel gedomineerd door een (enorme) plataan, de uitheemse eucalyptus is vaak te zien langs de weg, de taaie tamarisk groeit aan de kust in de buurt van de stranden. De Judasboom met zijn opvallende roze vlinderbloemen en zijn bladeren die door de seizoenen van bruin naar groen naar rood veranderen, kan 8-10 meter hoog worden.

Fruitbomen zijn er ook te kust en te keur, met grote bossen citroen-, sinaasappel- en granaatappelbomen, vijgenbomen in de buurt van Kalamata en de moerbei, vroeger gebruikt voor het voeden van zijdewormen. Bijzonder is de Johannesbroodboom.

advertentie

Dieren

Het moerasland van de Peloponnesos is een belangrijke habitat voor trekvogels als reigers en flamingo's die willen uitrusten. De beste plaats om deze en vele andere soorten te zien is de Gialova- of Divari-lagune in de streek Messenië: de lagune telt 265 vogelsoorten (waarvan 79 beschermd), 26 soorten reptielen, 16 vissoorten en 28 zoogdiersoorten. Bijzonder om te vermelden is dat de lagune de enige plaats in Europa is waar de Afrikaanse kameleon, zeer sporadisch, voorkomt.

In de bergen zweven veel roofvogels rond, vaak buizerds, maar ook diverse arendsoorten. In de bergachtige gebieden wordt veel gejaagd op hazen en wilde zwijnen en in lager geleden gebieden komen vossen, dassen en steenmarters voor. In ruïnes en op zolders komen veel kleine uilensoorten voor.

Hagedissen komen over de hele Peloponnesos in minder of meerdere mate voor, kleine bruinkleurige en grote (ca. 50 cm) groene. Schildpadden en slangen kun je ook overal tegenkomen, hoewel er van de laatste maar één giftige soort is, een hoornadder-soort.

In de wateren rondom de Peloponnesos zijn dolfijnen geen ongewone gasten, de onechte karetschilpad daarentegen wordt steeds zeldzamer maar broedt nog steeds op de beschermde stranden van de West-Peloponnesos, vooral bij de dorpjes Kakovatos en Neochori, haar eieren uit.

Op de berg Helmos in de buurt van Diakofto is een vlindertuin waar de zeldzame Chalmos blue of Agrodiaetus iphigenia voorkomt.

Geschiedenis

Prehistorie en Myceense tijd (1600-1100 v.Chr.)

Overblijfselen van menselijke nederzettingen op de Peloponnesos dateren al van ca. 30.000 jaar v.Chr., maar zijn zo fragmentarisch dat niet na te gaan is van wie ze waren of waar ze vandaan kwamen.

De eerste belangrijke beschaving die een rol speelde in de geschiedenis van de Peloponnesos was de Myceense beschaving, in feite niet meer dan een losse verzameling van afzonderlijke staten, geconcentreerd rond een aantal paleiscomplexen en een cultuur die nauw verweven was met de Minoïsche cultuur van Kreta. Belangrijke centra op de Peloponnesos waren Mycene zelf, Sparta, Pylos, Tiryns en Argos, dat beschouwd wordt als de langste continue bewoonde stad van Griekenland.

Elk Myceens paleiscomplex was in feite een mini-koninkrijkje dat zijn bewoners beschermde en onderdak gaf aan bezoekers. Men denkt dat ca. 1200 v.Chr. een aantal van deze koninkrijkjes samenspanden en een aanval uitvoerden op een stad in het noordwesten van Klein-Azië, waarschijnlijk Troje en vanwege economische motieven, maar dat is nog altijd niet helemaal duidelijk en bewezen.

Ook onduidelijk is nog waarom de Myceense beschaving ca. 1250 v.Chr. na de actie in Klein-Azië in verval raakte. Klimaatverandering met een grote droogte als gevolg zou een reden kunnen zijn. Griekenland, en daarmee ook de Peloponnesos, ging een donkere periode tegemoet.

Homerus en de opkomst van Sparta (1100-490 v.Chr.)

In deze 'donkere' periode werd de Peloponnesos overspoeld door aan aantal volksverhuizingen, waarvan die van de Doriërs (ca. 1200-1000 v.Chr.), een sober en soldatesk volk, de belangrijkste was.

Belangrijk in deze periode was het ontstaan van de de Ilias & de Odyssee, twee epische dichtwerken, waarschijnlijk, maar ook weer niet definitief bewezen, geschreven door de 'blinde' dichter/zanger Homerus. De Ilias & Odyssee had niet alleen grote invloed op de Griekse en Romeinse cultuur, maar is ook in deze tijd nog steeds een onderwerp van discussie en wetenschappelijk onderzoek.

In de overgangsperiode van de 'donkere' naar de klassieke Griekse periode, kwam er één stad bovendrijven op de Peloponnesos, Sparta. Eerst onderwierpen ze de Messeniërs, hun westelijke buren, daarna succesievelijk een groot gedeelte van de Peloponnesos, alleen of onder een door de Spartanen gedomineerde alliantie met andere steden.

Tegelijkertijd met de soldatenstad Sparta, dat een rijk op het vasteland van Griekenland stichtte, was er de opkomst van Athene, die veel Griekse eilanden veroverden, de baas waren op zee en een eerste vorm van democratie introduceerden. Dat deze twee totaal verschillende staatsvormen en culturen uiteindelijk met elkaar botsten was onvermijdelijk, maar op het einde van de 5e eeuw v.Chr. verenigden ze zich om te strijden tegen een gezamenlijke vijand, de Perzen.

Perzische invallen (490-479 v.Chr.)

De Perzische invallen raakten de Peloponnesos nauwelijks, maar waren toch van cruciaal belang voor de geschiedenis van dit gebied. In 490 v.Chr. viel de Perzische koning Darius in het noorden Griekenland binnen en rukte op tot de Vlakte van Marathon, niet ver van Athene. Darius' leger werd echter verslagen, maar in 480 v.Chr. probeerde Xerxes, Darius' zoon, het nóg een keer met een enorm leger. De verdediging werd nu geleid door de Spartanen en door onder andere historische en beslissende zeges bij Thermopylae en Plataea werden de Perzen opnieuw verslagen. Korinthe was op dat moment door zijn strategische ligging het hoofdkwartier van de verenigde Griekse stadstaten. De stad stuurde bovendien 5000 infanteristen naar de beslissende Slag van Plataea (479 v.Chr.).

Op zee boekte Athene een overwinning, met name de Zeeslag bij Salamis (480 v.Chr.) was sensationeel, met behulp van 40 schepen van Korinthe, en droeg bij aan de uiteindelijke overwinning van de stadstaten Sparta en Athene op Perzië. Niet lang daarna echter stonden de bondgenoten weer als kemphanen tegenover elkaar.

Peloponnesische Oorlog (431-404 v.Chr.)

De nederlaag van de Perzen markeerde eigenlijk het begin van de klassieke periode in de Griekse geschiedenis met zijn prachtige bouwwerken en schitterende uitingen op cultureel en intellectueel gebied. Vooral Athene excelleerde hierin en dat was tevens het begin van het einde van de Peloponnesische periode van economische en militaire voorspoed.

De Perziche aanvallen hadden voor een korte pauze gezorgd in de gevechten tussen Sparta en Athene en in deze periode kregen de Spartanen in de Peloponnesische Oorlog nog de overhand door foute militaire beslissingen van Athene en de uitbraak van een ziekte in de stad. Sparta bleef daardoor nog even de belangrijkste stad in Griekenland, maar dat zou niet zo lang meer duren.

Herfsttij en ondergang Sparta (371-146 v.Chr.)

Na de overwinning op Athene leek niets een uitbreiding van het grondgebied van Sparta op de Peloponnesos in de weg te staan, maar het leger van Sparta werd in de Korinthische Oorlog (395-387 v.Chr.) al verslagen door het Thebe van staatsman en veldheer Epaminondas. Epaminondas bezorgde Thebe hierdoor even de hegemonie over Griekenland, maar twee nieuwe agressors, Macedonië en Rome, zouden ervoor zorgen dat Griekenland niet zoveel meer zou voorstellen op het toenmalige wereldtoneel.

Eerst waren het Philip II van Macedonië en zijn zoon en opvolger Alexander de Grote die vanuit het noorden Sparta en Athene aanviel, nog later waren het de Romeinen, die vanuit Rome in Italië onweerstaanbaar naar het westen trokken. De vroege gestorven Alexander en zijn opvolgers richtten ich meer uit wraak op het Perzische Rijk, en gaf daardoor de Romeinen ongeveer vrij spel om Griekenland en de Peloponnesos te bezetten en na de dood van Alexander was het voor de Romeinen niet zo moeilijk meer om Macedonië en de rest van Griekenland te veroveren. In 146 v.Chr. werd de suprematie van de Romeinen bevestigd door de totale verwoesting van de stad Korinthe.

Rome aan de macht (146 v.Chr.-330 n.Chr.)

Onder het 'Pax Romana', de door de Romeinen meegebrachte 'vrede', werd de Peloponnesos een Romeinse provincie met de naam Achaea en bestuurd vanuit het inmiddels weer door keizer Julius Caesar in 44 v.Chr. herbouwde Korinthe, dat door Caesar ook tot hoofdstad van het Romeinse Griekenland werd uitgeroepen. De directe bemoeienis met Achaea door de Romeinen bestond er echter niet veel meer uit dan de bouw en verbouw van allerlei bouwwerken.

Kortom een rustige, vreedzame periode brak aan waarin een man als de apostel Paulus (ook Saulus), een van de eerste leiders van de christelijke kerk, een grote rol speelde in de ontwikkeling en verspreiding van het christendom in onder andere Griekenland, en dan met name in Korinthe.

Byzantijnse Rijk (330-1204)

De Romeinse keizer Constantijn I de Grote stichtte in 330 n.Chr. de nieuwe hoofdstad Constantinopel (nu: Istanbul) en maakte een begin om van het christendom een staatsgodsdienst te maken. Eind 4e eeuw werd deze ontwikkeling door Theodosius I geformaliseerd, hoewel het nieuwe geloof op de Peloponnesos nog niet zo erg aansloeg en zich voornamelijk vestigde in de wat meer afgelegen gebieden.

In deze tijd had Griekenland ook veel te lijden van invasies en volksverhuizingen vanuit het noorden. Met name te noemen zijn Alaric en zijn Visigoten die Sparta en Korinthe (395) plunderden. Veel belangrijker waren echter de invallen van Slavische stammen, die zich permanent vestigden op Grieks grondgebied. In 476 werd de laatste keizer van het West-Romeinse Rijk vermoord door de 'barbaren', het Byzantijnse Rome wist zich nog enkele eeuwen te handhaven. In 1147 werd Korinthe geplunderd door de Noormannen van Roger II van Sicilië.

Middeleeuwen (1204-1460)

Eigenlijk gericht op de bevrijding van het 'Heilige Land' plunderden de ridders van de Vierde Kruistocht in 1204 ook nog even Constantinopel, in feite een christelijke stad. Een van de Frankische legers, onder leiding van William Geoffrey de Villehardouin, was ook van plan om naar Constantinopel te varen, maar men realiseerde zich dat ook de Peloponnesos een rijke buit zou zijn. De Villehardouin, en later zijn zoon William, een echte kastelenbouwer, voegden de daad bij het woord en veroverden uiteindelijk een groot gedeelte van de Peloponnesos vanuit het in 1249 gebouwde kasteel in Mystras. De reden hiervoor was dat ook Venetië een oogje had laten vallen op de Peloponnesos, met name aan de kust gelegen forten als Methoni en Koroni.

En ook de Byzantijnen waren nog niet verdwenen, zij maakten uiteindelijk in 1259 van de stad Mystras, in de buurt van Sparta, de tweede stad van hun rijk het leger van De Villehardouin te verslaan. Tot 1460 werd de hele Peloponnesos heen en weer geslingerd tussen de drie rivaliserende machten, maar een vierde macht zat er aan te komen, de Ottomanen. Zij veroverden op 29 mei 1453 Constantinopel en de laatste Byzantijnse keizer, Constantijn XI Palaiologos Dragases, stierf op de muren van Mystras, waar hij enkele jaren eerder nog tot keizer gekroond was.

Ottomaanse bezetting en Onafhankelijkheidsoorlog (1460-1829)

Mystras viel uiteindelijk in 1460 en de Peloponnesos kwam volledig onder controle van de Ottomanen, op wat havens na die in handen van de Venetianen bleven. Nauplion werd in 1540 door de Turken veroverd en uitgeroepen tot hoofdstad van de Peloponnesos. Toch hadden de Grieken het nog niet zo slecht onder het bewind van de Ottomanen. Zo behielden de Grieken een soort van religieuze vrijheid en ze konden nog hoog op de maatschappelijke ladder eindigen. Van 1687 tot 1715 werd Sparta nog even bestuurd door Venetië en telde op dat moment zo'n 40.000 inwoners, meer dan ooit tevoren.

Toch wilden de Grieken natuurlijk liever onafhankelijk zijn en op 25 maart 1821 werd de onafhankelijkheidsvlag in het klooster Agia Lavra gezegend en de revolutie afgekondigd door bisschop Germanos van Patras.

Het eerste succes werd geboekt op de Mani, waar onder leiding van Petrobey Mavromihalis vanuit Tsimova (nu: Areopoli) een klein bevrijdingsleger de stad Kalamata veroverde. De Peloponnesos werd het belangrijkste strijdtoneel met aan het hoofd van de Griekse strijders generaal Theodoros Kolokotronis. Op 23 september 1823 veroverde een leger onder leiding van Kolokotronis de Turkse hoofdstad van de Peloponnesos, Tripoli, waarbij zo'n 8000 Turken, ook (zwangere) vrouwen en kinderen, werden vermoord. Enkele maanden later namen de Turken wraak door op het eiland Chios 25.000 Grieken te vermoorden. Aanvankelijk succes van de Grieken, met slachtingen aan beide zijden, werd teniet gedaan door een onderlinge strijd van de Griekse leiders die zelfs in 1824 uitmondde in een korte burgeroorlog.

De Ottomanen profiteerden daarvan en een groot Egyptisch leger onder leiding van Ibrahim Pasha landde op de kust van Zuid-Messenië en verwoestte en plunderde het binnenland. Langzamerhand kwam er echter ook sympathie voor de Griekse onfhankelijkheidsstrijd in het buitenland en de zogenaamde filhellenen (sympatisanten) vochten mee tegen de Ottomanen, waaaronder de Engelse dichter Lord Byron, die helaas sneuvelde in Missolonghi, net ten noorden van de Peloponnesos. In oktober 1827 kwam er in feite een einde aan de strijd toen een gecombineerde Britse (onder leiding van Sir Edward Codrington), Franse (o.l.v. Count de Rigny) en Russische vloot (o.l.v. Van Heiden, een voor de Fransen naar Rusland gevluchtte Nederlandse admiraal) in de baai van Navarino (nu: Pylos) in het zuidwesten van de Peloponnesos, de Ottomaanse vloot van Ibrahim Pasha versloeg. De Turken verloren in nauwelijks vier uur tijd ca. 6000 manschappen en 51 oorlogsschepen, de coalitie slechts 175 manschappen en geen enkel schip.

Ioannis Kapodistrias, de eerste premier van het onafhankelijke Griekenland, riep Nauplion in 1828 uit tot de eerste hoofdstad van Griekenland en zetel van het parlement, vanaf 1834 zou Athene deze functie overnemen. Op wat kleine schermutselingen na werd in 1829 de onafhankelijkheid uitgeroepen. In 1831 werd Kapodistrias door twee mannen van de Mani vermoord.

Megali Idea (1830-1923)

In 1830 bestond de nieuwe Griekse staat alleen nog maar uit de Peloponnesos, een klein deel van het noordelijke vasteland inclusief Athene, en de Cycladen, een eilandengroep. In totaal slechts de helft van het huidige Griekenland. De komende honderd jaar zouden volledig in het teken staan van het opeisen en veroveren van alle gebieden die van oudsher als behorende tot Griekenland werden beschouwd, inclusief bijvoorbeeld de Ottomaanse stad Constantinopel.

Dit streven werd het 'Megali Idea' genoemd, het Grote Idee, en de grote animator van dit streven was premier Eleftherios Venizelos, die inderdaad na de Balkanoorlogen van begin 20e eeuw het grootste gedeelte van het Grote Idee verwezenlijkte. De Ionische Eilanden, Kreta, Macedonië en West-Thracië werden successievelijk aan Griekenland toegevoegd. Maar daar bleef het bij, in 1922 mislukte een poging om de hoofdstad van Turkije, Ankara, te veroveren in een oorlog met de Turken. Griekenland werd van 1833-1862 geregeerd door de eerste koning van Griekenland, Otto I van Beieren.

De leider van de Turken, Ataturk, verjoeg de Grieken van het Turkse grondgebied en in het Verdrag van Lausanne (1923) werden ongeveer de huidige grenzen van Griekenland vastgelegd. Dit had een grote volksverhuizing tot gevolg, 400.000 Turkse moslims verlieten Griekenland, 1,3 miljoen Grieks-orthodoxe christenen verlieten Turkije en keerden terug naar Griekenland.

Tweede Wereldoorlog en burgeroorlog (1935-1949)

De toestroom van zoveel Grieken, die zich voornamelijk in Athene en omstreken vestigden, was in een periode van wereldwijde economische crisis teveel voor de stagnerende economie van Griekenland. Vele Grieken zochten dan ook een goed heenkomen en emigreerden naar landen als de Verenigde Staten en Australië.

Ook politiek was het in die jaren een chaos, en dat leidde tot een fascistische dictatuur onder generaal Ioannis Metaxas, die ook sympathieën koesterde voor de ideeën van Benito Mussolini en Adolf Hitler. De verwachting was dan ook dat Griekenland op zijn minst neutraal zou blijven in de Tweede Wereldoorlog, maar dat pakte geheel anders uit. Op 28 oktober 1940 vroeg Mussolini of Italiaanse troepen zich door Griekenland mochten verplaatsen, maar Metaxas weigerde dit en joeg de Italianen terug over de Albanese bergen. Dit was niet naar de zin van Hitler en in 1941 werd Griekenland bezet door de Duitsers. Britse troepen die de Grieken in hun vergeefse strijd geholpen hadden werden van de Peloponnesos geëvacueerd of gevangen genomen.

In 1943 werd het dorp Kalavryta keihard geconfronteerd met de gruwelen van de Tweede Wereldoorlog. Zo halverweg de oorlog nam het verzet in Griekenland tegen de Duitse bezetter steeds grotere vormen aan. Dat leidde op 13 december 1943 in de buurt van Kalavryta tot een gewapend gevecht tussen de Duitsers en Griekse verzetsstrijders, waarbij in ieder geval zo'n tachtig Duitse soldaten om het leven kwamen. Als wraak werd de gehele mannelijke bevolking van Kalavryta en omstreken van 15 jaar en ouder doodgeschoten, in totaal ongever 1430 personen.

Het Griekse verzet, de ELAS, organiseerde zich snel en zou uitgroeien als het meest effectieve verzet dat in de bezette gebieden in Europa actief was. Het Griekse verzet stond onder leiding van de communisten Athanasios (Thanasias) Klaras (later bekend onder de naam Aris Velouchiotis), Stefanos Sarafis en Andreas Tzimas. Dit communistisch leiderschap was natuurlijk erg populair bij de Russen, maar met name de Engelse premier Winston Churchill gruwde ervan. Hij steunde de naar Egypte uitgeweken koning George en eiste van hem om zich na de oorlog niet in te laten met de communisten.

Dit leidde uiteindelijk tot een gewelddadige en wrede burgeroorlog tussen links en rechts die zou duren van 1946 tot 1949 en waarin meer Grieken om het leven kwamen dan in de Tweede Wereldoorlog en de koningsgezinden geholpen werden door de Britten en later door de Amerikanen. Eind 1948, begin 1949 verloren de communisten snel terrein door de 'Griekse volksbeweging' van generaal Alexandros Papagos. Uiteindelijk werden de communisten, onder ander door het gebruik van napalm, verslagen, en de meesten vluchtten naar Rusland en andere landen in Oost-Europa.

Van dictatuur naar democratie (1967-heden)

In 1963 werd Georgios Papandreou premier, maar zijn voortdurende conflicten met koning Constantijn II leidde tot politieke instabiliteit. In 1967 zorgde een militaire coup voor een hardvochtige en onderdrukkende junta een die bekend zou komen te staan als het Kolonels-regime.

In 1974 werd de junta afgezet en kwam er weer een civiele regering aan de macht en via een referendum werd besloten dat de in 1967 gevluchtte koning niet terug mocht komen en Griekenland een republiek werd. De eerste leider zou Constantijn Karamanlis worden. De tachtiger jaren van de vorige eeuw werden gedomineerd door de socialistische PASOK-partij onder leiding van Andreas Papandreou. Sinds die tijd wisselt de macht tussen de PASOK en de rechtse ND-partij. In 2012 vormden de twee partijen een ongemakkelijke coalitie.

Op 13 september 1986 werd de hoofdstad van Messenië, Kalamata, getroffen door een grote aardbeving. Naast twintig doden en 330 gewonden stortten veel oude gebouwen in.

In 2008 werd het noordwesten van de Peloponnesos getroffen door een aardbeving met een kracht van 6.4 op de Schaal van Richter. Er waren twee doden en 220 gewonden te betreuren, 2000 mensen raakten dakloos. Het epicentrum van de aardbeving lag 32 km ten zuidwesten van de havenstad Patras.

Zie verder ook de geschiedenispagina van Griekenland op landenweb.

Bevolking

Bij de volkstelling van 2011 telde de Peloponnesos bijna 581.980 inwoners. De grootste stad Patras is qua inwoneraantal de derde stad van Griekenland, na Athene en Thessaloniki. Op het eerste gezicht is de bevolking van Griekenland, zeker buiten de hoofdstad Athene, zeer homogeen.

Toch heeft Griekenland procentueel gezien de meeste immigranten van de hele Europese Unie. Men schat dat een op tien mensen in Griekenland van buitenlandse komaf is, waarvan de meerderheid uit Albanië. De meeste werken in de landbouw of de bouw en staan 's morgens in groepjes te wachten op werk dat aangeboden wordt.

De laatste jaren zijn er ook steeds meer Aziaten te zien in de landbouwgebieden van de Peloponnesos en Noord- en West-Afrikaanse verkopers in de steden en bij de toeristische highlights.

plaatsnaamaantal inwoners
Patras215.000
Kalamata71.000
Korinthe59.000
Aigio50.000
Pyrgos49.000
Tripoli47.000
Argos43.000
Sparta36.000
Nauplion34.000

Taal

advertentie

AlfabetFoto: LewWhite CC 3.0 Unported no changes made

Het moderne Grieks of Nieuw Grieks behoort net als het Nederlands tot de Indo-Europese taalfamilie en is één van de oudste nog levende talen. Hoewel behorend tot dezelfde taalfamilie lijkt het Grieks nauwelijks op een andere Indo-Europese taal. Dit komt omdat het Grieks zich relatief geïsoleerd van buitenlandse invloeden heeft kunnen ontwikkelen.

In de klassieke oudheid werden er verschillende Griekse dialecten naast elkaar gebruikt, maar het Attisch van de stad Athene verstond men in geheel Griekenland. Vanaf de vierde eeuw voor Christus kreeg het Attisch concurrentie van het Koinè-Grieks, een soort algemeen beschaafd Grieks dat gebruikt werd van Macedonië tot het Nabije Oosten. Vanaf die tijd werd het Attisch gebruikt in het onderwijs en het was de officiële overheids- en kerktaal in het Byzantijnse Rijk en in de Kerk. De gewone man sprak een soort volkstaal die van het Koinè-Grieks afstamde. In de Middeleeuwen vestigden zich allerlei andere volken in Griekenland en veranderde de spreektaal drastisch terwijl de schrijftaal hetzelfde bleef en aldus de twee talen steeds verder uit elkaar groeiden.

Na de Vrijheidsoorlog begin 19e eeuw trachtte de overheid een nieuwe taal in te voeren, het Katharevousa of "gezuiverde taal". De overheid en op scholen ging men deze taal inderdaad gebruiken maar het volk bleef zich van de Dimotiki bedienen, de spreektaal van het Griekse volk. De bedoeling was dat het Dimotiki zou verdwijnen, maar dat bleek moeilijker dan gedacht en mislukte dan ook. Vanaf 1920 mocht het Dimotiki op scholen gebruikt worden en in 1974 verdween het Katharevousa van diezelfde scholen.

Het Griekse alfabet bestaat uit 24 letters die er op het eerste gezicht ingewikkeld uitzien, maar bij nader inzien simpeler zijn dan het Nederlandse alfabet. De uitspraakregels zijn regulmatig en daardoor sneller te begrijpen. In het Grieks is het belangrijk om de juiste klemtoon te gebruiken. Een woord met de klemtoon op de eerste lettergreep kan een totaal verschilleden de betekenis hebben van hetzelfde woord maar met de klemtoon op bijvoorbeeld de derde lettergreep.

De alfabetten van alle grote Europese talen zijn min of meer gebaseerd op het oude Griekse alfabet. Ons Romeinse alfabet wordt soms wel de westerse vorm van het Griekse alfabet genoemd.

Enkele woorden en uitdrukkingen:

Godsdienst

Religieuze gebouwen op de Peloponnesos

AKRATA

-Agia Triada: Byzantijns klooster uit 1715 met fraaie mozaïeken.

AREOPOLI

-Panagia en Agios Charlambos: dubbelkerk.

-Agii Taxiarchi (aartsengelen): kerk van de familie Mavromichalis, met mooie fresco's. Petros Mavromichalis bevrijdde op 17 maart 1821 Kalamata van de Turken.

-Ioannis O Prodromos: gerestaureerde Byzantijnse kerk.

EGIO

-Panagia Faneromeni: kathedraal ontworpen door de architect Ernst Ziller en met fresco's van Constaninos Fanelis.

-Panagia Tripiti: op de plaats in een rots waar een icoon gevonden werd, is eerst een kapel gebouwd en later door overheen de Tripiti. In de narthex van de kerk bevind zich een waterbron met, naar men zegt, geneeskrachtig water.

ITYLO

-Dekoula: klooster met fresco's uit de periode 1760-1765. In het nabijgelegen Dekoulou liggen een paar grotkerken.

KALAVRYTA

-Agia Lavra: hooggelegen monnikenklooster met fraaie iconen, fresco's en een grote bibliotheek met onder andere boeken uit de 12e en 13 eeuw. De bijbehorende kerk is uit 1600 en tegenover het complex staat een monument voor de helden van de onafhankelijkheidsstrijd van 1821.

KIATO

-Ekklisia Sotiros: nieuwe Kerk van de Verlosser uit 1973.

KORONI

-Agia Sophia: Byzantijnse kerk.

-Sint Charalambos: kerk.

-Panagia Eleistria: kerk

-Agios Ioannis Prodromos: nonnenklooster.

KORONIS

-Eilandje in de Argolische Golf in de buurt van Nauplion en Tolo waar alleen kerkje staat. Populair bij trouwstelletjes.

KOSMAS

-Eloni: tegen bergwand gebouwd nonnenklooster (sinds 1970). Vanaf eind 1600 bloeiend klooster, begin 1900 een van de rijkste kloosters van de Peloponnesos.

MYSTRAS

-Mystras telt vele kerken, waaronder Metropolis, Evangilistria, Agii Theodori en Afendiko. Tevens nog het Pantanassa-klooster.

NAUPLION

-Sint Spiridon: kerk gebouwd in 1702.

NOMITSA

-Metamorphosis Sotiras: kerk gebouwd in de 11e eeuw met fresco's en gravures.

PATRAS

-Agios Andreas: Grieks-orthodoxe kerk die op de plek staat waar de apostel Andreas vermoord werd. De heilige Andreas is de schutspatroon van Patras.

TSINTZINA

-Aghoi Anargiroi: klooster.

-Grotkerk van Johannes de Doper uit 1335.

VASSES

-Apollo Epicurius: tempel uit 420 v.Chr., op 1130 meter hoogte, gewijd aan Apollo Epicurius of Apollo de Helper. Bijzondere combinatie van Dorische, Ionische en Korinthische bouwstijlen. Ontworpen door de architect van het Parthenon in Athene, Iktinos. Staat op de Werelderfgoedlijst van de Unesco.

VRONTAMAS

-Paleomonasteri: rotsklooster uit de 13e eeuw.

ZAHLOROU

-Mega Spileo: klooster uit de 17e eeuw, maar zou al in het jaar 362 n.Chr. gesticht zijn, gebouwd in een rots en met museum, mozaïeken en een decoratieve bronzen deur. Was ooit een van de rijkste kloosters van Griekenland.

Mythologie Peloponnesos

Het woord mythe is afgeleid van het woord"muthos", dat eerst uiting betekende en later vaak werd uitgelegd als"een gesproken of geschreven verhaal".

Mythologie (muthologia) is dus"vertellen over verhalen", of een verzameling mythen, of de studie van mythen.

Toen het schrift ontstond in Griekenland waren de mythen en legenden al verankerd in de orale overleveringen en vooral latere dichters gaven de verhalen een ander verloop. De Griekse mythologie lijkt veel op andere mythologieën. Zo komt de Noorse god Odin overeen met de Griekse Zeus en verrichten de Noorse helden vaak dezelfde heldendaden als hun Griekse collega's.

De naam Peloponnesos is afgeleid van de mythische figuur Pelops, de zoon van koning Tantalus, stichter van de Olympische Spelen en de koning van Pisa, een stadstaat in het westen van de Peloponnesos.

Pelops wilde trouwen met de dochter van koning Oenomous, Hippodamea. Er was echter voorspeld dat als Hippodamea zou trouwen, de koning zou sterven. Iedereen die met zijn dochter wilde trouwen moest een wedren met hem aangaan, die nooit gewonnen zou kunnen worden door de huwelijkskandidaten omdat de paarden van de koning onoverwinnelijk waren, want ze waren aan hem geschonken door de zeegod Poseidon. Pelops kocht echter de wagenmenner om, die saboteerde de wagen en Oenomous vond de dood. Pelops werd toen koning naast Hippodamea, de Peloponnesos kende een periode van voorspoed en welvaart en het schiereiland werd naar Pelops vernoemd.

Enkele Griekse goden en mythische figuren die populair zijn op de Peloponnesos.

-Artemis was de tweelingzus van Apollo, en dochter van Zeus en Leto. Zij was de godin van de natuur en de jacht en daardoor populair op de Peloponnesos.

-Pan was de god van de wildernis en van herders, populair in Arcadië.

-Heracles of Hercules, half mens (moeder Alcmene), half god (vader oppergod Zeus), was een van de belangrijkste mythische figuren van de Peloponnesos en bekend van de Twaalf Werken die hij moest verichten van zijn vijand Eurystheus omdat hij zijn vrouw en kinderen vermoord had. De eerste zes werken en het laatste werk werden uitgevoed op de Peloponnesos.

Werk 1: dood de leeuw van Nemea (gebied tussen Argos en Korinthe)

Werk 2: dood de Hydra van Lerna (leefde in een moeras bij Argos)

Werk 3: vang de aan de godin Artemis gewijde Hinde van Keryneia en breng het naar Mycene (hiervoor doorkruiste hij heel Arcadië om het dier te vangen)

Werk 4: vang het Erymanthische zwijn en breng het naar koning Eurystheus in Mycene (het zwijn maakte het gebied rondom de berg Erymanthos onveilig, die ligt ten zuiden van Achaea en ten noordoosten van de streek Elis)

Werk 5: maak de stallen van koning Augias schoon (koning in het gebied Elis)

Werk 6: verjaag de Stymphalische vogels (leefden bij het Stymphalos-meer in Arcadië)

Werk 12: ontvoer de driekoppige hellehond Cerberus uit de onderwereld (ingang van de onderwereld lag in het zuiden van de Peloponnesos, bij Kaap Matapan)

KORINTHE IN DE MYTHOLOGIE

-Jasson en zijn nieuwe vrouw, Medea, zouden zich in Korinthe gevestigd hebben na het stelen van het Gulden Vlies. Jason werd echter verliefd op de jongere Glauke, prinses van Korinthe. Medea, een machtige tovenares, maakte korte metten met Gauke, gaf haar een giftige cape die haar verbrandde.

-Een ander mythologisch verhaal gaat over Sisyphus, heerser over Korinthe en een man zo sluw dat hij de dood tot twee keer toe bedroog. Toen hij uiteindelijk overleed en de onderwereld bereikte, strafte Hades hem met een oneindige opdracht. Hij moest een zware steen een berg opduwen, en als hij bijna boven was, rolde de steen weer omlaag en kon hij opnieuw beginnen.

-De grootvader van Sisyphus was Bellorophon, wiens taak het was om de Chimaera te doden, een beest met de hoofd van een leeuw, het lichaam van een geit en de staart van een slang. Om dit te bereiken had hij echter de hulp nodig van Pegasus, het gevleugelde paard. Pegasus was gewend om te drinken van de bron op de berg Akrokórinthos, een 575 meter hoge rotsheuvel op de landengte van Korinthe, en Bellerophon nam het dier gevangen met behulp van een gouden hoofdstel, een geschenk van Pallas Athena, godin van de hemel. Vliegend boven de Chimaera trof Bellerophon het dier dodelijk met een in lood gedrenkte speer.

NAUPLION IN DE MYTHOLOGIE

-Nauplion werd gesticht door koning Nauplios, zoon van Poseidon, de zeegod. Nauplios' zoon Palamedes, een van de Griekse aanvoerders in de Trojaanse Oorlog, werd ten onrechte beschuldigd van verraad ten opzichte van Odysseus en vervolgens geëxecuteerd door de Grieken. Nauplios nam wraak op de Grieken door valse vuurbakens uit te zetten waardoor de Griekse schepen te pletter liepen op de rotsen van Kaap Caphareus op de zuidoostpunt van Euboea (Evia). De Grieken die wisten te ontkomen werden vervolgens afgeslacht door Nauplios zelf en bovendien zette hij de Griekse vrouwen aan om overspel te plegen.

LACONIA EN SPARTA IN DE MYTHOLOGIE

-De belangrijkste mythe uit deze regio speelde zich af rond het begin van de Trojaanse Oorlog en gaat tussen drie rivaliserende godinnen, Hera, koningin van alle goden en partner van Zeus; Athena, godin van de wijsheid; Aphrodite, godin van de liefde. Zij wilden weten wie van de drie de mooiste was en als jury moest Paris fungeren, een jonge prins van Troje, een stad in Klein-Azië. Geen van allen speelde het spel echter fair, maar Aphrodite won omdat zij hem de liefde beloofde van de mooiste vrouw ter wereld, Helena. Er was echter een 'klein' probleem, Helena was al getrouwd met koning Menelaus van Sparta. Paris vertrok echter gewoon naar Sparta en werd met veel egards ontvangen door Menelaus. Tijdens een feest ter ere van Paris zorgde Aphrodite ervoor dat hij in contact kwam met Helena, die meteen verliefd werd op de jongeman. Samen vluchtten ze uit Sparta en hun eerste nacht samen was in Gythio, een stad in de Mani. Deze gebeurtenis versnelde het tienjarig beleg in de Trojaanse Oorlog van de Grieken onder leiding van koning Agamemnon van Mycene.

BERG KILLINI IN DE MYTHOLOGIE

Hermes, bode van de goden en god van de handel, het verkeer, de wind, de list en de welsprekendheid, werd geboren op de berg Killini in het noorden van de Peloponnesos als zoon van Zeus en moeder Maia, een nimf. Zij was een van de Pleiaden, dochters van Atlas de Titan. Hermes was een vroegrijp kind want al op zijn eerste vond hij de lier uit, een muziekinstrument gemaakt van schildpaddenschilden. Op dezelfde dag speelde hij het klaar om de onsterfelijke veestapel van Apollo te stelen. Apollo beschuldigde Hermes hiervan, maar hij deed zich voor als, gesteund door zijn moeder, als een normale baby. Uiteindelijk bedaarde Apollo toen hij de net uitgevonden lier als geschenk kreeg.

Samenleving

Staatsinrichting

De grondwet dateert van 1975 waarna er in 1986 belangrijke amendementen werden doorgevoerd. De wetgevende macht ligt bij het parlement (de ‘Vouli’), dat uit één kamer bestaat en waarvan de 300 leden eens in de vier jaar volgens een ‘versterkt recht van evenredige verkiezing’ gekozen worden. Het systeem begunstigt de sterkste partij om een voor regeren voldoende meerderheid te bereiken, wat echter een tweepartijensysteem in de hand werkt.

Staatshoofd is de president, die door het parlement (een tweederde meerderheid is vereist) voor een periode van vijf jaar gekozen wordt en één keer herkiesbaar is. De president benoemt en ontslaat de premier. Ook het parlement mag hij ontbinden en in noodtoestanden kan hij wetten per decreet uitvaardigen. Zijn functie is verder grotendeels ceremonieel, hij heeft als staatshoofd geen uitvoerende macht. Deze macht ligt bij de Raad van ministers die daarover verantwoording aflegt aan het parlement Er bestaat algemeen kiesrecht voor alle Grieken vanaf 18 jaar.

Na de militaire dictatuur viel een volksstemming over de terugkeer van de monarchie in het nadeel van ex-koning Constantijn nadelig uit. Voor de actuele politieke situatie in Griekenland zie hoofdstuk geschiedenis.

Administratieve indeling

Griekenland kreeg op 1 januari 2011 een nieuwe bestuurlijke indeling als onderdeel van een algehele bestuurlijke hervorming, die vernoemd werd naar Kallikratis, een Griekse architect uit het midden van de 5e eeuw v.Chr.

Griekenland is sinds 2011 in 13 bestuurlijke regio's, de zogenaamde"periferia", opgedeeld. Deze bestuurlijke regio's zijn weer onderverdeeld in 74 regionale eenheden, de 'perifereiaki enotita'. De regionale eenheden, die geen eigen bestuur meer hebben, worden op hun beurt weer onderverdeeld in 325 gemeenten of 'demoi'. Daarnaast kent Griekenland sinds 1926 één autonoom gebied onder een eigen Grieks-orthodox bestuur, namelijk Agion Oros of de monnikenstaat Athos in Chalkidiki (Noord-Griekenland).
De 13 bestuurlijke regio's van Griekenland zijn Attica (1), Centraal-Griekenland (2), Centraal-Macedonië (3), Kreta (4), Oost-Macedonië en Thracië (5), Epirus (6), Ionische Eilanden (7), Noord-Egeïsche Eilanden (8), Peloponnesos (9), Zuid-Egeïsche Eilanden (10), Thessalië (11), West-Griekenland (12) en West-Macedonië (13).

Een woonplaats wordt ofwel"dimos" (gemeente, stad) ofwel"kinotita" (gemeenschap, dorp) genoemd. In totaal er zijn 900 gemeenten en 133 gemeenschappen.

De bestuurlijke regio Peloponnesos, met als hoofdstad Tripolis, bestaat uit de volgende vijf regionale eenheden:

Niet de hele Peloponnesos behoort tot de gelijknamige bestuurlijke regio: Elia en Achaea in het noordwesten, inclusief de belangrijke havenstad Patras, behoren tot de bestuurlijke regio West-Griekenland; een klein gebied in het oosten van de Peloponnesos behoort tot de bestuurlijke regio Attica.

Sinds de bestuurlijke herindeling van 2011 bestaat de bestuurlijke regio Peloponnesos uit onderstaande 26 gefuseerde gemeenten of 'dimos':

Anatoliki ManiKorinthePylos-Nestoras
Argos-MykinesLoutraki-Agioi TheodoroiSparta
Dytiki ManiMegalopolisSikyona
ElafonisosMesseneTrifylia
EpidaurosMonemvassiaTripolis
ErmionidaNauplionVelo-Vocha
EvrotasNemeaVoreia Kynouria
GortyniaNotia KynouriaXylokastro-Evrostina
KalamataOichalia

Sparta en de Spartanen, een soldatenvolk

Er zijn maar enkele volken die als een soldatenvolk gekarakteriseerd kunnen worden, naast Sparta zou men ook de Zoeloes onder Shaka daar onder kunnen laten vallen. Meest bekende koning van de Spartanen was Leonidas.

Elke mannelijke Spartaan was verplicht om soldaat te worden, vanaf zijn 20e tot zijn 60e jaar. Het werk op het land werd gedaan door 'heloten', een soort slaven die de oorspronkelijke bewoners waren van het gebied rond Sparta. Al vanaf zijn zevende jaar werd een kind bij zijn moeder weggehaald, in barakken gestopt en begon de harde, zware opleiding tot soldaat. Op 18-jarige leeftijd kwamen de jongens in een soort reserveleger terecht en op 20-jarige leeftijd begon het echte werk. Men bleef in de soldatenbarrakken leven, zelfs als men getrouwd was.

Olympische Spelen in de Oudheid

Olympia is de meest bekende site op de Peloponnesos, de originele Olympische Spelen werden hier ononderbroeken meer dan 1000 jaar achter elkaar gehouden. Volgens de oude Grieken werden de allereerste Olympische Spelen waarbij de namen van de ovewinnaars werden opgetekend, in 776 v.Chr. gehouden, hoewel het vrijwel zeker is dat er ook al vóór die tijd atletiek-evenementen gehouden werden. 776 v.Chr. is dan ook het begin van de Griekse tijdrekening.

De Spelen waren aanvankelijk een religieus festival met als 'bijnummer' een loopafstand. In de loop der jaren groeide met name de atletiek uit tot datgene waar men van heinde en verre op afkwam, ook buiten Griekenland. Op het hoogtepunt trokken de Spelen duizenden toeschouwers uit het hele Middellandse Zeegebied. In die tijd werd er niet alleen gesport, maar ook dichters en muzikanten konden hun talenten tonen. De Olympische Spelen werden elke vier jaar georganiseerd en gejureerd door de bevolking van de kleine stadstaat Elis, dat bovendien een periode van wapenstilstand wist af te dwingen, zelfs het oorlogszuchtige Sparta hield zich hier aan.

Wat het sportieve gedeelte betrof, aanvankelijk waren de loopnummers veruit het belangrijkste. De verschillende nummers werden in het stadion, waar 40.000 -50.000 toeschouwers aanwezig konden zijn, gelopen door naakte mannen (vrouwen namen niet deel), meestal de lengte van de stadion, 600 Attische voet (192,27 meter). Het langste loopnummer was 6x op en neer. Belangrijk was ook de pentathlon, hieruit kwam de allround-atleet te voorschijn, want de onderdelen betrof worstelen, rennen, discuswerpen, speerwerpen en verspringen (waarschijnlijk uit stand en gewichten dragend). Later kwamen daar nog zaken als boksen, wagenrennen en 'pankration' een nauwelijks gereguleerde mix van boksen en worstelen. De winners kregen als beloning een palmtak, een hoofdkrans van olijfbladeren en eeuwige roem, vooral in de plaats waar ze vandaan kwamen. Vrouwen en slaven mochten het stadion niet in, zijn konden toekijken vanaf de Cronos-heuvel.

Het Christendom maakte uiteindelijk een einde aan de antieke Olympische Spelen. In 393 n.Chr. verklaarde Theodosius I de Grote dat alle heidense feesten, waaronder de Olympische Spelen, verboden waren. In 426 gaf Theodosius II de opdracht om alle heidense tempels te verwoesten. Recent onderzoek heeft uitgewezen dat de gebouwen bovendien in 551 nog eens verder verwoest werden door een aardbeving en een daaropvolgende tsunami. De ruïnes werden bedekt met een metersdikke laag modder; pas in 1766 werd de site herontdekt door de Engelsman Richard Chandler en werd er voorzichtig begonnen met de opgravingen. Echter pas in de zeventiger jaren van de 19e eeuw werd het opgravingswerk geïntensiveerd, met name door Duitse archeologen als Ernst Curtius, Carl Ritter en Alexander von Humboldt, die ondersteund werden door de Pruisische koning Friedrich Wilhelm IV.

Naast de Olympische Spelen waren er nog meer zogenaamde Panhelleense Spelen, waaronder de Nemeïsche Spelen, de Pythische Spelen en de Isthmische Spelen.

Kanaal van Korinthe

Het idee om een kanaal te graven door de Landengte van Korinthe om de Ionische Zee en de Egeïsche Zee met elkaar te verbinden, bestaat al sinds de heerschappij van Periander, een tiran van het Oude Korinthe aan het eind van de 7e eeuw v.Chr. Het plan was echter veel te ambitieus voor Periander, en in plaats daarvan werd er een 'diolkos' aangelegd, een soort stenen scheepshelling waarmee (kleine) schepen van de ene naar de ander kant 'gerold' konden worden. Deze werkwijze werd tot in de 13e eeuw n.Chr. gebruikt.

In de tussenliggende jaren waren er veel leiders, onder andere Alexander de Grote en de Romeinse keizer Caligula, die met kanaal-idee speelden, maar uiteindelijk was het alleen keizer Nero, die in 67 n.Chr. daadwerkelijk begon met graven, althans, zo'n 6000 joodse gevangenen deden het werk vóór hem. Invasies door de Galliërs maakten echter snel een einde aan de werkzaamheden, en pas eind 19e eeuw (1883-1893) werd het kanaal daadwerkelijk gegraven door een Franse bouwonderneming. Heden ten dage maken moderne schepen nauwelijks nog gebruik van het voor deze tijd te smalle kanaal.

Economie

Griekenland en dus ook de Peloponnesos, van oudsher een landbouwgebied met veel wijn- en olijfgaarden, gaan door zeer moeilijke economische tijden. De problemen begonnen in 2009, toen de PASOK-partij van George Papandreou de verkiezingen won en de wereld kenbaar maakte dat de echte schulden van Griekenland veel te laag waren ingeschat of voorgesteld. De solvabiliteit van griekenland werd meteen ter discussie gesteld en men vroeg zich af of Griekenland wel in de eurozone kon blijven of weer terug moest naar de drachme. De problemen van Griekenland straalden sterk af op de rest van de landen van de Europese Unie (EU) en de levensvatbaarheid van de euro en van de Unie in zijn geheel waren in gevaar. Griekenland werd echter geholpen met gigatische leningen door de EU en het Internationaal Monetaire Fonds (IMF), op voorwaarde dat er draconische bezuinigingen uitgevoerd moeten worden en er sprake is van structurele hervormingen.

De op het zuiden gelegen hellingen van Nemea in de streek Korinthe leveren de beste wijnen van Griekenland op, ander andere de rode Nemea, de witte Mantineia, de witte en de rode Tselepos uit Arcadië en de Roditis uit Patra. Naast traditionele druivenrassen als Chardonnay, Viognier en Merlot wordt ook de inheemse druivensoort Agiorgitiko of St. George veel gebruikt. De wijngaarden van de bekende wijnboer Achaia Clauss, in de buurt van Patras, leveren sinds 1861 een aantal van de beste wijnen van Griekenland op.

Messenië heeft de meest vruchtbare grond van de Peloponnesos en de meerderheid van de bevolking werkt in de landbouw of is daar afhankelijk van. Landbouwproducten zijn onder meer aardappelen, Griekse uien, komkommers, tomaten en suiker- en watermeloenen. Kalamata staat internationaal bekend om de productie van de grote purper-zwarte Kalamata-olijf, die wereldwijd in allerlei delicatesses verwerkt wordt, en als centrum van de Griekse wijnhandel.

Leonidio is beroemd vanwege de teelt van aubergines, in de zomer is er zelfs een heus aubergine-festival. Rond Varda in de regio Achaea worden veel aardbeien geteeld. Zacharo staat bekend om zijn suikerzoete tomaten, en de hier ook gekweekte amandelen en pistachenoten worden geëxporteerd. Iria, gelegen aan de voet van de berg Mavrovouni, staat bekend om zijn artisjokken.

Economisch gezien is Patras de belangrijkste stad van de Peloponnesos. Patras, tevens een studentenstad, is onder meer een transportknooppunt, met name voor passagiersveerboten en goederen uit Italië. Veerboten vertrekken naar Brindisi en de Ionische Eilanden. In 2012 is er een nieuwe ferry-haven in gebruik genomen en een spoorlijn tussen Athene en Korinthe zit er aan te komen.

Gythio is een havenstad, waar ferries vertrekken naar Kythira en Kreta en cruiseschepen kunnen aanleggen.

Kalavryta, gelegen in het bergachtige noorden van de Peloponnesos, is in korte tijd uitgegroeid tot een trendy ski-resort. Andere skibestemmingen zijn Vytina in het Menalo-gebergte, Levidi

In augustus 2004 werd de Rio-Antirrio-brug (officieel: Charilaos Trikoupis-brug) geopend, een 2,25 km lange en 28 m brede tuibrug, volgens de Grieken de langste tuibrug ter wereld, over de Golf van Patras. Na de Korinthe-brug was dit het tweede verbindingspunt van de Peloponnesos met het vasteland van Griekenland.

Vakantie en Bezienswaardigheden

De Peloponnesos heeft veel attracties die te maken hebben met de Griekse Oudheid en geschiedenis. Hieronder een beschrijving van de belangrijkste bezienswaardigheden.

Het oude Olympia is te vinden in het westen van de Peloponnesos tussen de rivieren van Alfeios en Kladeos. Het was een heiligdom van het oude Griekenland en de geboorteplaats van de Olympische Spelen in de oudheid. De eerste Olympiade vond plaats in 776 voor Christus. Het heiligdom bestaat uit verschillende gebouwen die gebouwd zijn in verschillende tijdperken. De tempel van Hera werd gebouwd in de 7e eeuw v. Chr. De tempel van Zeus en de hippodroom werden gebouwd tijdens de Klassieke periode. Het Prytaneion werd gebouwd in 470B voor Christus. Tijdens de hellenistische periode, werden de Palaestra en het Gymnasion opgericht. Tijdens de Romeinse periode werd het Nympheumen gebouwd en werden reparaties gedaan aan oudere gebouwen. Een van de zeven wonderen van de oude wereld, het gigantische gouden en ivoren beeld van Zeus gebeeldhouwd door Pheidias, stond vroeger op deze plaats.

Epidaurus was een kleine stad in het oude Griekenland. Het was een spiritueel centrum in de oudheid. Grieken gingen er naar toe om hulde te brengen aan Asklipios de god van de genezing en om de goden te vragen om hun ziekte te genezen. Epidaurus werd gebouwd in de 3e eeuw voor Christus en de meest bekende structuur is het oude theater van Epidaurus. Het Theater is ontworpen door Polykleitos de jongere. De Romeinen veranderden soms de oude Griekse theaters maar gelukkig niet het theater van Epidaurus. Ze verlengden alleen de rijen van 21 tot 34. Het uitzicht en de akoestiek van het theater zijn opmerkelijk voor alle 15.000 toeschouwers, ongeacht hun zitplaatsen. Het theater is vandaag de dag in gebruik voor oude tragedies, festivals en concerten.

Mycene, grotendeels opgegraven door de bekende Duitse archeoloog Heinrich Schliemann (1822-1880), is een archeologische site in Argolida in het noordoostelijke deel van de Peloponnesos, ongeveer 90 kilometer ten zuidwesten van Athene en op 48 kilometer van Korinthe.

Mycene was het centrum van de macht in het oude Griekenland gedurende de periode tussen 1600 en 1100 voor Christus. De Myceense cultuur domineerde de Bronstijd met haar kunst, legenden en ideeën, zoals de werken van Hercules, de dynastie van Atreids, de Trojaanse oorlog en Agamemnon.

Bij de ruïnes van de Myceense Akropolis is de Leeuwenpoort de ingang tot die Akropolis via een pad naar een aantal oude gebouwen tot het paleis waar Agamemnon werd vermoord. De grafcirkel net binnen de Leeuwenpoort bevat zes Koninklijke graven. Dodenmaskers uit deze graven worden nu tentoongesteld in het Archeologisch Museum in Athene.

Tegenover het paleis op een andere heuvel is de Schatkamer van Atreus. Het is een grote Tombe ook wel bekend als het graf van Agamemnon, dat werd gebouwd rond 1250 voor Christus.

Mystras is een verzameling ruïnes van een middeleeuws fort gebouwd op de oostelijke hellingen van de berg Taygetos ongeveer acht kilometer van de stad Sparta. De ruïnes omvatten paleizen, kerken en kloosters. De stad dateert uit de 13e eeuw en had in de 15e eeuw meer an 40.000 inwoners. Het is één van de belangrijkste Byzantijnse bezienswaardigheden van de wereld en sinds 1989 opgenomen als Unesco Werelderfgoed.

Er zijn natuurlijk ook toeristen die de Peloponessos niet vanwege de klassieke Oudheid. Voor hen zijn er talloze mooie wandelingen te maken in een prachtig en afwisselend landschap. Er zijn ook vele grote en kleinere stranden, vooral aan de westkust, de zuidkust en in het noorden. Het langste zandstrand van de Peloponnesos (65 km) ligt tussen de plaatsjes Agianakis en Gianitsochori. Dit maakt de Peloponessos tot een vakantiebestemming die veel mensen aan zal spreken, zelfs in de winter, want bijvoorbeeld het dorp Kastania in Korinthe is een zeer populaire wintersportbestemming. Een gedeelte van de Peloponessos is ook populair bij de jetset. Onder andere Willem-Alexander en Maxima hebben hier een vakantiehuis.

Een ritje met de Diakofto-spoorliijn, gebouwd in 1893 door een Italiaans bedrijf, van Diakofto naar het hoog in de bergen gelegen Kalavryta is een must voor eke bezoeker aan de Peloponnesos. Via een prachtige route van ca. 22 km door de Voraikos-kloof trekt het dieseltreintje zich omhoog naar Kalavryta. Het hoogteverschil dat men overwint is 750 meter en de echt steile delen, met steigingspercentages tot 28%, gaan met behulp van een tandradbaan.

Klik op de menuknop bovenaan het scherm voor meer informatie

PELOPONNESOS LINKS

Advertenties
• Peloponnesos Rossholidays
• Peloponnesos Vliegtickets.nl
• Hotels Peloponnesos
• Naar Peloponnesos met Sunweb
• Autoverhuur Sunny Cars Peloponnesos
• Peloponnesos Campings

Nuttige links

Peloponnesos Reisverslag (N)
Reisinformatie Peloponnesos (N)
Telefoongids Griekenland

Bronnen

www.landenweb.nl/griekenland

Wikipedia

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt augustus 2021
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems