Steden KRETA

Populaire bestemmingen GRIEKENLAND

KRETA   

Oudste geschiedenis

Archeologische vondsten hebben uitgewezen dat er op Kreta niet eerder dan in de jonge steentijd, het Neolithicum, bewoond werd. De eerste mensen op Kreta waren aanvankelijk verzamelaars en jagers die echter al snel overgingen op het houden van vee en huisdieren en konden pottenbakken. Ze leefden onder andere in de vele grotten die Kreta rijk is. Botten van geiten, varkens en honden van voor 7000 v.Chr. zijn er nooit gevonden. Het bewijst dat de kolonisatie van Kreta een geplande en goed georganiseerde actie moet zijn geweest. De eerste mensen op Kreta kwamen waarschijnlijk uit Noord-Afrika en later uit Klein-Azië.

Minoïsche beschaving

Na deze eerste periode van kolonisatie volgt de Minoïsche beschaving die van ca. 3300 v.Chr. tot 1050 v.Chr. duurde. Deze Minoïsche tijd is in de loop der tijd verschillend ingedeeld. De archeoloog Nikos Platon maakte een periodisering, gebaseerd op de architectuur van de paleizen:

Pre-paleistijd ca. 3200-2000 v.Chr.
Oude-paleistijd ca. 2000-1800 v.Chr.
Nieuwe-paleistijd ca. 1800-1425 v.Chr.
Post-paleistijd ca. 1425-1050 v.Chr.
Oudheid ca. 1050-476 v.Chr.

Pre-paleistijd

Ca. 3300 v.Chr. kwamen er weer nieuwe volken binnen die koper bewerkten en later brons konden maken. Ook handwerk en overzeese handel bloeiden. Hierna ontwikkelde zich de vroeg-Minoïsche beschaving, genoemd naar de mythische koning Minos. Uit deze tijd dateren ook de zegelstenen, in feite de voorloper van de handtekening. Op deze zegelstenen zijn ook voor het eerst Minoïsche hiërogliefen te zien. Het was verder een tijd van rijke oogsten met o.a. de belangrijke voedingsrijke olijfolie.

Oude-paleistijd

Vanaf ca. 2000 v.Chr. trokken mensen van de kleine dorpjes naar de stad waar men toen al paleizen bouwde voor de koningen. Opbrengsten uit de handel in landbouwproducten werd er gebruikt voor het bouwen van een sterke vloot. Deze vloot zorgde ervoor dat Kreta niet werd aangevallen, maar Kreta zelf vertoonde ook geen interesse in krijgszuchtige handelingen.
Het instituut "koning" werd ingesteld om op gelijke voet met vorsten en farao's te kunnen onderhandelen. Vrouwen speelden waarschijnlijk een belangrijke rol in deze beschaving. Samengevat was het een vreedzame beschaving met veel gevoel voor schoonheid en cultuur.

Nieuwe-paleistijd

De Minoïsche beschaving kreeg een forse klap te verwerken na de aardbeving in 1800 v.Chr. De paleizen werden pas na ca. 100 jaar weer herbouwd, waarbij het centrale gezag in Knossos kwam te liggen.

Late-paleistijd

Ca 1625 v.Chr. werden de nieuwe paleizen weer allemaal verwoest, dit keer door een vulkaanuitbarsting. In deze tijd namen de Myceners van het vasteland van Griekenland de macht op Kreta over. Het centrale bestuur was gevestigd in Knossos en ze maakten Kreta tot een rijke zeevarende natie, met contacten tot in het Midden-Oosten (Oegarit).

Oudheid

Dorische stammen trokken vanaf de Balkan Griekenland binnen en maakten een einde aan de Myceense beschaving. Daarna staken ze over naar de Griekse eilanden waaronder Kreta en er ontstonden toen een groot aantal onafhankelijke stadstaten. Onder de Doriërs werd het eiland bestuurd volgens een aristocratisch systeem, dat herinnert aan dat van Sparta in Griekenland. Het eiland bleef gevrijwaard van de directe gevolgen van de Perzische en Peleponnesische Oorlogen, maar aan onderlinge strijd was geen gebrek.
De periode tussen het ineenstorten van de Myceense steden ca. 1150 v.Chr. en de zogenaamde archaïsche periode van de Griekse beschaving (650-520 v.Chr.) wordt ook wel de "dark ages" genoemd, een periode van geringe culturele bloei. Op sommige plaatsen handhaafden zich de oorspronkelijke Kretenzers, de Eteo-Kretenzers of de "Ware Kretenzers".
Kreta bleef ook in deze tijd natuurlijk belangrijk voor de handel op Middellandse Zee. Zo liepen er bijvoorbeeld een Foenicische scheepvaartroute langs Kreta naar Griekenland en Noord-Afrika. In de klassieke Griekse periode had Kreta een vrij onbelangrijke positie, dit in tegenstelling tot Corinthe en Athene op het vasteland van Griekenland. Door de zeevaart werd de havenstad Herakleia (nu: Iraklion) belangrijker dan Knossos. De Kretenzers hielden zich in de hellenistische periode vooral bezig met piraterij waarvoor het eiland met zijn vele afgelegen baaien en inhammen ideaal was. Ook deden de inwoners dienst als huurling in vreemde legers.

Romeinse tijd

In de 1e eeuw v.Chr. kregen de Romeinen steeds meer macht en invloed in het oostelijke Middellandse-Zeegebied. De aanval van de Romeinen onder Marcus Antonius, onder meer noodzakelijk vanwege de vele piraten die zich op het eiland bevonden, wisten de Kretenzers af te slaan. In 64 v.Chr. landde de Romeinse generaal Quintus Caecilius Metellus op Kreta en had na drie jaar vechten alle Kretenzers op de knieën. In 67 v.Chr. werd Kreta bij het Romeinse Rijk gevoegd en werd Gortys provinciehoofdstad. Door de bezetting van de Romeinen kwam er een einde aan de vele oorlogen tussen de vroegere stadstaten en keerde de welvaart weer terug op het eiland. Later werd het oostelijke deel van Libië nog aan de provincie Kreta toegevoegd door keizer Augustus.
In het jaar 60 landde de apostel Paulus op het eiland Cyrenaica en kwam Kreta in aanraking met het christendom. Paulus' leerling Titus, nu de beschermheilige van Kreta, werd door Paulus als bisschop benoemd en het lukte hem om de Kretenzers tot het christendom te bekeren.
In 337 viel het Romeinse rijk uiteen in twee delen en behoorde Kreta tot de door keizer Constantijn geregeerde oostelijke deel. Dit deel van het Romeinse rijk werd erg beïnvloed door de Griekse beschaving en breidde zich uit tot het Byzantijnse rijk dat zich ver uitstrekte tot buiten de grenzen van het oorspronkelijke Romeinse rijk. Enkele eeuwen later was het gebied gekrompen tot Griekenland en Klein-Azië.
Kreta werd een zelfstandige provincie en profiteerde van de rust die er was onder de Romeinse overheersing.

Arabische tijd

Vanaf de 6e eeuw bleken de Arabieren gevaarlijke vijanden. Door de islamisering van Noord-Afrika kwam Kreta in de frontlijn te liggen. In 673 en 715 volgden hevige aanvallen op Kreta, en in 828 werd het helemaal veroverd door de Arabieren. Onder leiding van Aboe-Hafs Omar werd het eiland geplunderd en Gortys verwoest. Veel Kretenzers werden als slaaf verkocht en de Arabieren gebruikten Kreta als uitvalsbasis bij hun rooftochten op de Middellandse Zee. De nieuwe hoofdstad werd gevestigd op de plaats van het huidige Iraklion en heette Rabd el-Kandak. In 961 lukte het de Byzantijnen om Kreta te heroveren, maar de bloeiperiode keerde niet meer terug. De islamieten werden verslagen door de latere keizer van het Byzantijnse rijk, Nikeforos Fokas.

Kruistochten en Venetiaanse overheersing

Ondertussen was de tijd van de kruistochten aangebroken en ook Kreta raakte hierbij betrokken. De kruisvaarders van de vierde kruistocht strandden in de hoofdstad van het Byzantijnse rijk, Constantinopel. In ruil voor geld en steun werd een kroonpretendent op de troon gezet. Constantinopel werd vervolgens verschrikkelijk geplunderd en de graaf Boudewijn van Vlaanderen werd de nieuwe keizer van het Byzantijnse rijk. Andere kruisvaarders kregen ook stukken van
het rijk, waaronder Venetië, dat Kreta mocht hebben en het "Candia" noemde. In 1263 werd Kreta door de eeuwige rivaal van Venetië, Genua, veroverd. Het bleef twee decennia Genuees grondgebied en werd pas begin 13e eeuw weer terugheroverd. Als bestuurder werd een "doge" aangesteld, een hertog die voor twee jaar benoemd werd. Rooms-katholieke geestelijken probeerden de Grieks-
orthodoxe Kretenzers het katholieke geloof op te dringen en adellijke Venetiaanse families kregen machtige posities, die ze gebruikten om zich flink te verrijken.
De Kretenzische bevolking werd zwaar onderdrukt maar mocht uiteindelijk wel de Griek-orthodoxe kerk blijven aanhangen. De Venetiaanse adel kwam zelf regelmatig in opstand tegen de moederstad omdat die de invloed van de lokale bestuurders beperkt hield.

Turkse overheersing

In 1645 landden na een aantal eerdere aanvallen de legers van de Turkse sultan op West-Kreta. Al snel vielen alle steden ten prooi aan de Turken, behalve Iraklion, dat twintig jaar standhield. Door gebrek aan hulp vanuit Europa moesten de Venetianen zich echter overgeven en werd uiteindelijk de vrede getekend. De Turkse tijd zou een zeer zware periode worden voor de Kretenzers. Kreta werd verdeeld onder een aantal pasja's. Boeren werden verplicht werkzaamheden te verrichten en moesten hoge belastingen betalen. Ook werden de Kretenzers gedwongen zich tot de islam te bekeren, waardoor men genoodzaakt was om in het geheim het christelijke geloof aan te hangen. En wie geen islamiet was kon ook geen enkele functie bekleden.
In 1692 volgde weer een opstand met steun van Venetië, dat samen met andere landen tegen de Turken vochten. Deze oorlog werd gewonnen door Venetië en haar bondgenoten, maar Kreta bleef Turks en boette zwaar voor zijn opstandigheid. In 1770 kregen de Kretenzers hulp van de Russen die ook al een oorlog uitvochten met de Turken. Bij het vredesoverleg bleef Kreta echter toch weer Turks
grondgebied.
In 1821 kwamen de Grieken op het vasteland in opstand tegen de Turken, gevolgd door Kreta. Turkije nam echter weer bloedig wraak door de elitetroepen van Turken, de Janitsaren. De strijd in Griekenland verliep wisselend succesvol voor het steeds verder in verval rakende Osmaanse rijk. Turkije riep daarom de hulp van Egypte in en in 1824 landden Egyptische troepen op Kreta. Op het
vasteland verloren de Turken de strijd maar Kreta viel erweer erbuiten. De Turkse sultan schonk het eiland aan de Egyptenaar Mehmet Ali maar in 1841 vertrokken de Egyptenaren weer doordat ze inmiddels ook een oorlog tegen de Turken voerden en die verloren.
Kreta kwam nu weer onder rechtstreeks bestuur van de Turkse sultan. In 1856 werd op Kreta godsdienstvrijheid ingevoerd. Tot de islam "bekeerde" Kretenzers bleken opeens nog veel christelijker te zijn dan de Turken dachten. Er volgde weer een tijd van onderdrukking die in 1866 zorgde voor weer een opstand, waarbij de Kretenzers aansluiting eisten bij Griekenland. In 1876 wisten de Kretenzers een groot gedeelte van het eiland te bevrijden doordat de Turken in oorlog waren met Rusland.
In 1879 werd er onder druk van de grote mogendheden het Verdrag van Halepa gesloten. Hierin werd onder andere geregeld dat het Grieks de tweede taal werd op Kreta en dat de Kretenzers niet meer in het leger van de sultan hoefden te dienen. Politieke meningsverschillen leidden ertoe dat de conservatieven weer aansluiting zochten bij Griekenland. De reactie van de Turken was voorspelbaar:
verdere onderdrukking en vervolging van christenen.
In 1896 braken er onlusten uit in Chania. Nu grepen de Britten in en de Turken werden gedwongen weer wat concessies te doen. Deze werden echter niet opgevolgd waarna er weer een opstand volgde die door de Turken beantwoord werd met een massamoord op de burgers van Chania.

Eerst autonomie en daarna aansluiting bij Griekenland

Met behulp van een Grieks expeditieleger streed men daarna tegen de Turken en grote delen van het eiland werden bevrijd. Het Griekse leger nam Kreta in, uit naam van de koning. Er dreigde toen een totale oorlog tussen Turkije en Griekenland. Dit werd echter voorkomen door de grote mogendheden die ervoor zorgden dat het Griekse leger weer vertrok. Een Brits leger nam de taken over maar werd aangevallen door de Turken. Hierop bombardeerde de Britse vloot Chania, waarna de sultan in 1898 instemde met autonomie voor Kreta.
De mensen op het eiland wilden echter liever "enosis", aansluiting bij Griekenland. Prins George van Griekenland werd gouverneur van het eiland maar na een korte opstand onder leiding van Elefterios Venizelos werd George weggestuurd en trad Venizelos in 1906 toe tot een voorlopige regering op Kreta. Hij zou ook nog verschillende keren Grieks premier worden. Gouverneur was nu de voormalige premier Alexander Zaimis. In 1908 vertrok het Europese leger. In Turkije zelf was een opstand uitgebroken onder de zogenaamde "Jonge Turken", een uitgelezen kans voor de Kretenzers om zich aan te sluiten bij Griekenland.
Pas na de Balkanoorlog van 1912-1913 durfde premier Venizelos echter pas de eenwording van Kreta en Griekenland te bewerkstelligen (Vrede van Boekarest; Vrede van Athene, 14 november 1913). De Grieken durfden nu Klein-Azië binnen te vallen om de Grieken die daar leefden met het moederland te herenigen. De Grieken werden echter door het Turkse leger verjaagd.
Bij de vredesonderhandelingen in 1923 kwam het volgende compromis uit de bus: alle leden van de Griekse en christelijke bevolkingsgroep vertrokken uit Klein-Azië en de islamieten uit Griekenland gingen vice-versa.

Tweede Wereldoorlog

In de Tweede Wereldoorlog vochten veel Kretenzers mee in het Griekse leger. Pas laat werd besloten om Kreta te verdedigen omdat men het wilde gebruiken om de Duitsers en Italianen vanuit het zuiden aan te vallen. De Engelse, Australische, en Nieuw-Zeelandse troepen waren onervaren en slecht bewapend en bovendien vochten de meeste Kretenzische mannen elders in Europa.
Op 20 mei 1941 begon de Slag bij Kreta, niet met de Duitse vloot zoals de geallieerden dachten, maar vanuit de lucht met bombardementen en parachutisten. De overmacht was te groot en al snel capituleerden de geallieerden, ondanks grote verliezen bij de Duitsers. De Kretenzers voerden vanaf die tijd een guerrillaoorlog vanuit de bergen, die echter door zware Duitse represailles beantwoord werden en vele Kretenzers werden gemarteld en gedood. Het oosten van Kreta was door de Italianen bezet maar in 1943 liepen de Italianen over naar de geallieerden. De Kretenzers kregen op de valreep veel wapens van de Italianen te pakken die ze goed konden gebruiken in hun verzet tegen de Duitsers. In oktober 1944 bevrijdden de verzetsstrijders onder leiding van verzetsleider Pandouvas Iraklion, en in november was het grootste deel van Kreta in handen van het verzet. Pas in mei 1945 was geheel Kreta bevrijd.

Griekse tragedie gaat aan Kreta voorbij

Na de oorlog brandde in Griekenland de strijd los tussen de communistische en de rechtse partijen, die en ontaardde in een burgeroorlog maar door handig manoeuvreren van Pandouvas grotendeels aan Kreta voorbij ging. De geschiedenis van Kreta verloopt na de Tweede Wereldoorlog over het algemeen rustig zonder veel problemen. De situatie op het Griekse vasteland verliep heel anders. In
1967 grepen een aantal legerofficieren de macht en de koning leefde vanaf toen in ballingschap.
Het wrede kolonelsbewind had echter ook geen oplossing voor de economische problemen en leed een gevoelige nederlaag in de Cyprus-kwestie met de erfvijand Turkije. In 1974 werd de socialist Karamanlis premier, herstelde de democratie en in 1981 trad Griekenland toe tot de EEG (Europese Economische Gemeenschap).

In maart 2015 deed zich voor de kust van Kreta een aardbeving voor met een kracht van 6,1 op de schaal van Richter. Het epicentrum lag 152 kilometer ten zuidzuidoosten van de hoofdstad Heraklion. Er waren geen meldingen van schade of persoonlijke ongelukken.

Zie verder ook de geschiedenis van Griekenland op Landenweb.

KRETA LINKS

Advertenties
• Vakantie Kreta
• D-Reizen Zonvakantie Kreta
• Jouw reis voor de beste prijs - Prijsvrij.nl
• Kreta
• De mooiste fly-drives op Kreta
• Kreta Zonvakanties WTC
• Kreta Kras Reizen
• Heraklion Hotels
• Ferry overtochten van en naar Kreta
• Chania
• Autohuur Kreta
• Kreta Vliegtickets Tix.nl
• Kreta Campings
• Autoverhuur Sunny Cars Kreta

Nuttige links

Griekse Cultuur (N)
Kreta (N)
Kreta Foto's
Kreta Reisstart (N)
Kreta Verzamelgids (E+N)
Reisinformatie Kreta (N)
Reizendoejezo - Kreta (N)
Romans over Kreta (N)
Artikelen en Reisverhalen over KRETA
  12 dagen Kreta met TIPS

Bronnen

Buma, H. / Reishandboek Kreta
Elmar

Hendriksen, B. / Kreta
Babylon-De Geus

Lubsen-Admiraal, S.M. / Kreta
Kosmos

Strijbos, E. / Kreta
Gottmer/Becht

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt november 2018
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems