Landenweb.nl

LA GOMERA
 

Basisgegevens
  Officiële
  landstaal
  Spaans
  Hoofdstad  San Sebastián de la Gomera
  Oppervlakte  378 km²
  Inwoners  21.136
  (2018)
  Munteenheid  euro
  (EUR)
  Tijdsverschil  -1
  Web  .es
  Code.  ESP
  Tel.  +34

Populaire bestemmingen SPANJE

AndalusieCatalonieCosta blanca
Costa bravaCosta del solEl hierro
FormenteraFuerteventuraGran canaria
IbizaLa gomeraLa palma
LanzaroteMallorcaMenorca
Tenerife

Geografie en Landschap

Geografie

De Canarische Eilanden (Spaans: Islas Canarias) liggen in de Atlantische Oceaan ten westen van Afrika, op dezelfde hoogte als Marokko. De archipel bestaat uit zeven bewoonde hoofdeilanden en zes kleinere eilanden. De hoofdeilanden zijn Tenerife, Fuerteventura, Gran Canaria, Lanzarote, La Palma, La Gomera, en El Hierro.

advertentie

La Gomera en Tenerife Satellietfoto NASAFoto: Publiek domein

Tot de Canarische Eilanden behoren ook nog de vier kleine eilandjes La Graciosa, Montaña Clara, Alegranza en Los Lobos; verder zijn er nog twee rotseilandjes, Roque del Oeste en Roque del Este.

De Canarische Eilanden zijn geografisch gezien een deel van Afrika, maar politiek gezien behoren ze sinds de 15e eeuw tot Spanje. De eilandengroep bestaat uit twee provincies, onder de naam: Autonome Regio van de Canarische Eilanden.

La Gomera is na El Hierro het kleinste eiland van de Canarische archipel. Het eiland is zo goed als rond (‘Isla Redonda’) met een diameter van 25 km en de oppervlakte bedraagt ongeveer 376 km2. In wezen is het eiland de sterk hellende top van een vulkaan die op de bodem van de oceaan rust.

La Gomera ligt 32 kilometer van Tenerife en maar 100 kilometer van Kaap Juby in de huidige West-Sahara.

advertentie

Landschap

La Gomera is een ruig bergeiland met een door indrukwekkende kliffen overheerste kustlijn. La Gomera telt maar weinig stranden en het binnenland is bedekt met diepe en vaak groene valleien en ravijnen. Het authentieke landschap wordt met name in het noorden en westen van het eiland gedomineerd door een terrassenlandschap, waar onder andere aardappelen, maïs, bananen, tomaten, druiven en dadels wordt verbouwd. Sinds het quartair heeft La Gomera geen vulkanische uitbarstingen meer gekend en kraters en vulkaankegels zoals op El Hierro zijn er dan ook niet te vinden.

Midden op het eiland en rondom de berg El Alto Garajonay ligt het gelijknamige Parque Nacional de Garajonay, dat ongeveer 10% (3974 ha) van de oppervlakte van het eiland beslaat. Het park is door de Unesco in 1986 op de Werelderfgoedlijst gezet en is een van de vier nationale parken van de Canarische Eilanden.

advertentie

Berglandschap in het Parque Nacional de Garajonay, La GomeraPhoto: Diego Delso CC BY-SA 3.0 no changes made

De Garajonay is de hoogste berg van het eiland met een hoogte van 1487 meter. Net buiten het park ligt de vulkanische rotsformatie Los Roques, met de steile rotsen Zarcita (1236 meter), Carmen (1140 meter), Ojila (1169 meter) en Agando (1250 meter).

Vanuit het hooggelegen centrum van het eiland banen in totaal ca. vijftig diep ingesneden, uit elkaar lopende kloven of ‘barrancos’ zich een weg naar de kust. Deze inkepingen in het landschap kunnen tot 800 meter diep zijn en aan het uiteinde liggen soms kleine baaien, maar ze monden ook uit in groene dalen zoals de beroemde Valle Gran Rey.

In het noorden ligt de zeshoekige Los Órganos ( de ‘orgelpijpen’), steile basalten kolommen, 80 meter hoog en 200 meter breed. Langs de hoge rotswanden aan de noordkust stromen, vooral in de wintertijd, verschillende grote watervallen of ‘cascadas’, zoals de Boca del Chorro.

De ‘roques’, gigantische rotsen, zijn kenmerkend voor La Gomera. Ze bestaan uit trachiet of fonoliet, basaltachtige gesteenten die ontstaan zijn door afkoeling van magma met een hoge zuurgraad. ‘Diques’, verticale gesteentegangen, zijn op een vergelijkbare manier ontstaan. Verder ligt er op La Gomera een enorme tafelberg, de Fortaleza.

Klimaat en Weer

Ondanks de geringe afmetingen van het eiland zijn de verschillen in klimaat groot. Net als de andere westelijke Canarische eilanden kent La Gomera twee klimaatzones, het vochtige noorden en het droge zuiden. Over het algemeen kan men echter zeggen dat de temperatuur op La Gomera het hele jaar door vrij zacht is, ook ’s winters.

Passaatwinden (‘vientos alisios’), Atlantische lagedrukgebieden en het bergmassief in het centrum van het eiland, zorgen ervoor dat aan de noordzijde van La Gomera veel meer wolken en regenbuien voorkomen dan aan de zuidkant, waar het bijna nooit regent.

De zuid- en zuidwestkust staan bekend om het grote aantal zonuren per jaar. Van juli tot september is het soms erg warm, hoewel het kwik bijna nooit boven de 27°C uitkomt. ’s Winters zijn de temperaturen in de kustgebieden zelden lager dan 18°C, maar is het in de bergen, vooral tussen januari en maart, soms vrij koud.

Opmerkelijk is dat het 90 km2 grote Parque Nacional de Garajonay, slechts 15 kilometer van de kust af, veel neerslag te verwerken krijgt (600-800 mm per jaar) en regelmatig in mist gehuld is. Gemiddeld valt er op La Gomera zo’n 410 mm regen per jaar. In het dal van Hermigua valt jaarlijks 500 mm neerslag. De beek door het dal, de Río del Cedro, valt bijna nooit droog en enkele stuwmeren zorgen ervoor dat het kostbare water gespaard kan worden. In de zuidelijke streek rond Playa Santiago valt de minste neerslag, ongeveer 20 mm per jaar.

De temperatuur van het zeewater schommelt nauwelijks: tussen de 18 en 22°C het gehele jaar door.

Planten en Dieren

advertentie

Planten

In de vijf vegetatiezones op La Gomera groeien meer dan 2000 plantensoorten, waaronder 700 endemische soorten.

In het prehistorische Parque Nacional de Garajonay groeien dankzij de permanente dauw en hoge luchtvochtigheid meer dan 450 soorten planten en bomen, vaak van zeer grote afmetingen. Midden in het park ligt een oeroud laurierbos (‘laurisilva’) met bomen tot 20 meter hoog. De laurisilva-begroeiing wordt verder gekenmerkt door ceders, boomheide, jeneverbes, wilgen en een ondergroei van mossen, hulst en varens. Met name het bos El Bosque del Cedro is een typisch voorbeeld van dit vegetatietype.

Vanaf de voet van de bergen tot aan de vloedlijn groeit de Canarische palm, waarvan het sap tot honing (‘miel de palma’) wordt ingedikt. Canarische palmen kunnen wel 25 meter hoog worden en de boom is enkele jaren geleden tot symbool van de archipel uitgeroepen. Op La Gomera staan meer dan 120.000 van deze palmen, meer dan op alle andere Canarische eilanden samen.

In Agalán staat de laatste drakenbloedboom van het eiland, de ongeveer 150 jaar oude Drago de Agalán. De drakenbloedboom is in feite een leliesoort die honderden jaren oud kan worden.

Verspreid over het eiland groeien tamarisken, doornlatuw, een stekelige, vrijwel bladerloze plant, Canarische dennen, Cistus monspeliensis (een soort zonneroosje), zegge, verschillende aeonium-soorten (vetplantjes), agaves, gagelbomen, cistussen, bosviooltjes, Canarische ooievaarsbek, Hierro-ganzendistel, gele affodil, Napolitaanse look, vijgcactussen, kandelaarwolfsmelk of Euphorbia, Indische laurierboom, Canarische alsem, Canarische steekpalm, Canarische struikmargriet, tweekleurige steenraket, wilde venkel, tabaiba, tajinaste, lamsoor, loogkruid, driekantig look, woldistel, citroenstruik klimvarens, de uitsluitend op La Gomera bloeiende gele Teline gomera en de Woodwardia radicans, de grootste in de vrije natuur voorkomende varen van de Canarische Eilanden.

LAURIERBOMEN

Miljoenen jaren geleden waren verspreid over de hele aarde laurierwouden te vinden. Door de ijstijd verdwenen ze bijna overal, alleen op de Canarische Eilanden, Madeira, de Azoren en Kaapverdië konden zij overleven.

Voor de komst van de Spanjaarden was bijna geheel La Gomera bedekt met laurierwoud. Na de verovering door de Spanjaarden werden complete gebieden gekapt voor de aanplant van het lucratieve suikerriet.

In het Parque National de Garajonaykomen verschillende soorten van de laurierfamilie voor. De Laurus azorica is op het vasteland van Europa alleen te zien als struik, op La Gomera kan het uitgroeien tot een 25 meter hoge boom. De Ocotea foetens of stinklaurier verspreidt een onaangename geur als de boom beschadigd wordt. Het sap van de Persea indica of Madeiramahonie is giftig.

advertentie

Dieren

Het Parque Nacional de Garajonay wordt doorsneden door een groot aantal ravijnen, die een habitat vormen voor veel zeldzame vogels, zoals de Bolles laurierduif, die alleen nog op La Gomera voorkomt. Ongewervelde dieren (b.v. monarchvlinder, neushoornkever en Europese bidsprinkhaan) zijn er in veel variaties te vinden, gewervelde dieren veel minder, alleen wat konijnen, egels en ratten. Verder veel soorten (zang)vogels, met onder andere merels, pimpelmezen, de groenbruine kanarie, raven, torenvalken, kleine adelaars en uilen. Bijzondere vogels zijn de Canarische bonte specht en de met uitsterven bedreigde Canarische beukvink. In het westen en het centrum van het eiland komt de patrijs veel voor. Op La Gomera nestelen 68 soorten vogels en er komen meer dan 240 soorten trekvogels.

Slangen en schorpioenen komen niet voor op La Gomera. Kleine hagedissen en gekko’s wel, bovendien inheemse soorten als de grote reuzenhagedis (Gallotia simonyi stehlini), de Canarische gekko (Tarentola boettgeri) en de zwarte Gomerische hagedis (Tarentola gomerensis).

Vanaf het westen van La Gomera worden boottochten georganiseerd om te gaan ‘whalewatchen’. Met een beetje geluk kan men vinvissen, zwaardwalvissen, noordse vinvissen, potvissen, grienden en dolfijnen zien. Duikers komen vaak stekelroggen, murenen, trompetvissen, papegaaivissen en kogelvissen tegen. Zeldzamer zijn maanvissen, hamerhaaien en mantaroggen.

Geschiedenis

advertentie

Oudheid

La Gomera is een echte vulkaantop die van de oceaanbodem oprijst en bestaat uit basaltrots van gestolde lava. Miljoenen jaren geleden is La Gomera uit de zee verrezen, men schat tussen 10-15 miljoen jaar geleden.

Ca. 3000 jaar geleden spraken schrijvers als Homerus al over de ‘eilanden van de gelukzaligen’. Tussen 1100 en 800 v.Chr. werden de Canarische Eilanden ontdekt door de Feniciërs, komend van het huidige Cádiz, en de Carthagers.

Over de herkomst van de oorspronkelijke bewoners is men het nog steeds niet eens. Volgens een van de theorieën vonden er vanaf ongeveer 3000 v.Chr. enkele immigratiegolven plaats van verschillende volksstammen uit het Middellandse-Zeegebied. Doorgaans worden de oorspronkelijke van de Canarische Eilanden Guanchen genoemd. De Guanchen leefden nog in de steentijd en waren herders en verzamelaars. Ze woonden in grotten en groeven. Rond het begin van onze jaartelling wordt La Gomera bezocht door een expeditie van koning Juba van Libië en Mauritinië.

Europeanen

In 1312 n.Chr. betrad de Italiaans Lancelotto Malocello het eiland Lanzarote en stichtte daar de nederzetting Teguise. Ook Mallorcaanse en Portugese handelaars waren zeer geïnteresseerd in de Canarische Eilanden bij hun zoektochten naar slaven en natuurlijke kleurstoffen. De eerste kaart van de archipel (1339), gemaakt door de Mallorcaanse cartograaf Dulcert, vermeldde al de benaming ‘Gommaria’. Men vermoedt dat het een afleiding is van de Berberstam der Ghomaren, die ca. 500 v. Chr. al vanuit Noord-Afrika naar La Gomera trokken. In 1402 veroverde de Normandiër Jean de Béthencourt Lanzarote voor de Castiliaanse kroon en kreeg de titel ‘koning van de Canarische Eilanden’.

De bevolking van Lanzarote kwam in opstand tegen De Béthencourt, maar die sloeg de opstand met behulp van zijn stadhouder Gadifer de la Salle neer. Koning Guadarfia liet zich dopen en de kapel van de vesting Rubicón werd de eerste bisschopszetel van de Canarische Eilanden. Stormenderhand veroverde De Béthencourt Fuerteventura, Lanzarote en El Hierro, maar la Gomera kreeg hij niet in handen. Op dat moment leefden er vier stammen op het eiland: Mulagua, Hipalan, Orone en Agana. In 1414 schonk De Béthencourt de Canarische Eilanden aan de Iberische graaf van Niebla.

Vanaf 1440 werden de Canarische Eilanden op hardhandige door de Peraza’s bestuurd en deze periode werd dan ook gekenmerkt door vele opstanden. In 1477 verkoopt Hernán Peraza de Jongere een groot deel van de bevolking als slaven aan Spanje of Noord-Afrika.

La Gomera definitief Spaans grondgebied

In de periode 1433-1479 voerden de Spanjaarden en de Portugezen strijd om de Canarische Eilanden. In 1479 werd de archipel in het Verdrag van Alcáçovas toegekend aan Spanje en Portugal mocht de Azoren, Kaapverdië en Madeira annexeren. In de laatste decennia van de 15e eeuw worden successievelijk alle Canarische Eilanden veroverd: in 1483 Gran Canaria, in 1488 La Gomera, in 1495 Tenerife en in 1496 La Palma. Bij de verovering van La Gomera in 1488 had op het eiland de grootste slachtpartij uit de geschiedenis plaats: bij een opstand tegen de veroveraars uit Castilië, waarbij wel Hernán Peraza werd vermoord, werden bijna alle bewoners gedood of als slaven verkocht. De Guanchen waren trouwens halverwege de 16e eeuw praktisch overal uitgestorven. De naam ‘Isla Colombina’ verwijst naar de band tussen La Gomera en Christoffel Columbus de ontdekkingsreiziger. Columbus legde op La Gomera drie keer aan, in 1492, 1493 en 1498. Het eiland werd gebruikt als ravitailleringsstation en als uitvalsbasis voor zijn expedities. In 1516 werd de familie Peraza de titel ‘Graven van La Gomera’ verleend.

In de 16e eeuw werden de Canarische Eilanden een belangrijke exporteur van suiker, dat verbouwd werd op grote suikerrietplantages. De suikerindustrie stortte echter in door de goedkope suiker uit Zuid-Amerika.

In de 17e eeuw stapte men over op de productie van wijn, maar door verschillende oorzaken nam de wijnproductie en –export eind 18e eeuw steeds verder af. De wijn op La Gomera bereikte echter nooit dezelfde kwaliteit als de wijn van Tenerife of Gran Canaria. Rond 1650 verhuisden de graven van La Gomera naar Tenerife en La Gomera werd onder het gezag van een bewindsman geplaatst. In 1743 werd een aanval van Engelse Korsaren op San Sebastián met succes afgeslagen. Op Tenerife werd in 1744 de eerste universiteit van de Canarische Eilanden gesticht.

In 1797 werden de Canarische Eilanden voor de laatste keer aangevallen door admiraal Horatio Nelson, die in dat jaar Santa Cruz de Tenerife aanviel. In de 19e eeuw werd karmijn, een natuurlijke verfstof van de luizen die op vijgcactussen leven, een belangrijk exportartikel. Maar ook deze lucratieve business was geen lang leven beschoren. Al snel kreeg de cochenille concurrentie van kunstmatige verfstoffen.

Canarische Eilanden provincie en vrijhandelszone

In 1821 werden de Canarische Eilanden een provincie van Spanje, met Santa Cruz de Tenerife als hoofdstad. Het gevolg hiervan was een oplaaiende rivaliteit tussen de twee grootste eilanden van de archipel, Gran Canaria en Tenerife. In 1836 werd op La Gomera en op andere eilanden het feodale stelsel afgeschaft en valt het eiland rechtstreeks onder de Spaanse kroon. De grootgrondbezitters kunnen hun rechten echter behouden, waardoor er voor de meerderheid van de bevolking weinig verandert.

In 1852 werd de hele Canarische archipel uitgeroepen tot vrijhandelszone door koningin Isabella II. Als Spanje zijn laatste koloniën verliest gaat het economisch weer veel slechter met de Canarische Eilanden want een hele afzetmarkt valt weg. Veel ‘Gomeros’ trokken naar Cuba, waar ze tot op heden een eigen, etnische groep vormen, de zogenaamde ‘guajiros’. In 1902 slaan Spaanse troepen opstanden van lokale onafhankelijkheidsbewegingen neer.

Tenerife werd ondertussen zo dominant dat men in 1911 besloot om hier wat aan te doen door elk afzonderlijk eiland een eigen bestuur (cabildo insular) te geven. In 1927 laaide de rivaliteit tussen Gran Canaria en Tenerife weer zó hoog op, dat de archipel definitief in twee provincies werd verdeeld: een westelijke provincie met El Hierro, Tenerife, La Gomera en La Palma, een oostelijke provincie met Gran Canaria, Fuerteventura en Lanzarote.

De cochenilleproductie was ondertussen volledig ingestort en veel inwoners van de Canarische Eilanden emigreerden naar Zuid-Amerika. Het volgende exportproduct werd de Canarische banaan, al in 1855 geïntroduceerd; rond 1900 kwam de bananenteelt goed op gang door initiatieven van Britse ondernemingen en de Noorse rederij Olsen. Door de Eerste Wereldoorlog kreeg de internationale handel grote klappen te verwerken en de bananenexport nam met 80% af, en ook nu had dat weer een emigratiegolf tot gevolg.

Franco-tijdperk

In 1931 werd de Tweede Spaanse republiek uitgeroepen, maar in 1936 greep generaal Franco de macht op de Canarische Eilanden en ontketende hiermee de Spaanse Burgeroorlog.

De Spaanse Burgeroorlog bracht echter alleen maar economische malaise en politieke isolatie. Ook aan de oorlogshandelingen ontkwamen de eilanden niet. In de Barranco del Infierno (Hellekloof) op Tenerife vonden bijvoorbeeld massa-executies plaats. De Canarische Eilanden vormden op dat moment het armste gebied van Spanje. Net na de Tweede Wereldoorlog woonden er nog ca. 50.000 mensen op Gomera (inmiddels nog maar 16.000).

Vanaf 1960 neemt het toerisme toe en vervangt in snel tempo de landbouw als belangrijkste bron van bestaan. Na de dood van generaal Franco in 1975 kwam er meer politieke openheid en democratie, en het toerisme beleefde een flinke opleving.

Canarische Eilanden autonoom en opkomst massatoerisme

In 1974 startte rederij Olsen met de eerste regelmatige veerdienst tussen de hoofdstad San Sebastián en Los Cristianos op Tenerife. In augustus 1982 kregen de Canarische Eilanden met nog een aantal andere Spaanse provincies een autonome status, en in 1986 behield de eilandengroep, ondanks de toetreding tot de Europese Unie, haar aparte status als vrijhandelszone. De status van hoofdstad werd verdeeld tussen Santa Cruz de Tenerife en Las Palmas de Gran Canaria. In Santa Cruz staan de hoofdkantoren van het Canarisch parlement, en de helft van alle departementen en ministeries. In Las Palmas bevinden zich de zetel van de bestuursraad van de regering, de gerechtshoven en de overige departementen en ministeries.

Een bosbrand in 1984 verwoestte bijna 10% van het totale bosareaal van La Gomera en kostte 20 mensen het leven.

De eilanden halen op dit moment hun inkomsten voor ca. 80% uit het massatoerisme. Toch berust de economie van kleinere eilanden als La Gomera nog altijd op landbouw en visserij.

In 1999 werd het vliegveld op La Gomera geopend.

Zie verder ook de geschiedenis van Spanje op Landenweb.

Bevolking

Op alle Canarische eilanden samen wonen ca. 1,5 miljoen mensen. La Gomera telde enkele decennia geleden nog ca. 25.000 bewoners, maar dat aantal is sindsdien sterk gedaald naar ongeveer 21.000. (2017)

Daarvan wonen er ca. 9000 in de hoofdstad San Sebastián de la Gomera. Hermigua is de tweede plaats van het eiland met ca. 1800 inwoners. Gemiddeld wonen er ongeveer 45 Gomeros per km2.

Veel bewoners van La Gomera zijn in de loop der tijden geëmigreerd naar Venezuela.

Taal

Spaans

De Canarische bevolking spreekt Castilliaans Spaans ((Castellano), de officiële taal van Spanje. Het Spaans dat op La Gomera en alle andere Canarische eilanden wordt uitgesproken, klinkt melodieuzer dan dat van het Spaanse vasteland; de uitspraak doet enigszins denken aan die in Zuid-Amerika. Verder valt nog op dat de ‘s’ aan het eind van een woord vaak ingeslikt wordt.

Er zijn nog enkele Guanche-woorden in gebruik, onder andere ‘guagua’ voor bus en ‘papa’ voor aardappel.

Het Castellano (Castiliaans) is de officiële staatstaal sinds ca. 1250. In het buitenland wordt het Castellano eigenlijk altijd"Spaans" genoemd. Het Castellano is een Romaanse taal met veel afleidingen uit het Latijn, maar ook uit veel andere talen. Het Spaans bevat ca. 100 woorden die o.a. door de Visigoten naar het schiereiland zijn gebracht.

Tijdens de overheersing van de Moren zijn er ongeveer 4000 woorden in de Spaanse taal ingebracht. Verder zijn er veel woorden aan het Frans en het Italiaans en meer recent aan het Engels ontleend.

Voorbeelden van afleidingen zijn:

ArabischFransWest-GotischEngels
Alcázarmonjeguardialider
Aldeavinagreropamitin
Acequiamenútapatractor
Alcobacoquetaespuelafútbol

Het Castellano verschilt in sommige opzichten sterk van andere Romaanse talen, met name qua uitspraak. De letters van het Spaanse alfabet zijn: a, b, c, ch, d, e, f, g, h, i, j, k, l, ll, m, n, ñ, o, p, q, r, rr, s, t, u, v, x, y, z.

EL SILBO

Zeer opmerkelijk en uniek in de wereld is de fluittaal of ‘El Silbo’. Door modulaties worden letters en lettergrepen voortgebracht waarbij het ritme en de toonaard steeds veranderen. De techniek is als volgt: men neemt de gebogen wijsvinger in de mondhoek en duwt de tong naar achteren. De andere hand dient dan als luidspreker. Door de stand van de vingers te veranderen kunnen verschillende fluittonen worden geproduceerd.

Met dit fluitsysteem kunnen geoefende ‘silbadores’ boodschappen overbrengen van de ene berg naar de andere, tot over een afstand van ca. vier kilometer. Al in de 15e eeuw werd er geschreven over deze unieke ‘taal’.

Met name de oudere Gomeros beheersen dit communicatiemiddel nog geheel of gedeeltelijk. Omdat het El Silbo langzaam dreigde uit te sterven, werd het door de Unesco op de Werelderfgoedlijst gezet, en men kan nu zelfs op de scholen El Silbo als keuzevak nemen.

Godsdienst

Algemeen

Het christelijke geloof vestigde zich met de komst van de Spanjaarden op de Canarische Eilanden. Paters van verschillende monnikenorden stichtten kloosters en kapellen en zorgden voor de kerstening van de oorspronkelijke bevolking van de Canarische Eilanden.

De Canariërs zijn voor bijna 100% katholiek en hebben ter ere van de Heilige Maagd Maria veel kerken gebouwd. Naast de gewone nationale kerkelijke feestdagen worden er ook veel Mariafeesten en herdenkingsdagen van een groot aantal heiligen uitbundig gevierd. Tijdens bedevaarten (‘romerias’) worden beelden van Maria, Jezus of andere heiligen meegedragen.

De beschermheilige van de Canarische Eilanden is Maria Lichtmis of ‘Virgen de la Candelaria’.

Bijzondere kerkgebouwen

SAN SEBASTIÁN DE LA GOMERA

De Ermita de San Sebastián (Kapel van de heilige Sebastiaan) is het oudste heilige gebouw van La Gomera. Het werd in 1450 gebouwd ter ere van de beschermheilige van het eiland. Daarna werd het diverse keren verwoest; het huidige gebouw dateert van 1659.

De Iglesia de Nuestra Señora de la Asunción (Maria Hemelvaartkerk) is de grootste kerk van het eiland. Met de bouw werd in 1450 begonnen, het huidige kerkgebouw met drie beuken dateert uit de 17e eeuw en werd in de 18e eeuw nog verder uitgebreid.

Het houten dakgewelf is gemaakt in de moorse mudéjarstijl, die christelijke sierkunst verenigt met Arabische, op geometrische vormen gebaseerde kunst. Achter het laatbarokke hoogaltaar bevindt zich een wandschildering van José Luján Pérez (1756-1815).

Enkele kilometers ten noorden van de hoofdstad de Ermita de Nuestra Señora de Guadelupe, een sneeuwwitte bedevaartskapel, daterend uit 1542. Om de vijf jaar wordt hier een gigantisch feest gehouden, waarbij het madonnabeeld tijdens een processie te water wordt gelaten en op een versierde boot naar San Sebastián wordt gevaren.

HERMIGUA

De Iglesia Nuestra Señora de la Encarnación is een neogotische kerk, gebouwd in de jaren dertig van de vorige eeuw en gefinancierd door enkele bananenbaronnen. Bijzonder zijn het houten altaar en het claccisistische madonnabeeld van beeldhouwer Fernando Estévez van Tenerife.

De Iglesia de Santo Domingo de Guzmán (Dominicanenkerk) werd in 1511 gebouwd, maar daarna verschillende keren gerestaureerd. Het houten cassetteplafond is gemaakt in de mudéjarstijl en verder vallen de gotische zuilen en bogen op. Een van de altaren dateert uit 1680. In 1711 werd de kerk volledig verwoest en pas in 1927 weer opgebouwd.

AGULO

De neogotische in moorse mudéjarstijl opgetrokken Iglesia San Marcos of ‘La Mezquita’, is tussen 1911 en 1923 gebouwd en lijkt door de wit bepleisterde muren en de op een minaret lijkende klokkentoren op een moskee. De vier koepels zijn al van ver te zien. Het hoofdaltaar heeft een beeltenis van een leeuw, het symbool van de heilige Marcus.

PLAYA DE SANTIAGO

De kleine Ermita de Santiago Apóstol bestaat uit drie schepen en werd in het midden van de 20e eeuw gebouwd. Classicistische elementen werden samengevoegd met de mujédarstijl.

Samenleving

Staatsinrichting

In het jaar 1821 werden de Canarische Eilanden een provincie van Spanje met als hoofdstad Santa Cruz de Tenerife. Sinds 1927 is de archipel verdeeld in twee provincies: Santa Cruz de Tenerife met de vier westelijke eilanden Tenerife, La palma, La Gomera en El Hierro, ook wel genoemd ‘Canarias Occidennales’.

De provincie Las Palmas de Gran Canaria bestaat uit de drie oostelijke eilanden Gran Canaria, Fuerteventura en Lanzarote, ook wel genoemd ‘Canarias Orientales’.

Sinds 1983 zijn de twee provincies verenigd in de Autonome Regio van de Canarische Eilanden of ‘Comunidad Autónoma de Canarias’. De Canarische Eilanden krijgen dan een beperkte autonome status en een regionale grondwet. Het parlement telt zestig leden die gelijk zijn verdeeld over beide provincies. In het Canarische parlement zitten vijftien leden uit Gran Canaria, vijftien uit Tenerife, acht uit La Palma, acht uit Lanzarote, zeven uit Fuerteventura, vier uit La Gomera en drie uit El Hierro.

Het burgerlijk bestuur van het eiland is gevestigd in de hoofdstad San Sebastián de La Gomera en La Gomera heeft net als alle andere eilanden een eilandraad, de ‘Cabildo Insular’.

De Canarische Eilanden zijn in het Spaanse parlement vertegenwoordigd met 14 van de 350 zetels en in de Senaat met 11 van de 255 zetels. Elk eiland is verdeeld in gemeenten (‘municipios’) met aan het hoofd een burgemeester (‘alcalde’), die zetelt in het ‘ayuntamiento’, het stadhuis. In totaal zijn er 77 gemeenten; Tenerife heeft met 31 gemeenten de meeste, El Hierro met 2 de minste, La Gomera telt zes gemeenten. Voor de actuele politieke situatie in Spanje zie hoofdstuk geschiedenis.

Onderwijs

Het onderwijs in Spanje is lange tijd achtergebleven bij de rest van het moderne Europa. Met name het platteland, waar de afstanden groot zijn en de verbindingen slecht waren, kende een groot aantal analfabeten. Ook het geld dat voor onderwijs werd uitgegeven stak schril af bij andere landen in Europa. De kentering werd ingezet vanaf 1962 onder het Franco-regime. In nauwelijks vijftien jaar tijd is het budget voor het onderwijs met 100% gestegen. Het analfabetisme onder vooral de ouderen werd aangepakt door het Servicio de Educación Permanente de Adultos. Deze organisatie verzorgt cursussen lager onder onderwijs voor ouderen. De zeggenschap over het onderwijs is trouwens in handen van de autonome regeringen. Ook het onderwijs op afstand, de Educación de Distancia", zorgt ervoor dat steeds meer mensen gebruik kunnen maken van het onderwijssysteem, en dat geldt dan voor lager tot en met universitair onderwijs. In 1999 volgden meer dan 130.000 mensen op deze manier universitair onderwijs via de Universidad Nacional de Educación de Distancia, die zelfs vestigingen in het buitenland heeft.

Een derde van het aantal leerlingen gaat naar privé-scholen die in handen zijn van particulieren of religieuzen. De meeste van deze scholen worden voor 100% gefinancierd door de overheid. Ze zijn dan wel verplicht een schoolbestuur te hebben en in principe iedere leerling toe te laten. Het onderwijs aan de staatsscholen is gratis.

Volgens de nieuwe onderwijswet van 1990, de Ley Orgánica de Ordenación General del Sistema Educativo (LOGSE), zijn er de volgende schooltypen in Spanje:

Allereerst de Educación Infantil, het peuter- en kleuteronderwijs. Dit niet verplichte onderwijs bestaat uit een cyclus van drie jaar of van zes jaar.

Daarna volgt het Educación Primaria, het basisonderwijs dat gegeven wordt van zes tot en met twaalf jaar en verplicht is. Er zijn drie cycli van elk twee jaar met een aantal verplichte en een aantal facultatieve vakken. Al in groep drie begint men met introduceren van een vreemde taal.

Het verplichte voortgezet onderwijs is het Educación Secundaria Obligatoria (ESO), van 12 tot 16 jaar, waarna de leerplicht stopt. Het ESO telt twee cycli van twee jaar. De tweede cyclus bevat de meeste vakken die in de eerste cyclus worden gegeven, aangevuld met een aantal keuzevakken dat stijgt tot 30%.

Na het ESO krijgen de leerlingen een certificaat dat toegang geeft tot het"Bachillerato". Ook kan men dan gaan studeren aan beroepsopleidingen.

Het Bachillerato geeft toegang tot de universiteit. Men krijgt verplichte kernvakken en vakken van de richting die men kiest: techniek, kunst, natuurwetenschappen of sociale wetenschappen. Bovendien zijn er ook nu weer een aantal keuzevakken.

Het middelbaar beroepsonderwijs, het Formación Profesional Grado Medio, is niet erg populair in Spanje. Het duurt gemiddeld ongeveer twee jaar en de leerlingen krijgen naast algemeen vormende vakken vooral beroepsgerichte vakken.

Het hoger beroepsonderwijs of Formación Profesional Grado Superior kan gevolgd worden met een diploma Bachillerato.

Het universitair onderwijs is verdeeld in drie cycli:

Na de eerste drie jaar is men"Diplomado" en met dat behaalde diploma kan de tweede cyclus gevolgd worden, die twee jaar duurt. Men is dan een"Licenciado", ongeveer te vergelijken met onze doctorandustitel. Hierna kan men doorstuderen voor de titel van"Doctor".

Spanje telt momenteel 62 universiteiten waarvan 19 particuliere. De universiteit van Salamanca is de oudste van Spanje en dateert van 1218. De Universidad Complutense van Madrid/Alcalá is een van de grootste ter wereld met meer dan 100.000 studenten. Andere grote universiteiten zijn die van Barcelona, Valencia, Sevilla, Granada en País Vasco. Het aantal universitaire studenten is in tien jaar verdubbeld tot meer dan 1,5 miljoen in 1999.

De universiteit van Las Palmas (‘Universidad de Las Palmas de Gran Canaria’) werd gesticht in de periode 1989-1990. Op 26 april 1990 werd de universiteit officieel erkend door het Canarische parlement. De universiteit fuseerde met de al bestaande polytechnische universiteit en de verschillende universitaire centra werden vervolgens over de archipel verdeeld. De universiteit bestaat nu uit 19 centra, waarvan sommige al meer dan honderd jaar oud zijn. Las Palmas kent vier campussen: Tafira, Obelisco, San Cristóbal en Montaña Cardones

Gezondheidszorg

In Spanje wordt van oudsher veel geld door de overheid uitgegeven aan de gezondheidszorg. Een aantal autonome gebieden regelt de gezondheidszorg zelf. De in 1942 opgezette Verplichte Ziektekosten Verzekering was zeer gebrekkig, en pas nadat in 1966 de Seguridad Social werd opgezet veranderde er veel ten goede. In 1971 viel al 75% van de bevolking onder deze regeling en in 1982 was dat percentage al gestegen naar 86%. De Seguridad Social is te vergelijken met ons Ziekenfonds. In 1986 werd de Ley General de Sanidad aangenomen, waardoor het mogelijk werd om de gehele bevolking onder te brengen in het Sistema Nacional de Salud, het Nationale Gezondheidsstelsel. Vanaf 1991 valt 99% van de Spaanse bevolking onder dit stelsel. Men denkt er over om deze regeling te gaan privatiseren.

Spanje kent verder een groot aantal privé-klinieken. Ca. 25% van de medische zorg wordt in privé-klinieken en andere privé-instellingen verzorgd.

Door de sterk verbeterde medische zorg behoort deze op dit moment tot de beste ter wereld. De levensverwachting van de bevolking is daardoor zeer hoog en de zuigelingensterfte is zeer laag. Ook het aantal artsen per 1000 inwoners en het aantal orgaantransplantaties per miljoen inwoners behoort tot de hoogste ter wereld.

Typisch voor de Canarische Eilanden

advertentie

LUCHA CANARIA

Lucha Canaria is een Canarische ‘Guanche’-worstelsport die alleen op deze eilanden beoefend wordt. In een met zaagsel afgebakende cirkel (15 meter doorsnee) nemen twaalf worstelaars (‘luchadores’) van twee teams het paarsgewijs tegen elkaar op. De bedoeling is om met bepaalde grepen de tegenstander binnen drie minuten op de grond te krijgen. Wie twee van de drie wedstrijden wint, heeft gewonnen.

Andere traditionele sporten zijn stokschermen of ‘juego de palo’, hanengevechten, mastklimmen en verspringen met een lans.

advertentie

GOFIO

Gofio is het oudste overgeleverde basisvoedingsmiddel van de Canarische oerbevolking. Dit zeer houdbare gerecht bestond uit meel van gerstekorrels, tegenwoordig echter uitsluitend van maïs. Gofio wordt nog steeds verkocht in de supermarkten, maar staat in traditionele restaurants niet zo vaak meer op het menu.

Economie

Landbouw

Tot op de dag van vandaag zijn veel bewoners nog boeren en heeft het eiland zijn agrarische karakter behouden.

Vooral de fruitteelt is van belang op La Gomera. Voordat men bananen ging telen, verbouwde men op grote schaal suikerriet en druiven voor wijn. Telkens wanner er een eind kwam aan zo’n monocultuur, emigreerden grote groepen Gomeros naar Venezuela of Cuba.

Eind 19e eeuw werden in het noorden van La Gomera de eerste bananen (‘plátanos’) verbouwd. De kleine maar smaakvolle bananen zijn ook nu nog een belangrijke bron van inkomsten voor de Gomeros. De concurrentie door grotere en goedkopere bananen uit Midden-Amerika en Zuid-Amerika wordt echter steeds groter en de bananenteelt op la Gomera kan eigenlijk alleen nog overleven met subsidie van de Europese Unie.

Het voornaamste centrum van palmhoningproductie ligt in het noorden van La Gomera. De ‘Miel de Palma’ heeft een hoge voedingswaarde en vervangt vaak de suiker in koek en zoetwaren. Palmhoning wordt verkregen door het maken van kerven in bloesemknoppen van de Canarische palmbomen. Het vocht dat er dan uit sijpelt, wordt opgevangen en ingedikt. Een metalen ring rond de stam moet muizen en ratten op een afstand houden.

Het vochtige dal van Hermigua bevat nog een aantal bananenplantages, en op de terrassen worden papaja’s, mango’s, avocado’s en sinaasappels geteeld.

In de kustplaatsen wordt de vis ’s morgens vroeg gevangen, en ligt dan ’s avonds op de borden in de restaurants, vooral tonijn, snoek, baars, inktvis en papegaaivis.

Vakantie en Bezienswaardigheden

De meeste reisbestemmingen op het eiland liggen aan de zuid- en zuidwestkust. Playa de Santiago en Valle Gran Rey zijn de bekendste badplaatsen, maar La Gomera is vooral aantrekkelijk voor wandelaars en natuurliefhebbers. Met geld van de Europese Unie werden onder andere eeuwenoude bergpaden van de schapen- en geitenherders hersteld, en vervallen hoeven gerestaureerd tot comfortabele landhuizen. Momenteel telt La Gomera ca. 4500 toeristenbedden, men wil uiteindelijk naar 8000 bedden toe. Sommige ecologische groeperingen op het eiland hebben grote bezwaren en denken dat het traditionele eiland een toeristenparadijs wordt. De meeste zijn verspreid over het zuiden: Valle Gran Rey, Playa Santiago, en San Sebastián. La Gomera trekt vooral veel Duitsers in de zomer en Spanjaarden in de zomer.

Voorstellen voor de aanleg van een internationaal vliegveld worden door zowel de centrale regering in Madrid als door de Europese Unie in Brussel afgewezen. Doorslaggevend waren de onevenredig hoge kosten van een dergelijk luchthaven en de veiligheidsrisico’s. Toch werd er in 1999 een vliegveld bij Playa de Santiago geopend, maar voor buitenlandse chartermaatschappijen is de landingsbaan te kort. De meerderheid van de toeristen zullen vooralsnog alleen vanaf het naburige Tenerife kunnen arriveren.

In de bergen en in het noordoostelijke deel van het eiland doet men nog steeds aan traditionele handwerkkunst, zoals pottenbakken, typerend haakwerk, geweven kleden, keramiek, handgemaakte trommels (‘tambores’) en uit hardhout gesneden, grote castagnetten (‘chacaras’).

Klik op de menuknop bovenaan het scherm voor meer informatie

LA GOMERA LINKS

Advertenties
• Naar La Gomera met Sunweb
• La Gomera Vliegtickets.nl
• Djoser Wandel - wandelreis Tenerife & La Gomera
• La Gomera Hotels
• La Gomera Vliegtickets Tix.nl
• Autoverhuur Sunny Cars La Gomera

Nuttige links

La Gomera Begint Hier (N)
Reisinformatie La Gomera (N)
Startpagina La Gomera (N+E)
Telefoongids Spanje

Bronnen

Canarische Eilanden

Van Reemst

Evers, K. / Canarische eilanden : Tenerife, La Gomera, El Hierro, La Palma, Gran Canaria, Fuerteventura, Lanzarote

Gottmer,

Leibl, M. / Gomera & Hierro

Van Reemst

Lipps, S. / La Gomera

ANWB

Lipps, S. / Wandelgids La Gomera en El Hierro

ANWB

Murphy, P. / Canarische eilanden

Kosmos-Z&K

Renouf, N. / Canarische eilanden

Kosmos-Z&K

Rokebrand, R. / Reishandboek Tenerife

Elmar

Schulze, D. / La Gomera

Deltas

Simonis, D. / Tenerife & La Gomera

Kosmos-Z&K

Williams, C. / Tenerife, including La Gomera

Rough Guides

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt augustus 2021
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems