Landenweb.nl

RUSLAND
 

Basisgegevens
  Officiële
  landstaal
  Russisch
  Hoofdstad  Moskou
  Oppervlakte  17.098.242 km2
  Inwoners  143.904.251
  (mei 2019)
  Munteenheid  roebel
  (RUB)
  Tijdsverschil  +1 tot +11
  Web  .ru
  Code.  RUS
  Tel.  +7

To read about RUSSIA in English - click here

Steden RUSLAND

MoskouSint-petersburg

Geografie en Landschap

Geografie

De Russische Federatie (Russisch: Rossiskaja Federacija; ook: Russische Federatieve Republiek [Russisch: Rossiskaja Federativnaja Respoeblika]) of Rusland (Russisch: Rossija), is een republiek die zowel in de werelddelen Europa als Azië ligt.

advertentie

Foto:publiek domein

De totale oppervlakte van Rusland bedraagt 17.075.200 km2 en het is daarmee het grootste land ter wereld en meer dan 400 keer zo groot als Nederland. De maximale afstand van oost naar west bedraagt maar liefst ca. 10.000 km (van Polen tot de Beringstraat), en Rusland telt dan ook tien tijdzones. Het Europese gedeelte van Rusland beslaat ca. een kwart van het totale grondgebied van Rusland.

De grens tussen Europa en Azië wordt gevormd door het Oeralgebergte. Rusland grenst verder aan de volgende landen: Noorwegen (196 km), Finland (1340 km), Estland (294 km) en Letland (217 km) in het noorden en westen, en via de exclave Kaliningrad aan Litouwen (227 km) en Polen (206 km), in het zuidwesten aan Belarus of Wit-Rusland (959 km) en Oekraïne (1576 km) en in het zuiden aan Georgië (723 km), Azerbeidzjan (284 km) en Kazakstan (6846 km). In het verre oosten grenst Rusland aan China (3645 km), Mongolië (3845 km) en Noord-Korea (19 km).

Rusland wordt in het noorden omsloten door een groot aantal randzeeën van Noordelijke IJszee, zoals de Barentsz Zee, de Witte Zee, de Karische Zee, de Laptev Zee en de Oost-Siberische Zee. In het oosten grenst Rusland aan de Bering Zee, de Zee van Ochotsk en de Japanse Zee; in het zuiden aan de Kaspische Zee; in het westen aan de Oostzee en de Finse Golf. De kustlijn van Rusland bedraagt in totaal 20.017 km.

Tot Rusland behoort ook nog Kaliningrad (Nederlands: Koningsbergen; Duits: Königsberg; Pools: Krolewice), een exclave tussen Litouwen en Polen in de Bocht van Gdansk.

De volgende eilanden en eilandengroepen behoren ook tot Rusland: Nova Zembla, Frans-Jozef Eilanden, Noordland, Nieuw-Siberische Eilanden, Vrangel, Commandeurseilanden, Koerilen en Sachalin.

De noordelijkste punt van de Euraziatische landmassa, en in feite het noordelijkste deel van het vasteland van de aarde, is het schiereiland Tajmyr. Het schiereiland strekt zich uit tot 1100 km ten noorden van de noordpoolcirkel. De meest noordelijke punt van Rusland wordt gevormd door Kaap Rodolfo op een van de Frans-Jozef Eilanden in de buurt van Nova Zembla.

Landschap

advertentie

Foto:Ninaras Creative Commons Attribution 4.0 International no changes made

De Oost-Europese laagvlakte is een zwak golvend gebied dat naar het oosten toe iets oploopt en daar door het Oeralgebergte wordt begrensd. Deze vlakte ligt grotendeels op een hoogte van minder dan 200 meter, maar sommige heuvelgebieden bereiken hoogten van 300 à 400 meter (o.a. de Timanrug, de Valdajhoogte en de Noord-Russische Rug). De hoogste top van het Oeralgebergte is de Narodnaja met 1894 meter, de rest van het gebergte is veel lager.

Ten oosten van het Oeralgebergte komen drie landschapstypen voor. In het verre noorden ligt de boomloze toendra, die op een permanent bevroren ondergrond, de permafrost, de Euraziatische landmassa over een lengte van 4000 km bedekt. Ten zuiden hiervan maken uitgestrekte naaldwouden (sparren, dennen en ook berken) van de taiga plaats voor uitgestrekte graslanden, de steppes.

De toendra is een verlaten koudewoestijn die van de boomgrens tot de Noordelijke IJszee als een kap over het noordelijke deel van de Euraziatische landmassa ligt. Door de intense kou en de lange winters groeien er alleen mossen, korstmossen en, in het zuidelijke gedeelte, dwergstruiken. De gemiddelde jaartemperatuur ligt rond de -10°C. Tijdens de drie zomermaanden wordt het bodemoppervlak enkele decimeters ontdooid. Daaronder bevindt zich de permafrost of ‘vetsjnaja mertslota’, een permanent bevroren laag aarde van enkele tientallen tot honderden meters dik.

De wouden (voornamelijk berken en naaldbomen) van de taiga strekken zich uit van de Oostzee tot de Beringstraat en van de noordpoolcirkel tot de centrale Siberische hooglanden ten noorden van het Bajkalmeer; in totaal 6,5 miljoen km2 en daarmee een van de grootste aaneengesloten bosgebieden ter aarde. De taiga wordt doorsneden door rivieren die langer dan de helft van het jaar zijn dichtgevroren.

De steppen van Rusland vormen een grote gordel van open grasland, die zich uitstrekt van de Zwarte Zee tot Mantsjoerije. In loop van millennia is het plantenmateriaal afgebroken tot een donkere, humusrijke aarde, de ‘zwarte aarde’ (tsjernozjom) die zeer geschikt is voor de landbouw.

Rivieren, meren en kanalen

advertentie

Foto:Andrew Kudin Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Rusland bezit zeer veel rivieren, men schat ca. 100.000. Veel van die rivieren zijn niet te bevaren, maar vormen wel een geweldig waterkrachtpotentieel, vooral de rivieren in Siberië. Het scheepvaartverkeer op de grote rivieren van Europees Rusland en Siberië heeft het moeilijk door de lange perioden dat de rivieren ijs voeren. In Europees Rusland duurt de ijsperiode 100 à 135 dagen; de mondingen van de Siberische rivieren zijn gedurende 190 dagen (Ob) tot 260 dagen (Lena) dichtgevroren.

In het voorjaar treden zowel bij de Europese als bij de Siberische rivieren grote overstromingen op door het grote smeltwateraanbod en, bij de Siberische rivieren, door opstuwing van het rivierpeil door het mondingsijs. De Wolga is de langste rivier van Europa (3531 km). Andere belangrijke rivieren zijn de Oeral (2428 km) en in het Aziatische gedeelte van Rusland de Lena (4313 km), de Irtysch (4248 km) en de Ob (3650 km).

Rusland bezit een groot aantal meren (ca. 270.000), waaronder er vijf een oppervlakte van meer dan 1000 km2 hebben. De grootste meren zijn het Bajkalmeer bij Irkoetsk en het Ladogameer bij St.-Petersburg; andere bekende meren zijn de Kaspische Zee en het Aralmeer. De meren en moerassen van de Siberische laagvlakte zijn een gevolg van de gebrekkige drainage en van het voorkomen van bevroren bodems die de infiltratie van smelt- en regenwater tegenhouden. Verder zijn er nog een aantal kunstmatige stuwmeren met een totale oppervlakte van ca. 70.000 km2.

De kanalen dienen vooral de scheepvaart. Via de kanalen van het Wolgasysteem staan de Witte Zee, de Oostzee en de Zwarte Zee met elkaar in verbinding.

Diversen

BAJKALMEER

advertentie

Foto:Aleksandr Zykov Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

Het Bajkalmeer is ongeveer 25 miljoen oud en daarmee mogelijk het oudste meer ter wereld. Het meer heeft een oppervlakte van 31.500 km2 en een kustlijn van 2000 km lengte. Qua oppervlakte is het Bajkalmeer het achtste meer ter wereld.

Het is het diepste meer ter wereld met een diepte van 1600 meter en bevat ca. 31.500 km2 water, evenveel als alle grote Noord-Amerikaanse meren bij elkaar en een vijfde van al het zoete water op aarde.

Er stromen 336 rivieren in het meer uit, maar het heeft maar één afvoerrivier, de Angara. Het meer telt ca. 45 eilanden, waarvan Olkhon het grootste is met zelfs een 1268 meter hoge berg.

KAUKASUS

advertentie

Foto:Jialiang Gao Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De Kaukasus is een gebergte in Rusland, Georgië, Armenië en Azerbeidzjan, ook wel een landbrug tussen de Zwarte Zee en Kaspische Zee genoemd. De Kaukasus wordt verdeeld in de Kleine Kaukasus en de Grote Kaukasus. In de Grote Kaukasus bevinden zich in de hoogste bergen van Europa, de Elbrus (5642 meter), de Dych Taoe (5204 meter), de Kosjtan Taoe (5145 meter) en de Kazbek (5047 meter). Er zijn meer dan 1000 gletsjers waarvan de Bezengi met 18 km de langste is.

KOERILEN-ARCHIPEL

Voor de verre oostkust van Siberië ligt de Koerilen-archipel, 56 eilanden met ca. 100 vulkaantoppen waarvan er nog 38 actief zijn. Ze strekken zich uit over 1200 km van het schiereiland Kamtsjatka tot het Japanse eiland Hokkaido.

Klimaat en Weer

advertentie

Foto:Alex Alishevskikh Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

Rusland heeft over het algemeen een landklimaat, met name de centrale regio’s, maar kent eigenlijk bijna alle soorten klimaten. Alleen een tropisch klimaat komt nergens voor, terwijl het in Centraal Rusland wel warmer kan worden dan aan de evenaar.

In de centrale gebieden zijn grote verschillen te noteren tussen zomer en winter, waarin vaak grote hoeveelheden sneeuw vallen. Opvallend is ook de snelle overgang van winter naar zomer en omgekeerd. Er is wel sprake van een lente en een herfst, maar die zijn in feite van korte duur.

De gemiddelde temperatuur in de hoofdstad Moskou bedraagt in de warmste zomermaand juli 19°C en in de koudste wintermaand januari -9°C.

In het noorden van Rusland en in Siberië heerste en poolklimaat met zeer koude, lange winters en warme, korte zomers. In de stad Irkoetsk bedraagt de gemiddelde temperatuur in januari -20,8°C en 17,9°C in juli. In het uiterste noorden van Siberië zijn minimumtemperaturen van rond de -50°C geen uitzondering. De laagste gemiddelde januaritemperatuur komt voor in Verchojansk in Oost-Siberië (-50°C), waar ook de laagste gemiddelde jaartemperatuur wordt aangetroffen (-16,1°C). In Verchojansk zijn temperaturen geneten van -69°C in de winter tot +32°C in de zomer!

advertentie

Foto:Oleg Bor Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

In het zuiden van Rusland, rond de Zwarte Zee en in de Kaukasus, heerst een subtropisch klimaat, langs de Noordelijke IJszee een ijzig toendraklimaat. De winters zijn hier lang en extreem koud, maar tijdens de korte zomer worden temperaturen boven het vriespunt genoteerd, waarbij het kan voorkomen dat alle sneeuw smelt.

De hoeveelheid neerslag neemt in het algemeen van west naar oost af, behalve aan de kust van de Grote Oceaan en in het bergland aan de grens met Mongolië. De meeste neerslag valt aan de Kaukasische kust van de Zwarte Zee, terwijl in de woestijn- en steppegebieden van Oost-Siberië veel minder regen, soms nog geen 50 mm per jaar.

In het midden van de Europese zone van de Russische Federatie bedraagt de gemiddelde jaarlijkse neerslag meestal tussen de 500 en 600 mm, en dat is minder dan in Nederland. In het binnenland valt de meeste neerslag in voorjaar en zomer, terwijl in het gebied ten oosten van de Zwarte Zee de meeste neerslag in de wintermaanden valt. In het Centraal-Aziatische deel van Rusland zijn de zomers heet en droog. De meeste regen valt hier in de lente.

Een koude valwind, de Bora, komt in de winter voor en de temperaturen blijven dan meestal ver beneden 0°C. Andere lokale winden zijn de Boeran in Zuid-Rusland en Siberië en de Poerga in Noord-Rusland. Beiden worden gekenmerkt doordat koude, continentaal polaire lucht met grote snelheid wordt verplaatst, veelal gepaard gaande met driftsneeuw.

Planten en dieren

Planten

Foto:Brian Jeffery Beggerly Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

De flora van Rusland staat sterk onder invloed van het continentale klimaat. De vegetatie kan van het noorden naar het zuiden verdeeld worden in toendra-, taiga-, loofbos-, steppe- en woestijngebieden.

De toendra strekt zich uit tot enkele honderden kilometers ten zuiden van de Noordelijke IJszee. De arctische toendra, op de eilanden en de noordelijkste delen van het vasteland, is boomloos en er komen zelfs nauwelijks struiken voor. De vegetatie bestaat vooral uit mossen en korstmossen, waaronder rendiermossen. De brede zuidelijke toendra is wat meer begroeid met dwergstruiken op, zoals veengebieden met veenmos voor, vooral (12 soorten) berken (de nationale boom van Rusland), sparren, lariksen, jeneverbessen, heidesoorten en wilgen.

Foto:Elkwiki Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De taiga wordt gekenmerkt door een landschap van naaldbossen met veel meren en moerassen. Spar en grove den domineren veelal, verder naar het oosten treden Larix sibirica, Abies sibirica en Pinus sibirica op. In de ondergroei zijn bosbessoorten kenmerkend, zoals berendruif, veenbes en bosbes. De naaldbossen van de taiga gaat via gemengd bos met zilverberk en ratelpopulier en eik, en in Europees Rusland met haagbeuk en taxus, over in een zone van loofbos, met uiteenlopende bomen als iepen, essen, esdoorns, linden, elzen en in het westen de beuk. Veel van deze bossen zijn echter vernietigd en de moerassen zijn hier voor een goed deel drooggelegd.

Foto:Le Loup Gris Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Een brede gordel van boomsteppen, met vooral eik in het westen en berk in het oosten, vormt een overgang naar de zone van grassteppen, die vooral het gebied van de vruchtbare zwarte aarde beslaat en grotendeels in cultuur is gebracht. In de steppen domineert vedergras, zwenkgras, fakkelgras en alsemsoorten. In het voorjaar, tijdens de regenperiode, verandert de steppe in een kleurig bloementapijt met bol- en knolgewassen, eenjarigen, onder andere Citellus pygmaeus, en door anemoon- en adonissoorten.

Plaatselijk komen zoutmoerassen voor met zoutminnende planten zoals schorrekruid en zeekraal. De vegetatie van de woestijnen is schaars en bestaat, naast alsemsoorten uit enkele zoutminnende planten als Kochia, Camphorosma, Salsola en Anabasis.

Op sommige plaatsen langs de Zwarte Zee en de Kaspische Zee heeft de vegetatie een mediterraan karakter. De Kaukasus heeft een zeer rijke bergplantengroei.

Foto:Fatih.sanli58 Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

De nationale bloem van Rusland is de echte kamille.

Dieren

Foto:Takashi Hososhima CC Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

In het noorden van Rusland en op de eilanden komt een arctische fauna voor, waar knaagdieren de hoofdmoot van de dierenwereld vormen, onder andere lemmingen en woelmuizen. Deze knaagdieren worden bejaagd door poolvossen. Als enig huisdier is het rendier hier te houden. In de zomer broeden vele trekvogels (met name watervogels) op de toendra, onder andere wulpen, kemphanen, snippen, grutto’s, standlopers en plevieren. Langs de kusten van de Noordelijke IJszee komen ijsberen, walrussen, zeehonden, robben en sneeuwhazen en sneeuwuilen voor. De meest algemene roofvogel is de ruigpootbuizerd, terwijl ook de zeearend en de giervalk jagen op leeuweriken, sijzen, zwaluwen, gorzen en blauwborstjes. De steenarend is de nationale vogel van Rusland.

Foto:Robert F. Tobler CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

De taiga ten zuiden van de toendra wordt onder andere gekenmerkt door het voorkomen van wolf, veelvraat, lynx, bruine beer (het nationale dier van Rusland) en eland. Verder komen hier edelhert, ree en talloze soorten pelswild voor, waaronder de sabelmarter, wezel, hermelijn, zilvervos en bunzing.

De taiga is zeer rijk aan vogels, vooral typische bosbewoners als spechten, mezen, vinken, haviken, uilen, rietganzen, haakbekken, kruisbekken en notenkrakers. Bosbessenstruiken produceren hier donkerblauwe vruchten, waarvogels als hazelhoen, goudvink en pestvogel dol op zijn. Onder de roofvogels domineert de bruine kiekendief, maar ook oehoes en sperwers komen veel voor.

Foto:vlod007 Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Het gebied van het gemengde bos en loofbos heeft een typisch Midden-Europese fauna met onder andere edelherten, wilde zwijnen, vossen en dassen. Vóór de uitroeiing was de wisent hier het grootste zoogdier; op bescheiden schaal werd deze opnieuw uitgezet.

De fauna van de boomsteppen is weer afgeleid van die van het loofbos, maar vertoont ook elementen van die van de grassteppen (o.a. de gevlekte soeslik, een soort grondeekhoorn). De dierenwereld van de grassteppen heeft het meest te lijden gehad van de jacht; hoewel de saïga, een steppeantiloop, zich goed hersteld heeft, zijn grote hoefdieren als wilde paarden, en knaagdieren als de bobakmarmot uitgeroeid.

Kleine knaagdieren zijn nog goed vertegenwoordigd; dit is ook het gebied van de sprinkhanenplagen met als voornaamste vijand van de sprinkhanen de roze spreeuw. Knaagdieren spelen ook een grote rol in de zandsteppen, waar o.a. ook de strandleeuwerik voorkomt.

Foto:Jonathan Cardy Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

In de Zwarte Zee komen o.a. haaien, steuren, monniksrobben en tandwalvissen als dolfijnen, tuimelaars en bruinvissen voor, naast ca. 170 vissoorten. De grote binnenzeeën als Kaspische Zee en Bajkalmeer huisvesten vaak een eigenaardige dierenwereld.

Deze beide grootste meren zijn overigens tamelijk verschillend; de Kaspische Zee is sterk verarmd, maar het Bajkalmeer heeft een veel rijkere dierenwereld met 1700 soorten waarvan er ca. 1100 endemisch zijn. Bekendste voorbeeld is de Bajkalrob, de enige zoetwaterrob ter wereld. Ook de olievis komt alleen in het Bajkalmeer voor.

De bodem van het meer wordt bedekt met reuzensponzen, en zwermen algenetende kreeftjes en garnalen houden het water glashelder.

Geschiedenis

Vroege Middeleeuwen

Foto:Publiek domein

Na de Grote Volksverhuizing werd het kerngebied van het latere Russische Rijk door Slavische volken bewoond. Zij waren weer schatplichtig aan de Chazaren, die de karavaanwegen tussen Europa en Azië beheersten.

Sinds de 6e eeuw drongen de uit Scandinavië afkomstige Varjaren (ook wel Rus genaamd) met boten vanuit de Oostzee Rusland binnen en veroverden in de negende eeuw Novgorod en Kiev.

Onder de bezielende leiding van hun beroemde Scandinavische hoofdman Rurik werden verschillende stammen rond Novgorod in 862 samengevoegd. Hierdoor ontstond de naam Rossiya, wat ‘het land van de Rus’ betekent.

Het Rijk van Kiëv (ca. 880-1240)

Foto:Publiek domein

Rurik werd opgevolgd door Oleg, die rond 880 Kiëv veroverde en wordt beschouwd als de werkelijke stichter van de Russische staat. De Varjaren veroverden steeds meer gebieden, maar assimileerden zich als volk met de autochtone Slavische bevolking. In 998 trouwde Vladimir de Heilige met de dochter van de Byzantijnse keizer, Anna. Hierdoor werd de overgang naar een soort staatsgodsdienst, het orthodoxe christendom, bezegeld. Dit was van groot belang voor de latere opbouw van de Russische staat. Vladimirs’ zoon, Jaroslav de Wijze, leidde het rijk van Kiëv-Roes tot 1054 naar een van de rijkste en machtigste in de toenmalige christelijke wereld.

Vanaf 1054 begon de neergang van het rijk door de vele invallen van steppenomaden en door het Slavische stelsel van erfopvolging, wat leidde tot een grote versnippering van het eens zo machtige rijk. In de 13e eeuw was het dan ook al niet meer mogelijk om zich goed te verdedigen tegen belagers die zowel vanuit het oosten als het westen kwamen. Zweden en de Duitse Orde bedreigden Rusland vanuit het noordwesten en Litouwen veroverde onder andere Zwart-Rusland en Polotsk.

Vanuit het oosten vielen in 1237 de Mongolen onder leiding van Batoe Chan Rusland binnen. Binnen enkele jaren werden bijna alle belangrijke steden aangevallen en platgebrand, waaronder Kiëv in 1240. Hiermee kwam er een einde aan het rijk van Kiëv.

Mongolen en Tataren

Foto:Publiek domein

Daniël van Galicië probeerde de Mongolen nog tegen te houden, maar in 1259 volgde een nieuwe inval en staakte Galicië de strijd. Litouwen, dat ook veel Russische vorstendommen veroverd had, wist de Mongolen bij Sinyje Vody een zware nederlaag toe te brengen. Oost-Rusland daarentegen had nog lang te lijden onder de Tataren, die de zaakjes voor de Mongolen opknapten en er een wreed regime op nahielden.

Met name Alexander Nevski, eerder nog vorst van Novgorod, werd als grootvorst van Vladimir vernederd. Na zijn dood werd het land onder zijn zoons verdeeld en werd Daniil deelvorst van Moskou. Daniil en zijn opvolgers wisten het Moskouse rijk behoorlijk uit te breiden en maakten van Moskou de kern van een nieuwe Russische staat.

Het Moskovische rijk

Foto:jimmyweee Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Pas onder Ivan III was er pas sprake van een groot-Russische eenheidsstaat. Hij veroverde de laatste vorstendommen en in 1480 was zijn rijk volledig onafhankelijk van de Tataren. Ondertussen was het Byzantijnse rijk in 1453 gevallen en werd de Russische grootvorst Ivan III wereldlijk hoofd van alle orthodoxe gelovigen. Moskou werd zelfs al het ‘derde Rome’ genoemd. De titel ‘tsaar’ (van Caesar) werd bij de bestijging van de troon door Ivan IV officieel. Rusland werd nu bestuurd door autocraten, en de bojaren (adellijke grootgrondbezitters) werden, zeer tot hun ongenoegen, overvleugeld. Dit leidde tot bloedige conflicten, vooral onder de heerschappij van Ivan IV de Verschrikkelijke (1533-1584). Hij oefende een vreselijke terreur uit ten opzichte van de bojaren maar na zijn kroning tot tsaar in 1547 werd het rustiger in het rijk.

Wel probeerde Ivan zijn grondgebied naar alle kanten toe uit te breiden. In het oosten werden Kazan en Astrakan veroverd, maar in het westen leed Ivan een zware nederlaag tegen de Polen en de Zweden, toen hij probeerde Lijfland te veroveren. De strijd duurde 24 jaar, van 1558 tot 1582.

In de 16e eeuw veranderde ook de positie van de boeren ingrijpend. Het land dat ze bezaten ging naar landheren toe en daarop trokken veel boeren naar onder andere het zuiden en leefden daar als kozakken een vrij onafhankelijk bestaan als halfnomaden. Bekend werd de kozak Jermak, die in dienst van de Stroganov-familie Siberië begon te veroveren.

Tijdens de regeerperiode van Ivan IV startte er ook een geregelde handel tussen Engeland en Rusland en later kwamen daar ook Hollandse kooplieden bij. In 1584 werd Ivan opgevolgd door zijn zwakke zoon Fjodor, die niet kon voorkomen dat de macht uiteindelijk in handen kwam van Boris Goedoenov, die eerst namens Fjodor een regentschap had bekleed. Hij wist een nieuwe oorlog met Zweden te winnen en daardoor gebieden aan de Oostzee terug te veroveren. Na de dood van Fjodor werd Boris officieel staatshoofd van Rusland.

17e eeuw

Foto:Publiek domein

De periode 1604-1613 werd de ‘tijd der troebelen’ genoemd, en begon met een inval vanuit Polen door de troonpretendent Dimitri, de zogenaamde ‘valse Dimitri’. In 1605 overleed Boris Goedoenov en viel Dimitri de troon toe. Helaas voor hem werd hij al snel door bojaren vermoord. Deze hele periode kan gezien worden als een periode van burgeroorlog en totale verwarring. Een nieuwe Dimitri, valse Dimitri II, kondigde zich aan, maar ook hem was geen lang leven beschoren; in 1610 werd hij vermoord.

Na deze roerige periode riep de geestelijkheid steden en edelen op om de handen ineen te slaan en Rusland te redden van de ondergang. Er werd daarop een landsvergadering of ‘zemski sobor’ uitgeroepen en Michael, de zoon van Fjodor Romanov, werd in 1613 tot tsaar gekozen. Onder Michael werd de rust weer snel hersteld. Met Michael kwam er een nieuwe dynastie aan de macht, die der Romanovs.

Michael werd opgevolgd door tsaar Aleksej, terwijl het bestuur in handen was van zijn voogd en gunsteling Morozov. Dit bestuur was echter zo corrupt dat er in 1648 een opstand volgde, wat weer aanleiding was om de wetgeving te hervormen. Door deze nieuwe wetgeving werden met name de lijfeigenen steeds afhankelijker van de staat of van hun meesters. De tweede helft van de zeventiende eeuw stond ook in het teken van een scheuring in de kerk. De zogenaamde ‘raskolniki’ wensten niet mee te gaan met de kerkelijke hervormingen.

Verder werd er nog een Russisch-Poolse oorlog uitgevochten van 1654 tot 1667.

Tijdperk Peter de Grote

Foto:Eino Mustonen Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 no changes made

Vanaf 1689 regeerde tsaar Peter de Grote, de zoon van Aleksej, over Rusland. Hij was vooral op het buitenland gericht, en dan met name op de grootmacht aan de andere kant van de Oostzee, Zweden. Belangrijk hierbij was de Grote Noordse Oorlog (1700-1721). Bij de Vrede van Nystad kreeg Rusland een groot stuk van de Oostzeekust in handen en werd daarmee de belangrijkste mogendheid aan die voor de internationale handel zo belangrijke zee.

Binnenlands werd iedereen nog meer aan de staat gebonden, het bestuursapparaat gemoderniseerd en de kerk volledig onder het gezag van de staat geplaatst. Verder werd Sint-Petersburg de hoofdstad in plaats van Moskou. Onder Peter de Grote werd Rusland de machtigste staat in Oost-Europa.

Tijdperk Catharina II (1762-1796)

Foto:Richard Mortel Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Na een tussenperiode van 37 jaar en zes monarchen greep Catharina II de macht in Rusland. Vanaf die tijd werd ook de lijn van Peter de Grote weer voortgezet. Daarbij hoort ook de sterke concentratie op de westerse, met name Franse, beschaving. De macht van de adel werd onder Catharina steeds verder uitgebreid, terwijl de situatie voor de lijfeigenen steeds hopelozer werd en dicht tegen pure slavernij kwam aan te liggen. Als gevolg hiervan braken er grote boerenopstanden uit in de periode 1773-1775.

In het buitenland boekte Catharina grote militaire successen. Op de Turken werd de Zwarte-Zeekust en de Krim veroverd, in het westen delen van Polen en bovendien werd Koerland ingelijfd. Catharina werd opgevolgd door haar zoon Paul, die in 1799 vrede sloot met de keizer van Frankrijk, Napoleon.

19e eeuw

Foto:Shakko Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Paul werd opgevolgd door Alexander I, die in zijn eerste periode allerlei hervormingen probeerde door te voeren, maar daar totaal niet in slaagde. Als reactie daarop werd de tweede periode van zijn regering gekenmerkt door juist het onderdrukken van de liberale gedachte. In 1825 stierf Alexander plotseling en kwam meteen het ongenoegen van de hogere standen over het regeren van Alexander aan het licht.

Wat de buitenlandse politiek betreft streed hij aanvankelijk samen met Engeland en Oostenrijk tegen de Fransen in de zogenaamde Coalitieoorlogen. In de Vierde Coalitieoorlog leed Rusland in 1807 een nederlaag bij Friedland. Tijdens de vredesonderhandelingen sloot hij vriendschap met Napoleon, zeer tot ongenoegen van de Russische kooplui en handelaren, die hun lucratieve handel met Engeland in gevaar zagen komen.

n 1812 echter viel Napoleon Rusland binnen en Moskou werd korte tijd bezet. De Fransen werden uiteindelijk weer verdreven uit Rusland. Na de Zesde Coalitieoorlog verwierf Rusland bij het Congres van Wenen in personele unie Polen, en verder mocht het Finland behouden.

Nicolaas I (1825-1855) voerde een streng, reactionair bewind waarbij veel groeperingen onderdrukt werden. De buitenlandse politiek van Nicolaas leidde onder andere tot de Krim-oorlog, waarin Rusland een pijnlijke nederlaag leed. Bij de Vrede van Parijs (30 maart 1856) werd Rusland van de Donaumond afgesneden en de Zwarte Zee werd neutraal gebied.

Foto:Publiek domein

Alexander II voerde belangrijke binnenlandse hervormingen door met als belangrijkste wapenfeiten het afschaffen van het lijfeigenschap in 1861 en in 1864 de hervorming van het lokale bestuur.

In 1877 werd de oorlog verklaard aan Turkije. De Turken dreigden Bosnië-Herzegovina, Bulgarije, Servië en Montenegro onder de voet te lopen, waardoor er een nationalistisch-panslavistische stemming in Rusland ontstond. Na een felle strijd met de Turken werden de Turken gedwongen tot de Vrede van San Stefano, die later herzien werd tijdens het Congres van Berlijn in 1878.

Ondertussen hadden de Russen ook niet stilgezeten en veroverden onder andere Tasjkent, Samarkand en het chanaat Chiwa; de chanaten Boechara en Kokand werden Russische vazalstaten (chanaat = vorstendom geregeerd door een chan).

Onder Alexander III werden vrijwel alle hervormingen die zijn voorganger had ingezet, teruggedraaid en elke vorm van oppositie werd hardhandig onderdrukt. Wat de buitenlandse politiek betrof werd er een defensief verbond met Frankrijk gesloten in 1893, terwijl het met het Duitsland van kanselier Bismarck tot een breuk kwam.

20e eeuw

Foto:Publiek domein

Voor Oost-Azië hadden de Russen een economische–militaire imperialistische toekomst in petto. De Russen kwamen daardoor hevig in botsing met Japan, dat economisch-militair steeds sterker werd. Rusland had na de Bokser-opstand in 1900 Mantsjoerije bezet, maar beloofd om dat voor een bepaalde datum te ontruimen.

Dit gebeurde niet en als gevolg daarvan brak er een oorlog met Japan uit die duurde van 1904-1905. Deze oorlog viel onder de eigen bevolking zeer slecht, waarna de Russische regering beloofde een volksvertegenwoordiging, de ‘doema’, in het leven te roepen. In augustus 1905 werd echter bekend dat de bevoegdheden van de doema zeer beperkt zouden worden, en dat leverde weer veel protest op onder de bevolking. De regering koos nu eieren voor haar geld en er werden vergaande burgerlijke vrijheden en democratisch kiesrecht beloofd.

Toen de doema echter stelling koos tegen de regering, volgde meteen een overspannen reactie en de doema werd meteen ontbonden. Er werd een tweede doema opgericht maar deze had nog radicalere standpunten en werd eveneens ontbonden. Ook de derde doema (1907) hield het niet lang vol en ook de vierde doema (1912) raakt steeds meer in conflict met het regime.

Bovendien stelden ook de boeren, arbeiders en intellectuelen zich steeds vijandiger op tegenover de op conservatieve kringen (adel en kapitalisten) steunende regering.

Russische Revolutie

Foto:Publiek domein

Het Russische tsarisme was begin 1917 zeer verzwakt door de nederlagen en verliezen in de Eerste Wereldoorlog en de grote kloof die er ontstaan was tussen grootgrondbezitters en ondernemers en boeren en arbeiders.

Op 17 februari 1917 brak er een broodoproer in Petrograd uit. De machthebbers schakelden het leger in maar de soldaten weigerden in te grijpen. Om de orde te herstellen stelde de doema een uitvoerend comité in, terwijl de arbeiders samen met soldaten raden, de zogenaamde ‘sovjets’, vormden. Als reactie hierop koos de legerleiding de kant van de sovjets, waarna de tsaar aftrad en de macht overdroeg aan zijn broer Michaël. Hij weigerde echter, waarna de doema een voorlopige regering onder leiding van vorst Lvov aanstelde.

De socialisten , verdeeld in revolutionaire socialisten en sociaal-democraten, kregen steeds meer invloed door het oprichten van nog meer sovjets. Deze sovjets organiseerden vele provinciale en een belangrijk landelijk congres, waaruit in juni een centraal uitvoerend comité gekozen werd, dat optrad als officiële vertegenwoordiger van alle sovjets tegenover de voorlopige regering.

De positie van die regering werd ondertussen steeds zwakker, waarbij het plaatselijke bestuur vaak al door de sovjets overgenomen was. Op dat moment waren de doema en de politieorganisatie al verdwenen. Het programma van de voorlopige regering, doorgaan met de oorlog in Europa, geen opheffing van het grootgrondbezit en een liberale staatsvorm, zorgde voor grote onrust.

In april 1917 volgde een demonstratie tegen de oorlogszuchtige minister Miljoekov, waarna duidelijk werd dat de voorlopige regering het niet zou redden zonder de socialisten. Op 5 mei werd er dan ook een coalitieregering gevormd met de gematigde socialisten. Hun beleid werd vanaf het begin bestreden door de leider van de zogenaamde ‘bolsjewieken’, Lenin. Zijn belangrijkste eis was dat alle macht aan de sovjets toekwam.

Toen de minister van Oorlog, Kerenski, toch door ging met oorlogvoeren en vervolgens een zware nederlaag leed in Galicië, brak er in Petrograd een opstand uit onder leiding van de bolsjewieken, die nu alle macht aan de sovjets eisten. Het centrale uitvoerende comité van de sovjets weigerde echter mee te werken en de bolsjewistische partij werd verboden en Lenin vluchtte naar het buitenland. De voorzitter van de belangrijke Petrograder sovjet, Trotski, werd gearresteerd.

Op 27 augustus dreigde er nog een opstand van de opperbevelhebber van het leger, generaal Kornilov. De meeste van zijn soldaten pleegden echter insubordinatie, waardoor deze door liberalen en conservatieven gesteunde poging om een militaire dictatuur te vestigen, mislukte.

Kerenski wist het nu ook niet meer en er ontstond een machtsvacuüm. Boeren namen steeds vaker landgoederen in bezit en fabrieksarbeiders sloten zich massaal aan bij de bolsjewieken, die het in grote steden als Moskou en Petrograd min of meer voor het zeggen hadden. Eind september kondigde Lenin vanuit Finland een gewapende opstand voor, die door Trotski voorbereid werd. Op 25 oktober werden in Petrograd strategische punten bezet door de troepen van Trotski. In Moskou en Zuid-Rusland werd nog wat verzet geboden, maar in feite stuitten de bolsjewieken nergens op grote tegenstand. Op 26 oktober werd het tweede algemene congres van alle sovjets gehouden, waar de bolsjewieken duidelijk in de meerderheid waren. Op voorstel van Lenin werd dan ook de eerste officiële bolsjewistische regering gekozen.

Periode Lenin

Foto:Wwamirhosseinww CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

De afwikkeling van de Eerste Wereldoorlog zorgde voor de nodige problemen. Op 2 december 1917 werd er een moeizame wapenstilstand gesloten. De Duitsers zetten nog een keer aan voor een offensief, maar op 3 maart 1918 werd de Vrede van Brest-Litovsk gesloten, waarmee er einde kwam aan de oorlog aan het oostfront. Lenin was de grote animator achter dit vredesverdrag, zeer tot ongenoegen van een groot aantal bolsjewieken en de linkse sociaal-revolutionairen in de regering.

Om de macht te behouden werden er een aantal decreten uitgevaardigd en de politieke oppositie had het zwaar te verduren, o.a. door censuur en het toepassen van geweld door de geheime politie, de Tsjeka. De echte macht van de bolsjewieken beperkte zich echter alleen tot Centraal–Rusland.

Vanaf de lente van 1918 deden de antibolsjewieken pas echt van zich spreken. Zo veroverde het zogenaamde Tsjechoslowaakse legioen, Siberië, en de oostkust werd bezet door de Amerikanen en de Japanners. Rechtse groeperingen vormden legers maar vonden geen aanhang onder de boerenbevolking, die bang was de eigen grond kwijt te raken. De linkse sociaal-revolutionairen pleegden in juli 1918 een staatsgreep en pleegden diverse aanslagen, wat weer leidde tot een grote activiteit van de geheime politie. Deze burgeroorlog kon echter nooit door de ‘witten’ gewonnen worden, omdat zij te weinig georganiseerd waren en bovendien tegen een leger van 5 miljoen manschappen moesten opboksen.

Rusland was ondertussen ook in oorlog geraakt met Polen door een grensgeschil. Bij de Vrede van Riga, op 12 oktober 1920, werd een definitieve grens vastgesteld.

De ontwikkeling van het communisme, de macht aan het volk, hinkte op twee gedachten. Aan de ene kant werd de industrie versneld genationaliseerd maar aan de andere kant stond een versterkte partijdictatuur de ontwikkeling van de arbeidersmacht danig in de weg. Hierover bestond veel onvrede en dit leidde in maart 1921 tot een opstand in de garnizoensstad Kronstadt. Deze revolutie werd echter bloedig onderdrukt. In 1922 werd tussen de Oekraïense en de Wit-Russische Sovjet-Republieken en de Russische Socialistische Federatieve Sovjet-Republiek een verdrag getekend en de Unie van Socialistische Sovjet-Republieken, de USSR, opgericht.

De onvrede onder grote groepen in de samenleving werd echter steeds heviger en Lenin besloot om wat vrijheden te verlenen, de zogenaamde Nieuwe Economische Politiek (NEP). De NEP had redelijk succes want ondanks aanvankelijke hongersnood en grote werkloosheid werd in 1928 het economische peil van 1913 weer bereikt.

Periode Stalin

Foto:Ephraim Stillberg CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Op politiek gebied was het nog steeds onrustig, en dat verergerde nog toen Lenin in 1922 ernstig ziek werd en de strijd om zijn opvolging begon. Aanvankelijk leek het Trotski te worden maar hij kreeg oppositie van een driemanschap waarvan de secretaris-generaal van de partij, Jozef Stalin, aan het langste eind trok. De strijd om de macht ging echter door; Stalin wilde de NEP-politiek aanhouden en het socialisme in één land nastreven, Trotski wilde een snelle industrialisatie ten koste van de boeren en streefde de permanente revolutie na. Eind 1927 werd Trotski op een zijspoor gezet en nam Stalin diens ideeën over en kwam lijnrecht tegenover zijn vroegere medestanders Boecharin, Rykov en Tomski te staan. Het verzet van deze groep werd in 1929 gebroken waarna één man alle macht in handen had: Stalin.

De buitenlandse politiek van Stalin stond in het teken van de ideologische verbreding van de communistische revolutie, maar ook in een traditionele politiek, waarbij de eigen staat voorop stond. De wereldrevolutie bleef dan ook uit en er werden steeds meer verdragen met andere landen gesloten, waarna erkenning volgde in 1924/1925. In 1921 werd er een verdrag gesloten met Turkije, in 1922 bij het Verdrag van Rapallo met Duitsland, maar na de moorden op communisten werd er een einde gemaakt aan de coöperatie met de regering van de Chinese leider Tjiang K’ai-sjek.

Binnenlands werd in 1928 het eerste vijfjarenplan in werking gesteld, waardoor men probeerde in snel tempo de (zware) industrie op een hoger niveau te brengen. In 1929 werd begonnen met een collectiviteitsprogramma voor de landbouw. De boeren werkten aanvankelijk niet mee en er volgde in 1932/1933 een grote hongersnood en een verlaagde levensstandaard door de geforceerde eenzijdige industrialisatie.

De periode Stalin werd verder gekenmerkt door persoonsverheerlijking en eigen ideeën mocht men er niet meer op nahouden. Na een aarzelende dooiperiode volgde er een periode van staatsterreur door de geheime politie in de periode 1936-1938. Belangrijke voormalige leiders werden veroordeeld en de gehele militaire top werd geliquideerd. Ca. 5% van de bevolking werd getroffen door de terreur.

Tweede Wereldoorlog

Foto:RIA Novosti archive, image #543 / Alpert CC-BY-SA 3.0 no changes made

In de buitenlandse politiek trok men steeds meer naar het westen en niet naar Duitsland en Japan. Er werden zelfs allianties met landen als Frankrijk gesloten en men sloot zich aan bij de Volkenbond.

Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog lukte het de Sovjets niet om samen te werken met de westerse mogendheden tegen het nationaal-socialisme van Duitsland. Toch werd er in augustus 1939 een verdrag gesloten met de Sovjet-Unie; het Molotov-von Ribbentrop-pact. Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak deelden Duitsland en de Sovjet-Unie Polen, viel Rusland tevergeefs Finland aan maar annexeerde in 1940 de Baltische staten. Duitsland bleek echter niet te vertrouwen en in juni 1941 kwamen de twee grootmachten tegenover elkaar te staan.

De Duitse troepen drongen tot Moskou door en sloegen het beleg van Leningrad. Stalin trok op dat moment alle ambten in het land naar zich toe en was op dat moment partijleider, premier en volkscommissaris van Defensie. De Slag om Stalingrad zou de definitieve nederlaag van de Duitsers betekenen, en hierna trokken de Sovjet-legers in snel tempo richting Berlijn. Internationaal kwam de Sovjet-Unie versterkt uit de Tweede Wereldoorlog, want verschillende gebieden werden aan het rijk toegevoegd, waaronder Oost-Polen en het noordelijk deel van Oost-Pruisen. Na het einde van de oorlog in Europa viel de Sovjet-Unie Japan aan in Mantsjoerije en kreeg in het oosten de Koerillen en Zuid-Sachalin in bezit. Belangrijker nog dan deze veroveringen was het feit dat de Sovjet-Unie een beslissende invloed kreeg in de door haar bevrijde landen in Oost-Europa, met uitzondering van Joegoslavië. Alle landen in Oost-Europa kregen een communistisch regime en dat zou decennia lang het wereldnieuws voor een groot deel bepalen.

De naoorlogse periode stond in het teken van de persoonlijke dictatuur van Stalin, waarbij zelfs de communistische partij maar weinig in de melk te brokkelen had. Wetenschap en cultuur waren aan zeer strenge voorschriften gebonden en contacten met het Westen werden gelimiteerd. Zuiveringen en het opsluiten van dissidenten en andere ongewenste personen in zogenaamde ‘gulags’ waren aan de orde van de dag.

Periode Chroestsjov

Foto:Publiek domein

Na dood van Stalin in 1953 ontbrandde er een strijd om de macht tussen Chroesjtsjov, Malenkov en Beria. In maart 1953 werd Chroesjtsjov partijsecretaris en in de jaren 1955-1957 werden zijn tegenstanders op een zijspoor gezet. Op het 20e partijcongres in 1956 rekende Chroesjtsjov af met de periode Stalin en het stalinisme, maar eigenlijk werden alleen de uitwassen van het regime bekritiseerd; het communistische stelsel bleef verder intact. Toch veranderde er voor het gewone volk wel degelijk wat, in die zin dat er wat meer persoonlijke vrijheden kwamen en de veiligheid meer gewaarborgd werd. Dit duurde echter maar kort want deze destalinisatie leidde in Tsjecho-Slowakije tot de ‘Poolse Lente’ en in Hongarije tot de Hongaarse opstand in 1956. De Sovjet-Unie kwam snel op haar schreden terug en de oude situatie was begin 1957 alweer hersteld.

Chroesjtsjov was ondertussen zowel partij- als regeringsleider en zijn tegenstanders waren uit de hoogste partijorganen verdwenen. Zijn economische politiek was steeds meer gericht op de consumptie-industrie en niet langer op de zware industrie.

Wat de buitenlandse politiek betreft waren er een aantal grote crises in de betrekkingen tussen het Oosten en het Westen, met name de Verenigde Staten. Enkele voorbeelden zijn het Suezkanaal (1956), Berlijn (1958) en de Cuba-crisis (1962). Ook de relatie met de andere communistische grootmacht China kwam onder zware druk te staan en leidde in 1963 zelfs tot een breuk. Grensgeschillen leidden o.a. in 1969 tot explosieve situaties die net niet uit de hand liepen. De in het algemeen slechte economische situatie in de Sovjet-Unie en vooral de moeilijke agrarische situatie leidden in 1964 tot de val van Chroesjtsjov.

Periode Brezjnev

Foto:Publiek domein

Hij werd als partijleider opgevolgd door Leonid Brezjnev en als premier door Kosygin. Ook zij wisten echter geen economische doorbraak te forceren, integendeel, de economische problemen stapelden zich steeds meer op.

De periode Brezjnev-Kosygin kenmerkte zich in het binnenland door een definitieve terugkeer naar de repressieve politiek van vóór de destalinisatie. De geheime dienst (KGB) en justitie waren er constant op uit om de zogenaamde ‘democratische oppositie’ subtiel dan wel hardhandig buitenspel te zetten. Vele dissidenten werden ook gedwongen naar het westen te emigreren.

Toch stak de oppositie onder intelligentsia en de (verboden) kerken steeds weer de kop op en kwamen daardoor steeds harder tegenover het partijkader en het leger te staan. Het marxisme-leninisme als ideologie verloor in die jaren onder de bevolking steeds meer terrein, terwijl vooral in militaire kringen het Russisch nationalisme sterk opleefde.

De buitenlandse politiek onder Brezjnev neigde steeds meer naar ontspanning, ondanks de slechte relatie met China en bijvoorbeeld de Sovjetinval in Tsjecho-Slowakije (1968). Met name de relatie met de Bondsrepubliek Duitsland verbeterde aanzienlijk en belangrijk was dan ook de normalisatie in de betrekkingen tussen de Duitse Demokratische Republiek, een vazalstaat van de Sovjet-Unie. Een goed teken was de ondertekening door de Sovjet-Unie van de Slotakte van Helsinki in 1975.

De relatie met de Verenigde Staten was in het begin van de jaren zeventig redelijk goed te nomen onder het presidentschap van Richard Nixon. Na Nixon volgde onder Carter en Reagan weer een afkoelingsperiode die onder andere veroorzaakt werd door de Sovjetexpansiedrift in de derde wereld en ook de positie in het olierijke Midden-Oosten ten opzichte van de Amerikanen. De Sovjetinvasie en de daaropvolgende oorlog in Afghanistan (1979-1989) was een dieptepunt in de relatie tussen de beide grootmachten, en ook de militaire staatsgreep in Polen (1981) deed die relatie geen goed.

Periode Gorbatsjov

Foto:The Official CTBTO Photostream CC Attribution 2.0 Generic no cahnges made

Na de dood van Brezjnev en de tussenpauzen Andropov en Tsjernenko, kwam Michail Sergejevitsj Gorbatsjov aan de macht en hij werd op 11 maart 1985 tot secretaris-generaal van de Communistische Partij benoemd.

Gorbatsjov’s politiek was gebaseerd op openheid (‘glasnost’) en vernieuwing (‘perestroika’). Op het 27e partijcongres in 1986 werd besloten tot een verbetering en vervolmaking van het kiessysteem en verbetering van het werk van de gekozen organen van de volksmacht. Wel bleef de partij de leidende kracht achter dit proces.

Op 10 januari 1988 was het zover: bij tussentijdse verkiezingen voor de Opperste Sovjet was er een keuze mogelijk tussen twee kandidaten voor één zetel in een kiesdistrict. Het waren de eerste vrije verkiezingen sinds november 1917, zij het dat beide personen wel lid waren van de communistische partij. Na het 19e partijcongres volgden in december 1988 grondwetswijzigingen ten aanzien van het kiesrecht, het parlement en de rechterlijke macht. Gorbatsjov werd naast partijleider ook voorzitter van het parlement. Dit parlement zou vanaf deze tijd mede de politiek in Rusland gaan bepalen. Het tot dan toe machtige politbureau verloor steeds meer macht en ook het partijapparaat werd langzaamaan ontmanteld.

Als gevolg van deze ingrijpende ontwikkelingen begonnen in de deelrepublieken allerlei nationalistische stromingen te ontstaan die al snel op volledige soevereiniteit aandrongen. Verkiezingen in deze republieken werden natuurlijk allemaal gewonnen door nationale volksfronten.

Op 11 maart 1990 riep Litouwen eenzijdig de onafhankelijkheid uit. Het Sovjetparlement reageerde hierop door een wet aan te nemen waarin de contouren van een nieuwe federatieve structuur werden vastgelegd. Door een Wet op de Uittreding aan te nemen probeerde men het tij nog te keren, maar dit zou vergeefs blijken te zijn. Estland en Letland ondernamen stappen richting autonomie en in de RSFSR (Rusland) van Boris Jeltsin werd een verklaring aangenomen waarin men zich soeverein verklaarde. In concreto hield dit in dat de RSFSR zelf zou beslissen of een door de Sovjet-Unie aangenomen wet ook op haar grondgebied zou gelden (de zogenaamde wettenoorlog).

Gedwongen door de veranderende omstandigheden verscheen op 24 november 1990 de eerste tekst van het ontwerp van een nieuwe Unie-overeenkomst. Gorbatsjov begon zich in deze periode te omringen met wat behoudende adviseurs en ministers om de macht in het centrum te herstellen. Op 17 maart 1991 werd er een referendum gehouden over het behoud van de Sovjet-Unie en er volgde overleg tussen Gorbatsjov, Jeltsin en de leiders van de acht overige republieken.

Dit overleg leidde op 23 april tot een overeenkomst tussen Gorbatsjov en de republieken. De nieuwe tekst van de Unie-overeenkomst zou op 20 augustus ondertekend worden, maar zover kwam het niet. Op 17 augustus besloten de conservatieve leiders van de republieken tot een coup, die echter zeer slecht was voorbereid en door de geringe medewerking van het leger mislukte. Het moedige optreden van Jeltsin, die in juni 1991 al tot president van de Federatie gekozen was, zou van belang zijn voor de verdere geschiedenis van Rusland.

Het gevolg was echter wel dat de republieken de conclusie trokken dat de Sovjet-Unie niet meer bestond. Op 5 september ging het Congres van Afgevaardigden hier mee akkoord en stelde een overgangstijd voor. Verder erkende de Sovjet-Unie de onafhankelijkheid van de drie Baltische staten.

Op dat moment werd er onderhandeld over een Economische Gemeenschap, maar de Oekraïne had grote aarzelingen. Ten tijde van de coup in augustus had deze belangrijke republiek zich al onafhankelijk verklaard en had daarvoor een referendum uitgeschreven. De bevolking stemde massaal vóór en de Oekraïne verklaarde zich meteen officieel onafhankelijk, daarmee feitelijk een einde makend aan het bestaan van de Sovjet-Unie.

Rusland, Oekraïne en Belarus (Wit-Rusland) richtten eind december de Slavische Bond op, die op 21 december werd uitgebreid met de meeste andere republieken tot het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (Sodruzjestvo Nezavisimych Gosudarstv). In het zuiden van Rusland riepen de Tsjetsjenen in 1991 de republiek Tsjetsjenië uit.

Periode Jeltsin

Foto:Publiek domein

Op 25 december 1991 trad president Gorbatsjov af en de Sovjet-Unie werd op 1 januari 1992 officieel opgeheven. Op die datum werd de Russische Federatie officieel een onafhankelijke staat.

Jeltsin nam meteen enkele forse economische beslissingen; zo werd de staatscontrole op prijzen losgelaten en werden staatsbedrijven geprivatiseerd. Met name de eerste maatregel leidde wél tot een hyperinflatie, waardoor de belabberde economische situatie niet erg verbeterde.

In maart 1993 diende het Volkscongres een motie van wantrouwen in richting Jeltsins economische en politieke hervormingen, maar de benodigde tweederde meerderheid werd net niet gehaald. Een referendum omtrent deze zaken pakte wel gunstig voor Jeltsin uit, waardoor hij zijn positie aanzienlijk versterkte. De crisis rond Jeltsin duurde echter voort want in september ontzegde het congres Jeltsin het recht op o.a. wetgeving. In een stemming werd voor de afzetting van Jeltsin gestemd en vice-president Alexandr Roetskoj werd president. De nieuwe president en parlementsvoorzitter Chasboelatov riepen zelfs op tot een opstand tegen Jeltsin. Gewapende aanhangers van beide figuren bezetten het stadhuis en het televisiecentrum van Ostankino op 3 oktober 1993.

Jeltsin-getrouwe troepen maakten snel een einde aan de opstand en Roetskoj en Chasboelatov werden gevangengenomen. In december werden er weer verkiezingen gehouden en een referendum. Er werd tevens een nieuwe grondwet aangenomen die de president nog meer bevoegdheden gaf. Ook de communisten en ultrarechts kregen veel stemmen waardoor de regering steeds conservatiever werd. Tekenend was dat in januari 1994 twee belangrijke hervormers, Gajdar en Fjodorov, het veld moesten ruimen.

In februari werden alle personen die bij pogingen tot staatsgreep in 1991 en 1993 gevangenzaten, vrijgelaten. Tsjetsjenië stond in 1994 ook weer volop in het nieuws. In de tweede helft van 1994 ontstond er een conflict tussen de Tsjetsjeense president Doedajev en de pro-Russische oppositie. Jeltsin stelde een ultimatum maar eind december trokken Russische troepen Tsjetsjenië binnen en vonden er bloedige gevechten plaats. Als wraak gijzelden Tsjetsjeense rebellen in juni 1995 ca. 1500 mensen van de Russische stad Boedjonnovsk. Russische veiligheidstroepen probeerden de gijzeling te beëindigen maar daarbij vielen wel ca. 100 doden.

Eind juli trokken de Russische troepen zich terug, hoewel er over de soevereiniteitsvraag nog lang geen overeenstemming bereikt was. In juni 1994 sloot Rusland zich aan bij het Partnerschap voor de Vrede van de NAVO, maar bleef zich wel sterk verzetten tegen uitbreiding van de NAVO met de toetreding van enkele voormalige Oostbloklanden.

Verkiezingen voor de Doema in 1995 lieten duidelijk zien hoe groot de onderlinge verdeeldheid was. De communisten en de ultra-nationalistische Liberaal-Democratische Partij behaalden veel stemmen als gevolg van de steeds slechter wordende sociaal-economische toestand waar het land in verkeerde.

De economische crisis hield aan ondanks de stijging van de industriële productie en de groei van de economie in 1995. De belangrijkste reden hiervoor was dat de overheidstekorten niet te lijf weerden gegaan met het simpel bijdrukken van geld. Ondanks geruststellende cijfers van de overheid was algemeen bekend dat meer dan 40% van de beroepsbevolking werkloos was.

De presidentsverkiezingen van juni en juli 1996 werden weer gewonnen door Jeltsin, die in de tweede ronde de communist Zjoeganov versloeg. Jeltsin ging weer verder met economische hervormingen maar het enige wat enigszins lukte was het terugdringen van de inflatie. Om de hervormingen onverkort door te laten gaan werd in 1997 Anatoli Tsjoebais tot vice-premier en minister van Financiën en Boris Nemtsov tot vice-premier benoemd. De strijd in Tsjetsjenië was ondertussen gewoon doorgegaan en in april 1996 vond rebellenleider Doedajev de dood. In augustus werd er een wapenstilstand gesloten en op 12 mei 1997 volgde de ondertekening van een vredesverdrag. Eind februari 1996 was Rusland al lid geworden van de Raad van Europa.

In maart 1998 ontsloeg Jeltsin zonder nadere aankondiging het voltallige kabinet van premier Tsjernomyrdin.

De Russische Federatie speelde in 1999 in de Kosovo-crisis een belangrijke rol. De Russen waren nauw betrokken bij de onderhandelingen tussen de Serviërs en de Kosovaren tijdens de onderhandelingen in februari en maart in Rambouillet en Parijs. Rusland stond duidelijk aan de kant van de Serviërs, en was dan sterk gekant tegen de NAVO-luchtacties boven Servië na het mislukken van de onderhandelingen. Uiteindelijk zouden de Russen een belangrijke rol spelen bij het vinden van diplomatieke oplossing van het conflict.

Op 6 mei ging Rusland akkoord met de voorwaarden voor de stopzetting van de bombardementen. Servië verloor daarmee een van zijn belangrijkste medestanders en er zat niets anders op dan de eisen van de G8 begin juni op te volgen. Om de vrede te bewaren stuurde Rusland meer dan 3600 militairen naar Kosovo.

Periode Poetin eerste twee presidentschappen

Foto:Kremlin.ru Creative Commons Attribution 3.0 Unported no changes made

Op 12 mei 1999 ontsloeg president Jeltsin premier Primakov en al zijn ministers. Minister van Binnenlandse Zaken en eerste vice-premier Stepasjin werd door Jeltsin aangewezen als opvolger, maar deze werd op 9 augustus plotsklaps ontslagen.

Jeltsin droeg daarop het hoofd van de geheime dienst en voorzitter van de presidentiele Veiligheidsraad, Vladimir Poetin, aan als opvolger van Stepasjin. Tevens wees hij Poetin aan als zijn beoogde opvolger.

De Doema-verkiezingen van 19 december 1999 werden glorieus gewonnen door Poetin en zijn Eenheid-partij. Poetin was populair onder de bevolking door de harde aanpak van de problemen in de opstandige Republiek Tsjetsjenië.

Op 31 december 1999 maakte president Jeltsin volkomen onverwacht zijn aftreden bekend en benoemde premier Poetin tot waarnemend president.

Op 26 maart 2000 vonden er presidentsverkiezingen plaats en Poetin werd met een absolute meerderheid van stemmen tot president gekozen en op 7 mei beëdigd. Poetin benoemde Michaïl Kasjanov tot premier.

Poetin’s prioriteit was de versterking van het centrale staatsgezag en het handhaven van de wet. Hij wilde hierdoor de macht van de regio’s en de autonome republieken beperken, uiteraard met als schrikbeeld Tsjetsjenië in het achterhoofd. Hij richtte op 13 mei per decreet zeven federale districten op om toezicht te houden op de naleving van de federale wetten.

Op 28 juni presenteerde de nieuwe regering een hervormingsprogramma, waarin de hervorming en vereenvoudiging van het belastingstelsel, de modernisering van het bankwezen en de vergroting van het toezicht op geprivatiseerde monopoliebedrijven, zoals Gazprom, centraal stonden.

Verder verklaarde Poetin de oorlog aan de 'oligarchen', de groep zakenlieden die onder Jeltsin het grote geld hadden verdiend en grote politieke invloed hadden verworven. De belastingdienst en justitie begonnen onderzoeken naar verschillende magnaten, die werden verdacht van verduistering en belastingontduiking.

Op 12 augustus zonk de Koersk, een atoomonderzeeboot van de Russische marine, tijdens oefeningen in de Barentsz-zee. De Russische autoriteiten raakten door het ongeval ernstig in opspraak en pas eind oktober slaagden duikers erin twaalf lijken uit de onderzeeboot te halen.

De Russische pogingen het verzet in de afvallige autonome republiek Tsjetsjenië te breken, mislukten. Informele contacten met de Tsjetsjeense president, Aslan Masjadov, leidden uiteindelijk niet in onderhandelingen. De door Rusland geïnstalleerde lokale regering wist geen gezag te verwerven, waardoor Russische militairen en Tsjetsjeense rebellen de bloedige strijd in alle hevigheid voortzetten. De rebellen waren niet alleen in Tsjetsjenië zelf actief. In maart 2001 kaapten zij in Turkije een Russisch verkeersvliegtuig en ontploften in Zuid-Rusland drie autobommen.

Toch nam de internationale steun voor het Russische optreden in Tsjetsjenië toe, maar dat was louter een gevolg van de aanslagen van 11 september op het World Trade Center in New York en het Pentagon in Washington. Bij zijn steunbetuiging aan de strijd tegen het internationaal terrorisme zei president Poetin dat de oorlog in Tsjetsjenië hierbij niet buiten beschouwing kon blijven. Ook daar ging het volgens hem om terrorismebestrijding. President Bush riep in navolging van Poetin de Tsjetsjeense rebellen op hun contacten met internationale terroristen te verbreken. Ook binnen Rusland groeide de steun voor het militaire optreden in Tsjetsjenië na 11 september.

Rusland ontwikkelde zich in 2001 tot een belangrijke strategische partner van het Westen en ook dit was te danken aan de terroristische aanslagen van 11 september op de Verenigde Staten. Na de aanslagen zegde president Poetin steun toe aan de internationale campagne tegen het terrorisme en stemde volledig in met de Amerikaanse luchtaanvallen op Afghanistan. Tijdens een bezoek aan Duitsland riep Poetin op tot de oprichting van een nieuw veiligheidsstelsel, met daarin belangrijke rollen voor Europa en Rusland. Ook met de NAVO werd de samenwerking verdiept. Poetin nuanceerde het Russische verzet tegen de uitbreiding van de NAVO en ook de banden met de Verenigde Staten werden aangehaald.

De relatie met China, de grootste afnemer van Russische wapensystemen, werd ook steeds beter. Beide landen sloten op 16 juli een vriendschapsverdrag.

President Poetin handhaafde zijn sterke politieke positie en bleef ook bij het gewone volk populair, ondanks de uitzichtloze oorlog in Tsjetsjenië. In de Doema beschikte hij over een geruststellende meerderheid van leden die hem goed gezind waren. Het werd nog beter voor hem toen in februari Eenheid en Vaderland-Heel Rusland (OVR) fuseerden en verder gingen onder de naam Verenigd Rusland.

De waardering voor zijn doortastende optreden tijdens het gijzelingsdrama in Moskou, in oktober, deed zijn waarderingscijfer in november volgens een opiniepeiling zelfs stijgen tot een recordhoogte van 83%. Op 23 oktober overvielen 50 Tsjetsjeense rebellen een musicaltheater in Moskou en gijzelden meer dan 750 bezoekers. De rebellen eisten de beëindiging van de oorlog in Tsjetsjenië en de onmiddellijke terugtrekking van het Russische leger.

President Poetin hield dit jaar vast aan zijn pro-westerse koers, die hij had ingezet na de aanslagen van 11 september 2001. Tijdens het staatsbezoek van de Amerikaanse president Bush aan Moskou ondertekenden beide presidenten op 24 mei een verdrag ter vermindering van hun nucleaire arsenalen. Rusland kwam ook niet in verzet tegen de uitbreiding van de NAVO, waartoe het bondgenootschap in november 2002 besloot.

Foto:Kremlin.ru Creative Commons Attribution 3.0 Unported no changes made

Rusland zette het plan door om via een nieuwe grondwet en de verkiezing van een nieuwe president het conflict in Tsjetsjenië te beëindigen. Op 23 maart werd een referendum gehouden over de nieuwe grondwet, die bepaalde dat Tsjetsjenië onverkort deel bleef uitmaken van Rusland. 96% van de kiezers stemde vóór de wet, die Rusland verder meer zeggenschap zou geven in de autonome republiek. De kiezers stemden eveneens massaal in met de verkiezing van een nieuwe president en een nieuw parlement.

Mensenrechtenorganisaties bekritiseerden het referendum, onder meer omdat in Tsjetsjenië gelegerde Russische soldaten hun stem mochten uitbrengen. Op 5 oktober werden presidentsverkiezingen gehouden, en Achmed Kadirov, gesteund door Moskou, kreeg 81% van de stemmen.Tekenend voor de situatie was wel dat de belangrijkste tegenkandidaten zich nog voor de verkiezingen teruggetrokken. Rebellenleider Aslan Masjadov, de wettig gekozen president van Tsjetsjenië, had het Russische plan verworpen.

Poetin bleef ook in 2003 populair. Een opiniepeiling in juli wees uit dat, als op dat moment presidentsverkiezingen zouden worden gehouden, hij op 49% van de stemmen kon rekenen. De communist Gennadi Zjoeganov zou niet verder gekomen zijn dan 13%. Op 18 december verklaarde Poetin zich herkiesbaar te zullen stellen voor de presidentsverkiezingen van 14 maart 2004.

Rusland verzette zich in de maanden voor de Brits-Amerikaanse interventie tegen militair optreden door de Verenigde Staten tegen Irak. Volgens Moskou dienden de VN-wapeninspecteurs zoveel tijd te krijgen als zij nodig hadden om massavernietigingswapens te vinden. Rusland zou dan zijn veto uitspreken over een resolutie van de Veiligheidsraad die de weg zou vrijmaken voor militair ingrijpen.

Op 23 mei stemde Rusland in met resolutie 1483 van de VN-Veiligheidsraad. De resolutie erkende de Brits-Amerikaanse bezettingsautoriteit en voorzag in de aanwijzing van een speciale VN-gezant voor Irak. De top van Bush en Poetin op 26 en 27 september benadrukte nog eens dat de kwestie-Irak de onderlinge betrekkingen niet had geschaad. Zo nam Poetin afstand van de Franse eis om de soevereiniteit zo snel mogelijk aan de Irakezen over te dragen. De overdracht was volgens hem een complexe zaak en dat had meer tijd nodig.

Op 7 december werden er parlementsverkiezingen gehouden. Verenigd Rusland behaalde 37,57% van de stemmen, de communisten (KPRF) 12,61%, de Liberaal-Democraten van Zjirinovski 11,45% en het Moederland Blok 9,02%. De overige partijen haalden de kiesdrempel van 5% niet. De uitslag was een zware tegenvaller voor de oppositie, want de communisten verloren de helft van hun kiezers en de hervormingsgezinde partijen Jabloko en SPS halden de kiesdrempel niet eens en verdwenen uit de Doema. Poetin versterkte zijn positie, want Verenigd Rusland, de pro-presidentiële partij, behaalde 223 van de 450 zetels. Met behulp van twee Poetin welgezinde partijen leek de tweederde meerderheid die nodig is voor grondwetswijzigingen, binnen handbereik.

Het was allang duidelijk dat Poetin bij de presidentsverkiezingen op 14 maart zou worden herkozen. Hij kreeg 71,2 procent van de stemmen. Kort ervoor had hij zijn minister-president Michail Kasjanov en diens regering ontslagen, die hem bijna vier jaar had gediend, maar zich altijd als relatief onafhankelijk tegenover Poetin had opgesteld.

Waarnemers zagen het ontslag vooral als een verkiezingsstunt om kleur te geven aan een saaie presidentscampagne. Op 1 maart droeg hij de relatief onbekende bestuurder Michail Fradkov als premier voor en op 5 maart keurde de Doema de benoeming van de premier goed.

Op 9 mei werd bij een bomaanslag in het stadion van de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny de pro-Russische president van Tsjetsjenië, Achmed Kadirov, gedood. De aanslag werd waarschijnlijk gepleegd door Tsjetsjeense rebellen en betekende een zware klap voor het Tsjetsjenië-beleid van Poetin.

Poetin heeft nog steeds veel goodwill bij het grootste deel van de Russische bevolking, omdat velen in hem een sterke leider zien, en hij het economisch tij meeheeft: de Russische economie is heden ten dagen een van de sterkst groeiende ter wereld, al heeft deze wel een klap gekregen door de Yukos-affaire en is de economie volgens velen nog te sterk gericht op delfstoffen als olie en gas.

Tijdens het presidentschap van Poetin is wel vooruitgang geboekt met betrekking tot de landbouw. Eind 2005 ontstond het Russisch-Oekraïens gasconflict, dat ook enkele landen in Europa trof en wat sommige waarnemers ertoe bracht te zeggen dat Rusland de greep op zijn"nabije buren" probeert te versterken. De Russische economie is in toenemende mate gericht op India en China, waar onder andere veel vraag is naar Russische grondstoffen, wapentuig en kernenergietechnologie. Ook trekken veel Chinezen naar zuidelijke Siberische steden, wat sommige nationalisten ertoe brengt te spreken van een"invasie", maar andere prognoses geven aan dat de immigratie minder snel gaat als eerder gedacht.

Problemen zoals Tsjetsjenië, de negatieve bevolkingsgroei, de deplorabele staat van het Russische Leger (met onder andere de voortdurende problematische dedovsjtsjina), het nationaliteitenprobleem, de misdaad (zoals maffiagroeperingen) en het terrorisme zijn echter nog lang niet opgelost en kunnen vroeg of laat opnieuw op de voorgrond kunnen treden. Onder Poetin groeide verder de corruptie tussen 2001 en 2006 naar het zevenvoudige van de situatie van voor zijn presidentschap.

Period Medvedev

Foto:Government.ru Creative Commons Attribution 4.0 International no changes made

Poetin werd geacht af te treden na zijn tweede ambtstermijn in 2008. Verschillende groepen binnen Rusland hebben wel geprobeerd om Poetin te doen overwegen om alsnog een derde ambtstermijn te aanvaarden door de grondwet te veranderen, voornamelijk uit angst dat Rusland na het aftreden van Poetin in elkaar zal storten. Uit de Russische presidentsverkiezingen van mei 2008 is Poetin's geestverwant en partijgenoot Dmitri Medvedev als winnaar naar voren gekomen. Poetin zal het premierschap onder hem op zich nemen, en zoals door de partij wordt gezegd, als zijn grote broer optreden. Daarmee wordt het tijdperk Poetin feitelijk voortgezet.

In augustus 2008 loopt het conflict met Georgië uit tot een militair treffen. Na een week van vijandelijkheden tekenen de partijen een vredesovereenkomst. Rusland erkent wel de afvallige provincies Zuid-Ossetië en Abchazië. In januari 2009 stopt Rusland de gaslevering aan de Oekraïne. Uiteindelijk en na veel druk sluiten beide landen een nieuwe overeenkomst voor een periode van tien jaar. In juli 2009 sluiten Medvedev en Obama een overeenkomst om de voorraad kernwapens te beperken. Eind 2009 en begin 2010 zijn er zelfmoordaanslagen door moslim militanten uit de Kaukasus.

In juni 2010 bezoekt Medvedev Obama in het Witte Huis, de sfeer tussen beide leiders is ontspannen. In oktober 2010 ontslaat Medvedev de populaire burgemeester van Moskou, Juri Luzhov.

Periode Poetin derde en vierde presidentschappen

Foto:Kremlin.ru Creative Commons Attribution 3.0 Unported no changes made

In maart 2012 wordt Poetin weer tot president gekozen en in mei 2012 benoemt hij Medvedev tot premier. In augustus 2012 worden leden van de punkgroep Pussy Riot veroordeeld tot 2 jaar cel, de EU en mensenrechten organisaties protesteren tegen dit vonnis. In december 2013 is Poetin bezig met een charme offensief. Hij geeft zijn voormalige tegenstander Khodorkovski gratie en laat opvarenden van de Arctic Sunrise onder wie twee Nederlanders vrij. Er wordt verband gelegd met de Olympische spelen Van Sochi in februari 2014. Net na de olympische spelen breekt de crisis rond de Oekraïne uit. Rusland grijpt in om volgens eigen zeggen haar burgers in de Krim te beschermen. De Verenigde Staten en de EU kondigen sancties aan wanneer Poetin zijn troepen niet terugtrekt. In mei 2014 sluit Gazprom een deal met China om dat land 30 jaar van olie te voorzien. Het westen ziet dit als antwoord van Poetin op de dreigende sancties.

In juni en juli 2014 krijgt Rusland veel kritiek over wapenleveranties aan de pro Russische separatisten. Vooral het drama rond het neerhalen van het Maleisische verkeersvliegtuig met 298 passagiers aan boord waaronder 194 Nederlanders wordt Rusland zwaar aangerekend wegens vermeende leverantie van zware wapens. In februari 2015 wordt oppositieleider Boris Nemtsov doodgeschoten voor het Kremlin. Vanaf september 2015 intervenieert Rusland in het conflict in Syrië met luchtaanvallen. Turkije haalt in november 2015 een Russisch vliegtuig neer, met spanningen en wederzijdse sancties tot gevolg. In september 2016 vergroot Poetin zijn meerderheid bij de parlementsverkiezingen. De Eu houdt in juni 2017 de sancties aan tegen Rusland vanwege de rol van het land in het Oekraïne conflict. Poetin brengt in december 2017 een bezooek aan Syrië en verklaart dat de Russische strijdkrachten hun taak hebben volbracht. Het Olympisch commitee sluit Rusland uit als land van de winterspelen van 2018 vanwege het door de staat gesteunde dopingprogramma van Sochi. In mei 2018 wordt Vladimir Poetin ingehuldigd voor de vierde termijn als president nadat hij minder belangrijke kandidaten bij de verkiezingen in maart versloeg. In 2020 kondigt president Poetin plannen aan om de grondwet te wijzigen voor het einde van zijn presidentiële termijn in 2024 en ontslaat hij de regering. In augustus 2020 werd de Russische oppositiepoliticus Alexei Navalny vergiftigd met een Novichok-zenuwgas en overgebracht naar een Duits ziekenhuis.

Bevolking

Samenstelling

Foto:unknown Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Ca. 77,7% van de totale bevolking van Rusland bestaat uit Russen (2017). Verder wonen er verspreid over het enorme land nog zo’n honderd kleinere volken, waarvan de grootste en bekendste de Tataren (3,7%) en de Oekraïners (1,4%) zijn. Fins-Oegrische volken wonen in het noordoosten van het Europese deel, in het Wolga-Kamagebied en verder oostelijk. De Mongolen leven bij het Bajkalmeer en de Kaspische Zee en de Toengoezen leven in het gebied tussen Jenisej en Lena, tussen Lena en de Zee van Ochotsk en in het stroomgebied van de Indigirka.

Van de noordelijke volken zijn de Nenets (35.000) uit de streek van Archangelsk het talrijkst, gevolgd door de Evenki (30.000) van de regio Krasnojarsk, de Eveni (17.000) van de Enisej en de Tsjoektsjen (15.000) van het noorden van Kamtsjatka.

Van de Dolgans op het schiereiland Tajmyr zijn er nog geen 7000 over en andere groepen zijn nog kleiner: de Nganasans van Tajmyr (1300), de Jenets van de Neder-Enisej (200), de Joekaghir van Kolyma (1100), de Inuit van de Beringstraat (1700), de Aleoeten van Kamtsjatka (700) en de Nivkhs (4600) en de Oroks (700) van Sachalin.

Spreiding

Foto:Pawel Maryanov Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Het grootste deel van de bevolking woont in het Europese deel van Rusland; het dunst bevolkt zijn de landsdelen ten oosten van de Oeral en het noorden van Europees Rusland. Het centrum, rond Moskou gelegen, heeft de hoogste totale bevolkingsdichtheid.

Van de bevolking woont 74,4% in een stedelijk gebied, maar dit percentage verschilt sterk per regio: in Centraal-Rusland woont maar liefst 83% van de bevolking in de steden, in de Noord-Kaukasus is dat maar 57%. De belangrijkste twee steden zijn Moskou (10,5 miljoen inwoners) agglomeratie: 12,4 miljoen) en Sint-Petersburg (5,4 miljoen inwoners).

Er wonen in Rusland ruim 8 personen per km2 en daarmee is Rusland van de grootste landen na Canada het land met de laagste bevolkingsdichtheid.

Demografische gegevens

In Rusland woonden in 2017 142.527.519 inwoners, en daarmee het qua bevolkingsaantal het tiende land ter wereld. De economische en sociale veranderingen in de jaren negentig zorgden voor negatieve demografische ontwikkelingen. De bevolking vergrijst door een dalend geboortecijfer (in 2017: 11per 1000 inwoners) en een stijgend sterftecijfer (in 2017: 13 per 1000 inwoners).

De verslechterende sociaal-medische omstandigheden (waaronder drank- en drugsgebruik) zijn terug te zien in de relatief lage gemiddelde levensverwachting, vooral voor mannen: in 2017 63,5 jaar voor mannen en 77,1 jaar voor vrouwen. Russen die in de jaren negentig terugkeerden uit andere voormalige sovjetrepublieken zorgden enige tijd voor een balans, maar in 2004 was het immigratiesaldo gedaald tot 1,02% per 1000 inwoners. Ze verlieten vooral de crisisgebieden van naburige landen als Tadzjikistan, Georgië en Azerbeidzjan.

Leeftijdsopbouw bevolking

0-14 jaar 17,1%

15-64 jaar 68,7%

65+ 14,2%

Bevolkingsgroepen

De Rusissche Federatie telt meer dan 120 verschillende

nationaliteiten en etnische groeperingen.

Russen 77,7%

Tataren 3,7%

Oekraïners 1,4%

Overigen 17,2%

Taal

Foto:Felipe Menegaz, Peter Fitzgerald CC 4.0 International no changes made

De Russische taal behoort tot de Oost-Slavische talen, samen met het Oekraïens en het Wit-Russisch. Naast de meeste inwoners van Rusland, spreken ook veel inwoners van voormalige Sovjet-republieken nog steeds Russisch als tweede taal. Ook enkele miljoenen immigranten over de hele wereld, bijvoorbeeld in Israël, spreken Russisch. Russisch behoort tot de top-tien van talen met de meeste sprekers, in totaal zo’n 275 miljoen.

Pas in de 13e eeuw ontwikkelde het Russisch zich als afzonderlijke taal. Het tegenwoordige Russisch kreeg in het begin van de 19e eeuw haar huidige vorm, en is een combinatie van zuiver Russische en Kerk-Slavische elementen. Veel vreemde woorden deden hun intrede, onder andere uit het Grieks, Latijns, Pools, Duits, Frans en ook het Nederlands. De Russische dialecten verschillen niet veel van elkaar. Men onderscheidt een noordelijke dialectgroep, een middengroep en een zuidelijke groep.

Behalve het Russisch, de officiële taal van de Russische Federatie, en haar dialecten, worden ca. 150 andere talen gesproken, zowel uit de Indo-Europese taalfamilie (Slavische talen) als uit de Altaïsche en de Fins-Oegrische taalgroep.

Het Cyrillische alfabet kent 33 letters, waarvan er maar vijf een exacte equivalent hebben in het Nederlands.

Elke Russische klinker kan op twee manieren (hard en zacht) worden uitgesproken, en er zijn verschillende medeklinkers die geen equivalent kennen in het Nederlands.

Sommige letters kunnen op verschillende manieren worden uitgesproken, afhankelijk van hun positie binnen een woord.

Het Russisch kent net als het Duits naamvallen, maar in het Russisch zijn het er zes in plaats van vier. De vormveranderingen die het gevolg zien van al die naamvallen zijn ingrijpender dan in het Duits.

Lastig ik ook dat de klemtoon van en woord kan verspringen wanneer dat woord vervoegd of verbogen wordt. Dit alles maakt het Russisch geen gemakkelijke taal om te leren.

Enkele woorden en uitdrukkingen

Alstublieftposháloeista
Dank uspasíbo
Goedemorgendóbroje oétro
Goedenavonddóbry vétsjer
Goedendagdóbry djenj
Hotelgostinitsa
jada
Neenjet
Museummoeséj
Toilettoealét
Uitgangwychod
Bierpiewo
Waterwoda
Koffiekòfji
Theetsjaj
Melkmalaká
Autobusavtóboes
Taxitaksí
Treinpójezd

Godsdienst

Foto:Publiek domein

De Russisch-orthodoxe Kerk (Russkaya Pravoslavnaya Tserkov) is uit het Byzantijnse (Grieks Orthodoxe) geloof ontstaan. De Russische vorst Vladimir I van Kiev wilde met Anna, de zuster van de Byzantijnse keizer, trouwen. Hij kreeg echter geen toestemming omdat hij een ‘heiden’ was en werd gedwongen zich eerst te laten dopen en het orthodoxe geloof aan te nemen. Vladimir en zijn hele volk werden in 988 orthodox gedoopt en daarna mocht hij met Anna trouwen.

In 1448 werd de Russisch-orthodoxe Kerk onafhankelijk van het patriarchaat van Constantinopel en werd tot 1905 als enige staatskerk in Rusland erkend. De Russisch-orthodoxe kerk is nu de grootste van alle oosterse kerken met ongeveer 100 miljoen leden; hiertoe behoren ook de Witrussisch orthodoxe Kerk en de Orthodoxe Kerk van Oekraïne. De patriarch (ook: metropoliet of aartsbisschop) van Moskou staat sinds 1589 aan het hoofd van de Russisch-orthodoxe Kerk.

Tijdens en na de Russische Revolutie van 1917 werd de vrijheid van de kerk in Rusland steeds verder aan banden gelegd en priesters, bisschoppenen gelovigen gevangen genomen. In 1938 waren bijna alle kerken in de Sovjet-Unie gesloten. In 1961 trad de Russisch-orthodoxe Kerk toe tot de Wereldraad van Kerken en na 1990 mochten er weer nieuwe kerken en kloosters gebouwd worden. Ook godsdienstonderwijs werd weer mogelijk en de scheiding tussen kerk en staat werd in 1997 officieel in de wet vastgelegd.

In 2002 werd een plechtige dienst gehouden ter gelegenheid van de legging van de eerste steen van de nieuwe Russisch-orthodoxe kerk in Rotterdam, het eerste originele Russisch-orthodoxe kerkgebouw in Nederland.

Foto:Dudva Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Veel van de liturgie en riten van de Russisch-orthodoxe Kerk komen overeen met die van de andere Oosters-orthodoxe Kerken, zoals de Grieks-orthodoxe Kerk. Zo slaan Russisch-orthodoxen ook een kruis van het voorhoofd, via de rechterschouder naar de linkerschouder. In de jaren '50 van de 17e eeuw voerde de toenmalige patriarch van Moskou, Nikon, hervormingen door in de Russisch-orthodoxe leer. Zo moeten de gelovigen voortaan weer met 3 vingers een kruisteken slaan in plaats van met twee. Veel gelovigen zijn tegen deze hervormingen en onder leiding van protopope Avvakum scheiden zij zich af van de Russisch-orthodoxe kerk van Nikon. Zij noemen zichzelf oudgelovigen. De Russisch-orthodoxe kerk deed hen echter in de ban en noemde hen schismatici. De banvloek werd pas in 1971 weer door de officiële Russisch-orthodoxe Kerk opgeheven.

Beslissend onderscheid tussen de grote Griekse en Slavische kerken en het westerse katholieke en protestantse christendom is dat de oosterse kerken de vergoddelijking van de wereld en de opstanding van Christus benadrukken, terwijl de westerse theologie de nadruk legt op verzoening van de schuld aan het kruis en de vergeving.

Ca. 82% van de totale Russische bevolking is christen. Naast de Russisch-orthodoxen zijn er in Rusland rooms-katholieken (m.n. in Moskou en Siberië), baptisten, joden en islamieten (voornamelijk soennitische Tataren, Basjkiren en Tsjetsjenen).

Onder de nomadische volken in Siberië, met name onder de Kalmukken, bevinden zich aanhangers van het boeddhisme.

De meeste Mari en een deel van de Oedmoerten zijn animisten en shamanisten.

Samenleving

Staatsinrichting

Foto:Moscowjob.net CCAttribution-Share Alike 4.0 International no changes made

In het staatkundige bestel van de Russische Federatie speelt de president, nu Poetin, een cruciale rol. Zo benoemt de president de premier (overigens wel met instemming van de Tweede Kamer, de ‘Doema’) en kan hij op elk gewenst moment de regering of afzonderlijke leden daarvan, verslaan. Dit laatste gebeurt zeer regelmatig. Verder kan de president buiten het parlement om door middel van decreten en beschikkingen verregaande wetgevende maatregelen afkondigen. Daarnaast is hij ook nog de opperbevelhebber van het leger en verantwoordelijk voor het binnen- en buitenlandse beleid. Een belangrijk orgaan als de nationale Veiligheidsraad is direct verantwoording schuldig aan de president, en de secretaris wordt weer benoemd door de president.

In theorie is het mogelijk dat het parlement de president uit zijn ambt ontzet, maar in de praktijk is dit bijna onmogelijk. De president mag maximaal twee termijnen van vier jaar aanblijven en wordt via algemene verkiezingen gekozen.

Wat voor Nederland de Staten Generaal zijn (Eerste en Tweede Kamer) is voor de Russische Federatie de Federale Vergadering, bestaande uit de Doema en de Federatieraad.

De Doema (‘Tweede Kamer’) bestaat uit 450 afgevaardigden en wordt via algemene verkiezingen elke vier jaar gekozen. De stemmers mogen dan twee stemmen uitbrengen: één stem op een regionale kandidaat en één stem op een landelijke kandidaat voor een bepaalde partij.

De Federatieraad (‘Eerste Kamer’) heeft 178 leden en bestaat uit twee vertegenwoordigers van alle 89 bestuurlijke eenheden. Het is de bedoeling dat elke regio de gouverneur of president van de regio afvaardigt, samen met iemand die door het regionale parlement gekozen wordt. Voor de huidige politieke situatie zie hoofdstuk geschiedenis.

Administratieve indeling

Foto:TUBS Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De Russische Federatie is geen echte Federatie, maar gebaseerd op de gedachte van de eenheidsstaat, met voor een aantal gebieden een zekere autonomie. Het grondgebied is verdeeld in 21 (deel)republieken, één autonoom gebied, zes gewesten of grensgebieden (krajs), tien autonome districten (okroeg), twee federale steden (Moskou en Sint-Petersburg) en 49 districten (oblasten). De deelrepubliek Tsjetsjenië, vroeger onderdeel van de sovjetrepubliek Tsjetsjeno-Ingoesetië, verklaarde zich in 1991 eenzijdig onafhankelijk.

De meeste republieken en ook de provincies zijn onderverdeeld in districten (rajons). De republieken hebben een staatsinrichting die veel lijkt op die van de Federatie, de provincies en andere lagere bestuursorganen worden geleid door direct gekozen sovjets of doema’s, met als besturend orgaan de plaatselijke administratie. Verder bestaan op lager niveau ook autonome gewesten en andere nationale eenheden, zoals nationale districten, steden en dorpen.

In 2000 werden alle republieken en provincies ingedeeld bij zeven federale districten, die geen aparte bestuurslaag vormen maar dienen ter versteviging van de federale controle op het decentrale bestuur. Elk federaal district wordt geleid door een vertegenwoordiger van de president.

De zeven districten zijn: Noord-West, Centraal, Kaukasus, Volga, Oeral, Siberië en het Verre Oosten.

Deelrepublieken:

deelrepubliekoppervlakteaantal inwoners
Adygië7600 km2449.000
Alanië8000 km2664.000
Altaj92.600 km2202.000
Basjkirië143.600 km24.134.000
Boerjatië351.300 km21.050.000
Chakassië61.900 km2584.000
Dagestan50.300 km22.121.000
Ingoesjetië2.700 km2190.000
Kabarda-Balkarië12.500 km2789.000
Kalmukkië76.100 km2317.000
Karatsjajevo-Tsjerkessië14.100 km2436.000
Karelië172.400 km2780.000
Komi415.900 km21.172.000
Mari23.200 km2764.000
Mordovië26.200 km2950.000
Oedmoertië42.100 km21.636.000
Sacha3.103.200 km21.093.000
Tatarstan68.000 km23.763.000
Toevinië170.500 km2310.000
Tsjetsjenië16.600 km2862.000
Tsjoevasië18.300 km21.359.000

Autonoom gebied

Birobidjan (Joods autonoom 36.000 km2 216.000 gebied)

Autonome regio’s (okroegi)

regiooppervlakteaantal inwoners
Aginski-Boerjatski19.000 km278.000
Evenki768.000 km225.000
Jamalo-Neneti750.000 km2493.000
Khantys-Mansts523.000 km21.314.000
Komi-Permjak30.000 km2160.000
Korjaki302.000 km240.000
Neneti178.000 km255.000
Oest-Ordynski20.000 km2138.000
Tajmyr (Dolgano-Neneti)862.000 km254.000
Tsjoektsji738.000 km287.000

Federale steden

stad aantal inwoners

Moskou -- 8.300.000

Sint-Petersburg -- 4.700.000

Districten (oblasti)

districtenoppervlakteaantal inwoners
Amur Oblast363.700 km2905.000
Arkhangelsk Oblast587.400 km21.340.000
Astrakhan Oblast44.100 km21.005.000
Belgorod Oblast27.100 km21.511.000
Bryansk Oblast34.900 km21.375.000
Chelyabinsk Oblast87.900 km23.605.000
Chita Oblast431.500 km21.155.000
Irkutsk Oblast767.900 km22.770.000
Ivanovo Oblast21.400 km21.150.000
Kaliningrad Oblast15.000 km2970.000
Kaluga Oblast29.900 km21.045.000
Kamchatka Oblast472.300 km2360.000
Kemerovo Oblast95.700 km22.900.000
Kirov Oblast120.800 km21.505.000
Kostroma Oblast60.200 km2740.000
Kurgan Oblast71.500 km21.020.000
Kursk Oblast29.800 km21.235.000
Leningrad Oblast85.900 km21.670.000
Lipetsk Oblast24.100 km21.215.000
Magadan Oblast461.400 km2185.000
Moscow Oblast45.000 km26.620.000
Murmansk Oblast144.900 km2895.000
Nizhny Novgorod Oblast76.900 km23.525.000
Novgorod Oblast53.895 km2685.000
Novosibirsk Oblast178.200 km22.695.000
Omsk Oblast139.700 km22.080.000
Orenburg Oblast124.000 km22.180.000
Oryol Oblast24.700 km2865.000
Penza Oblast43.300 km21.450.000
Perm Oblast160.600 km22.820.000
Pskov Oblast55.400 km2750.000
Rostov Oblast100.800 km24.405.000
Ryazan Oblast39.600 km21.230.000
Sakhalin Oblast87.100 km2550.000
Samara Oblast53.600 km23.240.000
Saratov Oblast100.200 km22.670.000
Smolensk Oblast49.786 km21.050.000
Sverdlovsk Oblast194.800 km24.490.000
Tambov Oblast34.539 km21.160.000
Tomsk Oblast316.900 km21.060.000
Tula Oblast25.700 km21.680.000
Tver Oblast84.586 km21.445.000
Tyumen Oblast1.435.200 km23.265.000
Ulyanovsk Oblast37.300 km21.385.000
Vladimir Oblast29.000 km21.525.000
Volgograd Oblast114.100 km22.700.000
Vologda Oblast145.700 km21.270.000
Voronezh Oblast52.400 km22.380.000
Yaroslavl Oblast36.400 km21.370.000

Gewesten (krajs)

169.100 km2

gewestenoppervlakteaantal inwoners
Altai Krai 2.600.000
Khabarovsk Krai788.600 km21.160.000
Krasnodar Krai76.000 km25.130.000
Krasnoyarsk Krai2.403.520 km23.700.000
Primorsky Krai165.900 km22.305.000
Stavropol Krai66.500 km22.680.000

Onderwijs

Foto:Dmitry A. Mottl Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Op Russische scholen zijn meestal alle leeftijdsgroepen op één onderwijsinstituut aanwezig. Kinderen zijn van hun zesde tot zeventiende verplicht om naar school te gaan, te beginnen met de zogenaamde 1e afdeling, klas 1 t/m 4.

Daarna gaan ze door naar afdeling 2, klas 5 t/m 9 van het voortgezet onderwijs. In deze afdeling wordt een vakkenpakket gevolgd dat al is afgestemd op de persoonlijke voorkeur en aanleg.

Als laatste is er nog klas 10 en 11 in de 3e afdeling van het voortgezet onderwijs. Alle kinderen krijgen hier het verplichte vakkenpakket met onder andere Russische literatuur, wiskunde, natuurkunde, astronomie, een moderne taal en lichamelijke opvoeding.

Er zijn verder nog gespecialiseerde scholen waar leerlingen al vanaf de 1e klas bijvoorbeeld Engels, Frans of wiskunde krijgen.

Hoger onderwijs in Rusland wordt verzorgd aan universiteiten (‘universitety’), instituten (‘instituty’) en academies (‘akademii’). Aan alle instellingen worden zowel beroepsgerichte als universitaire programma’s aangeboden. Universiteiten verzorgen programma’s in verschillende disciplines, sinds kort in de landbouw, geneeskunde en technologie.

Daarnaast zijn er nog honderden instituten in Rusland die opleidingen verzorgen voor gereglementeerde beroepen in een aantal disciplines. Hiertoe behoren ook agrarische, farmaceutische, medische, pedagogische, en technische instituten. De laatste jaren hebben deze instituten vaak de status van universiteiten gekregen. Academies verzorgen opleidingen in één discipline.

De eerste twee jaar van een studie aan het hoger onderwijs zijn breed georiënteerd, met vakken als wiskunde, natuurkunde, scheikunde en talen.De laatste twee of drie jaar zijn gewijd aan een specialisatie: en dan wordt men niet opgeleid tot algemene werkbouwkundig ingenieur, maar tot bijvoorbeeld specialist in de koeltechniek.

Economie

Algemeen

Foto:Brateevsky Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Na de ineenstorting van Sovjet-Unie aan het eind van 1991 nam de Russische Federatie op 1 januari 1992 een chaotische economie over. Die economie werd gekenmerkt door onder andere een enorme inflatie en een bankroet ten opzichte van het buitenland.

Om de zware economische crisis het hoofd te bieden lanceerde de regering-Jeltsin (met name Minister van Financiën Gajdar) een radicaal beleid van liberalisatie. Hiermee wilde men de prijzen liberaliseren, het begrotingstekort drastisch beperken en een regeling met de buitenlandse schuldeisers en het IMF treffen. De regering wilde op de lange termijn een economisch systeem van het OESO-type creëren en tevens lid van de EU worden. De resultaten van het nieuwe beleid waren wisselend, maar vielen over het algemeen niet mee.

De prijsliberalisatie lukte maar leidde de eerste jaren tot hyperinflatie. Het beperken van het begrotingstekort bleek zeer lastig, vooral door de slechte belastingmoraal van zowel burgers als bedrijven. Privatisering van de vele staats- en collectieve bedrijven stuitte op grote weerstand omdat veel steden helemaal afhankelijk waren van net dat ene industriële complex dat men binnen de stadsgrenzen had. De onvermijdelijke sluiting of inkrimping daarvan zou de economische basis onder een dergelijke stad wegslaan en werd daarom doorgaans tegengewerkt door de lokale bestuurders en hun vertegenwoordigers op hogere niveaus.

In 1997 waren er voor het eerst tekenen van een economisch herstel: het bnp groeide met 1,5%, de industriële productie nam met ruim 2% toe en als gevolg van het strikte monetaire beleid bleef de inflatie ‘beperkt’ tot 16% (2004; 11%). Vervelend was de door communisten nationalisten gedomineerde Doema economische hervormingen vaak tegenhield: belastinghervorming en privatisering kwamen bijvoorbeeld nauwelijks van de grond. In augustus 1998 kon de Russische overheid niet meer aan haar financiële verplichtingen voldoen; het land was in feite failliet. De roebel werd gedevalueerd en het IMF en andere internationale financiële instellingen verleenden noodsteun.

Na 1998 herstelde de economie zich langzaam, onder andere door de lage koers van de roebel waardoor de export toenam. Dit was gunstig omdat de grote voorraden grondstoffen de kurk vormen waar de economie op drijft. Deze eenzijdige afhankelijkheid maakt de economie echter wel zeer kwetsbaar voor prijsschommelingen op de wereldmarkt.

Rusland is nu één van 's werelds toonaangevende producenten van olie en aardgas en is ook een top exporteur van metalen zoals staal en aluminium. De economie groeide met gemiddeld 7 % gedurende de jaren 1998-2008 als gevolg van de de olieprijzen die snel stegen Maar de economie werd zwaar getroffen door de wereldwijde economische crisis van 2008-09 toen de olieprijzen kelderden en de buitenlandse kredieten die opdroogden. In het najaar van 2013, verminderde het ministerie van Economische Ontwikkeling haar groeiverwachting tot 2030 tot een gemiddelde van slechts 2,5 % per jaar, een daling van de eerdere prognose van 4,0 tot 4,2%. In 2014, na de militaire interventie van Rusland in Oekraïne, zijn de vooruitzichten voor de economische groei verder gedaald. De groei is in 2017 afgezwakt naar 1,5%.

Meer dan 60% van de beroepsbevolking werkt in de overheids- en dienstensector. De geregistreerde werkloosheid bedroeg in 2017 5,2%; men vermoedt echter grote verborgen werkloosheid.

Landbouw, veeteelt, visserij en bosbouw

Foto:essenseio Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Ca. 32% van het Russische grondgebied kan maar voor de landbouw gebruikt worden, want een groot gedeelte van de grond is permanent bevroren of vervuild. De meeste landbouw concentreert zich daarom in het zuiden en in het westen van Siberië. Ondanks de stijgende groei van de productie, met name graan, kan de Russische landbouwsector niet aan de binnenlandse vraag voldoen, en is invoer noodzakelijk.

Ongeveer 9,4% van de beroepsbevolking is werkzaam in de agrarische sector; samen leveren zij 4,7% van het bruto binnenlands product (2017).

De situatie in de landbouw na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 was zeer problematisch. De opbrengsten daalden, voedsel was schaars en zelfs op vele plaatsen gerantsoeneerd. De situatie was dermate zorgelijk dat het machtige land in grote mate afhankelijk was van voedselimport. De regering stemde in met een ingrijpend plan van agrarische hervorming, waarin de voormalige staatsbedrijven moesten veranderen in individuele particuliere bedrijven, vennootschappen of echte coöperaties.

Door tegemoet te komen aan de wensen en belangen van de plattelandsbevolking hoopte men het voormalige communistische landbouwsysteem snel te veranderen. Alle staats- en collectieve bedrijven zijn inmiddels gedecollectiviseerd.

De productie van vlees, eieren en melk nam de afgelopen jaren toe, ondanks een afname van de veestapel. Het streven is zelfvoorzienend te worden in al deze producten.

De visserij vormt nog steeds een belangrijke economische sector voor Rusland, ondanks een sterke achteruitgang sinds de jaren tachtig. Het land levert een aanzienlijk deel van de wereldproductie aan verse en diepgevroren vis en ca. visconserven. Kamtsjatka, een schiereiland in Oost-Siberië aan de Beringzee, is belangrijk voor de visindustrie. De visconsumptie per hoofd van de bevolking in Rusland is ongeveer 23 kg per jaar.

Bosbouw vormt een belangrijke sector voor de Russische economie. Het land beschikt over de grootste wouden (770 miljoen ha.; 45% van het oppervlak) van de wereld, maar de houtwinning geschiedt zeer inefficiënt.

Industrie

Foto:Alt-n-Anela Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

ALGEMEEN

De industriële capaciteit van de vroegere Sovjet-Unie was zeer onevenwichtig, want vooral gericht op de winning van ruwe delfstoffen, de productie van staal en van wapens. Het fabriceren van consumptiegoederen stond duidelijk op het tweede plan.

In de periode-Gorbatsjov werd begonnen met het ombouwen van de militaire industrie tot een consumentenindustrie. Deze revolutionaire wending werd ten tijde van de Russische Federatie nog versneld.

De industrie bood in 2017 werk aan 27,6% van de beroepsbevolking en leverde 32,4% van het bnp; in 1990 was dat nog bijna 50%. De voornaamste industriegebieden zijn het industriële centrum rond Moskou en Nizjni Novgorod, en het Oeral-gebied rond Jekaterinaburg, Tsjeljabinsk en Magnitogorsk.

MACHINE-INDUSTRIE

Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie viel de productie van machines ver terug. De laatste jaren groeit deze sector weer door de toenemende vraag naar machines. De binnenlandse productie kan de vraag echter niet aan en daarom worden veel machines geïmporteerd. Een andere reden om machines in het buitenland te kopen is het relatief lage kwaliteitsniveau van de in Rusland zelf geproduceerde machines.

AUTO-INDUSTRIE

Om de afzet en productie voor de meeste Russische autoproducenten te verhogen, lijken joint-ventures met buitenlandse ondernemingen de beste oplossing. Zo hebben Ford, Renault, Daewoo, Fiat en Skoda de Russische markt al betreden; anderen zullen snel volgen is de verwachting.

De grootste autoproducent van personenauto’s in Rusland is AvtoVAZ. Deze in Togliatti gevestigde onderneming maakt ca. 70% van alle Russische auto’s. Andere grote autoproducenten zijn GAZ, Moskvich en de vrachtwagenproducenten UAZ en KamAZ.

Onderdelenfabrieken bevinden zich meestal in de buurt van autofabrieken of maken deel uit van het bedrijf zelf.

CHEMISCHE INDUSTRIE

De laatste jaren maakt de chemische industrie een behoorlijke groei door. De oorzaak is een toenemende vraag in zowel het binnen- als het buitenland. De belangrijkste producten van de Russische chemische industrie zijn basischemicaliën. Andere producten zijn kunstgarens, synthetisch rubber, fiberglas, verf, vernis en eindproducten voor de landbouw-, transport-, gezondheid- en bouwsector.

De interne markt voor polymeren, met name polyethyleen en PVC en polypropyleen, is nieuw voor Rusland, maar wel zeer veelbelovend. De afzet van al deze producten zal vooral in eigen land moeten gebeuren.

VOEDINGS- EN GENOTMIDDELENINDUSTRIE

Deze sector is een van de snelst groeiende sectoren van de Russische economie in de afgelopen jaren.

Groeisectoren zijn zoetwaren, vruchtensappen, bier en tabak. De vraag naar wodka daalt behoorlijk, terwijl de wijnconsumptie jaarlijks met 30% stijgt.

De markt voor fastfood steeg in de jaren 2000-2004 met 8%. McDonalds opende in 2004 haar 109e vestiging in Rusland.

Mijnbouw en energie

Foto:Alex Polezhaev Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Het gigantisch grote Rusland bezit enorme energiereserves en andere waardevolle delfstoffenvoorraden. Deze enorme voorraden hebben Rusland tot een van de grootste producenten en exporteurs ter wereld gemaakt. Rusland beschikt over de grootste gasreserves ter wereld, over de op een na grootste steenkoolreserves en heeft enorme oliereserves. Sinds oktober 2001 levert Rusland voor een periode van twintig jaar jaarlijks miljarden m3 aardgas aan Nederland.

De grootste voorraden bevinden zicht in het noordwesten (Kola), het Verre Oosten, Siberië en in de Oeral. De belangrijkste delfstoffen zijn ijzererts en steenkool (Koesbasbekken en regio Altai), bauxiet (republiek Komi), gas, olie, kolen, uranium, goud, chroom, zilver, platina, diamant, nikkel kobalt, magnesium, mangaan, lood en wolfraam. Veel van deze delfstoffen voldoen helaas niet aan de westerse kwaliteitsnormen. Alleen de nikkel- en aluminiumsector voldoet aan deze normen. De belangrijkste exportproducten in de mijnbouw zijn op dit moment aluminium, nikkel, koper en ijzer.

De Russische mineralenmarkt is in handen van een klein aantal megabedrijven, die vaak een groot deel van de wereldproductie in handen hebben.

Rusland heeft de beschikking over meer dan 400 thermische en hydro-elektrische krachtcentrales en enkele tientallen vaak verouderde kernenergiecentrales, die allemaal in het Europese deel van Rusland liggen. Ook de komende jaren wil men nog enkele kernreactoren bouwen.

De waterkracht van de rivieren de Wolga en de Angara in Rusland wordt benut door een aantal van de grootste waterkrachtcentrales ter wereld. Het grootste gedeelte van de energie in Rusland is overigens afkomstig van olie- en kerncentrales.

De zorg voor het milieu heeft geen gelijke tred gehouden met de groei van de mijnbouw- en hoogovenindustrie. Vooral in de Oeral en in Siberië is het landschap op sommige plekken totaal verwoest en vervuild. Zo zitten in het huidige aardgasnet verschillende breuken en scheuren, waardoor rivieren en bodem worden vervuild.

In veel Russische steden heeft de concentratie van schadelijke stoffen in de lucht een waarde bereikt die de westerse normen vele malen overtreft. Ook het drinkwater is in vele steden sterk verontreinigd. De gigantische stuwdammen in de Volga, Dnepr, Dnestr, Don en Koeban bedreigen het ecologisch evenwicht in deze regio’s.

Handel

Foto:Nzeemin Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Toen de Russische Federatie onafhankelijk werd, was de buitenlandse markt nog steeds vooral in handen van staatsorganisaties en -bedrijven. De toenmalige regering wilde de handel met het buitenland liberaliseren en tegelijkertijd ten behoeve van de centrale overheid het grootste deel van de inkomsten die door de aardolie-, aardgas- en bosbouwsectoren werden opgebracht, afromen. Op een aantal grondstoffen zijn exportheffingen van toepassing, zodat er altijd een gedeelte voor binnenlands gebruik wordt behouden.

De belangrijkste exportpartners van Rusland zijn de Europese Unie en daarbinnen vooral Duitsland en Nederland; verder China, de Verenigde Staten, Turkije en Wit-Rusland.

Rusland exporteert vooral elektriciteit, aardolie, aardgas, steenkool, ertsen, hout en houtproducten. De totale waarde van de export bedroeg in 2017 $ 353 miljard.

Veel voedsel(producten) worden geïmporteerd, evenals machine(onderdelen), voertuigen en farmaceutische producten. De belangrijkste importpartners zijn China, Duitsland, Japan, Verenigde Staten en de landen van de EU. De totale waarde van de import bedroeg $3238 miljard in 2013. Rusland heeft dus een groot handelsoverschot.

Verkeer

Foto:Mika Stetsovski CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Het Russische wegennet heeft een totale lengte van ruim 1.000.000 km. De belangrijkste wegen verbinden Moskou en Sint-Petersburg met steden als Minsk, Nizjni Novgorod, Jaroslavl, Simferopol en Samara.

Voor de modernisering van het wegennet heeft de Russische regering een programma opgesteld dat in twee fasen uitgevoerd zal moeten worden. De daadwerkelijke uitvoering is in 2006 begonnen. Op dit moment is men nog druk bezig met de uitvoering.

De slechte gesteldheid van het wegennet is er de oorzaak van dat nog geen 15% van het totale goederenvervoer over de weg gaat.

De totale lengte van het spoorwegnet bedraagt 150.000, waarvan 86.300 km wordt gebruikt voor personentreinen; de overige lijnen zijn voor industrieel transport. De Russische spoorwegen nemen het grootste deel van het nationale vrachtvervoer voor hun rekening.

De Transsiberische Spoorweg verbindt Moskou met Vladivostok aan de Japanse Zee. De belangrijkste lijnen in de Oeral en in West-Siberië zijn geëlektrificeerd. De tweede, economisch zeer belangrijke, grote spoorweg door Siberië, de Bajkal-Amoer-spoorweg (BAM), verbindt Tajsjet met Komsomolsk.

De waterwegen hebben een totale lengte van 106.000 km. De drukst bevaren rivieren zijn de Volga, de Don, de Ob, de Lena en de Amoer.

Belangrijkste havens zijn Sint-Petersburg, de exclave Kaliningrad, Moskou, Archangelsk, Novorossijsk, Nizjni Novgorod en Vladivostok; Petropavlovsk (op het schiereiland Kamtsjatka), Nachodka (ten oosten van Vladivostok) en Machatsjkala (aan de Kaspische Zee) winnen als havenplaatsen aan betekenis. Rusland telt in totaal 43 zeehavens. Meer dan 70% van alle Russisch-Europese vrachten wordt via de havens aan de Finse Golf verwerkt.

Het Russische grondgebied wordt door een dicht net van vliegroutes bedekt. Centrum voor het nationale en internationale luchtverkeer is Moskou met vier luchthavens, waarvan Domodedovo het grootste en meest moderne is.

Sint-Petersburg, Omsk en Vladivostok hebben eveneens internationale luchthavens. In totaal telt Rusland meer dan 500 luchthavens.

De grootste luchtvaartmaatschappij is Aeroflot. Verder zijn er nog zo’n 200 andere vliegmaatschappijen, die vaak niet meer dan enkele vliegtuigen bezitten.

Vakantie en bezienswaardigheden

Foto:Ganoshenko Roman CCAttribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Vooral het Europese deel van Rusland heeft qua natuur, historie en culturele rijkdommen veel potentieel. De toeristische infrastructuur is echter nog onvoldoende om hier optimaal van te profiteren. Met name de voorraad hotels in de middenklasse is ver onder de maat. Moskou beschikt over meer dan 70.000, veelal luxe hotelkamers. Veel hotels voldoen ook niet aan de westerse normen.

De World Tourism Organisation verwacht dat de toeristensector de komende decennia zal groeien met een gemiddelde van 10% per jaar. De belangrijkste trekpleisters van Rusland vormen sinds jaar en dag de steden Moskou en Sint-Petersburg. Maar ook Sochi heeft een boost gekregen als winter en zomerbestemming dankzij de olympische spelen die daar gehouden zijn.

Foto:Raul P Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Middenin het centrum van Moskou ligt het Rode Plein. De naam verwijst naar de rode muren van het Kremlin en is afgeleid van het Russische woord ‘krasnyj’ dat zowel ‘mooi’ als ‘rood’ betekent. Het Rode Plein is sinds de jaren '90 officieel opgenomen tot de werelderfgoedlijst van UNESCO. Het plein heeft gigantische afmetingen (100 meter breed en 550 meter lang) en wordt omgeven door het Kremlin met haar indrukwekkende kerken en paleizen. Het plein is altijd het toneel geweest voor belangrijke momenten in de geschiedenis van Rusland; van toespraken van de Tsaren tot grote militaire manifestaties en executies in de tijd van de Sovjet Unie. Een andere interessante historische bezienswaardigheid van Moskou is het Leninmausoleum. Vladimir Lenin was het eerste hoofd van de Sovjet Unie. Na zijn dood werd hij gebalsemd en in eerste instantie ondergebracht in een houten mausoleum op het Rode Plein. Later werd er een groot mausoleum op het Rode Plein ontworpen door de architect Sjtsjoesev. Het graf heeft de vorm van een piramide en is 24 meter lang en 12 meter hoog. Achter het Leninmausoleum liggen nog meer bekende kopstukken uit het Sovjettijdperk begraven waaronder Lenins opvolger: Stalin.

Foto:Pedro Szekely Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

In Sint-Petersburg is de voornaamste attractie het wereldberoemde Hermitage museum. Het is bovendien één van de grootste en oudste musea ter wereld. Catherina de Grote stichtte het museum in 1764 en bestond in eerste instantie uit haar eigen kunstverzameling. De collectie van de Hermitage bestaat uit meer dan drie miljoen stukken. Ook de gebouwen waarin het museum gevestigd is zijn het bekijken waard. Vooral het Winterpaleis is een lust voor het oog. Een ander bijzonder mooi bouwwerk is de Moskee van Sint-Petersburg. Dit gebedshuis stamt uit 1913 en was bij de opening de grootste moskee van Europa. De 40 meter hoge koepel heeft een prachtige zeeblauwe kleur en de minaretten zijn zelfs 48 meter hoog.

Klik op de menuknop bovenaan het scherm voor meer informatie

RUSLAND LINKS

Advertenties
• Fox verre reizen van ANWB
• Rusland Vliegtickets.nl
• Transsiberië Express
• Djoser Rondreis Rusland
• Transsiberië express reizen
• Rusland Hotels
• Autoverhuur Sunny Cars Rusland
• Rondreizen Rusland
• Rusland Vliegtickets Tix.nl
• Transport Rusland - TTS Quality Logistics B.VRusland

Nuttige links

Alles over Rusland: Startpagina (N)
Reisinformatie Rusland (N)
Reizendoejezo – Rusland (N)
Rondreis door Rusland (N)
Rondreis Rusland (N)
Rusland Foto's
Rusland Reisstart (N+E)
Rusland Reisverhalen en Foto's (N)

Bronnen

Graaf, A. van der / Reis-handboek Sovjet-Unie

Elmar

Rusland, Centraal-Azië en de Kaukasus

The Reader’s Digest,

Russia & Belarus

Lonely Planet

Te gast in Rusland

Informatie Verre Reizen

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt april 2021
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems