Steden FAEROER

FAEROER   

Algemeen

De economie van de Faeröer ontwikkelde zich uitstekend sinds 1994, met name door een sterke toename van de visvangst en hoge en stabiele prijzen. De werkloosheid daalde sterk en in bepaalde sectoren wordt het steeds moeilijker om personeel te vinden. Deze positieve economische groei zorgde voor een begrotingsoverschot waarmee de schulden aan Denemarken verminderd werden. De bijna totale afhankelijkheid van de visserij maakt de economie ook zeer kwetsbaar als bijvoorbeeld de prijzen sterk zouden zakken. Olievondsten in de buurt van de Faeröer zouden voor extra inkomsten kunnen gaan zorgen en de basis keggen voor een wat gediversifieerde economie, waardoor men minder afhankelijk is van de Denemarken en de Deense economische steun. Geholpen door de financiële steun van Denemarken (15% van het bruto nationaal product), benadert de levensstandaard van de Faeröerders die van de Denen en andere Scandinaviërs.

Visserij

Het belangrijkste middel van bestaan is de visserij, en dan met name tot stokvis verwerkte kabeljauw en haring. Aanvankelijk viste men vooral in de buurt van Groenland, Canada, Spitsbergen en IJsland. Hier viste men vooral op garnalen en kabeljauw; op de Noordzee vooral op makreel en wijting. Nadat in 1977 de territoriale wateren uitgebreid werden, bleven de Faeröerse vissers dichter bij huis. Ook de technologische hulpmiddelen en de schepen werden steeds beter. Tot 1990 werd 58% van alle vis gevangen in de wateren rond de Faeröer. Gedroogde, gekoelde, bevroren en gezouten vis zorgden voor een groot gedeelte van de export en 20% van beroepsbevolking was werkzaam in de vissector. Een vrij nieuwe activiteit zijn de viskwekerijen (o.a. zalm en forel).

Overige economische activiteiten

Slechts 6% van het landoppervlak is in cultuur gebracht. De akkerbouw levert aardappelen, gerst, knolgewassen en groenten op, voornamelijk voor eigen gebruik. Belangrijker is echter de veeteelt, die vooral uit schapenhouderij bestaat.

De industrie is sterk aan de visserij gebonden (conservering, verwerking, zeep- en margarinefabricage) en verder zijn er enkele zuivelfabrieken en wolspinnerijen, samenhangend met de schapenhouderij. Tien procent van de beroepsbevolking werkt in bedrijven die benodigdheden maken voor de visindustrie.

De export, grotendeels vis en visproducten, is vooral gericht op Denemarken, Groot-Brittannië, de Verenigde Staten, Noorwegen en Duitsland. In 2013 werd er voor 824 miljoen dollar geëxporteerd en de belangrijkste exportpartners zijn Denemarken, Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, IJsland, en de Verenigde Staten. In 2013 wed voor 776 miljoen dollar geïmporteerd en de belangrijkste importpartners zijn Denemarken, Noorwegen, Duitsland, Groot-Brittannië, Zweden, IJsland en de Verenigde Staten.

Het binnenlands verkeer is sterk aangewezen op de scheepvaart. Vanaf het vliegveld Vagø vertrekken regelmatig vluchten van Atlantic Airways en Maersk Air naar Kopenhagen, Bergen, Reykjavik en Kirkwall (Orkney-eilanden). Het vliegveld ligt op het eiland Vágoy. De belangrijkste haven is die van de hoofdstad Tórshavn. Kleinere havens zijn te vinden in Klaksvik, Vestmanna, Skálafjørður, Tvøroyri, Vágur en Fuglafjørður.


FAEROER LINKS

Advertenties
• Europa WTC
• Faeröer Hotels
• Eliza was here

Nuttige links

Faeroer Reisbijbel (N)
Faeroer Startnederland (N+E)
Reisinformatie Faeröer Eilanden (N)
Telefoongids Faeroer
Willgoto Faeroer (N)
Schrijf uw artikel over FAEROER

Bronnen

Cornwallis, G. / Iceland, Greenland & the Faroe Islands
Lonely Planet

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt October 2017
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems