Landenweb.nl

NOORD-MACEDONIE
 

Basisgegevens
  Officiële
  landstaal
  Macedonisch
  Hoofdstad  Skopje
  Oppervlakte  25.713 km²
  Inwoners  2.086.570
  (mei 2019)
  Munteenheid  denar
  (MKD)
  Tijdsverschil  +0 (zomer +1)
  Web  .mk
  Code.  MKD
  Tel.  +389

Steden NOORD-MACEDONIE

Skopje

Geografie en Landschap

Geografie

De Republiek Macedonië (officieel: Republika Makedonija) ligt op het Balkanschiereiland in Zuidoost-Europa en is geheel door andere landen omsloten. Het land grenst in het westen aan Albanië (151 km), in het oosten aan Bulgarije (148 km), in het zuiden aan Griekenland (228 km) en in het noorden aan Servië (221 km).

advertentie

Macedonie SatellietfotoPhoto: Publiek domein

De oppervlakte van Noord-Macedonië is 25.333 km2 en daarmee is het land ongeveer 3/4 zo groot als Nederland. De totale wateroppervlakte bedraagt 477 km2.

Landschap

Het landschap van Macedonië is overwegend bergachtig met als hoogste punt de op de grens met Albanië liggende Golem Korab (2753 m). De hoogste berg die helemaal in Macedonië ligt is de Titov Vrv (2748 m), met vlak in de buurt de Mal Turcin (2707 m). Het grootste deel van het land bestaat uit een plateau met een hoogte tussen de 600 en 900 meter.

advertentie

Titov Vrv (links) en Mal Turcin (rechts)Photo: Pavouk CC 3.0 Unported no changes made

Macedonië wordt in het westen begrensd door bergketens langs Albanië en in het noorden door het Sjargebergte (onderdeel van de Dinarische Alpen) en de waterscheiding tussen de van noord naar zuid stromende Vardar en de Morava. De Vardar, de langste rivier van Macedonië, stroomt dwars door de hoofdstad Skopje en mondt uit in de Golf van Thessaloniki. Andere lange rivieren zijn de Bregalnica en de Crna. In het oosten wordt het land verdeeld door de waterscheiding tussen de Vardar en de Struma.

Van de tientallen meren zijn de meren van Ohrid, Prespa en Dojran de bekendste. Het 186 meter diepe meer van Ohrid is met een oppervlakte van 349 km2 een van de grootste meren op de Balkan en met een ouderdom van ca. twee miljoen jaar tevens één van de oudste meren ter wereld.

Macedonië bevindt zich in een gebied waar zeer regelmatig aardbevingen voorkomen. De oorzaak hiervan is het feit dat in deze regio drie tektonische platen, de Afrikaanse, Aziatische en Europese, samenkomen. Op 26 juli 1963 werd de stad Skopje zwaar getroffen en gedeeltelijk verwoest.

Klimaat en Weer

Noord-Macedonië heeft over het algemeen, onder invloed van de Middellandse Zee, een gematigd landklimaat met vier duidelijk te onderscheiden seizoenen. De lente kan echter vrij kort zijn, en bovendien worden de temperaturen in elk seizoen getemperd door het bergachtige karakter van het land.

In de Vardar-vallei, Ovce en Polje en de lagere delen van de Pelagonia-hoogvlakte kan het in de zomer zeer heet worden, en relatief mild in de winter.

Ook in de hoofdstad Skopje kan het in de maanden juli en augustus zeer heet worden met temperaturen van ca. 35°C. Sommige plaatsen in het zuiden, met name in de regio Demir Kapija, bereiken regelmatig een temperatuur van meer dan de 40°C. De gemiddelde temperatuur in de maanden juli, augustus en september bedraagt 21°C, in de maanden januari, februari en maart 3°C.

Met name in de bergachtige gebieden komen af en toe zomerse onweersbuien voor.

Hoewel de winters in de lagere regionen over het algemeen mild zijn en de temperatuur zelden onder het vriespunt komt, kunnen sneeuw en ijs het openbare leven in bijvoorbeeld de hoofdstad Skopje vrijwel stilleggen. In de bergen is het ’s winters natuurlijk veel kouder en een pak sneeuw van een meter dik is daar geen uitzondering. In regio’s boven de 2000 meter blijft de sneeuw liggen tot in juni, en vanaf november kan er al weer nieuwe sneeuw vallen.

Macedonië heeft over het algemeen een zonnig en droog klimaat van maart tot en met november, hoewel in de maanden september en april langere periodes van bewolking en regen kunnen voorkomen. De jaarlijkse neerslag varieert van minder dan 500 mm in de buurt van de Vardar-rivier, tot meer dan 1000 mm in bergachtige regio’s. Het aantal zonne-uren in Skopje bedraagt 2094 uur per jaar.

klimaattabel

Skopje

janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec
min. temp °C-3-315101315141163-1
max. temp °C581219232831312619127
luchtvochtigheid %847878656661565665768385
regendagen p/m118981287479129

Planten en Dieren

Planten

Door de ligging tussen de mediterrane en Euro-Siberische regio heeft Noord-Macedonië een zeer gevarieerde flora en fauna.

Macedonië telt ca. 3500 verschillende plantensoorten, variërend van alpenbloemen als de tot ingevoerde soorten als kiwi, granaatappelbomen en rijstplanten. Het grote aantal bloemen trekt weer veel vlinder- en mottensoorten aan, waaronder de kolibrievlinder.

Ca. 35% van Macedonië is bedekt met voornamelijk loofbomenbossen. Minder dan 10% van de bossen blijft het hele jaar door groen, waaronder de Molika, Macedonische of Balkanden. De Molika-den komt het meeste voor in het Pelister Nationale Park.

Dieren

Er leven acht beschermde zoogdiersoorten in Macedonië, waaronder de bruine beer. De laatste studie uit 1997 noemde een aantal van 160-200, waarvan 70 in het Mavrovo Nationale Park, 30 in Pelister en enkele beren in Galicica. In 1996 werd de jacht op beren verboden, waarna het aantal beren langzaam toenam. Andere beschermde dieren zijn de lynx (ca. 120 exemplaren) en de jakhals.

Wolven zijn niet beschermd, want vormen een bedreiging voor de schapen en koeien van boeren. Elk jaar worden er ca. 350 gedood, waardoor hun aantal op ca. 700 blijft. De verwachting is dat dit aantal zal toenemen omdat de prijs voor een geschoten wolf door de overheid is verlaagd van 100 naar 10 euro.

In de nationale parken leven verder veel zoogdieren als marters, wilde zwijnen, gemzen, herten en reeën. Ondanks dat er jachtvergunningen nodig zijn om op deze dieren te mogen jagen, is hun aantal gereduceerd tot nog maar ca. 25% van de totale populatie. In sommige gebieden is nog maar 7% van het aantal herten in leven.

Noord-Macedonië heeft diverse giftige diersoorten, waaronder de ‘poskog’, een springslang, en verschillende spinnensoorten. Vele hagedissensoorten komen voor in de bergen en het Prespa-Meer is een kikkerparadijs. Schildpadden komen zoveel voor dat ze bijna een plaag vormen. Het eiland Golem Grad, gelegen in het Prespa-meer, staat bekend staand als het ‘Slangeneiland’ vanwege de vele waterslangen die voor de kust van het eiland leven.

In rivieren en meren komen karpers, brasems, meervallen, barbelen en baarzen voor. Strumica-alver, Dojran-alver en Macedonische serpeling zijn uniek voor Macedonië, evenals de Dojran-voorn en de Ohrid-forel. Van de vele kleine vissoorten die in het Ohrid-meer voorkomen, is de ‘plašica’ de meest bekende. Van de schubben worden via een zeer bijzondere techniek de befaamde Ohrid-parels gemaakt.

Er leven meer dan 330 inheemse vogelsoorten in Macedonië, en verder nog ca. 100 trekvogelsoorten. Meer dan vijftig soorten zijn beschermd waaronder gieren en arenden. Een studie uit 2003 telde 35-40 paren vale gieren, 40-60 paren Egyptische gieren en een dozijn arenden rond de Korab-berg en de Šar-bergketen. Zwarte en gewone ooievaars komen steeds minder voor, maar nestelen nog steeds in veel dorpen en steden.

Nationale parken en bijzondere gebieden

Pelister

Het nationale park Pelister (sinds 1948) ligt in het zuidoosten van Noord-Macedonië en heeft een oppervlakte van 12.500 ha. Pelister kent diepe dalen en pieken van meer dan 2000 meter, zoals de Pelister (2601m). Bijzonder zijn de twee gletsjermeren, bekend onder de naam ‘Gorski Oci’.

Pelister telt tien soorten amfibieën, vijftien soorten reptielen, 91 soorten vogels en 35 zoogdiersoorten.

Bijzonder zijn de Pelister rivierzalm (Salmo trutta peristericus) en de Pelagonia rivierzalm (Salmo trutta pelagonicus).

advertentie

Mavrovo

Mavrovo is met een oppervlakte 73.088 ha het grootste nationale park van Macedonië. Het park bevat de bergtoppen Korab, Desat, de zuidwestelijke delen van Sar Planina, grote delen van Bistra en de noordelijke delen van Krcin.

Het park is voor het grootste gedeelte bedekt met beukenbossen. Door de grote hoogteverschillen heeft Mavroro een rijke flora met meer dan 1000 soorten, waaronder 38 boomsoorten en 35 struiken en heesters. Verder komen er nog 60 endemische en zeldzame plantensoorten voor.

De dierenwereld is ook behoorlijk divers met 40 vogelsoorten (waaronder roofvogels als grijze buizerd, keizerarend, steenarend, bosuil, oehoe, bruine kiekendief, blauwe kiekendief). Verder nog 11 amfibieën, 12 reptielen en 38 zoogdieren, waaronder bruine beer, lynx, gems en wilde kat.

advertentie

Galicica

De berg Galicica (22.750 ha) werd in 1958 tot nationaal park uitgeroepen en ligt in het uiterste zuidoosten van Macedonië tussen het meer van Ohrid en het Prespa-meer.

In het nationale park groeien 12 hogere plantensoorten die alleen op de berg Galicica en de kusten van de twee meren voorkomen. Verder vindt men hier een enorme concentratie van vlindersoorten, meer dan 1600 soorten! Verder zeer veel reptielen en amfibieën, net zoveel als in geheel Centraal-Europa samen.

Galicica telt ook nog 266 vogelsoorten (84% van het totaal aantal in Macedonië) en 51 zoogdiersoorten (62% van het totaal aantal in Macedonië).

advertentie

Ezerani

Natuurreservaat Ezerani (2080 ha) ligt in de noordelijke kuststreek van het Prespa-meer op een hoogte van 855 meter. Hier leven ca. 200 vogelsoorten, waarvan 104 watervogels. 62 soorten hebben een beschermde status.

Tikves

Natuurreservaat Tikves (10.000 ha) ligt ca. 30 km ten zuiden van de stad Kavadarci. Er leven 23 soorten roofvogels, waarvan er 17 in dit gebied nestelen. ‘Tikves’ is een van de belangrijkste ornithologische gebieden van Europa.

Lokvi-Golemo Konjari

Natuurreservaat Lokvi-Golemo Konjari is het laatste overblijfsel van het vroegere uitgestrekte moerasgebied Pelagonisko Blato. In de overgebleven poelen komt echter nog steeds een unieke dierenwereld voor. Zo is dit voor zover men weet nog de enige plaats ter wereld waar de krabbensoort Chirocephalu pelagonicus voorkomt.

Ploce Litotelmi

Natuurreservaat Ploce Litotelmi bezit een aantal karakteristieke holtes in de bodem, die na een regen- of sneeuwbui vollopen met water en waarin de zeldzame krabbensoort Tanymastix stagnalis voorkomt.

Meer van Ohrid

Door de geïsoleerde ligging en de gunstige hydrografische condities komen er in het Meer van Ohrid meer dan 200 endemische planten en dieren voor, waarvan sommige als levende fossielen beschouwd kunnen worden, zoals een sponzensoort, 27 slakkensoorten en verschillende vissensoorten, waaronder de ‘belvitsa’, een witte forel.

Canyon Matka

Natuurmonument Canyon Matka (5000 ha) ligt 15 km ten zuidwesten van de hoofdstad Skopje. Ca. 20% van de 1000 plantensoorten in dit gebied zijn endemisch of zeldzaam. De meeste bijzondere zijn het Kosanini-viooltje (Viola kosaninii) en de Ramonda nathaliae. Recent zijn er nog twee spinnensoorten en een aantal schorpioenensoorten ontdekt. Bijzonder zijn ook de 119 soorten dag- en 140 soorten nachtvlinders.

Demir Kapija-kloof

De Demir Kapija-kloof is ene van de rijkste ornithologische gebieden van Europa vanwege de aanwezigheid van roofvogels als de vale gier, de aas- of Egyptische gier, de steenarend, de slangenarend, de arendbuizerd, de slechtvalk en de kleine torenvalk.

Orlovo Brdo

Orlovo Brdo is een van de rijkste Noord-Macedonische gebieden qua plantengroei en diversiteit en veel endemische en zeldzame planten en bloemen, o.a. Marianna tulp, Hedysarum macedonicum, Salvia jurisicii, Convolvulus holosericeus, Morina persica en Astragalus parnassi komen hier voor.

Geschiedenis

Middeleeuwen

In de 7e eeuw voor Christus werd de gehele Balkan overspoeld door Slavische stammen en werd het antieke Slavisch-Macedonische koninkrijk gesticht. Dit koninkrijk omvatte gebieden die nu liggen in het noorden van Griekenland (Aegeïsch Macedonië), het zuidwesten van Bulgarije (Pirin Macedonië) en in de voormalige Joegoslavische republiek Macedonië (Vardar Macedonië). In de Middeleeuwen werd Macedonië achtereenvolgens overheerst door Bulgaren, Byzantijnen (eind 10e, begin 11e eeuw) en Serviërs (13e/14e eeuw). In 1371 werd het door de Osmaanse Turken opgenomen in het Ottomaanse Rijk.

19e eeuw

In de 19e eeuw raakte het Ottomaanse Rijk in verval. In Macedonië woonden inmiddels Macedoniërs, Serviërs en andere Slaven, Turken, Grieken, joden, Albanezen en Roma. Griekenland, Servië en Bulgarije probeerden in deze eeuw hun invloed in Macedonië te vergroten en moedigden Slavische groeperingen aan die elkaar en de Ottomanen bestreden. De zich ‘Bulgaren’ noemende Slaven in Macedonië sloten zich in eerste instantie aan bij de Bulgaarse onafhankelijkheidsbeweging, maar toen Bulgarije in 1878 onafhankelijk werd, bleef Macedonië deel uitmaken van het Osmaanse rijk.

20e eeuw

De belangrijkste Slavische groepering in deze tijd was de Binnenlandse Macedonische Revolutionaire Organisatie (VMRO), die in eerste instantie koos voor Macedonische autonomie binnen het Osmaanse rijk. Op 2 augustus 1903 (Feest van St. Elias) brak rond Krusevo een opstand uit tegen de Osmaanse overheersing, die echter werd neergeslagen.

Gedurende de Eerste Balkanoorlog (1912-1913) werden de Osmanen door een militair pact van Bulgaren, Grieken, Montenegrijnen en Serven bijna geheel van de Balkan verdreven. De Tweede Balkanoorlog werd gevoerd tussen Bulgarije en al zijn voormalige bondgenoten, met Bulgarije als verliezende partij. Na deze twee Balkanoorlogen werden Aegeïsch en Vardar Macedonië bij respectievelijk Griekenland en Servië getrokken; Pirin-Macedonië maakte inmiddels al deel uit van Bulgarije. In 1918 werd Vardar Macedonië deel van het Koninkrijk der Serviërs, Kroaten en Slovenen. De Macedoniërs werden beschouwd als Serviërs, wat tot spanningen leidde tussen de staat en de Macedonische nationalisten van de VMRO, omdat Macedonië was verdeeld zonder dat er met de wensen van de Macedoniërs rekening was gehouden.

Na de Tweede Wereldoorlog, waarin Italië en Bulgarije grote delen van Macedonië bezetten, werden de grenzen vastgesteld zoals ze voor de oorlog waren. Macedonië werd één van de zes republieken en maakte van 1945 tot 1991 als de ‘Volksrepubliek Macedonië’ deel uit van de Federatieve Volksrepubliek Joegoslavië, vanaf 1963 de Socialistische Federale Republiek Joegoslavië (SFRJ) geheten.

Op 26 juli 1963 werd de stad Skopje zwaar getroffen door een aardbeving en gedeeltelijk verwoest.

Onafhankelijkheid

Na het uiteenvallen van Joegoslavië riep Macedonië op 17 september 1991, na een referendum, de onafhankelijkheid uit. Begin 2002 trok het Joegoslavische federale leger zich terug uit Macedonië. Onder Griekse druk (Griekenland kent een provincie Macedonië) werd de nieuwe staat aanvankelijk door veel landen, waaronder Nederland, niet erkend onder haar constitutionele naam. In 1992 erkenden de volgende landen Macedonië onder deze naam: Turkije, Kroatië, Slovenië en Bosnië-Herzegovina. In 1993 werd Macedonië door de Verenigde naties erkend onder de voorlopige naam Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië (FYROM). In 1994 werden de eerste vrije parlements- en presidentsverkiezingen gehouden. Dit leverde een overwinning op voor de zittende president Kiro Gligorov en diens partij Alliantie voor Macedonië. In 1995 werd met Griekenland een akkoord gesloten en de handelsblokkade beëindigd.

De parlementsverkiezingen van 1998 werden gewonnen door de nationalistische partij VMRO-DPMNE van de nieuwe premier Ljubco Georgijevski.

Boris Trajkovski, behorende tot dezelfde partij als Georgijevski, werd in 1999 tot president gekozen.

Tot begin 2001 was Macedonië een redelijk stabiele factor op de Balkan. Met vallen en opstaan werkten achtereenvolgende regeringen aan de opbouw van een multi-etnische rechtsstaat en een vrijemarkteconomie. De achterstandspositie van de etnische Albanezen en de zwakke economie leidden echter tot spanningen en uitingen van ongenoegen.

Tijdens de Kosovo-crisis van 1999 ving Macedonië bijna 400.000 etnisch Albanese vluchtelingen uit Kosovo op. Dat leidde onvermijdelijk tot spanningen want de etnische Macedoniërs vreesden voor verstoring van de demografische balans. Tegelijkertijd irriteerden de etnische Albanezen zich over de niet altijd hartelijke ontvangst van de vluchtelingen door de Macedonische overheid. Men slaagde er in eerste instantie echter in om deze wederzijdse irritatie niet te laten escaleren.

21e eeuw

In februari 2001 braken er toch gewelddadigheden uit tussen etnische Albanezen en etnische Macedoniërs door de gespannen sociaal-economische situatie en de groeiende Albanese minderheid. De Macedonische regering stelde dat het geweld vooral werd geïmporteerd uit Kosovo, maar er bestond ook zeker grote onvrede bij met name jonge etnische Albanezen, voor wie het proces van emancipatie lang niet snel genoeg ging. Hun belangrijkste eisen lagen op grondwettelijk gebied en taal en onderwijs. Ook de wens om meer Albanezen te krijgen bij politie, leger en centrale overheden was een heikel punt.

Eind februari 2001 werd er een dodelijke aanslag gepleegd op enkele politieagenten. Gewapende strijders trokken vanuit Kosovo Macedonië binnen en vormden met etnische Albanezen een verbond, het UCK-M. Eind maart claimden de Macedonische veiligheidstroepen de overwinning, waarop het UCK-M ging dreigen met een stadsguerilla. Begin april begon onder leiding van president Trajkovksi de politieke dialoog en Javier Solana werd in zijn functie als Hoge Vertegenwoordiger van de EU uitgenodigd te bemiddelen tussen de strijdende partijen.

Toch laaide de strijd eind april in volle hevigheid op, maar op 5 juli, na intensieve bemiddeling door de NAVO, sloten het UCK-M en de Macedonische regering een staakt-het-vuren. Half mei werd een regering van nationale eenheid gevormd tussen de regering en de rebellen: een coalitie van VMRO-DPMNE (etnisch Macedonische nationalistische partij), SDSM (sociaal-democratische partij), LDP (liberaal-democratische partij), DPA (etnisch Albanese progressieve partij) en PDP (tweede etnisch Albanese partij). Op 13 augustus 2001 werd in Ohrid het Framework Agreement ondertekend door de vier grootste partijen (VMRO-DPMNE, SDSM, DPA en PDP). Er werd onder andere overeenstemming bereikt op het gebied van de territoriale integriteit van Macedonië, rechten voor etnische minderheden, de taalkwestie en parlementaire procedures. Onder leiding van de NAVO (‘Essential Harvest’) werden de rebellen ontwapend en op 16 november stemde het Macedonische parlement in met een nieuwe grondwet die het akkoord ratificeerde.

In januari 2002 nam het parlement de Wet op lokaal zelfbestuur aan en in juni nam Nederland (tot 15 december) de leiding op zich van de internationale troepenmacht die toezag op de naleving van het Ohrid-akkoord. In augustus werden twee Macedonische politiemannen doodgeschoten door Albanezen, maar men wist te voorkomen dat het conflict weer zou oplaaien.

De vrij rustig verlopen parlementsverkiezingen van september 2002 (de campagne kostte helaas het leven aan 15 mensen) werden gewonnen door de samen voor Macedonië-coalitie. De grote verliezer van de verkiezingen werd de VMRO-DPMNE van premier Georgijevski. Premier werd Branko Crvenkovski, die een coalitie vormde met de vroegere Albanese rebellenleider Ali Ahmeti.

Eind maart 2003 nam de Europese Unie de vredeshandhaving van de NAVO over met een legertje van 400 man. Dit was ook wel nodig want de verhouding tussen de twee etnische groepen bleef explosief. Vooral in gebieden waar veel Albanezen woonden kwamen regelmatig gewapende incidenten voor, o.a. werden er een aantal politieagenten ontvoerd. Men hield het Albanese Nationale Leger (ANA) hiervoor verantwoordelijk, een extremistische splintergroepering die streefde naar een Groot-Albanië.

Op 26 februari 2004 kwam president Trajkovski bij een vliegtuigongeluk om het leven. Hij verongelukte precies op de dag dat Macedonië officieel het lidmaatschap van de Europese Unie wilde aanvragen, iets waar Trajkovski altijd een fervent voorstander van was geweest.

Door deze tragische gebeurtenis waren er vervroegde presidentsverkiezingen nodig, die in de noodzakelijke tweede ronde gewonnen werden door premier Crvenkovski. Hij won met bijna 63% van de stemmen van de nationalist Sasko Kedev. Crvenkovski (41 jaar) werd in juni opgevolgd als premier door de minister van Binnenlandse Zaken, Hari Kostov.

Door de zeer omstreden decentralisatiewet laaiden de spanningen tussen de Macedoniërs en de Albanezen vanaf juli weer op. In de stad Struga vielen bij ongeregeldheden tientallen gewonden en in de hoofdstad Skopje protesteerden duizenden Macedoniërs tegen de wet, die Albanezen in gemeenten waar zij in de meerderheid waren, veel zeggenschap zou geven. Ondanks alles werd de wet in augustus toch goedgekeurd door het parlement.

De protesten bleven echter aanhouden, waarna de regering-Kostov besloot om de gemeenteraadsverkiezingen een maand uit te stellen. De oppositie wilde een referendum uitroepen, omdat opiniepeilingen uitwezen dat meer dan 90% van de Macedoniërs tegen de wet was. Het referendum kwam er maar werd door de meeste kiezers geboycot en daardoor ongeldig verklaard. Dit nam wel veel kou uit de lucht, maar kostte premier Kostov zijn baan vanwege de zeer slechte verhouding die was ontstaan met een van de Albanese coalitiepartijen. Hij werd eind 2004 opgevolgd door de minister van Defensie, Vlado Buckovski.

Eerder dat jaar, op 22 maart, diende Macedonië een aanvraag in om toe te treden tot de Europese Unie.

Op 9 november 2005 gaf de Europese Commissie een positief advies, dat op 17 december 2005 werd overgenomen door de Europese Raad. Een datum voor het beginnen met onderhandelen werd nog niet gegeven.

In juli 2006 vormt Nikola Gruevski van de VMRO-DPMNE een coalitieregering na verkiezingen. In april 2008 blokkeert Griekenland de toegang tot de NATO voor Macedonië vanwege de naamgeving van Macedonië. In juni 2008 wint Nikola Gruevski opnieuw de verkiezingen. In april 2009 wint Gjorgje Ivanov de presidentsverkiezingen. Sinds december 2009 vallen de inwoners van Macedonië ook onder het Schengen verdrag. Bij de parlementsverkiezingen van juni 2011 wint Gruevski en krijgt zijn partij de absolute meerderheid. De sociaaldemocraten, de belangrijkste oppositiepartij, boycotten de parlementsvergadering na een verhit debat over de begroting voor 2013. Na bemiddeling door de EU hervatten ze de samenwerking in maart 2013. In april 2013 verschijnt een rapport van de EU over de vorderingen van Macedonië naar een lidmaatschap. Op bijna alle punten is vooruitgang geboekt, behalve op het gebied van de binnenlandse politieke spanningen. De relatie met de buurlanden Griekenland en Bulgarije is ook een punt van zorg. In april 2014 wordt president Ivanov herkozen en vormt premier Gruevki een nieuwe regering met daarin de partij van de etnisch Albanezen. In 2015 en 2016 worstelt Macedonië met een grote stroom migranten die door het land trekken richting Noord-Europa. In december 2016 zijn er verkiezingen zonder een duidelijke winnaar, de politieke spanningen blijven. In april 2017 zijn er chaotische taferelen in het parlement wannneer een etnische Albanees voorzitter wordt.

Bevolking

Demografische gegevens (2017)

Samenstelling naar leeftijd:

Samenstelling

In 2017 wonen er in Macedonië:

De Albanezen (Gegen in het noorden en Tosken in het zuiden), uitdrukkelijk geen Slavisch volk, vormen veruit de grootste etnische gemeenschap. Zij leven in het noorden en westen van Macedonië langs de grens van Kosovo en Albanië en wonen vooral op het platteland. Alle Albanezen zijn moslims en vormen een zeer op zichzelf staande gemeenschap met over het algemeen weinig contacten en een zekere mate van wantrouwen over en weer tegenover de Slavische Noord-Macedoniërs.

De Albanezen zijn zeer ondervertegenwoordigd in overheidsfuncties en bij politie en leger. Een reden hiervoor is de geringe opleidingsgraad die onder andere veroorzaakt wordt door het slechte Albanese onderwijs.

Een zorg voor de Noord-Macedoniërs betreft de snelle groei van de Albanese bevolking, die als het zo doorgaat binnen enkele decennia de meerderheid van de bevolking van Noord-Macedonië uitmaakt.

Turken (3,9%)

De Turken vormen met ca. 80.000 personen de tweede minderheid in Noord-Macedonië. Ondanks het hoge geboortecijfer is het aantal Turken in de laatste decennia teruggelopen door een toenemende emigratie.

Roma (2.7%)

De situatie van de Roma in Noord-Macedonië is veel beter dan in de rest van Zuidoost-Europa, maar toch is het de gemeenschap met de grootste werkloosheid en de grootste armoede. Zij spreken over het algemeen hun eigen taal, het Romani. Šuto Orizari, in de buurt van de hoofdstad Skopje, herbergt de grootste Roma-gemeenschap ter wereld. Ca. 23.000 Roma van de 54.000 in Noord-Macedonië wonen in deze stad.

Serven (1,8%)

De ca. 40.000 Serven eisten vroeger een Servische autonome provincie binnen Noord-Macedonië, maar lijken zich intussen met hun lot verzoend te hebben.

Overigen (2,2%)

Hieronder een klein aantal Vlach, een bevolkingsgroep die een aan het Roemeens verwante taal spreekt.

Taal

De officiële talen zijn Macedonisch (70%) en Albanees (21%: in Ohrid Akkoord aangemerkt als officiële taal in gebieden waar etnische Albanezen minimaal 20% van de bevolking uitmaken). Daarnaast wordt er nog Turks (3%), Servo-Kroatisch (3%) en overige talen (3%) in Macedonië.

Het Macedonisch wordt nog voornamelijk in het Cyrillisch gesproken.

In voorgaande eeuwen was het Macedonisch, een Slavische taal, sterk gerelateerd aan het Bulgaars, wat nog steeds te merken is in bepaalde aspecten van de grammatica en de woordenschat. Het is dan ook niet vreemd dat Macedoniërs en Bulgaren elkaar redelijk goed kunnen verstaan ook al spreken ze elkanders taal niet. Tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog regeerde Bulgarije enige tijd over Macedonië en dreigde het Bulgaars het Macedonisch te overvleugelen.

Toen het voormalige Joegoslavië Macedonië bezette, probeerde men het Servisch aan de bevolking op te dringen. Op dit moment lijkt het Macedonisch dan ook meer op het Servisch, maar heeft 31 letters in plaats van de Servische 30 en vier verschillende letters.

Macedonische woorden en zinnen

Godsdienst

Ondanks pogingen van het voormalige Joegoslavië om de diverse staten seculier te houden en religieus leven te ontmoedigen, heeft de neergang van het communisme een opleving van het religieuze leven tot gevolg gehad.

Dit heeft geleid tot een grote saamhorigheid binnen de religieuze groeperingen, maar ook tot conflicten tussen de diverse groeperingen onderling.

Ondanks het feit dat Macedonië enkele tientallen grote en kleine religieuze gemeenschappen kent, vormen de Macedonische orthodoxe christenen (Slavische Macedoniërs, Serven, Vlachen en een aantal Roma) met ca. 67% een ruime meerderheid. Alle orthodoxe christenen behoren tot de in 1958 gestichte Macedonische autonome orthodoxe Kerk.

Ca. 30% is een soennitische moslim (Albanezen, Turken en een aantal Roma) en de overige 3% van de bevolking is katholiek (sommige Albanezen met Moeder Theresa als beroemd lid), evangelist, jehova, atheïst of bektaši. Ex-president Trajkovski behoorde tot de Methodistische gemeenschap.

Bektaši zijn volgelingen Haci Bektas Veli, grondlegger van de Bektaši-orde, Haci Bektas Veli is een heilige die in de 13e eeuw leefde en veel volgelingen won onder de Anatolische bevolking. Zijn filosofie was een uitwerking van die van de Alevieten, een vrijzinnige groepering binnen de islam.

Alevieten gaan niet naar de moskee, bidden niet vijf keer per dag, doen niet aan de ramadan en de positie van mannen en vrouwen is volkomen gelijk. De echte verschillen tussen Bektaši en de Alevieten zijn door de eeuwen heen zo klein geworden, dat er nauwelijks nog sprake is van verschillen.

Samenleving

Staatsinrichting

Volgens de huidige grondwet (d.d. 17 november 1991) heeft Macedonië een meerpartijensysteem.

De wetgevende macht is in handen van een parlement (Sobranje) dat bestaat uit één kamer van 120 leden die voor vier jaar worden verkozen. Vijfentachtig van de afgevaardigden worden gekozen vanuit zes enkelvoudige kiesdistricten, de overige vijfendertig van partijlijsten volgens een proportioneel stelsel. Er is stemrecht vanaf 18 jaar.

De president wordt voor vijf jaar gekozen (maximaal twee keer achter elkaar!), is opperbevelhebber van de krijgsmacht en voorzitter van de Veiligheidsraad. Voor het overige heeft hij weinig formele bevoegdheden en is het vooral een ceremoniële functie. Hij kan geen veto uitspreken over wetsvoorstellen, alleen het aannemen ervan vertragen. De regering, geleid door een minister-president, wordt benoemd door de president.

Administratieve indeling

Macedonië in ingedeeld in 38 gemeenten, waaronder de hoofdstad Skopje met vijf gemeenten.

Grootste steden per 2002

Skopje470.000
Kumanovo103.500
Bitola87.000
Prilep74.000
Tetovo71.000
Veles58.000
Ohrid55.000
Gostivar50.000
Štip48.000
Strumica46.000

Politieke situatie

Op 13 augustus 2001 werd in Ohrid het Framework Agreement ondertekend, dat sindsdien de binnenlandse politieke agenda beheerste. Op verzoek van de Macedonische regering nam de NAVO (waaronder Nederland) het inzamelen van de wapens van het UCK-M op zich. De missie, Operatie Essential Harvest, verliep succesvol: de voorgenomen aantallen wapens werden ingezameld.

Velen binnen de Macedonische samenleving vreesden echter dat na beëindiging van Operatie Essential Harvest zonder garantie van onafhankelijke (bewapende) waarnemers het geweld weer zou oplaaien. Er zouden zich ook nog onder de etnisch Albanese bevolking grote hoeveelheden wapens bevinden. Slavisch Macedonische (paramilitaire) splintergroeperingen die het vredesproces trachtten tegen te werken, lieten ook nog regelmatig van zich horen.

Op verzoek van de Macedonische regering stemde de NAVO op 26 september 2001 in met de vervolgmissie Amber Fox, die de Macedonische overheid assisteerde bij het waarborgen van de veiligheid van de internationale waarnemers van de EU en de OVSE. Nederland was vanaf 26 juni 2002 “lead nation” van de troepenmacht Task Force Fox (TFF) in Noord-West Macedonië. Op 15 december 2002 verliep het mandaat van Task Force Fox, mar werd verlengd met zes maanden door de operatie Allied Harmony.

Sinds 1 april 2003 heeft de EU de leiding overgenomen van de NAVO over de militaire operatie in Macedonië. In het kader van deze operatie, Concordia genaamd, heeft de EU de troepenmacht EUFOR gestationeerd voor de duur van zes maanden. EUFOR ondersteunde de waarnemersmissie van EU en OVSE en bevorderde de stabiliteit in de voormalige crisisgebieden.

De actuele politieke situatie staat beschreven in het hoofdstuk geschiedenis.

Onderwijs

Het basisonderwijs duurt in Macedonië acht jaar en de leerlingen krijgen hier na een geslaagde afloop een certificaat voor. Hierna kunnen de leerlingen kiezen tussen algemeen voortgezet onderwijs, technische scholen, beroepsopleidingen en kunstopleidingen. In het tweede deel van het vierde jaar schrijven de studenten een studieproject (‘Maturska Tema’) dat ze moeten verdedigen. Verder wordt er een schriftelijk examen in de moedertaal en een mondeling examen afgelegd.

De beroepsopleidingen, die drie of vier jaar duren, werken van een bepaald thema helemaal uit en leggen ook een praktisch examen en een schriftelijk examen in de moedertaal af. De certificaten die behaald worden op de technische scholen geven toegang tot de toelatingsexamens tot van de universiteiten; Het certificaat van de vakscholen geven toegang tot de toelatingsexamens.

Scholen voor kunst-, ballet- en muziekopleidingen duren vier jaar en mogen bezocht worden na een toelatingsexamen. Na het behaalde eindexamen kunnen deze leerlingen eventueel doorstromen naar de universiteit.

Het onderwijs voor de etnische minderheden is nog steeds niet optimaal geregeld, ondanks het grondwettelijke recht op basis- en middelbaar onderwijs in hun eigen taal. Met name de Albanese minderheid klaagt over het niveau van het Albanese onderwijs en het gebrek aan Albanese middelbare scholen.

Er zijn op dit moment Albanese, Turkse, Servische en enkele scholen voor Vlach-kinderen. Voor Roma-kinderen zijn er nauwelijks mogelijkheden.

Naast het hoger beroepsonderwijs zijn er nog drie universiteiten die vier- en zesjarige opleidingen geven. De huidige hervormingen in het hoger onderwijs zijn bedoeld om meer op één lijn te komen met het hoger onderwijs in West-Europese en internationale maatstaven te bereiken.

Er zijn drie universiteiten in Macedonië:

De Heilige Clementius van Ohrid Universiteit van Bitola, gesticht in 1979. Naast faculteiten in Bitola zijn er ook in faculteiten in Ohrid en Prilep:

De H.H. Cyrillus en Methodius Universiteit van Skopje werd gesticht in 1949 en had toen nog maar drie faculteiten. Op dit moment telt de universiteit 23 faculteiten en tien instituten en instellingen.

Er studeren op dit moment ca. 36.000 Macedonische en ca. 700 buitenlandse studenten. Verder werken er ca. 2300 leraren en wetenschappelijk personeel aan de faculteiten en ca. 300 bij de instituten.

De Staatsuniversiteit van Tetovo (Universiteti Shtetëror i Tetovës) bestaat pas sinds 17 december 1994 en werd pas in januari 2004 als zodanig door de Macedonische autoriteiten erkend.

De colleges aan de vijf faculteiten worden voornamelijk in het Albanees gegeven, maar ook in het Macedonisch en in het Engels.

Economie

Algemeen

Na het uiteenvallen van Joegoslavië in 1991 verloor Macedonië belangrijke traditionele afzetmogelijkheden. Bovendien had het land direct te lijden van de internationale handelsboycot van de internationale gemeenschap tegen Servië, de Kosovo-crisis en de economische blokkade van Griekenland vanwege de naam van het land.

In de tweede helft van de jaren negentig werd de transitie naar een markteconomie ingezet, die echter nog altijd zeer moeizaam verloopt. Toch werden er wat successen geboekt door hervormingen, waaronder het privatiseren van staatsbedrijven en de sanering van de overheidsfinanciën.

Na de presidentsverkiezingen van november 1999 werd het tempo van de hervormingen versneld, gestimuleerd door de internationale donorgemeenschap. De relatie met de Wereldbank en het IMF werd hersteld, en een driejarig strategisch economisch programma stuurde aan op ingrijpende structurele hervormingen.

Investeerders laten zich nog altijd afschrikken door de instabiliteit van de hele regio en de ingewikkelde wetgeving op dit gebied.

In 2017 groeide de economie met 0%. Het aantal werklozen bedroeg in 2017 ca. 22,4% van de beroepsbevolking en 21,5% van de bevolking leeft onder de armoedegrens.

Landbouw en veeteelt

De agrarische sector richt zich vooral op de teelt van tabak, fruit, granen, katoen en wijndruiven. Met 12.000 hectare wijnbouwgrond is Tikves het grootste wijnbouwgebied in Macedonië. Jaarlijks wordt hier ca. 85.000 ton druiven geoogst.

Meer dan één miljoen hectares wordt gebruikt voor de landbouw en veeteelt. Ongeveer de helft daarvan wordt gebruikt als akkerland, de andere helft als weidgrond. In de hoger geleden gebieden houdt men runderen en geiten. De belangrijkste gewassen zijn tarwe, rogge, maïs, suikerbieten, rijst, papaver en katoen. De belangrijkste exportproducten zijn druiven en ruwe tabak. Bijzonder is dat er op kleine schaal opium geteeld wordt voor farmaceutische doeleinden.

Mijnbouw en industrie

De belangrijkste bron van inkomsten vormen de mijnbouw en de industrie. Macedonië produceert onder andere bruinkool, ijzer, koper, lood, chroom, antimoon (zilverwitte, brosse en breekbare kristallijne vaste stof met slechte elektrische, maar goede thermische geleidbaarheid) en molybdeen (grijs overgangsmetaal dat vooral gebruikt wordt in legeringen).

Belangrijke sectoren voor de economie zijn de metaalverwerkende industrie, de textielindustrie en de chemische industrie.

Vakantie en Bezienswaardigheden

Het toerisme wordt steeds belangrijker met het gebied rond het Meer van Ohrid als belangrijkste trekpleister. Stad en meer zijn het hoogtepunt van elke reis naar Macedonië. Ohrid is een plaats van dramatische schoonheid, rijk aan geschiedenis en cultuur. Het kristalheldere wateren van het meer en de overvloedige hoeveelheid budget accommodaties maken het een magneet voor de vakantiegangers. In de zomer verandert dit slaperige plaatsje, met zijn geplaveide straatjes en schilderachtige kerken in een levendige feeststad.

De ontwikkeling van enkele wintersportcentra opent nieuwe mogelijkheden, o.a. in Kruševo, het hoogst gelegen dorp van de gehele Balkan (1250 m). Sportieve uitdagingen vormen (berg)wandelen, bergbeklimmen, paragliding, duiken en kayakken.

Een interessante samensmelting van Oost en West, zo is Skopje, de hoofdstad van Macedonië het best te omschrijven. Als je tijdens je bezoek aan Skopje de Oude stad niet aandoet, ben je niet in het echte Skopje geweest. Het historische centrum is een bruisende combinatie van communistische souvenirs en Westerse invloeden. Je vindt er veel gezellige winkeltjes, oude gebouwen en knusse cafés. In het hart van Skopje is de Stenen Brug van Skopje te vinden. De brug is gebouwd in de 15e eeuw in opdracht van Sultan Mehmed II in Ottomaanse stijl. De Stenen Brug verbindt het oude gedeelte van Skopje met het nieuwere deel van de stad. Bij verschillende voorvallen werd de brug beschadigd, maar in de jaren ’90 is geprobeerd de brug in originele staat terug te brengen. Lees meer op de Skopje pagina van landenweb.

Klik op de menuknop bovenaan het scherm voor meer informatie

NOORD-MACEDONIE LINKS

Advertenties
• Macedonie Tui Reizen
• Djoser Rondreis Noord-Macedonie
• Macedonie Vliegtickets.nl
• Skopje Hotels
• Autoverhuur Sunny Cars Noord-Macedonie
• Transport Macedonië - TTS Quality Logistics B.V

Nuttige links

Macednonie Eigenpage (N+E)
Macedonië Startkabel (N+E)
Reisinformatie Macedonië (N)
Startpagina Macedonie (N)
Telefoongids Macedonië

Bronnen

Detrez, R. / Macedonië : mensen, politiek, economie, cultuur, milieu

Koninklijk Instituut voor de Tropen

Evans, T. / Macedonia

Bradt Travel Guides

Zuid-Europa

The Reader's Digest

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt november 2021
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems