Landenweb.nl

BULGARIJE
 

Basisgegevens
  Officiële
  landstaal
  Bulgaars
  Hoofdstad  Sofia
  Oppervlakte  110.879 km²
  Inwoners  6.995.239
  (mei 2019)
  Munteenheid  lev
  (BGN)
  Tijdsverschil  +1 (zomer +2)
  Web  .bg
  Code.  BGR
  Tel.  +359

To read about BULGARIA in English - click here

Steden BULGARIJE

Sofia

Geografie en Landschap

Geografie

Bulgarije (officieel: Republika Bulgaria), is een republiek in Zuidoost- Europa, gelegen op het Balkanschiereiland. De Balkan is een berggebied dat zich ten zuiden van de rivier de Donau uitstrekt.

advertentie

Bulgarije Landschap

Photo:Anton Lefterov CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De oppervlakte van Bulgarije is 110.994 km2, en dat is ca. 2,7 keer zo groot als Nederland. In het noorden grenst Bulgarije aan Roemenië (608 km) en de grens wordt daar over een afstand van ca. 425 kilometer gevormd door de Donau. In het westen grenst Bulgarije aan Macedonië (148 km) en Servië (318 km). De grens met Griekenland (494 km) in het zuiden wordt gevormd door de dalen van het Rodopi-gebergte. In het zuidoosten grenst Bulgarije aan Turkije (240 km) en in het oosten aan de Zwarte Zee (Cerno More). De grootste afstand van noord naar zuid is 330 km en van oost naar west 520 km.

advertentie

Bulgarije Satellietfoto

Photo:Pubiek domein

Landschap

De oostelijke kuststrook is het laagste deel van het land. Gemiddeld ligt Bulgarije ca. 470 meter boven de zeespiegel. Geografisch is Bulgarije in te delen in drie gebieden en de centrale bergketen speelt daarin een grote rol. Het Balkan-gebergte (Stara Planina) deelt het land namelijk van het westen naar het oosten doormidden en is verdeeld in Hoog-Balkan, West-Balkan en Oost- Balkan. In de Hoog-Balkan ligt een van de hoogste bergen van Bulgarije, de Botev (2376 meter). De gemiddelde hoogte bedraagt van dit gebergte is ca. 700 meter.

advertentie

Bulgarije Winter

Photo:Deyan Vasilev CCAttribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Het Donau-laagland of Donau-Bulgarije ligt ten noorden van het Balkan- gebergte en is een naar het noorden afhellend, zeer vruchtbaar lössplateau, dat tegen de Donau met een steile oever afbreekt. In het noordoosten ligt het heuvelachtige woudengebied van Deli Orman, dat de overgang vormt naar de Dobroedsja. Ten zuiden van het Balkan-gebergte ligt de Thracische Laagvlakte en daarna komen drie belangrijke massieven: het Rila-gebergte, het Pirin-gebergte en het Rodopi-massief, dat tot ver in Griekenland doorloopt. De hoogste top van Bulgarije ligt in het Rila-gebergte en is de Musala (2925 meter).

Bulgarije telt honderden rivieren en enkele daarvan spelen een grote rol bij de afwatering en bevloeiing van het Donau-laagland en de Thracische Laagvlakte, met name de Donau (Bulgaars: Dunav), de Iskâr en de Jantra. Andere belangrijke rivieren zijn de Tundža, de Marica, de Struma en de Mesta. Bulgarije kent geen natuurlijke grote meren, wel enkele grote stuwmeren.

Klimaat en Weer

advertentie

Bulgarije Rozenvallei

Photo:Plamen Agov CCAttribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Het typische Midden-Europese landklimaat met warme zomers en koude winters wordt in Bulgarije sterk beïnvloed door de Zwarte Zee en het Balkan-gebergte. Noord-Bulgarije heeft een uitgesproken landklimaat, met hete zomers en strenge winters. Ten zuiden van het Balkan-gebergte, dat een klimaatscheiding vormt, heerst een zachter klimaat en vertoond dichter bij Griekenland steeds meer mediterrane trekjes.

De gemiddelde dagtemperaturen liggen in het binnenland rond de 24°C en juli en augustus is duidelijk de warmste periode van het jaar. Het is dan gemiddeld ca. 27°C en langs de Zwarte Zeekust lopen de temperaturen dan tegen de 30°C. De zeewind zorgt gelukkig voor wat verkoeling. Doordat de Zwarte Zee via de Bosporus in verbinding staat met de Egeïsche Zee loopt de watertemperatuur van de Zwarte Zee op tot ca. 23°C in september. In het Rila-gebergte en de Rodopi kan ’s winters geskied worden.

De neerslag bedraagt gemiddeld 600 mm per jaar, maar in de bergen valt vaak meer dan 1000 mm per jaar, vaak in de vorm van sneeuw. Op de hoogste toppen blijft de sneeuw tot juni liggen. In de lagere streken van Bulgarije valt maar weinig sneeuw. De hoofdregentijd is de zomer, in het zuiden de herfst. Het aantal zonuren per dag varieert van 2 uur in januari en tot 10 uur hartje zomer.

Planten en dieren

Planten

advertentie

Rodopi Gebergte Bulgarije

Photo:aski Creative Commons Attribution 3.0 Unported no changes made

De plantengroei is gevarieerd door de klimaatovergang van continentaal naar mediterraan. De Donau Laagvlakte is met zijn vruchtbare lössgronden belangrijk voor de Bulgaarse landbouw. Dit voornamelijk door cultuurgronden gedomineerd landschap bestaat verder uit graslanden en steppevegetatie. Het Balkan-gebergte is vrij bebost met vooral wilde kastanjes, iepen, eiken, beuken en essen. De Hoog-Balkan en het Pirin-gebergte kennen een alpiene vegetatie.

De Thracische Laagvlakte is zeer groen met in de dalen o.a. wilde appel- en perenbomen. De zuidelijke bergstreken en dan met name het Rodopi-gebergte kennen imposante naaldbossen. In de Maritsavlakte en aan de Zwarte-Zeekust komt mediterrane plantengroei voor. Het totale bosbezit is sinds de middeleeuwen dramatisch geslonken; nog maar 30% van Bulgarije is met bos bedekt, waaronder veel loofwoud.

Dieren

advertentie

Ooievaars Bulgarije

Photo:Edal Anton Lefterov CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De dierenwereld behoort tot die van het mediterrane overgangsgebied hetgeen resulteert in een grote soortenrijkdom. Op de hellingen van de beboste bergen komen wilde zwijnen, wolven en beren voor. Bulgarije telt ca. 350 vogelsoorten waarvan er ongeveer 160 voorkomen rond het Srebarna-meer, dat onder bescherming van de UNESCO staat. Ook op de vele eilandjes in de Donau komen vele soorten vogels voor zoals lepelaars, plevieren, futen en zilverreigers.

Op het platteland leven nog tienduizenden ooievaars die in augustus afreizen naar het zuiden. Aan de kust broeden o.a. pelikanen en leven grote kolonies zwaluwen. Zwaluwen komen ook in het binnenland nog veel voor. In een aantal moerassen komen nog vrij talrijk zoetwaterschildpadden voor. Tot de beschermde gebieden behoren vooral de zogenaamde “wetlands” die zeer belangrijk zijn voor broedende en overwinterende vogels.

Zeventien gebieden zijn aangewezen als beschermde natuurgebieden en natuurreservaten. Het natuurreservaat Bajuvi Doupki-Djindjeritsa staat, evenals het Srebarna-meer, onder bescherming van de UNESCO.

Geschiedenis

Prehistorie en oudheid

advertentie

Magura Grottekeningen Bulgarije

Photo:Nk in het publieke domein

Archeologische vondsten hebben aangetoond dat er 50.000 tot 100.000 jaar geleden al mensen in Bulgarije gewoond moeten hebben. Ze leefden in grotten in de lager gelegen delen van Bulgarije. Ook resten van duizenden jaren oude nederzettingen zijn gevonden. De mensen uit die tijd leefden van de jacht, de visserij en het verzamelen van kruiden en wortelen.

Bulgarije werd in de oudheid bewoond door Thraciërs, die in de 1ste eeuw v.C. door de Romeinen werden onderworpen. Vanaf ca. 300 v.C. hadden zij zich vermengd met de binnengevallen Kelten. In het algemeen kan gesteld worden dat de Romeinen er nooit in geslaagd zijn het hele gebied rondom de Zwarte Zee ( Pontus Euxinus) te veroveren. Onder keizer Claudius rukten de Romeinen op richting de Donau, maar stopten daar met hun veroveringen. Het gebied tussen de Donau en het Balkan-gebergte werd de Romeinse provincie Moesia. In de meest oostelijke Donaustad Silistra (Durostorum) was het hoofdkwartier van het 11e legioen gevestigd.

Middeleeuwen; Eerste en Tweede Tsarenrijk

advertentie

Boris I Bulgarije Doop

Photo:Publiek domein

Na de verovering door Claudius ontwikkelde Thracië zich voorspoedig, met name in de handelssteden als Ulpia Serdina (nu: hoofdstad Sofia), Trimontium (nu: Plovdiv) en Augusta Traiana (Stara Zagora). Op het platteland hadden de Romeinen het moeilijker door voortdurende aanvallen op hun troepen. In 476 viel het West-Romeinse rijk en begonnen de tot rond 1500 durende Middeleeuwen. Vanaf de 3e eeuw, de tijd van de grote volksverhuizingen, werd het gebied ten westen van de Zwarte Zee binnengevallen door de Hunnen en de Visigoten. Na deze volkeren trokken rond de 5e eeuw Slavische stammen de Donau over. Uiteindelijk ging de Thracische cultuur volledig op in de Slavische cultuur.

Tussen de 5e en de 7e eeuw trokken de Bulgaren, Turks-Mongoolse nomadenstammen, Bulgarije binnen. Dit leverde uiteraard veel strijd op, zowel onderling als met de Slavische stammen. In 681 echter schaarden de meeste stamhoofden zich achter koning Kan Asparuh en begon het eerste Bulgaarse tsarenrijk dat tot 1018 zou duren. De belangrijkste tsaar uit die tijd was Boris I, die tot 889 regeerde. Hij voerde het Slavische (Cyrillische) alfabet in en het christendom werd aanvaard als staatsgodsdienst. Hij werd opgevolgd door tsaar Simeon de Grote, die het grondgebied van Bulgarije aanzienlijk uitbreidde en in de 10e eeuw besloeg het rijk grote delen van voormalig Joegoslavië, Albanië en het noorden van Griekenland. De eerste hoofdstad was Pliska, in 893 opgevolgd door Preslav. Onder tsaar Petar kwam het tot een volksopstand o.a. als gevolg van het sterk feodale systeem dat het gewone volk onder de duim moest houden.

Dit betekende het begin van het einde van het eerste tsarenrijk dat uiteen zou vallen in een oostelijk en westelijk deel, Macedonië. Macedonië werd een zelfstandig rijk onder tsaar Samuel en het oostelijk deel werd in 972 een deel van Byzantium. In 1018, onder de Byzantijnse keizer Basilius II, kwam Bulgarije geheel onder Byzantijns bestuur. De ene na de andere opstand volgde, maar pas in 1185 slaagde men erin zich van de Byzantijnen te ontdoen. Een vurig gewenst Groot-Bulgarije zat er echter nooit meer in, daarvoor waren de omringende rijken te sterk.

In 1187 werd het tweede Bulgaarse rijk uitgeroepen met Târnovo als hoofdstad. Onder tsaar Kalojan slaagde men erin om wat gebieden van de Byzantijnen te heroveren. De Byzantijnen eisten hun grondgebieden terug maar verloren in 1205 de slag bij Adrianopolis. Korte tijd later werd de gevierde Kalojan vermoord door ontevreden bojaren (adellijke grootgrondbezitters). Ook tijdens de heerschappij van tsaar Ivan Assen II breidde het Bulgaarse gebied zich uit en floreerden handel en cultuur. Na Ivan was het echter weer snel afgelopen met de voorspoed door onderlinge twisten tussen bojaren en boeren waardoor het tweede Bulgaarse rijk in verval raakte. Van 1323 tot 1396 volgde nog een opleving maar de daarop volgende Turkse overheersing zorgde voor donkere tijden. Halverwege de 14e eeuw hadden de Bulgaren al veel te lijden onder aanvallen van de Mongolen en eind 14e eeuw werd geheel Bulgarije door het Ottomaanse rijk veroverd o.a. na de verloren slag bij Nikopolis.

Turkse overheersing

advertentie

Levski Bulgarije

Photo:Publiek domein

Bulgarije werd aanvankelijk bestuurd door een stadhouder maar sinds de 16de eeuw heersten de provinciale bestuurders, de pasja's, oppermachtig en oefenden een wreed en corrupt regime uit. De bevolking had behalve onder de zware onderdrukking door de Turken te lijden onder het machtsmisbruik van de gehelleniseerde hoge geestelijkheid. De ontwikkelingen elders in Europa onder invloed van de Renaissance, gingen volledig aan Bulgarije voorbij en men bleef als het ware in de middeleeuwen steken. Ook de Verlichting in de 18e eeuw en de industriële revolutie gingen aan Bulgarije voorbij. De meeste adel bekeerde zich tot de islam, alleen het gewone volk bleef trouw aan het Grieks- Byzantijnse geloof ondanks vervolging en onderdrukking.

Het Bulgaarse nationalisme ontwikkelde zich pas goed in de 19e eeuw. In de jaren dertig van die eeuw ontstonden overal revolutionaire comités die uiteindelijk samengingen in de Binnenlandse Revolutionaire Organisatie (BRO) onder leiding van Vasil Kântschew (bijnaam: Levski), die in 1873 door de Turken opgehangen werd. Op 20 april 1876 kwam het tot een nationale opstand tegen de Turken, die aanleiding gaf tot gruwelijke Turkse represailles. Deze opstand kostte vele tienduizenden mannen, vrouwen en kinderen het leven. De westerse mogendheden protesteerden hevig tegen het bloedbad maar bemoeiden zich vanwege economische motieven niet verder met de strijd. Alleen Rusland schoot de Bulgaren te hulp, voornamelijk om hun militaire en politieke invloed ten zuiden van de Krim te vergroten.

Na een drie jaar durende strijd werden de Turken bij de vrede van San Stefano op 3 maart 1878 min of meer gedwongen in te stemmen met de stichting van Groot- Bulgarije over een gebied van de Donau tot de Egeïsche Zee. Duitsland, Engeland en Oostenrijk-Hongarije zagen hier echter weinig in en dreigden op het Congres van Berlijn (1878) met een nieuwe oorlog. Dit resulteerde in een klein vorstendom Bulgarije, dat wel schatplichtig zou blijven aan de Turken. De eerste vorst van het nieuwe Bulgarije werd de Pruisische prins Alexander von Battenberg. Hij raakte al snel in oorlog met Servië en Turkije na een poging om één unie te vormen met Oost-Roemenië. Battenberg won de strijd en de uitkomst hiervan werd ook internationaal aanvaard (Vrede van Boekarest). In 1887 besteeg Ferdinand von Saksen-Coburg de troon en hij begon met het volledig inlijven van Oost-Roemenië en het verbeteren van de betrekkingen met Rusland. In 1908 proclameerde hij zichzelf uit tot tsaar van Bulgarije.

Eerste en Tweede Wereldoorlog

advertentie

Bulgaarse soldaten Wereldoorlog I

Photo:Publiek domein

Ondanks twee Balkanoorlogen in 1912 en 1913 lukte het om een verbinding met de Egeïsche Zee te realiseren. Nadat Rusland de kant van Serviëkoos, zocht Bulgarije steun bij Oostenrijk waardoor het land meegesleept zou worden in de Eerste Wereldoorlog. Na de Servische moord op de Oostenrijkse troonopvolger Frans Ferdinand in 1914 viel Oostenrijk, geholpen door de Bulgaren, Servië binnen. Bulgarije had zich aangesloten bij Duitsland en Oostenrijk-Hongarije en stond tegenover Rusland, Engeland en Frankrijk. Na de verovering van Servië werd ook Macedonië weer veroverd. In september 1918 gaf Ferdinand de strijd op toen Franse troepen vanuit Griekenland door de Bulgaarse linies braken.

Bulgarije verloor na de oorlog Macedonië weer aan Joegoslavië en een stuk van Griekenland, waardoor de verbinding met de Egeïsche Zee van zeer korte duur is geweest (27 oktober 1919; Vrede van Neuilly). De Eerste Wereldoorlog had zware gevolgen voor Bulgarije. Het één miljoen man tellende leger moest gedemobiliseerd worden, de zwaar getroffen industrie moest weer opgebouwd worden en er werden Bulgarije zware herstelbetalingen aan andere landen opgelegd. Geïnspireerd door de Russische revolutie werd in 1919 de Communistische Partij Bulgarije (CPB) opgericht. Tot 1923 was Alexander Stamboeliski, de leider van de Agrarische Unie, de sterke man in Bulgarije. Hij probeerde de honger en de armoede onder de bevolking te bestrijden door het afschaffen van grootgrondbezit en door bedrijven te onteigenen. Deze agrarische hervormingen leverden hem uiteraard veel tegenstanders op die hem in juni 1923 vermoordden.

Na Stamboeliski kwam Alexander Tsankov aan de macht, een felle anti- communist met fascistische trekjes. De communisten en de Agrarische Unie vormden ondertussen illegaal het Verenigd Front. Zij deden in september 1923 met hulp van Rusland een greep naar de macht die echter met veel bloedvergieten werd onderdrukt. In 1925 volgde een aanslag op Boris III, waarmee er een tijd van “witte terreur” volgde met arrestaties en executies met zeer veel, vaak onschuldige slachtoffers. Vanaf 1935 ging koning Boris III zich met behulp van het leger rechtstreeks met de situatie bemoeien. Zo werden politieke partijen verboden en de grondwet buiten werking gesteld.

Bovendien was hij zeer onder de indruk van de successen van Adolf Hitler in Duitsland en het was dan ook niet vreemd dat Bulgarije zich in 1941 bij het Pact van Wenen aansloot. Dit betekende voor het tot dan toe neutrale Bulgarije dat het direct bij de oorlog betrokken werd. Duitse troepen trokken al snel door Bulgarije naar Griekenland, waarna Engeland en de Verenigde Staten Bulgarije de oorlog verklaarden. Bulgarije nam evenwel geen deel aan de krijgsverrichtingen. Ondertussen hadden sociaal-democraten, republikeinen en communisten zich verenigd in het Vaderlands Front (VF), dat verzetsacties uitvoerde tegen de pro-Duitse regering. Deze regering weigerde wel de Duitsers hulp te verlenen met de aanval op Rusland. Hitler was hierover zeer ontstemd na een bezoek van Hitler aan Bulgarije aan koning Boris III, overleed deze kort daarna onder zeer mysterieuze omstandigheden. Het bewind werd overgenomen door zijn zesjarige zoontje Simeon onder een driekoppig regentschap. Het VF werd intussen het Nationale Bevrijdingsleger in nauwe samenwerking met de Russen. Na de Duitse nederlaag in 1943 bij Stalingrad werden de acties van de partizanen onder leiding van Georgi Dimitrov steeds talrijker. Na onderhandelingen in augustus 1944 met de geallieerden werd er al snel een pro-westerse regering geïnstalleerd in Sofia

Russische overheersing

Voormalig hoofdkantoor Bulgaarse Communistische Partij

Photo:Bloervedt CC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Toch zou de toekomst van Bulgarije er al snel heel anders uit gaan zien. De Russen hadden door de oorlogshandelingen de Donau bereikt na Roemenië op de Duitsers te veroveren. Op 5 september 1944 verklaarden de Russen de Bulgaren geheel onverwachts de oorlog, trokken meteen het land binnen en brachten zowel het koningshuis als het pas aangetreden kabinet ten val. Er werd een overgangsregering geïnstalleerd met aan het hoofd Kimon Georgiev die onmiddellijk de oorlog verklaarde aan Duitsland.

In vergelijking met andere Oost-Europese landen die met Duitsland verbonden waren geweest, was de positie van de communisten in Bulgarije sterk. Zij bezaten in het Vaderlands Front een geschikt orgaan voor de uitbouw van hun macht en konden profiteren van sterke pro-Russische gevoelens onder de bevolking. Georgiev vormde een regering, waarin de communisten het ministerie van Binnenlandse Zaken verkregen. In zes maanden werden in het kader van een grootscheepse 'zuivering' meer dan 2000 mensen terechtgesteld, onder wie de drie regenten (o.a. premier Filov en de minister van Oorlog, Michov). De kleine koning Simeon kon nog vluchten naar Spanje en kwam pas in 2001 weer in beeld!

Bulgarije kwam verder nog vrij ongeschonden uit de Tweede Wereldoorlog want hoefde geen territorium af te staan. Wel moest Bulgarije 75 miljoen dollar herstelbetalingen betalen aan Griekenland en Joegoslavië. Het zou echter nog tot 15 september 1946 duren voordat de republiek uitgeroepen werd na een referendum waarin de meeste Bulgaren tegen de monarchie stemden. Nadat de Volksrepubliek was uitgeroepen werd Georgi Dimitrov partijleider en staatshoofd. Tevens was hij voorzitter van de Raad van Ministers en eerste secretaris van de Communistische Partij. De Raad van Ministers bestond geheel uit leden van het Vaderlands Front. Deze partij behaalde na de oorlog bij de eerste verkiezingen 70% van de stemmen. De nieuwe volksregering, eveneens overwegend communistisch, nam in december 1947 een nieuwe grondwet aan naar het model van die van de Sovjet-Unie.

Oppositie voeren was vanaf die tijd bijna niet meer mogelijk en oppositieleider Nikola Petkov werd al snel gearresteerd. Zowel bij de economische als bij de politieke plannen werd Dimitrov “begeleid” door Zdanov, de rechterhand van de Russische dictator Stalin. Bulgarije volgde de voor alle volksdemocratieën voorgeschreven politiek, maar ontplooide vooral in de collectivisering van de landbouw een opmerkelijke ijver. Ook na de dood van Dimitrov in 1950 domineerden de politieke schijnprocessen tegen de anti-communisten. Hier kwam pas een eind aan toen Stalin in 1953 overleed. Er weerden zelfs mensen gerehabiliteerd! Na de breuk tussen Stalin en Tito van Joegoslavië, die als een “verrader van de communistische solidariteit” afgeschilderd werd, zou Bulgarije een van de felste tegenstanders van Tito worden.

De moeilijkheden met Turkije waren van heel andere aard. Na het uitroepen van de Volksrepubliek Bulgarije verlieten ca. 150.000 etnische Turken Bulgarije. Ze waren bang vanwege hun geloof vervolgd te worden. In 1951 sloot Turkije de grens met Bulgarije. Pas in 1968 werd er een emigratieverdrag gesloten waarna alweer duizenden en duizenden Turken het land verlieten. Eveneens in 1968 nam Bulgarije met een kleine groep soldaten deel aan de invasie van de Russen in het opstandige Tsjecho-Slowakije. In de jaren zestig en zeventig van de 20e eeuw werd de communistische partij steeds sterker en bepaalde zowel de binnenlandse als de buitenlandse politiek. Dit gebeurde echter nooit na ampel overleg met Moskou, en Bulgarije was dan ook naast Oost-Duitsland de fanatiekste bondgenoot van de Sovjet-Unie.

Periode Zhivkov

Zhikov Bulgarije

Photo:Schaar, Helmut CCAttribution-Share Alike 3.0 de no changes made

Belangrijkste man in deze tijd was Tudor Zhivkov, sinds 1954 secretaris- generaaal van de Communistische Partij en sinds 1962 ook premier. Na een grondwetswijziging in 1971 werd hij voorzitter van de nieuw gevormde Staatsraad. Vanaf die tijd trok Zhivkov alle macht naar zich toe en op bijna alle belangrijke posten in het land zaten vrienden of familieleden van hem, zonder dat het parlement ingreep. De betrekkingen met het Westen raakten na november 1982 ernstig verstoord, nadat Mehmet Ali Agca, de Turk die in 1981 een aanslag op de paus had gepleegd, onthulde dat hij in opdracht van de Bulgaarse geheime dienst had gehandeld. Een Bulgaarse verdachte in Italië kwam in 1986 vrij wegens gebrek aan bewijs.

Eind 1984 begon Bulgarije een campagne om de Turkse minderheid in het land, ca. 10% van de totale bevolking, te “bulgariseren”. Etnische Turken en Pomaken (ca. 250.000 afstammelingen van de tijdens de Osmaanse overheersing tot de islam bekeerde Bulgaren) werden gedwongen Slavische namen aan te nemen. Honderden weigerachtige Turken werden veroordeeld of verbannen. Op de Balkanconferentie in Belgrado (1988) kreeg Bulgarije ook kritiek wegens de behandeling van de Macedoniërs, die evenmin als een officiële minderheid werden erkend. De bulgariseringscampagne ten aanzien van de etnische Turken werd in dec. 1989 gestaakt. Vlak daarop keerden enkele tienduizenden naar Turkije geëmigreerde islamitische Bulgaren terug.

Pas onder het bewind in de Sovjet-Unie van Gorbatsjov met zijn glasnost en perestroika kwamen er veranderingen. In 1986 werd een aantal ministeries opgeheven of samengevoegd, een jaar later startte Bulgarije verregaande economische hervormingen naar het voorbeeld van de “perestrojka” in de Sovjet- Unie. In 1987 kwam er ook wat meer persvrijheid. De pers maakte hiervan onmiddellijk “misbruik” door de corruptie en de vele economische en sociale misstanden aan de kaak te stellen. Het was dan ook niet vreemd dat de persvrijheid na een jaar alweer aan banden werd gelegd. Ook alle hervormers werd de wind uit de zeilen genomen en zelfs de beoogde opvolger van Zhivkov, Aleksandrov, werd weggestuurd. De ontwikkelingen in Oost-Europa volgden elkaar echter in zo’n snel tempo op dat er geen houden aan was voor de communisten in Bulgarije. Oppositie werd ineens weer toegestaan en het kon nooit lang meer duren voordat de 78-jarige Zhivkov zou het veld moeten ruimen. Dat zou gebeuren op 10 november 1989 na 35 jaar aan de macht te zijn geweest. Aanleiding hiervoor was een uiteengeslagen demonstratie van de milieu-organisatie Eco- Glasnost op 3 november 1989. Binnen het centraal comité ontstond hierover zoveel onenigheid dat Zhivkov zijn greep op het comité verloor en “vrijwillig” aftrad, samen met al zijn familieleden en getrouwen.

Nieuwe toekomst

Georgi Parvanov Bulgarije

Photo:The Chancellery of the Senate of the Republic of Poland CC 3.0 Poland no changes made

Comité en parlement namen hierna allerlei maatregelen om de oppositiebeweging gunstig te stemmen. Het Politburo, de regering en andere machtsorganen werden eind 1989 gezuiverd van aanhangers van Zhivkov. Op 18 juni 1990 werden de eerste vrije verkiezingen in 44 jaar tijd gehouden met als verrassende winnaar de Bulgaarse Socialistische Partij (BSP) van de voormalige communisten. Met name op het platteland was in groten getale op de BSP gestemd. Belangrijkste oppositiepartij werd de Unie van Democratische Krachten (SDS).

Ondanks een meerderheid in het parlement kwamen de economische en sociale hervormingen niet echt goed van de grond. o.a. door onderlinge meningsverschillen en een stroom van onthullingen over de communistische periode. De BSP benoemde Petar Mladenov tot interim-president, de voormalige voorzitter van de staatsraad. Zijn bewind was echter geen lang leven beschoren omdat de economische en politieke veranderingen volgens de anti-communisten veel te langzaam vorderden. Het socialistische hoofdkantoor werd in brand gestoken en Mladenov wilde daarop het leger inzetten om de onlusten neer te slaan. Hij tekende hiermee echter zijn politiek doodvonnis en in augustus 1990 werd er een nieuwe interim-president gekozen die voor alle partijen aanvaardbaar was: de filosoof Zjeljoe Zjelev.

De parlementsverkiezingen van 1991 werden gewonnen door de SDS met als grootste oppositiepartij de BSP. De minderheidsregering werd geleid door Flip Dimitrov. Hij probeerde revolutionaire economische hervormingen door te voeren en hield een heksenjacht op voormalige communisten. Dit beleid leidde ertoe dat de tegenstellingen tussen de BSP en de SDS weer hoog oplaaiden. In november 1992 werd voormalig leider Zhivkov veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf en volgde er een zuivering van de BSP. De regering werd in oktober 1992 vervangen door een regering van partijloze ministers onder leiding van premier Ljoeben Berov. Hoewel de regering-Berov als tijdelijk was bedoeld, bleef zij tot september 1994 bij elkaar, omdat noch de BSP noch de SDS nieuwe verkiezingen wilde uitschrijven. De partijen vertegenwoordigden twee politieke uitersten, die een concensus in de weg stonden en de economische en morele crisis deden voortduren waarin het land na bijna een halve eeuw communisme verkeerde.

Van september tot december 1994 trad een zakenkabinet aan onder Reneta Indzjova om de periode tot de verkiezingen te overbruggen. Bulgarije zocht in 1994 verdere aansluiting bij het Westen, maar haalde tevens de traditionele banden aan met Moskou, ook op economisch gebied. De BSP won begin 1995 de verkiezingen weer onder leiding van Zjan Videnov. Hij werkte hard aan het herstel van de machtspositie van de oude communistische elite en werd daarom verschillende keren door president Zjelev op het matje geroepen. Corruptie en fraude vierden echter hoogtij terwijl de bevolking verder verpauperde. De presidentsverkiezingen van 1996 werden gewonnen door SDS-kandidaat Petur Stojanov en waren voor de BSP het teken om het ontslag te eisen van de eigen leider Videnov.

De bevolking van Sofia ging de straat op en eiste vervroegde verkiezingen die op 20 april 1997 werden gehouden. Deze verkiezingen werden met een grote meerderheid door de Verenigde Democratische Kracht (VDK) gewonnen, een combinatie van SDS en Volksunie. De nieuwe premier Ivan Kostov stond voor de zware taak om de ingestorte economie weer vlot te trekken en definitief af te rekenen met het communistische verleden. De verkiezingen van juni 2001 werden verrassend gewonnen door de partij van oud-koning Simeon II, de Nationale Beweging voor Simeon II. Hij volgde daarmee Ivan Kostov op. De overwinning werd mogelijk doordat de bevolking zich 12 jaar na de val van het communisme ook van de anti-communisten had afgekeerd. Ook hun was het niet gelukt de voortdurende sociale verpaupering onder brede lagen van de bevolking tegen te gaan. Dat de monarchie ooit nog terugkomt is onwaarschijnlijk; volgens een opiniepeiling wilde 82% van de kiezers dat Bulgarije een republiek blijft.

In augustus kondigde Simeon (burgernaam: Simeon Saxcoburggotski) ingrijpende hervormingen aan om het land uit het slop te halen. Een radicale wijziging van het belastingstelsel, vermindering van de bureaucratie en een verhoging van het minimumloon waren enkele te nemen maatregelen. In november werd na de tweede ronde van de presidentsverkiezingen de socialist Georgi Parvanov de nieuwe president van Bulgarije. Hij kreeg 55,8% van de stemmen en de zittende, pro-westerse president Petar Stojanov moest genoegen nemen met 44,2%. Onder premier Saxe-Coburg werd Bulgarije in april 2004 lid van de NAVO en werden op 15 juni 2004 de onderhandelingen over EU-toetreding technisch afgerond. Op 25 april 2005 ondertekenden in Luxemburg president Parvanov en premier Saxe-Coburg het EU Toetredingsverdrag. Vervolgens ratificeerde op 11 mei 2005 het Bulgaarse parlement met overweldigende meerderheid het Verdrag.

De Bulgaarse president Georgi Parvanov werd in oktober 2006 als eerste staatshoofd in het Balkan-land herkozen na de val van het communisme in 1989. Hij versloeg in de tweede ronde van de presidentsverkiezingen zijn ultranationalistische tegenstander Volen Siderov met ruime cijfers.

Rumen Radev, Bulgarije

Photo:Kremlin.ru Creative Commons Attribution 4.0 International no changes made

In januari 2007 wordt Bulgarije lid van de Europese Unie. In de jaren hier opvolgend wordt Bulgarije aangesproken op het gebrek aan vooruitgang in de strijd tegen de corruptie. In juli 2009 wint rechts de verkiezingen in Bulgarije onder leiding van Borissov de burgemeester van Sofia. In oktober 2011 wint zijn partijgenoot Rosen Plevneliev de presidentsverkiezingen. In februari 2013 treedt Borissov na onlusten af. In mei 2013 ontstaat een patstelling er is geen overtuigende winnaar en de twee grootste partijen vragen de technocraat Delyan Peevski een regering te vormen. In januari 2014 mogen Bulgaren zich vrij vestigen binnen de EU, ook in de landen van de EU die dat oorspronkelijk blokkeerden. In november 2014 wordt Borisov opnieuw premier in een centrumrechtse coalitie. In januari 2015 plaatst Bulgarije een groot hek langs de grens met Turkije om immigranten tegen te houden. In november 2016 wint de socialist Rumen Radev de presidentsverkiezingen. Het Parlement vernietigt in januari 2018 een presidentieel veto over anticorruptiewetgeving en maakt de weg vrij voor de oprichting van een speciale eenheid om misbruik op hoog niveau aan te pakken. De eerstvolgende verkiezingen zijn gepland voor 2021.

Bevolking

Bulgarij straatbeeld

Photo:Adam Jones CC Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

In 2017 telde Bulgarije 7.101.510 miljoen inwoners. Dit betekent dat Bulgarije gemiddeld ongeveer 62 inwoners per km2 telt. In 2017 was de bevolkingsgroei –0,61%. Ongeveer 74% van de bevolking woont in de steden, waarvan de grootste zijn Sofia (1,2 miljoen inwoners), Plovdiv (340.000), Varna (334.000), Boergas (200.000), Roese (150.000), en Stara Zagora (148.000). De rest van de bevolking woont op het dunbevolkte platteland.

De bevolking bestaat voornamelijk uit Bulgaren (77%). De grootste minderheidsgroep is Turks (8%) gevolgd door de Roma (zigeuners; 4,4%) Verder wonen er o.a. nog kleine groepen Macedoniërs, Armeniërs, Roemenen, Russen, joden en Tataren in Bulgarije. De situatie van de Turkse minderheid verslechterde in de loop van de jaren tachtig. In 1984 werden de Turken verplicht een Slavische naam aan te nemen. In 1988 werd begonnen met grootscheepse intimidatietechnieken als gevolg waarvan honderdduizenden Turkse Bulgaren het land verlieten en naar Turkije vluchtten. Het aantal Roma is waarschijnlijk groter, maar uit angst voor discriminatie verhelen veel Roma hun etnische afkomst.

De Russen zijn vooral Russische mannen en vrouwen die na de Tweede Wereldoorlog trouwden met Bulgaarse burgers. De Armeniërs leven vooral in de hoofdstad Sofia en in Plovdiv. De Macedoniërs worden officieel niet als een minderheidsgroep erkend door de Bulgaarse regering. Tot de Tweede Wereldoorlog woonden er nog ruim 50.000 joden in Bulgarije. Doordat er in Bulgarije nauwelijks enig antisemitisme bestond werd er uiteindelijk niet één Bulgaarse jood gedeporteerd naar de Duitse kampen. Dat er nu nog maar ongeveer 4.000 joden in Bulgarije wonen komt door de massale emigratie naar Israël die na de tweede wereldoorlog op gang kwam.

De bevolkingsopbouw doet vrij westers aan. Het aantal inwoners tussen 0-14 jaar bedraagt 14,6%, tussen 15-64 jaar 66,2%, en 65 jaar en ouder 19,2%. (2017) De zuigelingensterfte is 9.7 per 1000 levend geborenen. De gemiddelde levensverwachting is voor vrouwen ca. 78,2 jaar en voor mannen ca. 71,4 jaar. (2017)

Taal

Oud-Bulgaars Alfabet

Photo:Vaskots7 Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Bulgaars wordt gesproken door de overgrote meerderheid van de bevolking en is de officiële taal van het land. Het Bulgaars is een Zuid-Slavische taal die gesproken wordt door de ca. 7,8 miljoen inwoners van Bulgarije en door minderheden in het Griekse Thracië, het Roemeense deel van Dobroedsja en in Moldavië.

Het Slavische alfabet werd in 863 door de monniken Cyrillus en Methodius geïntroduceerd. Het eerste alfabet telde aanvankelijk 44 hoofdletters en 48 gewone letters maar was zo ingewikkeld dat leerlingen van deze twee monniken een nieuw alfabet construeerden gebaseerd op het Griekse cursief.

Waarschijnlijk onder invloed van andere Balkanvolken is het Slavische systeem van verbuigingsuitgangen bij de naamwoorden voor een groot deel verloren gegaan, terwijl een achter het naamwoord geplaatst bepaald lidwoord is ontstaan. Tezamen met de overgang van de combinaties tj, dj, in št en"d zijn dit de opvallendste kenmerken van het Bulgaars ten opzichte van de overige Slavische talen.

Er zijn twee dialectgroepen, de westelijke en de oostelijke. De oostelijke dialectgroep is nog te verdelen in een noord- en een zuidoostelijke groep. Het voornaamste verschil ligt in de uitspraak van de Oud-Slavische è. Het algemeen beschaafd Bulgaars sluit hierin aan bij het noordoostelijke dialect. Het Oud- Bulgaars is de Slavisch-orthodoxe kerktaal geworden, het Kerk-Slavisch. Sinds de 12e eeuw wordt de taal Middel-Bulgaars genoemd, het Nieuw-Bulgaars kwam al op in de 16e en 17e eeuw, maar verdrong pas in de 19de eeuw de traditionele (Kerk-Slavische) schrijftaal. Als schrift was tot in de 11de eeuw het Glagolitisch in gebruik en daarna het Cyrillisch, net als in Rusland, Servië en Macedonië. Voor de massale uittocht in 1989 was voor 10% van de bevolking Turks de moedertaal. Ook veel Roma spreken Turks. Een deel van de bevolking in de kuststeden spreekt Grieks en langs de Donau wordt nog wat Roemeens gesproken.

Hieronder volgen enkele Bulgaarse woorden in de spreektaal:

Een = ednó

Twee = dve

Drie = tri

Honderd = sto

Maandag = ponedélnik

Zondag = nedélja

Welterusten = léka nošt

Tot ziens = dovíždane

Kuuroord = korórt

Godsdienst

17e Eeuwse Bulgaarse Orthodoxe Kerk

Photo:Svilen Enev CCAttribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Van het gelovige volksdeel (ca. 40%) behoort 83,5% tot de Bulgaars- orthodoxe Kerk, met aan het hoofd een patriarch, die tevens metropoliet van Sofia is. Verder is 13% van de gelovigen islamiet, voornamelijk Turken en Pomaken (moslim geworden Bulgaren), 1,5% rooms-katholiek en ieder 1% protestant en jood. De rooms-katholieke kerk telt twee bisdommen.

De grondwet van 1947 drong de macht van de kerk sterk terug. Er kwam een volledige scheiding van kerk en staat, een verbod voor de kerk op onderwijs en organisatie van de jeugd en een bepaling dat geestelijken door de staat worden betaald. Formeel is de vrijheid van godsdienst gewaarborgd, maar tevens bepaalt de grondwet dat de staat toezicht houdt op de kerkgenootschappen.

Nu het communistische atheïsme voorbij is er een zeer grote belangstelling ontstaan voor alles wat te maken heeft met o.a. bijgeloof, parapsychologische verschijnselen, occultisme, geesten en buitenaardse wezens

Het bogomilisme was een ketterse christelijke beweging uit het middeleeuwse Bulgarije, afkomstig uit het Byzantijnse Rijk. De aanhangers geloofden dat de geschiedenis van het heelal bepaald werd door zowel God als Satan. Ze gehoorzaamden daardoor zowel niet aan het wereldse als aan het kerkelijke gezag waardoor ze door de kerk in de ban gedaan werden en door de tsaren vervolgd werden.

Een ander religieus verschijnsel is de “Witte Broederschap”, door Peter Dunov tussen de twee wereldoorlogen opgericht. Dunovs leer is een mengsel van christelijke en hindoeïstische elementen die een volmaakte, helderziende mens zou moeten opleveren. Deze sekte wordt steeds populairder.

Samenleving

Staatsinrichting

Parlementsgebouw Bulgarije

Photo:Nenko Lazarov r Creative Commons Attribution 2.5 no changes made

Bulgarije werd op 15 september 1946 een Volksrepubliek en ging als laatste Oost- Europees land in 1991 over naar een democratisch staatsbestel.

De Narodno Sobranje, de Nationale Vergadering van 240 afgevaardigden is volgens de vernieuwde grondwet van 1991 de hoogste wetgevende macht. De Narodno Sobranje wordt elke vier jaar gekozen door alle Bulgaren van 18 jaar en ouder via rechtstreekse verkiezingen. Er bestaat geen kiesplicht. Voor zeer ingrijpende zaken zoals grondwetswijzigingen wordt er een Grote Nationale Vergadering van 400 vertegenwoordigers gekozen door een combinatie van het proportionele en het meerderheids-kiesstelsel.

De president is staatshoofd en opperbevelhebber van de strijdkrachten en wordt samen met de vice-premier in directe algemene verkiezingen volgens het proportionele kiesstelsel gekozen voor een ambtsperiode van vijf jaar. De president kan maar één keer herkozen worden. Met het vetorecht kan hij wetsvoorstellen van de Sobranje tegenhouden of uitstellen. Hij benoemd verder na overleg met het parlement de premier, die afkomstig is van de grootste partij in het parlement. Een presidentskandidaat moet minstens 40 jaar oud zijn en de laatste vijf jaar in Bulgarije gewoond hebben.

In de nieuwe grondwet van 1991 bleef de verwijzing naar de leidende rol van de communistische partij achterwege en werd een meerpartijenstelsel geïntroduceerd. Tevens werd een gemengde economie toegelaten, alsmede verschillende eigendomsvormen. Artikelen die de vrijheid van meningsuiting beknotten werden geschrapt. Een bijbehorende kieswet schiep de voorwaarden voor vrije en democratische verkiezingen. De Raad van Ministers was volledige verantwoording schuldig aan de Sobranje.

Bulgarije is verdeeld in 278 districten en negen provincies. Districten worden bestuurd door de burgemeester en de districtsraad en hebben een eigen budget. Provincies zijn administratieve eenheden die worden bestuurd door gouverneurs die benoemd worden door de ministerraad. De negen provincies of oblasti zijn Burgas, Grad Sofiya, Khaskovo, Lovech, Montana, Plovdiv, Roese, Sofia en Varna. Bulgarije is lid van de Verenigde Naties en een aantal van haar suborganisaties, geassocieerd lid van de Europese Unie, de Noord-Atlantische Samenwerkings Raad en de Raad van Europa. Tussen 1955 en 1991 was Bulgarije lid van het Warschaupact en de Comecon. Voor de huidige politieke situatie, zie hoofdstuk geschiedenis.

Onderwijs

School Sofia

Photo:Todor Bozhinov CCAttribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Onderwijs was lange tijd niveaus gratis en werd geregeld door de staat. De laatste jaren moet er aan de staatsuniversiteiten echter inschrijvingsgeld betaald worden. Er is een onderwijsplicht voor kinderen van zes tot zestien jaar. De eerste particuliere scholen werden pas vanaf 1991 geopend. Wetenschappelijk onderwijs kan gevolgd worden aan de Universiteiten van Sofia (sinds 1889), Plovdiv, Veliko Turnovo en Varna en aan veertien regionale scholen. In Blagoevgrad is een Amerikaanse Universiteit gevestigd.

In 1997 waren er 3.889 scholen, meer dan 110.000 onderwijzers en leraren en meer dan 1,4 miljoen leerlingen en studenten. Door bezuinigingen zijn er veel goede leerkrachten naar het bedrijfsleven vertrokken.

Turkse les is alleen toegestaan in bepaalde regio’s, maar wel facultatief en buiten het gewone lessenpakket om.

Economie

Algemeen

Werkloosheid Bulgarije geografische spreiding

Photo:Ikonact Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

De economie van de Bulgaarse volksdemocratie behoorde na de Tweede Wereldoorlog samen met Albanië tot de armste landen op de Balkan. Het Oost-Europees herstelplan (Comecon) zorgde voor grote sociaaleconomische veranderingen. Industrie, transportbedrijven en banken werden genationaliseerd en er werden landbouwcoöperaties opgericht. Alle productiemiddelen waren op een gegeven moment in handen van de staat en het eerste vijfjarenplan werd geïntroduceerd. De nadruk bij dit alles lag op de zware industrie en de modernisering van de landbouw. De productie van consumptiegoederen kwam pas veel later op gang. Werkloosheid kwam in die tijd nauwelijks voor; voor iedereen kon een baantje gecreëerd worden. Er was vaak zelfs een tekort aan werkkrachten die met duizenden tegelijk gehaald werden uit landen als Cuba, Nicaragua en Vietnam.

Het einde van het communisme liet duidelijk zien hoe kwetsbaar de economie van Bulgarije was. Zo was de industrie voornamelijk op de export naar de Sovjet- Unie en andere Oost-Europese landen gericht. Deze traditionele afzetmarkt verdween ineens na de val van de Berlijnse muur en het Sovjet-rijk. Westerse concurrentie nam toe en de kwaliteitseisen van de exportproducten werden opgeschroefd. De economische hervormingen die nodig waren om mee te kunnen blijven doen in de vrije markteconomie, kwamen maar langzaam op gang. Het Internationaal Monetair Fonds en Wereldbank stelden meer dan 1,5 miljard dollar ter beschikking om de hervormingsplannen te ondersteunen.

De maatregelen zorgden ervoor dat de aanvankelijke torenhoge inflatie werd enigszins beteugeld, de staatsuitgaven werden verminderd, er werd een geleide loonpolitiek gevoerd en staatsbedrijven werden verkocht. Nadeel was dat de levensstandaard van de meeste Bulgaren onder het sociale minimum belandde. De overgang van een geleide economie naar de vrije markt bracht een logische recessie met zich mee, die in 1994 evenwel bedwongen leek. De prijzen daalden langzaam, de export naar het westen nam geweldig toe als gevolg van de zeer lage lonen, de privatisering loopt goed en de betalingsbalans is weer enigszins hersteld. 70% van de Bulgaarse economie is thans in particuliere handen. Het tempo van de privatisering is, onder druk van het IMF en de Wereldbank, vanaf 1998 opgevoerd. De binnenlandse investeringen zijn toegenomen, de reële inkomens gestegen en er worden meer kredieten verstrekt, met name voor het midden- en kleinbedrijf.

De Europese Commissie heeft in oktober 2002 verklaard dat Bulgarije een functionerende markteconomie is.

De overstromingen in zomer 2005 en het tekort op de lopende rekening belemmeren de mogelijkheid van lastenverlichting en koopkrachtverbetering voor de burger. Sinds 2013 zijn de grenzen van de EU open voor Bulgaren. Het BBP per hoofd van de bevolking ligt op 21.700 $ (2017)

Landbouw, bosbouw en visserij

Bulgarije Landbouw

Photo:Biso Creative Commons Attribution 3.0 Unported no changes made

Bulgarije is een vruchtbaar land en meer dan 55% van het oppervlak wordt gebruikt voor de landbouw, en is het nog steeds een van de pijlers onder de economie. De collectivisering, in 1945 begonnen, is afgeschaft. Toch bestaan er nog ongeveer 300 grote staatsbedrijven waar de geoogste landbouwproducten direct industrieel verwerkt worden. Ongeveer 15% van de totale cultuurgrond wordt door de boeren voor eigen rekening bewerkt. Deze bedrijven leveren 40% van het geproduceerde vlees en 45% van alle groentes. Belangrijke landbouwproducten zijn: tarwe, gerst, maïs, tabak, katoen, fruit en groenten, wijndruiven en suiker. De nationale trots is de Bulgaarse rozenolieproductie, die echter toenemende concurrentie ondervindt van o.a. Turkije en China.

In de berggebieden zijn veehouderij (vooral schapen) en bosbouw (houtwinning) van belang. De schapen zorgen behalve voor wol ook voor melk, kaas, en vlees. Yoghurt is een echte Bulgaarse uitvinding, in de negentiende eeuw ontdekt door professor Mletchnikov. Ook de varkensector levert veel vlees voor de binnenlandse markt.

Het centrum van de visserij is de Zwarte-Zeehaven Varna; de Bulgaren vissen vooral bij de Afrikaanse Westkust en in de Middellandse Zee. In de Zwarte Zee en de binnenwateren wordt maar ca. 17% van de vis gevangen. De meeste gevangen vis gaat naar de visverwerkende industrie.

Industrie en mijnbouw

Energiecentrale Bulgarije

Photo:Julien81 Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De industrie is na 1945 sterk ontwikkeld. De landbouw- (conserven, tabak, wijn) en de textielproductie zijn voor een groot deel bestemd voor de export. Daarnaast ligt het accent op de moderne technologie. Industrie is gevestigd in Dimitrovgrad en Kremikovitsi (met de grootste hoogovens), Sofia (elektrotechniek, machinebouw), Varna (scheepsbouw), Pleven en Boergas (petrochemische industrie; landbouwmachines), Stara-Zagora en Reka-Devnija (chemische industrie). Bulgarije is een belangrijk producent van computers en industriële robots (het centrum van de moderne technologie ligt in Veliko Turnovo).

De Bulgaarse bodem is arm aan grondstoffen. Naast wat steenkool is er genoeg bruinkool te vinden, maar deze is van slechte kwaliteit. Verder wordt er nog wat mangaan, zink, lood, ijzererts en pyriet gewonnen in de berggebieden. Voor aardgas en aardolie is men nog steeds sterk aangewezen op Rusland.

Handel

Business Park Sofia

Photo:Cadiboy Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De internationale handel is zwaar getroffen door de ineenstorting van het Oostblok. De Golfoorlog en de boycot van Joegoslavië zorgden voor extra problemen. De handel zakte in tot de helft. De waarde van de uitvoer bedroeg in 1999 bijna 4 miljard dollar, inmiddels is die gestegen tot meer dan 32 Miljard in 2017. De belangrijkste uitvoerproducten zijn textiel, chemicaliën, landbouwproducten, wijn (Bulgarije behoort tot de top tien van wijn producerende landen), tabak en ertsen en mineralen. De belangrijkste handelspartners waren Rusland, Italië, Griekenland, Duitsland en Joegoslavië. Belangrijkste handelspartners nu zijn de Russische Federatie, Duitsland, Oostenrijk, Italië en Griekenland.

Verkeer

Modern Materiaal Bulgaarse Spoorwegen

Photo:Wiki05 CrC-licentie Naamsvermelding-Gelijk delen 3.0 Unported no changes made

De belangrijkste verkeersaders zijn wegen en spoorwegen; er is een net van ruim 6000 km, waarvan de helft geëlektrificeerd. Verschillende grote internationale routes lopen door Bulgarije.

Het wegennet is dicht (37.000 km) en kent diverse autosnelwegen, die tegen 2000 door een grote ringweg verbonden zullen zijn. De aanleg van autowegen heeft prioriteit, mede door de toename van het aantal personenauto's en het toeristenverkeer.

De belangrijkste havens aan de Zwarte Zee zijn Varna en Boergas; er is een lijndienst naar de Middellandse Zee, alsmede verbindingen met havens in de Perzische Golf en India. De Donau is de enige waterweg in Bulgarije die van belang is voor de economie, zowel voor de binnenlandse als de buitenlandse scheepvaart. De Vriendschapsbrug is de langste brug over de Donau en verbindt Ruse met het Roemeense Giurgiu.

Het luchtverkeer wordt op dit moment geprivatiseerd en is nog in opbouw. Er zijn elf luchthavens voor binnen- en buitenlandse vluchten. Het belangrijkste vliegveld is Vrazjdebna bij Sofia; andere belangrijke internationale vliegvelden liggen bij Varna en Burgas.

Vakantie en Bezienswaardigheden

Zonnestrand Bulgarije

Photo:Infobvg Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Bulgarije is al enkele jaren lang een van de snelst groeiende toeristische bestemmingen van Europa. Vooral de lange zandstranden van de Zwarte Zee, de skibestemmingen in de bergen en de hoofdstad Sofia hebben veel te bieden. Maar Bulgarije kent ook veel natuurschoon, musea en archeologische sites, prachtige dorpjes op het platteland en cultureel erfgoed, waaronder middeleeuwse kloosters en kerken.

De belangrijkste toeristische steden van Bulgarije verschillen sterk van elkaar. Sofia is sinds eind 19e-eeuw uitgegroeid tot een grote moderne stad, tweede stad Plovdiv heeft een kleine binnenstad en landhuizen in Byzantijnse stijl. Kustplaats Varna is vooral 's zomers in trek bij veel toeristen, Veliko Tûrnovo heeft nog middeleeuwse ruïnes. Ruse, gelegen aan de Donau, is bijzonder door de architectuur in Oostenrijkse stijl.

Resten van vroege beschavingen, Thraciërs (o.a. Kazanlûk, Starosel, Sveshtari), Romeinen (o.a. Nikolopis ad Istrum, Varna), Bulgaren (o.a. Cherven, Pliska, Preslav, Velika Tûrnovo, Shumen) en Osmaanse Turken (o.a. Plovdiv, Sofia, Shumen), zijn verspreid over geheel Bulgarije te vinden.

Het zeer gevarieerde Bulgaarse landschap is voor natuurliefhebbers aantrekkelijk. Zo heeft de Zwarte zeekust niet alleen fantastische zandstranden, maar ook hoge kliffen en moerasachtige riviermondingen. Het binnenland kent naast landbouwgebieden (o.a. voor wijnbouw) ook ruige bergketens, rivieren, meren, ravijnen, grotten en moerasgebieden. Langs de Donau treft men heuvels aan en vruchtbare landbouwgronden.

Sofia

Sofia Sveta Nedelya Bulgarije

Photo:Stolichanin Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Aan religieuze monumenten heeft Sofia geen gebrek. Een van de belangrijkste kerken van Sofia is de Sveta Nedelya-kerk, gebouwd rond 1860, maar in 1925 ernstig beschadigd door een bomaanslag. Daarna weer opgebouwd. De kleine Sveta Samardzhiiska-kerk, gevestigd in een ondergronds winkelcentrum, heeft nog resten van 16e-eeuwse fresco's en een 11e-eeuws schip. De Tsurkva na Sveti Nikolai Chudotvorets, beter bekend als de 'Russische kerk', heeft vergulde koepels, een portaal met lichtgroene dakpannen en een interieur met zeer veel prachtige fresco's en arabesken. De Hram-pametnik Aleksandûr Nevski (Aleksandûr Nevski-herdenkingskerk) heeft met goud bedekte en koperen koepels, een mozaïek van Christus, een fraaie koepelfresco, een iconostase van marmer, albast en onyx, een tsarentroon en in de crypte een schitterende iconengalerij met de rijkste collectie religieuze kunstvoorwerpen van Bulgarije. De Boyana-kerk, in de 11e-13e eeuw in Byzantijnse stijl gebouwd, is een van de bekendste middeleeuwse gebouwen van Bulgarije en staat op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO. Ook deze kerk bevat prachtige fresco's.

Het bezoeken meer dan waard zijn ook nog de Banya Bashi-moskee en de in Moorse stijl opgetrokken Sofia-synagoge (1909), een van de grootste synagoges van Europa met een kandelaar van meer dan 2000 kg. Verder nog de Sveta Sofia-kerk, tot de Middeleeuwen de belangrijkste en oudste christelijke kerk van Sofia, en de Sveti Sedmochislenitsi-kerk, in de 16e-eeuw als moskee gebouwd. Te bezoeken kloosters in de buurt van Sofia zijn het Dragalevtsi-klooster en het Sint-Joris-klooster.

Sofia Archeologisch Museum

Photo:Ann Wuyts Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

De meeste musea van Sofia zijn bijna uitsluitend Bulgarije-georiënteerd en vertellen ieder op hun manier het wel en wee van het eens zo grote Bulgaarse rijk en over de volkeren die achtereenvolgens belangrijk waren voor Bulgarije: Thraciërs, Grieken, Romeinen, Turken en Bulgaren. Ze geven ook een fascinerend inzicht in de Balkan en hebben over het algemeen lage entreegelden.

Het Archeologisch Museum, gevestigd in de voormalige grote moskeen van Sofia, Buyuk Dzhamiya (1474), huisvest een prachtige verzameling schatten uit de prehistorie, de Thracische en Romeinse tijd en de middeleeuwen. In de heuvels buiten de stad ligt het Nationaal Historisch Museum, met onder andere een gouden schat uit de Thracische tijd (4e eeuw v.Chr.), iconen en fresco's, middeleeuwse aardewerkproductie, traditionele klederdrachten uit heel Bulgarije en een zaal over Bulgarije onder de Osmaanse heerschappij en een zaal over Bulgarije na de bevrijding in 1878.

Het Nationaal Polytechnisch Museum bezit naast onder andere een grote collectie (historische) machines, laboratoriuminstrumenten, klassieke auto's en motorfietsen, ook een collectie porselein en (koninklijk) tafelgerei. De Nationale Kunstgalerie bevat fresco's van de beroemdste maker van religieuze kunst, Zahari Zograf. Daarnaast heeft het museum een collectie die de ontwikkeling van de Bulgaarse kunst laat zien, waaronder een zaal met impressionistische kunst en een zaal met schilderijen gemaakt in het interbellum. Het Natuurhistorisch Museum heeft als voornaamste thema's geologie en de Europese dierenwereld, met kristallen en stenen, opgezette en levende dieren. De Nationale Galerie voor Buitenlandse Kunst heeft onder andere collecties primitieve Afrikaanse kunst, Japanse gravures en schilderijen uit de 19e en 20e eeuw. Het Militair Museum toont historische en huidige Bulgaarse uniformen en oorlogstuig. Het Ivan Vazovhuis-museum eert het leven en werk (gedichten, romans, toneel) van de meest geliefde Bulgaarse schrijver, Ivan Vazov (1850-1921).

Diverse bezienswaardigheden in Sofia:

Botanicheska Gradina: botanische tuin van de Universiteit van Sofia met mediterrane flora en een rozentuin

Mineralna Banya: openbaar badhuis met warme minerale bronnen

Tsentralni hali: Centrale Markthal

Zhenski Pazarmarkt: grootste openluchtmarkt

Zuid-Bulgarije

Borovets Wintersport Bulgarije

Photo:Publiek domein

Het bergachtige Zuid-Bulgarije is een groot deel van het jaar bedekt met sneeuw, en dit gedeelte van Bulgarije wordt steeds meer ontdekt door alle Europeanen als een gebied voor wintersportvakanties. Enkele van de meest bekende wintersportgebieden zijn Borovets, Vitosha en Samokov, dicht bij Sofia, Pamporovo in het Rodopen-gebergte en Bansko in het Pirin-gebergte.

Ook voor natuurliefhebbers is het ruige Zuid-Bulgarije een prima vakantiebestemming. In het Rila- en Pirin-gebergte zijn nationale parken te vinden met een zeer diverse flora en fauna. Verder zijn er veel mogelijkheden voor fietsers en wandelaars en ook de liefhebbers van historische gebouwen kunnen hun hart ophalen, onder andere met twee kloosters die op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO staan. Plovdiv is na Sofia de grootste stad van Bulgarije, met Romeinse ruïnes, musea, moskeeën, kerken en wedergeboortehuizen.

Bachkovo Klooster Bulgarije

Photo:Nenko Lazarov Creative Commons Attribution 2.5 no changes made

Diverse bezienswaardigheden in Zuid-Bulgarije:

Bachkovoklooster: Werelderfgoed gesticht in 1083, na verwoesting herbouwd in 17e eeuw; prachtige architectuur en fresco's; Sveti Nikolakerk (1834)

Bansko: populaire skibestemming; historisch centrum; Sveta Troitsakerk; Neofit Rilskihuis (belicht leven en werk van Rilski, taal- en onderwijskundige, dagelijks leven 19e eeuw, tuin met moderne beelden); Velyanovhuis (19e-eeuws); Iconenmuseum (schilderschool van Bansko); smalspoortreintocht door de bergen

Batak: Historisch Museum (Aprilopstand en bloedbad 1876); Sveta Nedelyakerk; Etnografisch Museum (traditionele landbouwwerktuigen en houthakkersgerei)

Belitsa: dansberenpark

Blagoevgrad: universiteitsstad; Historisch Museum (archeologische collectie, mineralencollectie, opgezette dieren); Anunciatiekerk

Borovets: populaire skibestemming; Bistritsapaleis (eind 19e-eeuws jachtverblijf koning Ferdinand)

Dobursko: 17e-eeuwse Teodor Tiron i Teodor Stratilatkerk

Gotse Delchev: Historisch Museum (3000 jaar oude Thracische kleibeeldjes, Romeinse kar, 19e-eeuwse koebellen, regionale klederdrachten)

Haskovo: Eskimoskee (oudste moskee van de Balkan); Historisch Museum (tabakskindustrie); Sveta Bogoroditsakerk

Kûrdzhali: 'moslim'stad; Historisch Museum (archeologische, etnografische, natuurhistorische collectie, middeleeuwse ijzeren en bronzen kruisen)

Kyustendil: kuuroord, Historisch Museum (regionale archeologische vondsten); Pautaliabaden (op één na grootste Romeinse badencomplex van Bulgarije); Sveta Bogoroditsakerk; restanten 4e-eeuwse Hisarlûkfort

Madzharovo natuurreservaat: zéér interessant voor vogelaars

Melnik: Melnikwijn; Historisch Museum (terracotta wijnkannen, regionale klederdracht); Kordopulovhuis (mooi voorbeeld vroege wedergeboorte-architectuur)

Mogilitsa: Agushevkonak (19e-eeuws voorbeeld van versterkt Rodopisch landhuis); Uhlovitzagrot (ondergrondse watervallen en prachtige rotsformaties)

Momchilovtsi: snowboardpark; Kormisosh (grootste jachtreservaat Bulgarije)

Oostelijk Rodopengebergte: Skalite na Ustra (indrukwekkende rotsformaties); kamenite gûbi (stenen paddenstoelen); prehistorische ruïnes Perperikon en Ahridos); Vkamenenata Gora (stenen bos); Tatul (o.a. Thracische ruïne)

Pamporovo: populaire skibestemming

Pernik: tweejaarlijks Kukeri- en Survakari dansfestival; mijnmuseum

Pirin Nationaal Park: natuurreservaat Bayuvi Dupki Dzhindzhiritsa; Baikousheva Mura (oudste boom Bulgarije, ca. 1300 jaar oud); Popovomeer; Vihren (hoogste berg Piringebergte 2914 m)

Plovdiv: Historisch Museum (o.a. wapens en uniformen); Imaretmoskee (1445); Dzhumayamoskee (ca. 1364); Sveta Marinakerk (1783); Sveta Bogoroditsakerk; Konstantin i Elenakerk; Romeins stadion; Romeins theater (2e eeuw na Chr.); Archeologisch Museum; Natuurhistorisch Museum (opgezette dieren, aquarium, mineralen, fossielen); Stedelijk Kunstmuseum (Bulgaarse en internationale kunst); Apteka Hipokrat (museumapotheek); Iconenmuseum; Staatsmuseum voor Kunst (19-eeuwse en 20e-eeuwse Bulgaarse schilderijen)

Rila Nationaal park: grootste nationale park van Bulgarije met o.a. Musala (hoogste berg Bulgaarse Balkan 2925 m), Shtrashnomeer (bergmeer op 2465 m hoogte), Parangalitsa (UNESCO-biosfeerreservaat), Zeven Meren wandelroute langs zeven gletsjermeren), wolven, beren, wilde zwijnen en ca. 60 endemische plantensoorten

Rila Klooster Bulgarije

Photo:Raggatt2000 Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Rila-klooster: Werelderfgoed oorspronkelijk 10e eeuw, later diverse malen verwoest en heropgebouwd (met prachtige fresco's en iconostase, Geboortekerk, grootste kloosterkerk van Bulgarije, reliek (rechterhand) van Sint-Ivan, graf van tsaar Boris, boerderijmuseum, Hrelyotoren (oudst bewaard gebleven kloostergebouw uit 1334)

Rozhenklooster: oorspronkelijk 1220, na verval in 1597 hersteld; Kiril i Metodiikerk

Samokov: Bairaklimoskee; Historisch Museum (o.a. met twee werkende replica's van middeleeuwse smederijen)

Sandanski: Archeologisch Museum

Shiroka Lûka: Hemelvaartkerk (1834); Etnografisch Museum; Kukeri-carnaval; internationaal gaida-festival (Bulgaarse doedelzak)

Smolyan: Historisch Museum (prehistorische, Thracische en Osmaanse objecten); Kunstmuseum; moderne Sveti Vaserion Smoly-kerk; planetarium

Velingrad: kuuroord met veel warmwaterbaden; Historisch Museum (regionale klederdrachten, sieraden, beschilderde paaseieren

Westelijk Rodopengebergte: vele soorten vleermuizen; Yagodinagrot; Duivelskeelgrot; Trigradkloof; Buzhnovkloof

Zlatograd: Etnografisch Museumcomplex (ambachtelijke werkplaatsen, Etnografisch Museum, Onderwijsmuseum, Watermolenmuseum)

Centraal-Bulgarije

Stara Planina Bulgarije

Photo:Evgeni Dinev Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Het centrale gedeelte van Bulgarije, in tweeën gedeeld door het Stara Planina of Balkangebergte, is van groot belang geweest voor de turbulente moderne geschiedenis en de mensen en gebeurtenissen die Bulgarije als natie gevormd hebben. Herinneringen aan dit verleden zijn in overvloed te vinden in prachtige steden zoals Lovech en Koprivshtitsa, gevuld met nationale-wedergeboorte-architectuur, en op plaatsen van belangrijke militaire overwinningen, zoals de Slag bij de Shipka-pas. Verbluffende artistieke prestaties, waaronder de levendige fresco's van de kloosters in Dryanovo en Troyan en een ongelooflijk gedetailleerd meesterwerk van de 19e-eeuwse Tryavna-school van houtsnijders getuigen van de vitaliteit van Bulgaarse tradities. De talloze huismusea houden de geest en de artefacten in ere van de vrijheidsstrijders en andere eminente Bulgaren van weleer.

De natuurlijke schoonheid van Centraal-Bulgarije kan worden ervaren door middel van wandelen, klimmen, speleologie, paardrijden en andere outdoor-activiteiten, en heeft alles te maken met het de aanwezigheid van watervallen, kliffen, grotten en rivieren. Maar ook de laaglanden lonken naar de toeristen met romantische locaties als het Rozendal (Sredna Gora) in de buurt van Kazanlak, dat zelf lang bekend stond om zijn rozenolieproductie.

Voor veel bezoekers komt de essentie van Centraal-Bulgarije bij elkaar op één plek: Veliko Tarnovo, de magnifieke voormalige hoofdstad van de Bulgaarse tsaren, gebouwd langs glooiende heuvels en doorsneden door een rivier, met een van de mooiste forten van Europa uitkijkend over de stad.

Glozhene-klooster Bulgarije

Photo:Grojen in het publieke domein

Bulgarije is een echt 'kloosterland', en dat geldt ook voor Centraal-Bulgarije.

Het prachtig gelegen Glozhene-klooster, hoog boven het dal van de Vit, is gewijd aan St. Joris de Veroveraar en werd gesticht in 1224. In het kloostercomplex is ook een Historisch Museum gevestigd. Het Troyan-klooster, een van de grootste van Bulgarije, werd gesticht in 1600, maar de bijbehorende Sveta Bogoroditsa-kerk werd pas in 1835 voltooid. In de buurt van het klooster stat het Schuilmuseum, waar de bekende Bulgaarse revolutionair Vasil Levski (1837-1873) zich verschool voor de Turken. Het Kilifarevo-klooster, in de 14e eeuw gesticht door Teodosi Tûrnovski en te zuiden van Veliko Tûrnovo gelegen, werd in de Osmaanse tijd regelmatig verwoest en weer opgebouwd. De bijbehorende kerk stamt uit midden 18e eeuw en is gewijd aan Sint Demetrius van Salonika. Het Preobrazhenski-klooster, gelegen ten noorden van Veliko Tûrnovo, stamt ook uit de 14e eeuw en werd in de Osmaanse tijd verwoest. De meeste iconen en muurschilderijen zijn gemaakt door de beroemde Bulgaarse iconenschilder Zahai Zograf (1810-1853). Het Sveta Troitsa-klooster, eveneens ten noorden van Veliko Tûrnovo en op dit moment een nonnenklooster, ligt op de plaats van een 11e-eeuws klooster. De in 1847 gebouwde kerk werd in 1913 verwoest bij een aardbeving. Het Kûpinovo-klooster (oorspronkelijk 13e eeuw) werd na een aantal Osmaanse verwoestingen in 1825 herbouwd, de kerk stamt uit 1835.

Bijzondere religieuze gebouwen zijn te vinden in Lovech (Hemelvaartskerk uit 1834), Tryavna (Aartsengel Michaëlkerk uit 1821), Veliko Tûrnovo (Kiril i Metodiikerk uit 1860; Sveti Nikolakerk; in de vesting Tsarevets de Sveti Dimitûrkerk, de Petûr i Pavelkerk en de Patriarchaatskerk; Kerk van de 40 Martelaren; Maria Tenhemelopnemingkerk uit 1923; Petûr i Pavelkerk uit de 13e eeuw; Sveti Georgikerk uit 1616; Sveti Dimitûrkerk), Arbanasi (Aartsengelen Michaël en Gabriëlkerk uit de 17e eeuw; Geboortekerk uit de 17e eeuw); Elena (Hemelvaartkerk; Sveti Nikolakerk), Zheravna (Sveti Nikolakerk), Yambol (Ebu Bekirmoskee uit 1413), Shipka (Herdenkingskerk uit 1902), Karlovo (Sveta Bogoroditsakerk uit 1851), Koprivshtitsa (Sveta Bogoroditsakerk uit 1817).

Momin Skok Waterval Bulgarije

Photo:Laveol Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Diverse bezienswaardigheden in Centraal-Bulgarije:

Arbanasi: Konstantslievhuis

Bozhentsi: Geschiedenismuseum (gebruiksvoorwerpen lokale boeren en dagelijks leven); Doncho Popamuseum (dagelijks leven rijke wolverkoper); Opoe Raynamuseum (dagelijks leven eenvoudige mensen)

Dryanovo: Historisch Museum (architect Kolyo Ficheto (1800-1881); Bacho Kirogrot

Elena: Etnografisch Museum (tapijten en kleding); Ilarion Makariopolskihuis

Emenkloof: wandelpad; Momin Skokwaterval; natuurreservaat

Gabrovo: Huis van Humor en Satire (grappige schilderijen en uitvindingen, clownspakken, cartoons); Museum van Onderwijs (ontwikkeling Bulgaars onderwijs); Historisch Museum (lokale geschiedenis 13e eeuw tot 1950); Etûracomplex (openluchtmuseum met oude ambachten); Detchkohuis

Hisarya: Historisch Museum (Thracische en Romeinse vondsten)

Karlovo: Historisch Museum (prehistorische vondsten, klederdracht, wapens); Vasil Levskimuseum (revolutionair 1837-1873)

Kazanlûk: Iskramuseum (zilveren en gouden Thracische voorwerpen); Graftombe (replica van Thacische tombe); Etnografisch Complex Kulata (gerestaureerde 19e-eeuse huizen); Museum Rozenolie-industrie; Rozenfestival (eerste weekeinde juni); Tundzhadal (Dal van de Thracische Koningen met veel grafheuvels of 'mogili')

Koprivshtitsa: Debelyanovhuis, Kableshkovhuis, Lyutovhuis, Karavelovhuis, Benkovskihuis, Oslekovhuis; Brug van het Eerste Schot (Aprilopstand 1876)

Kotel: Etnografisch Museum (tapijten; inrichting stijl eind 19e eew); Tapijtexpositie; Pantheon (onderwijskundige Petûr Beron (1799-1871), revolutionair Georgi Rakovski (1821-1867)

Lovech: Etnografisch Museum (19e-eeuwse Europese meubelen; Osmaanse vloerkussens en lage tafels); Vasil Levskimuseum (rebellenleider Vasil levski (1837-1873)

Nationaal Park Midden-Balkan: negen reservaten (beren, wolven, wilde katten, negen endemische plantensoorten)

Nikopolis ad Istrum Bulgarije

Photo:Klearchos Kapoutsis Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Nikopolis ad Istrum (restanten Romeinse stad)

Shipka: Vrijheidsmonument en museum( -Sliven: Hadzhi Dimitûrmuseum (opstandeling tegen de Turken (1840-1868); Historisch Museum; Blauwe Rotsen

Sopot: Ivan Vazovmuseum (schrijver 1850-1922)

Stara Zagora: Neolitni zhilishta (neolithische hutten en museum); Romeins theater; Museum voor 19de-eeuws Stadsleven (o.a. stijlmeubelen 19e eeuw)

Starosel: Thracische graftomben

Teteven: Historisch Museum (archeologische vondsten uit Neolithicum en Romeinse tijd; wapens van Middeleeuwen tot 19e eeuw; 19e-eeuwse klederdrachten)

Troyan: Museum voor Traditionele Ambachten (overzicht lokale keramiekindustrie; houtsnijwerk; 18e- en 19e-eeuwse bontmutsen uit 18e en 19e eeuw, 'kalpakchiite)

Tryavna: Shkoloto (vroeger schoolgebouw, nu kunstmuseum met o.a. antieke klokken); Museum voor Icoonschilderkunst (19e-eeuwse iconen van School van Tryavna); Raikovhuis, Daskalovhuis, Slaveykovhuis, Angel Kûnchevhuis

Velik Tûrnovo: Samovodska Charshiya (bazaar); Kunstmuseum (Bulgaarse schilderijen 19e en 20e eeuw); Archeologisch Museum (o.a. klassieke zuilen en borstbeelden); Museum van de Nationale Wedergeboorte en de Wetgevende Vergadering (o.a. opstand tegen de Turken); Museum voor Moderne Geschiedenis (Balkanoorlogen en 1e Wereldoorlog); Tsarevets (gerestaureerde vesting)

Zheravna: Sava Filaretovhuis, Chorbadzhihuis, Yovkovhuis

Noord-Bulgarije

Belogradchik Bulgarije

Photo:Elena Chochkova CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Noord-Bulgarije is toeristisch gezien niet zo spectaculair als andere delen van Bulgarije, maar biedt wel een gevarieerd landschap met dichte dennenbossen, lage heuvels in de Donau-dal en vooral grille bergformaties. Volop genieten dus voor natuurliefhebber en wandelaars, maar ook voor mooie architectuur kan men hier terecht in steden als Shumen en Ruse.

Net buiten Rabisha ligt de kalkstenen Maguragrot, met prehistorische rotstekeningen uit de 2de eeuw v.Chr. en mineraalformaties. De grillige rotsformaties van Belogradchik vormden vroeger een natuurlijk fort en werden dan ook als zodanig gebruikt door de Romeinen, Bulgaren en tijdens de Osmaanse bezetting. Het landschap van de Vrachanski Balkan bestaat uit weiden, beboste valleien en de imponerende Vratsatakloof. In dit gebied is ook de spectaculaire Ledenikagrot te vinden. Ook de Iskûrkloof is een bezoek meer dan waard met bijzonder rotsformaties als de Katinapiramiden en de steile Lakatnikrotsen. hier liggen ook een aantal pelgrimsoorden, waaronder het Cherepishklooster en het Sedemte Prestolaklooster. De vallei van de Rusenski Lom-rivier is een leefgebied voor vele diersoorten, maar bevat ook een rotsklooster en een fort.

Diverse bezienswaardigheden in Noord-Bulgarije:

Srebarna Bulgarije

Photo:Izvora in het publieke domein

Srebarna is een UNESCO-biosfeerreservaat met vooral een bijzonder gevarieerde vogelpopulatie.

Belogradchik: Natuurhistorisch Museum (opgezette vogels en zoogdieren uit Noord-Bulgarije

Berkovitsa: kuuroord; Ivan Vazovmuseum (beroemde Bulgaarse schrijver, 1850-1921); Etnografisch Museum (plaatselijk aardewerk)

Chiprovtsi: Gemeentemuseum (tapijten of 'kelims', gevlochten sieraden)

Madara: Ruiter van Madara (middeleeuws reliëf op rotswand)

Montana: Historisch Museum (kostuums van de Karakachani, nomadische herders)

Pleven: mausoleum (Russische slachtoffers Russisch-Turkse Oorlog, 1877-1878); Bevrijdingsmuseum (beleg Russisch-Turkse Oorlog, wapens en uniformen); Historisch Museum (wapens, archeologische vondsten Romeinse tijd); Skobelevmuseum (Russische generaals); Panorama (schilderijen over de bezetting)

Ruse: Sveta Troitskakerk uit 1764; Ploshtad Svoboda (plein met bevrijdingsmonument, Dramatheater en Mercuriusbeeld); Regionaal Historisch Museum (prehistorie, Romeinse tijd, middeleeuwen, Belle Époque, trouwkleding); Sexanginta Prista (ruïnes Romeinse haven); Zahari Stoyanovmuseum (Bulgaarse vrijheidsstrijder); Transportmuseum (spoorweggeschiedenis Ruse); Pantheon van Helden van de Nationale Wedergeboorte

Rusenski Lom-vallei: rotskloosters Sveti Dimitûr Besarbovski en Ivanovo; ruïnes Chervenfort

Shumen: Historisch Museum (o.a. middeleeuwse vondsten); Pancho Vladigerovhuis, Panaiot Volovhuis, Lajos Kossuthmuseum (Hongaarse nationalistische leider); Tombulmoskee (grootste moskee van Bulgarije); Monument voor de Stichters van de Bulgaarse Staat; Shumenfort

Silistra: middeleeuwse ruïnes; Archeologisch Museum (stadsgeschiedenis, Romeinse grafstenen, stenen zonnewijzer 1e eeuw); Medzhiditabiyafort

Sveshtari: Sveshtari Mogili (grafheuvels, waaronder Ginina Mogila, een 3de-eeuws graf en tevens UNESCO Werelderfgoed); Demir Babab Tekke (graf 16de-eeuwse islamitische heilige)

Svishtov: Sveta Troitskakerk uit 1867; Aleko Konstantinovkerk

Veliki Preslav: Archeologisch Museum (middeleeuws aardewerk, munten en gouden sieraden)

Vidin: Historisch Museum (vloermozaïeken en marmeren beelden uit de Romeinse tijd); Baba Vida (13de eeuws fort); Etnografisch Museum (o.a. Vlach-kleding); Sveti Panteleimon (17de eeuwse kerk)

Zwarte Zeekust

Voor de meeste vakantiegangers die als bestemming de Zwarte Zeekust van Bulgarije gekozen hebben, zijn de warme zomers , de prachtige zandstranden en het helderblauwe water de voornaamste attracties. Wat verder van de toeristencentra is het echter ook goed toeven. Vissersdorpjes, ongerepte stukken kust, natuurgebieden en historische steden als Varna, Nesebûr en Sozopol bieden voor ieder wat wils. Sunny Beach (Slûnchev Bryag) is een zich almaar uitdijende badplaats en op dit moment de grootste badplaats van Bulgarije, uitermate geschikt voor geheel verzorgde gezinsvakanties aan het ca. 8 km lange strand. Golden Sands ((Zlatni Pyasâtsi) is de op één na grootste badplaats met een strandlengte van ca. 3,5 km en vele hotels. Niet ver van Golden Sands ligt het Aladzhaklooster, al in de 6de eeuw uitgegraven in de kalksteenkliffen.Het 5 km lange, schone en veilige strand van Albena is een ideaal vertrekpunt voor vele watersporten. Albena doet wat rustiger aan dan buurtstrand Golden Sands doordat de vakantieaccommodaties wat meer verspreid liggen.

Balchik Bulgarije

Photo:Boby Dimitrov Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

Diverse bezienswaardigheden Zwarte Zeekust:

Ahtopol: badplaats; Hemelvaartkapel uit 1796

Balchik: Nationale Wedergeboortecomplex (replica eerste Bulgaarse school); Historisch Museum (geschiedenis Balchik); Etnografisch Museum (klederdrachten, oude ambachten); Kunstmuseum (20ste-eeuwse schilderijen); Paleis van Koningin Marie (o.a. zeer grote collectie cactussen)

Brushlyan: stadsgezicht

Bûlgari: vuurdansen op 3-4 juni

Burgas: Etnografisch Museum (o.a. klederdrachten); Kiril i Metodiikerk; Armeense kerk uit 1853; Natuurhistorisch Museum (o.a. mineralen en opgezette zoogdieren); Archeologisch Museum (vondsten, stenen tijdperk, bronstijd en Griekse overheersing); Kunstmuseum (o.a. 18de- en 19de-eeuwse iconen); Podameer (zeldzame planten en vogels)

Devnya: Pobiti Kamûni ('stenen bos' met ca. 2000 stenen zuilen)

Dobrich: Archeologisch Museum (gouden sieraden 5e eeuw v.Chr.); Etnografisch Museum (klederdrachten, borduurwerk, boerentuin); Kunstmuseum (Bulgaarse schilders); Stariya Dobrich (werkplaatsen oude ambachten)

Kavarna: Etnografisch Museum (dagelijks leven 19e eeuw); Kunstmuseum (o.a. zeegezichten); Maritiem Museum (handel op zee); Historisch Museum (recente stadsgeschiedenis)

Nessebur Pantocrator Bulgarije

Photo:Gérard Janot Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Nesebûr: Archeologisch Museum (stadsgeschiedenis 2de-1e millennium v.Chr. tm middeleeuwen); Christus Pantocratorkerk; Nieuwe Metropolietenkerk; Johannes Aliturgetoskerk; ruïne Oude Metropolietenkerk; Sveta Paraskevakerk; Sveti Spaskerk uit de 17e eeuw; Etnografisch Museum o.a. klederdrachten)

Pomorie: Zoutmuseum; Transfiguratiekerk uit de 17e eeuw

Ropotamo Natuurreservaat: zandduinen, zeldzame planten en bloemen

Sozopol: stadsgezicht; Archeologisch Museum (stadsgeschiedenis); Zuidelijke Vestingmuur en Torenmuseum; Apollonia Kunstfestival begin september; Kunstmuseum (o.a. zeegezichten); Sveta Bogoroditsakerk 15e eeuw; Sveti Zosimkerk

Strandzhatocht: vijf reservaten met zeldzame planten en bedreigde diersoorten

Sveti Konstantin: kleine badplaats; Konstantin en Elenaklooster

Tsarevo: Uspenie Bogorodichnokerk uit 1820

Varna: Archeologisch Museum (vele gouden voorwerpen uit de in 1972 gevonden necropolis, gedateerd 4400-4200 v.Chr., Thracische en Romeinse voorwerpen); Hemelvaartkathedraal (op één na grootste christelijke kerk van Bulgarije); Hemelvaartkerk uit 1602; Sveti Atanaskerk uit 1838; Armeense kerk uit 1842; Etnografisch Museum (o.a. boerenbedrijf, klederdrachten); ruïnes Romeinse thermen; Stadsgeschiedenismuseum (periode eind 18e eeuw tm ca. 1950); Medisch Museum (schedels, skeletten, instrumenten); Marinemuseum (o.a. torpedoboot uit Eerste Balkanoorlog, bevaren Zwarte Zee vanaf 6e eeuw v.Chr. 1921 en verder artillerie, helikopters); Stedelijk Kunstmuseum (Bulgaarse schilderkunst sinds begin 20e eeuw); Zeepark (aquarium, planetarium, dolfinarium, terrarium, dierentuin); Evksinogradpaleis uit 1886

Yailata: grotwoningen; necropolis, ruïnes middeleeuws kasteel

Klik op de menuknop bovenaan het scherm voor meer informatie

BULGARIJE LINKS

Advertenties
• Bulgarije Tui Reizen
• Bulgarije Vliegtickets.nl
• Sofia Vliegtickets Tix.nl
• ANWB vakantie boeken Bulgarije
• Naar Bulgarije met Sunweb
• Djoser Rondreis Bulgarije
• Autoverhuur Sunny Cars Bulgarije
• Wandelreis voor singles
• Bulgarije Hotels
• Transport Bulgarije - TTS Quality Logistics B.V

Nuttige links

Bulgarije 2 Link België (N)
Bulgarije Jouwpagina (N)
Bulgarije Start België (N)
Bulgarije Verzamelgids (N)
Reisinformatie Bulgarije (N)
Reisverhalen en Foto's Bulgarije (N)
Reizendoejezo – Bulgarije (N)
Telefoongids Bulgarije
Vakantie Bulgarije Jouwpagina (N+E)

Bronnen

Berg, H. van den / Reis-handboek voor Bulgarije

Elmar

Detrez, R. / Bulgarije: mensen, politiek, economie, cultuur, milieu

Koninklijk Instituut voor de Tropen

Resnick, A. / Bulgaria

Childrens Press

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt juni 2021
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems