Landenweb.nl

MEXICO
Xcaret

Tekst: Joyce Frey.

Ik bracht al een paar dagen door in Playa del Carmen en was intussen uitgerust van de lange en vermoeiende reis door Peru, Bolivia en Yucatan. Ik had genoten van het prachtige witte stand aan de Caraibic en kende de straten van de stad.

Ik begon me al weer te vervelen en moest iets gaan doen. Ik wilde naar het plezierpark Xcaret gaan en vroeg de man van het reisgezelschap een tour daarheen te boeken. Hij meende dat ik het beter op eigen houtje kon doen en gaf me tips voor de te bewandelen weg.

In de ochtend stond ik op straat om een taxi aan te houden. Voor een beetje meer als een dollar reed hij me er heen. Na zes kilometer waren we aangekomen.

Voor de ingang werd ik afgezet. Om binnen te mogen komen moest ik 39 dollar betalen, wat me gestolen leek te zijn.
Maar 's Avonds had ik een andere mening. Het was de prijs zeker waard.

Als eerste ging ik naar een museum, waar ik mijn laatste reis kon reconstrueren.. Alle piramiden waren daar ik klein formaat te zien, zoals ook de presidenten van het land, die als poppen daar opgesteld stonden.

Daarna liep ik aan de papegaaien en flamingo's voorbij, totdat ik de onderaardsegang gevonden had, waar een smalle kristalheldere beek doorheen kronkelde.
Toen kwam ik bij een kapelletje uit en een Mayadorp.
Intussen had ik al veel gelopen en zocht naar de jaguar. Maar in plaats van een jaguar te zien, zag ik een slapende poema.
Niet ver hier vandaan was de vlinderfarm.
Bonte exemplaren vlogen me om de oren. Het was een genot om dit te bekijken.

Na een verdere wandeling kwam ik bij de zee uit, waar het heldere water tegen de rotsen sloeg. Op het strand stonden ligbedden en hingen hangmappen.
Deze werkten zo uitnodigend dat ik in een hangmat ging liggen en de ogen sloot.
Het ruisende water drong in mijn oren en liet me tegen de slaap vechten..

Ik trok mijn schoenen uit en lag zeker een uur half slapend daar.
Weer uitgerust ging ik verder op ontdekkingstocht.
Als eersten kwamen de schildpadden. Dan het aquarium en de krokodil, die voor dood op de rotsen lag.

Tussen elke bezienswaardigheid groeiden palmen en andere exotische planten. Een smalle beek stroomde door het park die er uit zag alsof er blauwe inkt in gegooid was. Ik was bij de dolfijnen aangekomen.
In het water waren enkele kinderen en ook een paar volwassenen, die zich onder leiding van de trainer met de dieren konden spelen en ze aanraken.

Ze mochten zelfs de vinnen op de rug van de dolfijnen beetpakken en zich door het basin laten slepen.
Dat beviel me helemaal niet. Ik ben van mening dat de dolfijnen in de vrije ruimte van de zee thuis horen.

Ik ging verder en kwam in het oerwoud uit. Hier bleek ik alleen op de wereld te zijn. Geen mens was te horen of te zien. Gelukkig was er een duidelijk pad dat de weg wees. Anders kon ik de uitgang niet meer vinden. De rust en de prachtige vegetatie en vogels was een genot hier.

Uiteindelijk was ik weer in de bewoonde wereld terecht gekomen en ontdekte ik een plein waar een show gegeven zou worden.
Een hoop mensen zaten al op een muur, dat er omheen gebouwd was. Anderen zaten op de grond. Ik kon nog een plaatsje op de muur veroveren en vond het heerlijk even te kunnen zitten.

Vijf mannen kwamen trommelend het plein op. In het midden stond een paal waar touwen aanhingen. De trommels werden op de grond gezet. Vier mannen bonden een touw om hun voeten en de vijfde klom naar de top van de paal. Daar draaide hij aan een lier die de touwen omhoog takelde.

De vier mannen hingen nu ondersteboven, een stuk van de grond. De man op de top liet de paal draaien en de vier anderen verrichte acrobatische kunststukjes.
Hoewel ik zo'n show al eerder op deze rondreis gezien had, keek ik toch graag nog eens toe.

Toen het ten einde was, ging ik de vleermuizen zoeken. Op de weg trof ik nog een paar mensen die de rondreis ook gemaakt hadden.
We babbelden wat en dan ging ik het donkere hol in om de vleermuizen te bekijken.

Toen dacht ik de rondgang gemaakt te hebben en wilde nu de grote show zien. Al veel mensen zaten op de halfronde tribune, die uit de rotsen gehakt was. Het zou nog even duren voor het begon.. Ik ging in die tijd nog snel even een flesje dank halen,want het wandelen onder de hete zon, maakt dorstig.

Ik nam het drankje mee en zocht een plaatsje in het midden, voor aan bij de tribune. Ik had zelfs nog een kussentje gekregen. Langzaamaan liep het vol.
Ik keek naar de rots voor me, waar door een opening water liep, dat zacht achter het podium voort kabbelde.

Vol spanning wachtte het publiek op de show die om klokslag vier uur begon. Een boot voer langs de rots. Een paar zangers zaten er in. Ze betraden het podium en van de zijkanten kwamen nog meer zangers.
Een vlotte muziek- en dansshow werd gegeven, zoals ook een paar aardige scènes tussen door.

Na een uur was het afgelopen. Het was echt leuk geweest om dit te zien. Daarna werd ik bij een Engels sprekende reisleider ingedeeld, zoals veel andere. We liepen naar een volgende show. Tussen ruïnen zou een Maya balspel gespeeld worden. Weer had ik een goed plaatsje gevonden. Van beide kanten betraden de manschappen het speelveld.

Een begroetingsceremonie begon voordat het spel kon beginnen. De bedoeling was om de bal met de heupen, door ringen die aan beide kanten van de muur hingen, te werpen. Dat leek me niet gemakkelijk te zijn.

Af en toe moest ik lachen, als de mannen op de grond lagen en probeerden de bal met de heupen weer omhoog te krijgen.
Het spel verliep erg fair, omdat de spelers die vals speelden, wisten dat ze onthoofd zouden worden. Zo was het vroeger geweest. Ik kon het me al weer voorstellen hoe het volgende spel met een kop gespeeld zou worden.

Toen het afgelopen was, had de avond zijn duisternis gevonden. Ik zocht mijn reisleider. Met een klein groepje wandelden we een smalle weg op. In de verte zag ik vuur branden en hoorde mysterieuze klanken.
Eerst was het erg zacht, maar hoe verder we kwamen, des te duidelijker werd alles.

Toen de plaats van het gebeuren bereikt was, konden we een betoverende tovershow beleven.
Dansen met spookachtige figuren werden de geesten aangeboden. Daarmee hoopten ze dat ze het volk genadig bleven.

Vroeger bad ieder er wel om, om niet onthoofd te worden.
Als alles ten einde was, gingen we naar de uitgang. Daar stonden een hoop bussen, maar geen daar van ging in mijn richting.

Ik zocht een taxi, die niet te vinden was. Een man die waarschijnlijk dacht, dat ik hem zocht, kwam naar me toe en vroeg of ik een taxi moest hebben. Ik zei ”ja.” Hij nodigde mij uit me op hem te volgen.
We reden naar mijn hotel, waar ik nog verdere tien dagen verbrengen zou.

Het was me in Playa del Carmen erg goed bevallen. Het bood me alles wat mijn hartje begeerde. Een heerlijk lang strand, dat tot baden en wandelen uitnodigde of met andere badgasten te kletsen.
Daarbij stralend blauw water met een aangename temperatuur, gezellige, mooie straten en een rustig hotel. Het prachtige weer neemt men daarbij op de koop toe.

Meer reisverslagen >> www.reisimpressies.eu