Landenweb.nl

BAHREIN
 

Basisgegevens
  Officiële
  landstaal
  Arabisch
  Hoofdstad  Manamah
  Oppervlakte  760 km²
  Inwoners  1.629.896
  (mei 2019)
  Munteenheid  Bahreinse dinar
  (BHD)
  Tijdsverschil  +2
  Web  .bh
  Code.  BHR
  Tel.  +973

To read about BAHRAIN in English - click here

Geografie en Landschap

Geografie

Bahrein (officieel: Dawlat al Bahrayn; kortweg Bahrayn) is een onafhankelijke staat in het Midden-Oosten en bestaat uit een groep van 33 eilanden in de Perzische Golf, gelegen tussen het schiereiland Qatar en het vasteland van Saoedi-Arabië. Saoedi-Arabië ligt op 22 kilometer en Qatar op 28 kilometer van Bahrein. Tot Bahrein behoren ook de omstreden Hawar-eilanden. Bahrein is de enige eilandstaat in de Arabische wereld en wordt ook wel simpelweg"het eiland" genoemd.

advertentie

Bahrein Satellietfoto

Photo:Publiek domein

De totale oppervlakte van Bahrein bedraagt 695 km². Bahrein-eiland is het grootste eiland en is 50 kilometer lang en zestien kilometer breed. Bahrein- eiland is door dammen verbonden met de internationale luchthaven op het eiland Muharraq en met het eiland Sitra, een industrieel terrein. De rotsachtige eilanden bieden een woestijnachtig aanzien, behalve in het uiterste noorden en noordwesten van het hoofdeiland waar zoetwaterbronnen vruchtbare landbouwgebieden mogelijk maken. Elders bestaat de plantengroei slechts uit woestijnplanten. Met name de met zand bedekte leembodems in Centraal-Bahrein zijn zilt, droog en daardoor nauwelijks begroeid.

advertentie

Bahrein Landschap

Photo:Soman Creative Commons Attribution-Share Alike 2.5 Generic no changes made

Het hoogste punt van Bahrein is de Jebel ad-Dukhan met 134 meter, die midden op Bahrein-eiland ligt. Rond deze berg liggen ook de meeste oliebronnen. De stranden van Bahrein zijn niet aan te bevelen omdat het water niet erg schoon is vanwege het zeer ondiepe water. Men kan wel tot 500 meter ver de zee inlopen en staat dan nog maar tot de knieën in het water. De beste stranden zijn kunstmatig aangelegd en eigendom van hotels en privé-clubs. Bahrein's beste strand is Al-Jazayir. De hoofdstad van Bahrein is Manama. Andere belangrijke steden zijn Muharraq, Rifa'a, Jidhafs, Sitra, Awali en Isa Town.

Klimaat en Weer

advertentie

Gemiddelde Hoeveelheid Neerslag Bahrein

Photo:Rehman Abubakr CrC Attribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Bahrein heeft een warm en vochtig klimaat; 's zomers, van mei tot september, bereikt de gemiddelde temperatuur ca. 29 °C, 's winters ca. 21 °C. De gemiddelde dagtemperaturen liggen rond de 36°C. met gemiddeld twaalf dagen boven de 40°C. Van november tot maart heerst er een aangenaam klimaat met warme dagen en koele nachten met minimumtemperaturen van 14°C. en maximumtemperaturen van 24°C. Dat is tevens de beste tijd om Bahrein te bezoeken. De gemiddelde luchtvochtigheid is in de winter 7% en in de zomer 59%.

In de zomer maken zandstormen en hete zomerwinden (qaws) het klimaat zeer onaangenaam. De neerslag is erg gering: slechts ca. 75 mm per jaar. De meeste neerslag valt in de periode december tot eind april. In de periode juni tot november valt er praktisch nooit regen.

Planten en dieren

De"Boom des Levens" (Shajarat-al-Hayat) in het zuiden van Bahrein is een bijna tien meter hoge alleenstaande Prosopis cineraria, in feite een doornige struik, van meer dan 400 jaar oud. De boom staat op een heuvel in de Arabische woestijn, twee kilometer van Jebel Dukhan, het hoogste punt van Bahrein, en veertig kilometer van de hoofdstad Manama. In dit gortdroge klimaat vindt de boom water dankzij wortels die tot wel 50 meter lang worden.

advertentie

Boom des Levens (Shajarat-al-Hayat), toeristische attractie in Bahrein

photo:unknown CC Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

Dieren

advertentie

Schorpioenvis Bahrein

Photo:LASZLO ILYES Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Onder water komen vele vissoorten voor en verder schildpadden, roggen en walvishaaien. Gevaarlijk zijn zeeslangen, kwallen en schorpioenvissen. Af en toe zijn er zeekoeien te zien.

Geschiedenis

Oudheid

Dilmun cultuur Bahrein

Photo:Rapid Travel Chai Creative Commons Attribution 3.0 Unported no changes made

De geschiedenis van Bahrein gaat terug tot het ontstaan van de mensheid. Bahrein-eiland is ca. 6000 jaar v.Chr. losgeraakt van het Arabisch vasteland en is vrijwel zeker al bewoond geweest sinds de prehistorie. In het derde millennium v.Chr. komt Bahrein de wereldgeschiedenis binnen. Het stond toen bekend onder de naam Dilmun, een van de grote handelsrijken van de antieke wereld.

Het rijk profiteerde van de strategische ligging tussen Mesopotamië en de Indus- Vallei. Het Midden-Oosten had ± 4500 jaar geleden een veel milder klimaat dan nu het geval is hoewel het toen al steeds droger werd. Dilmun was een heilig eiland in de Sumerische mythologie. De Sumeriërs waren een van de eerste beschavingen die opbloeiden in het huidige Zuid-Irak. De Sumeriërs stamden af van de Ubaïden en Bahrein continueerde dit contact na het ontstaan van Dilmun, 3000 jaar v.Chr. Dilmun's invloed strekte zich op haar hoogtepunt ten noorden uit tot het huidige Koeweit en landinwaarts tot de Al-Hasa-oase in oostelijk Saoedi-Arabië.

Tussen 1600 en 1000 v.Chr. trad het verval in en dit viel samen met de val van Indus Vallei-beschaving in Pakistan. Dilmun leed hier sterk onder als handelshaven op de route van Mesopotamië naar de Indus. Het verval van Dilmun duurde de eeuwen daarna voort en in de 8e eeuw v.Chr. werd Dilmun genoemd als een schatplichtig deel van Assyrië. Een paar eeuwen later werd Dilmun volledig overgenomen door de Babyloniërs en hield op te bestaan. Van de volgend 200 jaar is bijna niets bekend over deze regio, die pas weer in beeld komt na de komst van de Nearchus, een admiraal van het leger van Alexander de Grote in de 4e eeuw v.Chr. Bahrein werd tot de komst van de islam in de 7e eeuw n.Chr. algemeen bekend onder zijn Griekse naam Tylos. De periode 300 v.Chr. tot 300 n.Chr. was een redelijk welvarende. De dominante regionale macht was op dat moment het Seleucidenrijk, een van de opvolgerstaten van het rijk van Alexander de Grote. Het rijk van de Seleuciden strekte zich uit van het huidige Israël en Libanon tot Mesopotamië en Perzië en waarschijnlijk ook Bahrein. De Seleuciden, die maar kort overheersten, werden opgevolgd door de Parthen, een Perzische dynastie. De Parthen regeerden over Bahrein tot de derde eeuw en werden weer opgevolgd door de Sassaniden die Bahrein in de vierde eeuw annexeerden. In de derde en vierde eeuw waren al veel inwoners van Bahrein tot het christendom bekeerd. Het Sassanidische rijk was ook een centrum van Zoroasterianisme en Manicheïsme. Het Zoroastrianisme werd evenwel de officiële godsdienst van het Sassanidische rijk. Afvalligen werden vervolgd maar Bahrein bleef veelal gespaard van deze vervolgingen. Begin 5e eeuw vestigde zich de christelijke Nestorianen-sekte zich in Bahrein en langs de Arabische kant van de Golf. De twee bisdommen in Bahrein bleven bestaan tot ca. 835. Er zijn ook bewijzen gevonden dat Bahrein gedurende deze periode ook een gedeelte van de aangrenzende kust controleerde. Het hoofdeiland van Bahrein stond toen ook bekend als"Awal", een naam die de Bahreini's tot begin 20e eeuw nog steeds gebruikten.

Islam en Portugese overheersing

Bahrein Fort

Photo:Martin Falbisoner CCAttribution-Share Alike 4.0 International no changes made

Bahrein is een van de eerste gebieden buiten het Arabische vasteland dat zich bekeerde tot de islam. Rond 640 ging Bahrein over tot de islam, maar christenen en moslims zouden nog twee eeuwen vreedzaam naast elkaar leven. Van de 9e tot de 11e eeuw werd Bahrein een deel van het Umayyad en het Abassidische Rijk. Bahrein verkreeg weer een redelijke welvaart en was opnieuw een belangrijke plaats op de handelsroute tussen Mesopotamië en het Indische subcontinent. Gedurende de Middeleeuwen werd het gunstig gelegen Bahrein overheerst door verschillende machthebbers, net als de rest van het Golfgebied dat constant in oorlog was. De Omanis veroverden Bahrein en de Muharraq-eilanden in 1487 en bouwden fort Arad op Muharraq.

Rond 1485 was de Portugees Duarte Barbosa de eerste Europeaan die Bahrein bezocht. Hij noemde de eilanden"Barem", refererend aan de hoeveelheid en de kwaliteit van de gevonden parels. Rond 1520 veroverde de Portugese vloot de eilanden. Als parelvisserijhaven had Bahrein een zekere economische waarde voor de Portugezen, en was tevens belangrijk door de grote aanwezige voorraden vers drinkwater en de strategische ligging. Bahrein lag dan ook in de frontlijn toen de Ottomaanse Turken en de Portugezen in de eerste helft van de 16e eeuw vochten om de controle over Golfregio. De tweede helft van de 16e eeuw was rustiger doordat de Portugezen Bahrein toen stevig in handen hadden.

Al-Khalifa familie, Groot-Brittannië en olie

Hamad bin Isa Al Khalifa Bahrein

Photo:Publiek domein

In 1602 werd de broer van een van de rijkste handelaren in Bahrein, Rukn-el- Din, geëxecuteerd. Rukn el-Din leidde de daarop volgende opstand en de Portugezen werden verjaagd van het eiland. Rukn el-Din zocht snel steun bij de Perzen (sjah Abbas I de Grote) en als gevolg daarvan bleef Bahrein de gehele 17e eeuw een deel van Perzië. In het midden van de 18e eeuw arriveerde de Al- Khalifa familie vanuit Koeweit in Bahrein. Rond 1782 verdreef de sjeik Ahmed al- Fatih het Perzische garnizoen en bezette de belangrijkste eilanden van de Bahrein-archipel met behulp van de Al-Sabah familie in Koeweit. Bahrein en de Muharraq-eilanden waren op dat moment van groot belang doordat ze vanwege hun ligging redelijk immuun waren voor de rooftochten van de Wahhabi's, voorouders van de huidige Saoedi-Arabische koninklijke familie. Deze rooftochten kwamen regelmatig voor tot ca. 1818. Ahmed regeerde tot zijn dood in 1796 waarna zijn twee zoons Abdullah en Sulman het overnamen. In 1799 werden de twee broers echter alweer verjaagd door de Omanis. Pas in 1820 lukte het hem om de eilanden te heroveren. Vlak daarna sloot Bahrein een verdrag met Groot-Brittannië waarin Bahrein verklaarde zich niet met piraterij tegen de Britse schepen bezig te houden. Vanaf 1834 begonnen de Britten hun aanwezigheid in de Golf te formaliseren. India werd namelijk een steeds belangrijker deel van het Britse koninkrijk, en veiligheid in de Golf was daarom van het grootste belang. In 1835 werden de heersers van de verschillende Golfstaten er door de Royal Navy min of meer toe gedwongen om een vredesverdrag te ondertekenen. Ook werd door de Britten aangedrongen op het afschaffen van de slavernij. Toch bleef het niet lang rustig in de Golfregio. Rond 1840 volgden drie decennia met veel problemen. Na de dood van Khalifa zette zijn zoon, Mohammed bin Khalifa, zichzelf op de troon in Muharraq als mede-heerser en rivaal van Abdullah. In 1843 veroverde hij Al-Zubra in Qatar en zette Abdullah af, die vijf jaar later in ballingschap zou sterven. In 1861 sloot Mohammed een vriendschapsverdrag, het"Treaty of Perpetual Peace and Friendship" met de Britten. Door deze verdragen (idem in 1881 en 1891) kreeg Groot-Brittannië de controle over de buitenlandse zaken van Bahrein en andere Golfstaten in ruil voor bescherming door het Britse leger. Mohammed bin Khalifa werd al snel uitgedaagd door de zoon van de uitgezette Abdullah, Mohammed bin Abdullah. Hij viel Bahrein aan vanaf het Arabische vasteland. Tijdens deze turbulent periode brak er een oorlog uit tussen Bahrein en Qatar die in 1868 eindigde toen Mohammed bin Khalifa naar Quatar vluchtte en zijn broer Ali zichzelf als heerser over Bahrein uitriep. In Quatar bouwde Mohammed bin-Khalifa een nieuwe vloot, viel Bahrein binnen en doodde Ali in 1869. Mohammed bin-Khalifa maakte echter een grote fout, hij gaf Mohammed bin-Abdulah een hoge post in het veroveringsleger. Na de verovering van Bahrein zette hij Mohammed bin-Khalifa meteen af en zette hem in de gevangenis. De Britten zagen dit aan en besloten in te grijpen. De Royal Navy stoomde op naar Bahrein, de beide Mohammeds werden naar Bombay in India gedeporteerd en Ali's zoon sjeik Isa bin Ali werd als emir aangesteld. Sjeik Isa's bloedlijn heeft Bahrein sindsdien geregeerd. Omdat het belang van de Britten alleen was om de Turken uit de regio te houden, bleven ze de rest van de 19e eeuw buiten de binnenlandse politiek van Bahrein. Zowel Turkije als Perzië bleven tot 1970 aanspraak maken op Bahrein maar ze durfden de Britten niet uit te dagen. De zeer conservatieve Sjeik Isa bin Ali regeerde tot zijn dood in 1932. In 1923 werd hij door de Britten gedwongen om de dagelijkse gang van zaken over te dragen aan zijn zoon Hamad, die na de dood van zijn vader tot 1942 zou regeren. Meteen na zijn aantreden in 1923 begon hij met het moderniseren van Bahrein. Tien jaar later, na de vondst van olie, werd het tempo van moderniseren opgeschroefd. Scholen, ziekenhuizen en nieuwe moskees werden gebouwd, praktisch het hele land werd geëlektrificeerd en er werd een vliegveld aangelegd. Belangrijk voor de ontwikkeling van Bahrein was de komst in 1923 van een nieuwe adviseur van de emir, Charles Belgrave. Hij was behulpzaam bij de opzet van een onderwijssysteem en begeleidde de ontwikkeling van de infrastructuur op het eiland. De Tweede Wereldoorlog ging vrij onopgemerkt voorbij. Een dag na de Britten verklaarden de Bahreini's in 1939 de oorlog aan Duitsland en Italië. Bahrein was natuurlijk wel van groot belang in verband met de levering van olie voor de legers van de geallieerden. Sjeik Hamad werd in 1942 opgevolgd door zijn negentienjarige zoon Sulman. De levensstandaard was op dat moment al zeer hoog in Bahrein ook vergeleken met de oliereuzen als Saoedi-Arabië en Koeweit. De productie van olie stelde, vergeleken met deze twee landen, niet veel voor maar Bahrein diende door zijn ligging als belangrijke opslagplaats voor de olie uit de gehele Golfregio.

Bahrein richting onafhankelijkheid

Bahrein Comitee van Nationale Eenheid 1954

Photo:Publiek domein

In de jaren vijftig van de twintigste eeuw was het zeer onrustig in de Arabische wereld. Zo keerde de Egyptische president Nasser zich sterk tegen de koloniale aanwezigheid in de Arabische wereld en zorgde daardoor voor een bewustwordingsproces in de Arabische wereld. Ook in Bahrein kwamen er steeds meer mensen met een aversie tegen de Britten. Met name studenten die in Caïro, Beiroet of Londen hadden gestudeerd kwamen met een antipathie jegens de Britten terug in hun land. In 1952 vormden hervormingsgezinde soennitische en sjiitische leden van de gemeenschappen een uit acht personen bestaande"Higher Executive Committee". Zij eisten vakbonden naar westers voorbeeld, een parlement en het ontslag van Belgrave. Hoewel Belgrave mocht blijven, willigde de emir verschillende andere wensen in. In 1956 liepen de zaken enigszins uit de hand toen er stenen werden gegooid naar de Britse minister van buitenlandse zaken Selwyn Lloyd, tijdens diens bezoek aan Bahrein. Als vergelding werden er verschillende leden van het"Committee of National Union" (opvolger van de Higher Executive Committee) gedeporteerd. In november van dat jaar werden er verschillende mensen gedood tijdens rellen naar aanleiding van de Suez-crisis. Britse troepen landden om de olievelden te beschermen, maar tegelijkertijd werden de leveranties van olie door Saoedi-Arabië naar de olieraffinaderij van Bahrein gestopt. Niet lang daarna ging Belgrave met"pensioen". De emir benoemde een andere Brit, maar tegen die tijd was de rust weergekeerd en ging men verder met veel geld verdienen. Sjeik Sulman stierf in 1961 en werd opgevolgd door zijn zoon Isa bin Sulman al-Khalifa, die regeerde tot zijn dood in maart 1999. Hij werd weer opgevolgd door zijn zoon Hamad bin Isa al-Khalifa. Nadat Groot-Brittannië had aangegeven zich te willen terugtrekken uit de Golf deed Bahrein eind 1971 mee in een poging om een federatie te vormen met Qatar en de zeven"Trucial States", nu de Verenigde Arabische Emiraten Als grootste qua inwoneraantal van de negen emiraten eiste Bahrein de grootste zeggenschap in de voorgestelde federatie. De andere weigerden hierop in te gaan waarna Bahrein besloot om alleen verder te gaan en riep op 14 augustus 1971 de onafhankelijkheid uit, met instemming van Groot-Brittannië. Groot-Brittannië sloot met de nieuwe staat een vriendschapsverdrag zonder defensieve verplichtingen. Ook Qatar trok zich terug uit de toekomstige federatie. Eind 1972 werd er een soort werkgroep opgericht die een nieuwe grondwet moest maken. De emir keurde de grondwet in mei 1973 goed en later dat jaar werden er verkiezingen gehouden voor een"National Assembly" die voor het eerst bijeenkwam in december van dat jaar. Twintig maanden later werd het orgaan door de emir ontbonden omdat radicale leden het onmogelijk maakten voor de uitvoerende macht om goed te functioneren. Vanaf die tijd wordt het land geregeerd door die decreten van de emir die uitgevoerd worden door het kabinet. In 1975 werden vakbonden en stakingen wettelijk verboden. Gedurende de jaren zeventig en tachtig realiseerde Bahrein een enorme economische groei door de hoge olieprijs en de uitstekende infrastructuur, de beste van de hele Golfregio. Een bedreiging voor het bewind leek de islamitische revolutie in 1979 in Iran en de daaropvolgende Eerste Golfoorlog tussen Iran en Irak (1980-1988) te vormen. Niet alleen betoogden Bahreini- sji'ieten van Iraanse afkomst voor een islamitische staat, tevens leek Iran zijn historische aanspraken op Bahrein te hernieuwen.

Interne onlusten en democratische ontwikkelingen

Hamad bin Isa Al Khalifa Bahrein

Photo:Publiek domein

Recent is de status als opslagplaats van olie achteruit gegaan, maar de economie richt zich steeds meer op de ontwikkeling van de industrie en de dienstensector (o.a. toerisme) en daardoor is men minder afhankelijk van de olie geworden. Bahrein is bijvoorbeeld een van de belangrijkste financiële centra van de regio geworden als opvolger van Beiroet in Libanon. Eind jaren tachtig ging het in het Golfgebied economisch een stuk minder, maar Bahrein bleef kalm en welvarend. Zo deed de scheepsindustrie halverwege de jaren tachtig goede zaken door tankers die getroffen waren in de oorlog tussen Iran en Irak te repareren. In 1985 werd een samenzwering tegen de staat ontmanteld. Bahrein deed belangrijke wapenaankopen bij de Verenigde Staten en leverde faciliteiten aan de Amerikaanse vlooteenheden die in 1987 en 1988 in de Golf patrouilleerden. Opmerkelijk was de toenadering tot Iran; in december 1990 bezocht de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Bahrein. De Koning Fahd snelweg tussen Bahrein en Saoedi-Arabië in 1986 gaf een impuls aan de zakenwereld en het toerisme. Begin jaren negentig onderhield Bahrein nauwe banden met Iran, terwijl de relatie met Irak op een dieptepunt belandde na een raketaanval in de tweede Golfoorlog op Bahrein. Na de Golfoorlog werd Bahrein de basis van de wapeninspecteurs van de Verenigde Naties. In 1999 vroeg de Bahreinse regering om deze bases te sluiten. In 1991 ontstond met Qatar een conflict om de Hawar-eilanden en de zandbanken Fasht al-Dibal en Jaradah, waar olie was gevonden; Qatar eiste de soevereiniteit over de eilanden op. In 1994 weigerde de emir een petitie met 25.000 handtekeningen aan te nemen waarin gevraagd om meer democratie. Ontevredenheid hierover leidde in november 1994 tot wat rellen in sjiitische dorpen ten westen van Manama. De belangrijkste eisen van de demonstranten was herstel van het buitenspel gezette parlement en een betere spreiding van de welvaart (van de sjiitische bevolking was 30% werkloos). Er vielen 16 doden en vele honderden mensen werden gearresteerd. Ook in 1995 en 1996 was er onrust en werden verschillende bomaanslagen gepleegd en verijdeld. De regering beschuldigde Iran van medeplichtigheid. In december 1996 boycotte Bahrein de topconferentie van de Samenwerkingsraad voor de Golf (GCC: samen met Saoedi-Arabië, Oman, Koeweit, Verenigde Arabische Emiraten en Qatar) in Doha (Qatar) vanwege een grensconflict met dit land. Als gevolg van dit grensconflict verslechterden ook de relaties met andere Golfstaten. Bahrein en Qatar gingen in 1997 wel weer diplomatieke banden aan. In 1997 stichtten jonge werklozen branden als protest tegen de discriminatie van de sjiitische meerderheid (de regerende al-Khalifa familie is soennitisch), en het gebrek aan democratische hervormingen. Ook het grote aantal banen die bezet werden door Aziaten waren hen een doorn in het oog. Opnieuw beschuldigde Bahrein Iran ervan om de oproerkraaiers te trainen en financieel te ondersteunen en men trad hard op tegen de dissidenten. Bahrein riep zijn ambassadeur uit Teheran terug. Sjeik al-Khalifa besloot wel om leden van de oppositie in zijn regering op te nemen. Daarna bleef het rustig en komt geweld nog maar zeldzaam voor. In 1998 leidde het bezoek van de Iraanse oud-president Rafsanjani tot een voorzichtige toenadering tussen beide landen. Het vertrek van het beruchte hoofd van de Bahreinse veiligheidsdienst, de Brit Ian Henderson, werd door de (sji'itische) oppositie zeer gewaardeerd, evenals de ondertekening door de Bahreinse regering van de VN-conventie tegen marteling. In 2001 wees het Internationaal Gerechtshof in Den Haag de Hawar-eilanden toe aan Bahrein. Het voortdurende conflict met Qatar kwam daarmee ten einde.De binnenlandse politiek wordt beheerst door de Al-Khalifa familie en enkele belangrijke Soennitische handelsfamilies. De oppositie is verdeeld en bevat o.a. kleine, meer radicale oppositiegroepen. De belangrijkste oppositiepartij is de Bahrein Freedom Movement (BFM). Na zijn dood in 1999 werd Sheikh Isa opgevolgd door zijn zoon Sheikh Hamad bin Isa al-Khalifa. Laatstgenoemde heeft zich actief met de politieke besluitvorming bemoeid. In februari 2001 won hij brede steun binnen de oppositie voor een politiek hervormingsplan en zette aldus het proces van politieke liberalisering in gang. In lijn met dit hervormingsplan gaf de emir in februari 2002 zijn goedkeuring aan een grondwetswijziging die de staatsvorm van zijn land wijzigde in een constitutionele monarchie en aan het staatshoofd de titel van Koning verleende. Hij schreef tevens gemeenteraadsverkiezingen voor mei 2002 en algemene verkiezingen voor 24 oktober 2002 uit. De nieuwe grondwet verleende het kiesrecht aan zowel mannen als vrouwen. Deze wijzigingen legden de grondslag voor een democratisch bestel in Bahrein.

In oktober 2006 worden wederom parlementsverkiezingen worden gehouden waaraan de sjiieten, die in 2002 weigerden aan de verkiezingen mee te werken, zullen deelnemen. Deze toezegging werd gedaan, nadat enige amendementen op de" Societies Law" recent werden geaccepteerd. De oppositie blijft echter wel doorgaan met het nastreven van ruimere parlementaire bevoegdheden en minder invloed van de Consultatieve Raad (Shoura Council).

De verkiezingen hebben uiteindelijk in november 2006 plaatsgevonden en de sjiieten hebben 40% van de stemmen gewonnen. Hun leider Jawad bin Salem al-Oraied wordt benoemd tot vicepremier. In september 2007 krijgen duizenden illegale immigranten amnestie. In mei 2008 wordt Houda Nonoo benoemd tot ambassadeur van Bahrein bij de Verenigde Staten. Ze is de eerste joodse vertegenwoordigster van een Arabisch land. In april 2009 geeft de koning gratie aan 170 gevangen die er van verdacht worden om de nationale veiligheid in gevaar te brengen. In 2011 zijn er protesten in Bahrein in de nasleep van de Arabische lente, de protesten worden neergeslagen, maar herhalen zich tijdens de Grand Prix van 2012. In maart 2013 benoemt koning Hamad de kroonprins, die als gematigd bekend staat, tot vicepremier om de onrust in te dammen. Eind 2013 staakt de (sjiitische) oppositie gesprekken met de regering. Verzoeningsgesprekken in 2014 mislukken ook, de parlementsverkiezingen van november 2014 worden door de oppositie afgedaan als een farce. In augustus 2016 beschuldigt een door de VN benoemde commissie de regering van het stelselmatig lastigvallen van de sjiitische oppositie. In 2017 zijn er verdere acties van de regering tegen de sjiitische minderheid. In 2018 wordt er een enorm nieuw olieveld ontdekt.Ali Salman, de leider van de oppositie wordt november 2018 tot levenslang veroordeeld vanwege vermeende spionage voor Qatar. Op 15 september 2020 tekenden Bahrein en de Verenigde Arabische Emiraten in Washington DC een vredesakkoord met Israël.

Bevolking

Bahreini

Photo:Al Jazeera Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

De bevolking van Bahrein bestaat uit 1.410.942 mensen (2017) die over het algemeen in het noordelijke deel van Bahrein-eiland wonen. Bahrein is een extreem dichtbevolkt land.

Van de bevolking bestaat ongeveer 46% uit Bahreini. De rest van de bevolking omvat voor het grootste deel gastarbeiders, Indiërs, Pakistani, Iraniërs, Omani, Palestijnen, andere Arabieren en een beperkt aantal Europeanen. Manama is een zeer kosmopolitische stad met meer westerse, Indiase, Pakistaanse en Filippijnse zakenlieden en winkeleigenaars dan Bahreini.

Bijna 90% van de bevolking woont in de steden en het grootste gedeelte daarvan in de hoofdstad Manama (ca. 262.000 inwoners) en in het met een brug daarmee verbonden Muharraq (ca. 90.000 inwoners) op het gelijknamige eilandje. De sterke bevolkingstoename heeft tot woningnood geleid en om deze nood te lenigen is op 25 km van Manama de satellietstad Isa-Town gebouwd, die op dit moment plaats biedt aan 170.000 inwoners.

De gemiddelde levensverwachting bij geboorte is in 2017 ca. 79 jaar (mannen 76,8 jaar en vrouwen 81,3 jaar). Als gevolg van de arbeidsimmigratie vanuit het buitenland, overtreft het aantal mannen het aantal vrouwen beduidend. De groei van de bevolking bedroeg in 2017 2,26%.

Taal

De ambtstaal en meest gangbare omgangstaal is het Arabisch; Engels is de taal in het internationale verkeer. Er zijn verschillende soorten Arabisch. Het klassieke Arabisch, de taal van de koran, is de basis van alle hedendaagse dialecten van het gesproken en geschreven Arabisch. Een gemoderniseerde en wat gesimplificeerde vorm van het klassieke Arabisch is de taal van de gestudeerde klasse in het Midden-Oosten. Deze moderne, het Modern Standard Arabic (MSA), wordt gebruikt in kranten en op radio en televisie. Het wordt ook gesproken door Arabieren uit verschillende landen. Zo'n gezamenlijke taal is nodig omdat de verschillende dialecten vaak te veel van elkaar verschillen.

Arabisch alfabet

Photo Publiek domein

Enkele Arabische woorden en zinnetjes:

Een – waHid

Twee – idhnin

Drie – dhladha

Hallo – as-salama alaykum

Welkom – ahlan wa sahlan of marHaba

Ja – aiwa / na'am

Nee – la

Dank u – shukran of mashkur naar een man

mashkura naar een vrouw; maskurin naar een groep

Ik kom van Europa – orobba

Ik kom van Nederland – holanda

Ik kom van Zuid-Afrika – jinub afriqye

Ik kom van Amerika – amrika

Wat betekent dat? – shu ya'ani?

Auto – sayyara

Bus – bas

Boot – markab

Oost – sharug

West – gharub

Lunch – al-ghade

Diner – al-ashe

Aardappel – batates

Thee – chai

Koffie – qahwa

Januari – yanayir

December – disimbir

Bahrein komt van"bahr-ein" dat"twee zeeën" betekent.

Godsdienst

Al Fateh moskee Bahrein

Photo:Jacobs-Creative Bees Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Ca. 82% van de bevolking is islamitisch waarvan 60% sjiieten en 40% soennieten. De islam bestaat inderdaad uit twee stromingen, de sjiïeten (shiat Ali=de partij van Ali, de vierde kalief die na de dood van Mohammed zijn opvolger werd) die vinden dat de opvolgers van Mohammed alleen uit de familie van Mohammed mag komen, en de soennieten (soena=gewoonte) die de opvolging aanvaarden van de Omajjaden, de heersers van Damascus.

Acht procent van de bevolking is christen en verder zijn er nog kleine groepen joden, boeddhisten, Bahai en hindoes. De kleinere groep soennitische moslims, waartoe ook de heersende familie behoort, is de meest invloedrijke en dat is tevens een van de oorzaken van een toenemende verwijdering tussen de twee groeperingen. Een andere oorzaak is van economische aard. De soennieten hebben het grootste deel van de rijkdommen van Bahrein in handen terwijl de sjiitische meerderheid weinig tot niets in te brengen heeft.

Er bestaat vrijheid van godsdienst.

Samenleving

Staatsinrichting

Wapen van Bahrein

Photo:Publiek domein

Bahrein is een absolute monarchie en de enige Golfstaat met zeer strikte regels betreffende het eerstgeboorterecht waardoor de erfopvolger altijd de oudste zoon is. Op dit moment is de emir sjeik Hamad bin Isa al-Khalifa aan de macht die zijn vader Isa bin Sulman al-Khalifa in maart 1999 opvolgde. De oom van de emir, sjeik Khalifa bin Sulman al-Khalifa is al jaren de minister-president. De emir benoemd en ontslaat leden van het kabinet, hoewel dat niet vaak voorkomt.

In 1971 riep Isa bin Sulman al-Khalifa, heerser sinds 1961, Bahrein tot onafhankelijke staat uit. De grondwet van 1973 voorzag voor het eerst in de geschiedenis van Bahrein in een volksvertegenwoordiging, waarin ook de twaalf door de sjeik benoemde kabinetsleden ambtshalve zitting hadden. Na een vermeende poging tot een staatsgreep werd in augustus 1975 het parlement ontbonden en de kieswet van 1973, die alle volwassen mannelijke Bahreini kiesgerechtigd verklaarde, buiten werking gesteld en politieke partijen en vakbonden werden verboden.

In 1996 werd naar voorbeeld van Oman en Saoedi-Arabië een door de emir benoemde Consultatieve Raad ingesteld, die de regering adviseert maar geen wetgevende macht heeft. Deze veertig leden tellende raad komt een maal per week bij elkaar. De leden worden benoemd door de emir voor een periode van vier jaar en vormen een redelijke afspiegeling van de samenleving, er zitten echter geen vrouwen in. De in het binnen- en buitenland opererende oppositie vindt dit typisch een vorm van schijndemocratie (politieke partijen zijn nog steeds verboden). Het"National Action Charter" benoemde op 23 december 2000 een uit twee kamers bestaande wetgevende macht, die na een referendum op 14 februari 2001 goedgekeurd werd. In november 2002 benoemde de sjeik zes vrouwen in de eerste kamer van het parlement. Hij wilde de vrouwen zo de kans geven te bewijzen dat ze een bijdrage van gewicht aan de politiek zouden kunnen leveren.

Sjeik Isa bin Sulman al-Khalifa draagt sinds augustus 1972 de titel emir (prins). Veel van zijn familieleden bekleden sleutelposities in de regering en het bestuur, waaronder de belangrijkste ministersposten. De emir en zijn ministers houden nog traditionele majliszittingen, waarbij de bevolking zich rechtstreeks met petities tot hen kan wenden.

De bevolking eist democratische hervormingen o.a. door demonstraties en bomaanslagen, die sinds 1994 al 25 mensen het leven kostten. Door de onrust is veel kapitaal weggevloeid van het ooit bloeiende bankencentrum. Bahrein bestaat uit twaalf regio's: Centraal-Bahrein, Oost-Bahrein, Hamad Town, Hidd Town, Isa Town, Jidhafs, Manama, Muharraq, Noord-Bahrein, Rifa'a, Sitra en West-Bahrein. De actuele politieke situatie is beschreven bij het hoofdstuk geschiedenis.

Onderwijs

Universiteit Bahrein

Photo:Rick's images Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Onderwijs is in Bahrein gratis voor alle inwoners. School is verplicht van zes tot vijftien jaar. Er zijn diverse internationale scholen die les geven in andere talen, o.a. Engels, Japans, Frans, Hindi en andere Aziatische talen. Hierdoor is maar 16% van de bevolking analfabeet en onderwijs is na veiligheid en defensie de grootste kostenpost op de begroting van Bahrein. Veel kinderen gaan voor hun studie desondanks naar het buitenland, met name naar de Verenigde Staten en Groot-Brittannië. Bahrein heeft twee universiteiten, Bahrain University met ca. 9000 studenten en de Arabic Gulf University met ca. 700 studenten.

Economie

Parelvisserij

Parels Bahrein

Photo:Publiek domein

Totdat in 1932 olie werd gevonden was de parelvisserij de belangrijkste economische activiteit in Bahrein. Rond 1900 was dan ook de helft van de mannelijke bevolking werkzaam in de parelvisserij en aanverwante bedrijfstakken. De parelvisserij was al een onderdeel van de Bahreinse economie sinds de 3e eeuw v.Chr. en begin 19e eeuw waren parels en dadels in feite ook het enige wat men de rest van de wereld te bieden had.

De parelduikers hadden een zeer zwaar beroep en de verdiensten waren niet erg hoog. Zoals zo vaak profiteerde alleen wat rijke families van de parelindustrie. Er werd ook geen loon betaald, maar men deelde mee in de winsten die dat seizoen behaald werden. Bahrein diende vanaf de 19e eeuw ook als"trans-shipment point" van alle parels die in de Golf geproduceerd werden.

Rond 1930 vonden de Japanners een methode uit om parels te kweken, en samen met de economische depressie viel Bahrein weg als belangrijke internationale parelproducent.

Olie

Bahrein gedenkteken eerste Oliebron

Photo:David Brossard Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic no changes made

In 1932 werd er on-shore olie gevonden in Bahrein (olieveld Awali) en was daarmee een van de eerste landen in het Midden-Oosten waar aardolie gevonden werd. Sinds die tijd zijn de olie-industrie en aanverwante industrieën het draaipunt van de Bahreinse economie. In 1998 produceerde Bahrein 37.200 vaten olie per dag, zeer weinig vergeleken met de Verenigde Arabische Emiraten en Saoedi-Arabië die meer dan twee miljoen vaten per dag omhoog pompen. Verder wordt er zeer veel ruwe olie uit Saoedi-Arabië geraffineerd dat via een onderzeese pijplijn Bahrein binnenkomt. De eerste olieraffinaderij ging al in 1935 van start.

In 1987 werd een nieuw on-shore veld bij Jebel el-Doekhan in exploitatie genomen. De belangrijkste concessiehouder was de Amerikaanse Bahrain Petroleun Company, waarmee de Bahreinse regering in 1974 een overeenkomst bereikte over een overheidsdeelname van 60%. In 1979 nam Bahrein het hele bedrijf over. De hele ruwe olieproductie en de aangevoerde ruwe olie uit Saoedi-Arabië is nu volledig in handen van de Bahrain National Oil Company (BANOCO), en tevens de sterk toegenomen productie van aardgas.

Samen met Saoedi-Arabië exploiteert Bahrein het off-shore gelegen veld Abu Safah. Op dit moment is nog 10% van de beroepsbevolking werkzaam in de aardolie-industrie.

Overige economische activiteiten

Bahrein heeft maar een beperkte olievoorraad en was daarom al snel genoodzaakt om de basis van de economie te verbreden.

De oorlog in Libanon (1975-1989) leidde ertoe dat Bahrein een geslaagde poging deed om de rol als bankier van de regio over te nemen. Bahrein is in de loop van de jaren zeventig en tachtig uitgegroeid tot het financiële centrum van de Golfstaten en een belangrijk commercieel centrum in het Midden-Oosten.

Bahrein is voor buitenlandse investeerders aantrekkelijk vanwege o.a. zijn belastingvrijdom en een surplus aan goedkoop aardgas. Onder de handelswetgeving van januari 1976 moeten binnenlandse ondernemingen een meerderheidsaandeel bezitten van in Bahrein gevestigde buitenlandse ondernemingen. Deze wet is echter weer niet van toepassing op bankinstellingen.

Toerisme is een voor de hand liggend alternatief voor de olie. Vanaf begin 1980 zette men volledig in op het toerisme en er komen nu ca. twee miljoen toeristen per jaar naar Bahrein. De meeste toeristen komen van Koeweit en Saoedi-Arabië, maar men probeert ook toeristen uit vele andere landen te trekken.

Toerisme draagt voor 9,2% bij aan het bruto nationaal product en levert werk op voor 17% van de beroepsbevolking. De gehele dienstverlenende sector, de overheid en de handel levert werk op voor ca. 70% van de beroepsbevolking.

Bahrein Export

Photo:Louis Waweru Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

32% van de beroepsbevolking is werkzaam in de industrie. Zo heeft Bahrein een grote aluminiumsmelterij, een papierfabriek, een scheepsreparatiebedrijf en een geavanceerd droogdok voor mammoettankers tot 400.000 bruto ton. De aluminiumindustrie is een van de oudste industriële activiteiten van het land. De productiecapaciteit is ca. 500.000 ton per jaar en er werken meer dan 2000 arbeiders.

De verwerkende industrie is nog maar weinig ontwikkeld en bestaat uit textiel, kunststoffen, conserven, dranken en lichte metaalindustrie.

Naast olie beschikt Bahrein ook over gasvoorraden van 150 miljard m3, goed voor 20 jaar productie.

Door middel van irrigatie, gevoed door geboorde welputten, is langs de noordkust wat landbouw mogelijk, o.a. dadels, meloenen en tomaten. Slechts acht procent van de totale oppervlakte van Bahrein is geschikt voor landbouw. Helaas leveren de droogte en watergebrek nu al problemen op. Men probeert zich steeds meer te concentreren op gewassen die maar weinig water nodig hebben, zoals gerst, haver en gierst. Ca. 1% van de beroepsbevolking is werkzaam in de agrarische sector op ongeveer 900 bedrijven.

De visserij is van belang voor de eigen consumptie, maar wordt bedreigd door vervuiling en overbevissing. Andere traditionele middelen van bestaan zijn: botenbouw, weven, het maken van rieten matten en de al eerder genoemde parelvisserij.

De belangrijkste importgoederen zijn ruwe aardolie (uit Saoedi-Arabië), voedingsmiddelen, machines en transportuitrusting. De Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Japan de grootste importpartners. De export bestaat voornamelijk uit aardolieproducten, aluminium en textiel. De grootste exportpartners van Bahrein zijn Japan, Saoedi-Arabië en de Golfstaten.

King Fahd Causeway BahreinPhoto:Navin Shetty Brahmavar at engish wikipedia CCAttribution 3.0 Unported no changes made

Bahrein beschikt over zeer goede infrastructurele voorzieningen. Er is een modern netwerk van snelwegen en in 1986 kwam de 25 km lange dam- en brugverbinding met Saoedi-Arabië gereed, de"King Fahd Causeway", grotendeels gebouwd door Nederlandse bedrijven. Tot die tijd was het de duurste landverbinding ter wereld. De dam overbrugt het beschermde eiland Umm Nasan.

Het openbaar vervoer bestaat overwegend uit taxi's en particuliere busondernemingen die de meeste steden met elkaar verbinden. Naast de natuurlijke haven Khor Khaliya maakt vooral de zeer moderne zeehaven Mina Sulman, Bahrein tot een van de belangrijkste scheepvaartcentra van het Midden-Oosten. De olieproducten worden voornamelijk geëxporteerd vanuit Sitra.

De moderne internationale luchthaven bij Muharraq vervult een centrumfunctie in het internationale luchtverkeer.

Vakantie en bezienswaardigheden

Bahrein Kunstmatige Eilanden

Photo:Alhaddadm at the english language wikipedia CCAttribution-Share Alike 3.0 Unported no changes made

De beste periode om in Bahrein een vakantie te boeken is in de wintermaanden, de 'koudste' maand is januari met een gemiddelde maximumtemperatuur van 20°C.

Bahrein telt twee door de UNESCO uitgeroepen werelderfgoederen: Qal'at al-Bahrein en zeventien gebouwen die typisch zijn voor de culturele traditie van het parelvissen in Bahrein. Tot die traditie behoren ook drie oesterbanken en het Qal'at Bu Mahir-fort. Qal'at al-Bahrein is een zogenaamde 'tell', een kunstmatige heuvel die gevormd is door opeenvolgende menselijke bevolking, en gaat terug in de tijd tot ca. 2300 v.Chr.

Naast de oliewinning draait de economie van Bahrein ook door het toerisme op volle toeren. De kustlijn is bezaaid met luxe hotels en er zijn enkele stranden, waaronder het bekende Al Jazayir. Duikers verwonderen zich om de vele koraalsoorten, de grote oesters en de scheeps- en vliegtuigwrakken. Eenmaal per jaar staat Bahrein mondiaal in de belangstelling als het Formule 1-spektakel neerstrijkt op de kleine eilandstaat.

Bahrein Nationaal Museum

Photo:Anthony DeCosta Creative Commons Attribution 2.0 Generic no changes made

Een bezoek aan het Nationaal Museum van Bahrein is zeker de moeite waard, net zoals het indrukwekkende 16e-eeuwse Bahrein Fort in Karbabad Village en de overblijfselen van de Barbar Tempel, die tussen 3000 en w 2000 v.Chr. gebouwd is. Meer van deze tijd is de 25 kilometer lange King Fahd Causeway tussen Bahrein en Saoedi-Arabië, een van duurste bruggen ooit gebouwd. Kunst uit het Midden-Oosten is te vinden in de Albareh Art Gallery in Adliya, internationale kunst in het La Fontaine kunstcentrum in Manana.

De Al Fateh moskee in Juffair heeft de grootste koepel van glasvezel ter wereld, en in het gebouw Beit Al Qur'an is een bibliotheek gevestigd met een bijzondere verzameling manuscripten over de koran. Natuurliefhebbers kunnen terecht in het Al Areen Natuurreservaat, en een 400-jarige acacia, de Tree of Life, is al gemiddeld 300 jaar ouder dan normale acacia's, en dat zonder een zichtbare waterbron.

Klik op de menuknop bovenaan het scherm voor meer informatie

BAHREIN LINKS

Advertenties
• Bahrein Vliegtickets.nl
• Bahrein (Bahrain) Hotels
• Vakantieveilingen bied mee op de beste deals
• Autoverhuur Sunny Cars Bahrein
• Bahrein Vliegtickets Tix.nl

Nuttige links

Reisinformatie Bahrein (N)
Reizendoejezo - Bahrein (N)
Willgoto Bahrein (N)

Bronnen

Robison, G. / Bahrain, Kuwait & Qatar

Lonely Planet

Whetter, L. / Live & work in Saudi & the Gulf

Vacation Work

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt april 2021
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems