Landenweb.nl

MOLDAVIE
 

Basisgegevens
  Officiële
  landstaal
  Moldavisch
  Hoofdstad  Chisinau
  Oppervlakte  33.851 km²
  Inwoners  4.031.200
  (mei 2019)
  Munteenheid  Moldavische leu
  (MDL)
  Tijdsverschil  +1 (zomer +2)
  Web  .md
  Code.  MDA
  Tel.  +373

Steden MOLDAVIE

Chisinau

Geografie en Landschap

Geografie

Moldavië (officieel: Republika Moldova) is een republiek in Oost-Europa en heeft een totale oppervlakte van 33.700 km2 en is daarmee de op een na kleinste voormalige Sovjet-Republiek. Moldavië grenst in het noorden, oosten en zuiden aan de Oekraïne (939 km) en in het westen aan Roemenië (450 km). De westgrens met Roemenië wordt gevormd door de Proet-rivier, de oostgrens door de Dnjestr- rivier.

advertentie

Moldavië SatellietfotoPhoto:Publiek domein

advertentie

Landschap

Het reliëf wordt voornamelijk bepaald door het voorkomen van trechter- of komvormige inzinkingen die ontstaan zijn door het oplossen van kalksteen (dolinen) en van meer of minder diep ingesneden rivierdalen. Het hoogst zijn de Centraal-Moldavische heuvels, de Kodren, met als hoogste top de Dealul Balanesti, 429 meter hoog.

advertentie

Dealul Balanesti, hoogste heuvel van MoldaviëPhoto:Joerggo CC 4.0 International no changes made

Het noorden en middendeel horen tot de bossteppezone en het zuiden tot de steppezone die geheel in cultuur is gebracht. De bossen in Midden- Moldavië, beslaan ca. 6% van de totale oppervlakte. Ongeveer 75% van de Moldavische bodem is bedekt met het zeer vruchtbare zwarte chernozem.

De belangrijkste rivieren zijn de Dnjestr en de Proet, een zijrivier van de Donau; in het zuiden reiken enkele limans (loodrecht op de kust liggende laguneachtige riviermondingen) van de Zwarte-Zeekust tot aan Moldavië. De hoofdstad van Moldavië is Kisjinev of Chisinau.

Klimaat en Weer

Moldavië heeft een gematigd landklimaat: de zomers zijn warm en lang, met temperaturen van gemiddeld 21,4°C in juli. De relatief korte winters zijn zacht en droog met januaritemperaturen van gemiddeld –3,5°C. De jaarlijkse regenval varieert van 488 mm in het zuiden tot 617 mm in het noorden. Lange droge perioden zijn niet uitzonderlijk.

De meeste neerslag valt aan het begin van de zomer en in oktober. Zware regenval en onweersbuien zijn dan vrij normaal.

Planten en Dieren

advertentie

Planten

Bijna 12% van Moldavië is bedekt met bossen. Ongeveer eenderde van de bossen bestaat uit eikenbomen, en verder uit lindes, wilde peren- en kersenbomen, haagbeuken en esdoorns.

advertentie

Dieren

Dieren die in Moldavië voorkomen zijn wilde zwijnen, wolven, Siberische herten, wezels en dassen. Het aantal wolven is de afgelopen eeuw gedecimeerd. Vossen, hazen en muskusratten worden om hun vacht gejaagd. Ook op fazanten wordt veel gejaagd.

Rivieren bevatten o.a. karpers, baarzen en snoeken.

Geschiedenis

advertentie

Van Romeinen tot Ottomanen

Bessarabië, genoemd naar het Moldavische vorstengeslacht Basarab, werd in de oudheid bewoond door zwervende Skythen en later ook door Thraciërs. In 106 n.Chr. werd het door de Romeinse keizer Trajanus ingelijfd bij de Romeinse provincie Davië.

De Latijnse oorsprong van Moldavië stamt dus in feite uit de periode van de Romeinse bezetting, toen er een mengcultuur gevormd werd tussen Romeinse kolonisten en de lokale bevolking. Nadat de Romeinen in 271 het gebied verlaten hadden, werd Moldavië door verschillende volkeren bezet: o.a. Hunnen, Ostrogoten, Bulgaren, Magyaren (Hongarije) en Mongolen. In de 13e eeuw breidde Hongarije haar rijk uit richting het huidige Moldavië. Uiteindelijk stond de hele regio onder controle van de Hongaren totdat er een onafhankelijk Moldavisch prinsdom gesticht werd door prins Bogdan in 1349. Het prinsdom werd eerst Bogdanië genoemd en strekte zich uit van het berggebied de Karpaten tot de Dnjestr-rivier en werd later Moldavië genoemd naar de rivier met dezelfde naam, die nu gelegen is in Roemenië.

Gedurende de tweede helft van de 15e eeuw wed geheel Zuidoost-Europa bedreigd door het Ottomaanse Rijk: Moldavië verzette zich aanvankelijk met succes tegen de Ottomanen uit Turkije, maar moest zich in 1512 overgeven en werd de volgende 300 jaar schatplichtig aan de Ottomanen. Bovenop de schatplichtigheid aan het Ottomaanse Rijk en later het toestemmen in het aanstellen van de lokale bestuurders door de Ottomaanse autoriteiten, werd Moldavië ook nog regelmatig binnengevallen door Turken, Krim Tataren en Russen. In 1792 bij het verdrag van Iasi werden de Ottomanen gedwongen wat nu Trans-Dnjestrië is af te staan aan het Russische rijk. Bessarabië werd na de Russisch-Turkse oorlog van 1806-1812 en het verdrag van Boekarest in 1812 geannexeerd door de Russen. In 1858 werd Moldavisch gebied ten westen van de Proet-rivier verenigd met Walachije. In hetzelfde jaar werd Alexandru Ioan Cuza gekozen tot prins over het gebied, dat in 1861 samensmolt tot Roemenië.

Overheersing door de Sovjet-Unie

In 1917, gedurende de Eerste Wereldoorlog en de Bolsjewistische revolutie in Rusland riepen de politieke leiders in Bessarabië de Onafhankelijke Democratische Moldavisce Republiek uit in een federatief verband met Rusland. In februari 1918 verklaarde de nieuwe republiek zich volledig onafhankelijk van Rusland en twee maanden later stemde men in met het samengaan met Roemenië. Na de vorming van de Sovjet-Unie in december 1922 stelde de Sovjetregering het Moldavisch Autonome Oblast (oblast= staatkundig-territoriale eenheid, opgericht in de Sovjet-Unie op nationale of etnische basis) in ten oosten van de Dnjestr- rivier in de Oekraïense Socialistische Sovjet Republiek. De hoofdstad van de oblast werd Balta. Zeven maanden later werd het gebied opgewaardeerd tot de Autonome Socialistische Sovjet Republiek Moldavië, ook al bestond de bevolking maar voor 30% uit etnische Roemenen. Balta bleef de hoofdstad tot 1929, daarna werd Tiraspol de hoofdstad.

In juni 1940 werd Bessarabië bezet door de Sovjettroepen als gevolg van een geheim protocol dat was toegevoegd aan het non-agressiepact tussen Duitsland en de Sovjet-Unie. Op 2 augustus vormde de Sovjet-regering de Socialistische Sovjet Republiek Moldavië met als hoofdstad Chisinau. Een groot gedeelte van Bessarabië en een stuk van de SSR Moldavië werd samengevoegd. In juni 1941 vielen Duitse en Roemeense troepen de SSR Moldavië aan en kreeg Roemenië van Duitsland de zeggenschap over o.a. Bessarabië en een stuk land tussen de rivieren de Nistru en Pivdennyy Buh dat Trans-Dnjestrië genoemd werd. Dit akkoord duurde tot augustus 1944 toen de Sovjettroepen het gebied heroverden.

Een verdrag in 1947 regelde formeel de terugkeer van Bessarabië , Noord- Bukovina en Trans-Dnjestrië naar de Sovjet-Unie en de Russische administratieve districten en Russische plaatsnamen werden weer ingevoerd. Na de oorlog wilde Sovjetleider Jozef Stalin de bevolking geheel russificeren en alle banden met Roemenië verbreken. De geheime politie achtervolgde nationalistische groeperingen, het Cyrillische alfabet werd weer ingevoerd en Russen en Oekraïners werden aangemoedigd om zich in Moldavië te vestigen. De periode 1945- 1947 werd verder gekenmerkt door hongersnood als gevolg van langdurige droogte.

De regeringspolitiek was op dat moment zo dat de meeste agrarische producten ondanks de slechte oogsten gevorderd werden en daardoor bleef er weinig over voor de bevolking. Verder werden politieke functies, leden van de communistische partij en academische functies voornamelijk gegeven aan niet- Roemeense etnische groeperingen.

Richting onafhankelijkheid

In 1946 was bijvoorbeeld maar 14% van de politieke leiders van Moldavische afkomst. Al deze maatregelen zorgden natuurlijk voor veel onrust onder de bevolking en begin jaren vijftig volgde dan ook een opstand van etnische Roemenen die bloedig werd neergeslagen. Tevens werden er duizenden mensen gedeporteerd en werd de collectivisatie van de landbouw gedwongen doorgevoerd. De opstand werd neergeslagen door troepen onder leiding van Leonid Brezhnev, de latere partijleider en president. Hoewel het Brezhnev en zijn opvolgers lukt om de nationalistische gevoelens te onderdrukken duurde de vijandige houding tegenover de Sovjets nog drie decennia totdat Michail Gorbachov aan de macht kwam in de Sovjet-Unie. Zijn politiek van glasnost (openheid) en perestroika (verandering) zorgde aan het eind van de jaren tachtig voor een sterke opleving van Moldavisch nationalisme en men kon langzaam aan hervormingen kon gaan denken. In dit open klimaat ontwikkelde zich vanaf 1988 sterk de politieke zelfbewustheid van de Moldaviërs.

In 1989 werd het Moldavisch Volksfront opgericht, een vereniging van culturele en politieke groeperingen die officieel erkend werden. Grote demonstraties door etnische Roemenen leidde tot het aanwijzen van het Roemeens als officiële taal en de vervanging van het hoofd van de Communistische Partij van Moldavië. Er was echter ook onvrede over de toenemende invloed van de etnische Roemenen. Met name de door Slavische minderheden opgerichte Yedinstvo-Unitatea in Trans- Dnjestrië, en de Gagauz Halkî, een groepering bestaande uit een Turkssprekende minderheid, de Gagaoezen.

Onafhankelijk, maar nog vele problemen te overwinnen

De eerste democratische verkiezingen werden gehouden op 25 februari 1990. Het Volksfront won de verkiezingen met een ruime meerderheid. De communist Mircea Snegur werd gekozen tot voorzitter van de Opperste Sovjet en in september werd hij president van de republiek Moldavië. De nieuwe regering nam vele beslissingen ten nadele van de vele minderheden in het land. In augustus 1990 riepen de Gagaoezen de Republiek Gagaoezië uit en in september riepen de Slaven de"Moldavische Republiek Dnjestrië" uit in Trans-Dnjestrië met als hoofdstad Tiraspol. Hoewel de Opperste Sovjet dit allemaal nietig verklaarde hielden de twee nieuwe republieken toch verkiezingen. Stepan Topal werd gekozen tot president van de Republiek Gagaoezië en Igor N. Smirnov tot president van de Dnjestrië Republiek. Ca. 50.000 gewapende Moldavische nationalistische vrijwilligers trokken op naar de opstandige gebieden. De Russen kwamen echter tussenbeide en konden grootscheeps bloedvergieten voorkomen. Onderhandelingen in Moskou door de strijdende partijen mislukte.

In mei 1991 veranderde de naam van het land in Republica Moldova. De naam Opperste Sovjet veranderde in Moldavisch Parlement. Gedurende de coup in augustus 1991 tegen president Jeltsin riep het Russische leger de noodtoestand uit in Moldavië, maar deze beslissing werd vernietigd door de Moldavische regering, die hun steun toezegden aan Jeltsin. En dan, op 27 augustus 1991, na het mislukken van de coup in de Sovjet-Unie, riep Moldavië de onafhankelijkheid uit waarbij de regering haar voorkeur tot"hereniging met Roemenië" uitsprak. In oktober organiseerde Moldavië haar eigen leger omdat men door de snelle ineenstorting van de Sovjet-Unie geen hulp meer kon verwachten van de Sovjets. Men was nu ook op zichzelf aangewezen om de toename van het geweld in Trans- Dnjestrië te stoppen. De verkiezingen van Topal en Smirnov en het officiële uiteenvallen van de Sovjet-Unie leidde tot toenemende spanningen in Moldavië. In 1992 laaide het geweld weer op in Trans-Dnjestrië en escaleerde tot een burgeroorlog.

Een staakt-het-vuren werd bereikt tussen de presidenten Snegur en Jeltsin in juli en een demarcatielijn werd in stand gehouden door een combinatie van Moldavische, Russische en Trans-Dnjestrische troepen. Moskou stemde ermee in om haar 14e leger terug te trekken als er een geschikte grondwetsbepaling zou komen voor Trans-Dnjestrië. Ook zou Trans-Dnjestrië een speciale status binnen Moldavië moeten krijgen en het recht hebben zich af te scheiden als Moldavië zou besluiten weer samen te gaan met Roemenië. Het parlement van Trans-Dnjestrië wees een aanbod van Moldavië om de regio een autonome status te geven binnen het Moldavische staatsverband van de hand en bleef vasthouden aan een zelfstandig Trans-Dnjestrië. Een heet hangijzer was ook de vereniging met het buurland Roemenië. Vóór 1940 leefden Moldaviërs en Roemenen in één staatsverband. President Mircea Ion Snegur en de Moldavische regering waren tegen een hereniging, omdat zij vreesden dat hierdoor de chaos en de etnische spanningen in de regio nog verder zouden toenemen.

Nieuwe verkiezingen werden gehouden op 27 februari 1994. Hoewel buitenlandse waarnemers spraken van vrije en eerlijke verkiezingen, weigerden vele mensen in Trans-Dnjestrië op aandringen van de autoriteiten mee te doen aan de verkiezingen. Op 6 maart wees een onder de bevolking gehouden opinieonderzoek uit dat 94,5% van de bevolking vond dat Moldavië een onafhankelijke staat zou moeten blijven. Het nieuwe parlement, met de Democratische Agrarische Partij van Moldavië in de meerderheid, was niet zo nationalistisch ingesteld als de hardliners van het Volksfront. Snegur wilde de banden met de Russische Federatie verstevigen, maar tevens de onafhankelijkheid van Moldavië handhaven. Grote verliezers waren de partijen die aansluiting bij Roemenië bepleitten. President Snegur tekende het"Partnership for Peace" van de NAVO in maart 1994 en in april sloot men zich aan bij het GOS (Gemenebest van Onafhankelijke Staten). In oktober 1994 tekenden de Russen en de Moldaviërs een overeenkomst betreffende het terugtrekken van de Russische troepen uit Trans-Dnjestrië en Tighina, maar de regering in Moskou treuzelde met de ratificatie ervan en er ontstond een patstelling. In 1995 was er nog maar weinig hoop dat de Russen zouden vertrekken. In maart en april 1995 demonstreerden Moldavische studenten tegen het cultuur- en onderwijsbeleid van de regering. Ze werden later verenigd met intellectuelen, arbeiders en gepensioneerden die ook vanwege economische redenen demonstreerden. De emoties liepen zeer hoog op bij het conflict over de nationale taal: moest de taal Moldavisch heten zoals vermeld in de grondwet of moest het Roemeens heten omdat de taalexperts dat vonden. Tijdens een speech voor het parlement op 27 april stelde president Snegur voor om de naam van de taal te veranderen in Roemeens maar in de nieuwe grondwet van juli 1994 werd bepaald dat het Moldavisch de officiële taal zou zijn, wat weer geen goed deed aan de betrekkingen met Roemenië. Op 28 juli 1994 werd er door het parlement een nieuwe grondwet aangenomen die op 27 augustus in werking trad met vergaande autonomie voor de Russische separatisten op de linkeroever van de Dnjestr en voor de Turkstalige Gagaoezen in het zuiden.

Maar ook in 1995 kon met de Russische separatisten geen verdere overeenstemming worden bereikt. Zij namen niet langer genoegen met een autonome status, maar eisten een losser verband met o.a. het recht op eigen strijdkrachten. Door een hard hervormingsprogramma stabiliseerde de economie zich in 1995 en 1996. De economische vooruitzichten werden echter nog overschaduwd door de problemen met Transdnjestrië, waar bijna de helft van alle industriële activiteiten is gevestigd. Ook een goede verstandhouding met Rusland, de belangrijkste leverancier van energie en grondstoffen, is essentieel. Met dit land werden in 1996 verscheidene overeenkomsten aangegaan, o.a. over een schuldsanering met de Russische gasleverancier Gazprom. Het buitenlands beleid is gericht op intensievere relaties met het Westen en op verbetering van de betrekkingen met de GOS-partners.

Bij de presidentsverkiezingen van december 1996 versloeg Petru Lucinschi, leider van de Sociale Vooruitgangspartij, de zittende president Snegur. Bij de parlementsverkiezingen in maart 1998 waren de communisten, in 1994 nog van deelname uitgesloten, de grote overwinnaars. Zij profiteerden van de onvrede van veel kiezers over de economische hervormingen. De Democratische Boerenpartij, in 1994 nog goed voor bijna de helft van de stemmen, keerde niet terug in het parlement. Ondanks hun verkiezingszege werden de communisten buiten de regering gehouden.

De Beweging voor een Democratisch en Welvarend Moldavië, de Democratische Conventie van Moldavië en de Partij van Democratische Krachten vormden in juni een nieuwe regering en op 1 februari 1999 trad Ion Ciubuc af als minister- president. Hij verweet de regeringspartijen hem het regeren onmogelijk te maken. Deze partijen waren hopeloos verdeeld over de noodzakelijke economische hervormingen. De nieuwe premier Ion Sturza moest in november al weer aftreden nadat het parlement een motie van wantrouwen had aangenomen. Na moeizame onderhandelingen met president Lucinschi vormden de communisten, de christen- democratische Volkspartij en enkele onafhankelijke leden in december van dat jaar een regering onder leiding van Dumitru Braghis.

21e eeuw

De parlementsverkiezingen van zowel 2001 als 2005 werden overweldigend gewonnen door de Communistische Partij Moldavië (CPM). Zij bezet nu 56 zetels van het 101 zetels tellende parlement. In april koos het parlement de communistische partijleider Vladimir Voronin tot president en gaf vervolgens haar goedkeuring aan een nieuwe regering onder leiding van de zakenman Vasile Tarlev. De oppositie heeft steeds fel geageerd tegen de regering-Tarlev, hetgeen heeft geleid tot massale straatprotesten in 2002 en 2003. De belangrijkste oppositiepartijen zijn de rechtse Christen-Democratische Volkpartij en de meer in het centrum gesitueerde Democratische Partij, Sociaal-Liberale Partij en Onze Moldavië Alliantie. Deze laatste drie partijen vormden bij de parlementsverkiezingen van maart 2005 samen het Democratisch Moldavië Blok, welke inmiddels uiteen is gevallen.

Sinds de verkiezingen van maart 2005 is de situatie wat gekalmeerd. Drie van de vier oppositiepartijen hebben de CPM gesteund in de herverkiezing van Voronin. Inmiddels is er sprake van een zgn. constructieve oppositie, vooral in verband met het programma voor toetreding tot de EU. De vraag is hoelang de situatie rustig blijft.

Tijdens de lokale verkiezingen van 25 mei 2003 slaagde de CPM erin om 48% van de lokale raadszetels en 53% van de burgemeestersposten in de wacht te slepen. Wel werd een oppositiekandidaat herkozen tot burgemeester van Chisinau.

Veel Roemenen in het gebied hopen op een eventuele Roemeens-Moldavische hereniging, maar onder de Vladimir Voronin is de kans hierop nihil. Toen buurland Roemenië zich in 2007 bij de EU aansloot, was er gekte bij de Roemeense ambassades in Moldavië; 800.000 Roemenen uit de republiek Moldavië vroegen de Roemeense nationaliteit aan.

In maart 2008 biedt premier Vasile Tarlev zijn ontslag aan en wordt Zinaida Greceanii de eerste vrouwelijke premier van Moldavië. In april 2009 wint de regerende communistische partij de verkiezingen ook na hertellingen blijft de oppositie twijfels houden. In mei en juni van 2009 blokkeert de oppositie de verkiezing van Zinaida Greceanii tot president.

President Vladimir Voronin van Moldavië stapte 11 september 2009 op. De communisten van Voronin verloren in juli nipt de parlementsverkiezingen. Daarop trad de communistische regering van Moldavië formeel terug om ruimte te maken voor een nieuwe, pro-westerse regering. Voronin was sinds 2001 president. Marian Lupu, die van de communisten naar de Democratische Partij (DP) overstapte, hoopt Voronin op te volgen. Het parlement moet daarover stemmen. Om tot president te kunnen worden gekozen, heeft een kandidaat de steun van zeker drie op de vijf parlementariërs nodig.

In september 2009 vormen vier pro westerse partijen de regering. Vlad Filat van de liberaal democraten wordt de premier. In maart 2010 wil het constitutionele hof het parlement ontbinden omdat het parlement niet in staat is een president te kiezen. Dit kan pas in juli 2010 omdat de wet voorschrijft dat het parlement maar één keer per jaar kan worden ontbonden. Sinds 23 maart 2012 is Nicolae Timofti president van Moldavië.

Vlad Filat dient in maart 2013 zijn ontslag in na een motie van wantrouwen in het parlement. Op 31 mei 2013 wordt Lurie Leanca de nieuwe premier. In maart 2014 waarschuwt president Timofti Rusland om de Trans-Dniester regio niet te proberen te annexeren. Hij vraagt de EU om versnelt lidmaatschap om deze dreiging af te wenden. In november behouden de pro-Europese partijen de meerderheid bij de parlementsverkiezingen en in februari 2015 wordt Chiril Gaburici premier maar hij valt in juni vanwege een bankschandaal. In januari 2016 vormt Pavel Filip een nieuwe coalitie. In november 2016 wint de pro-Russische kandidaat Igor Dodon de presidentsverkiezingen.

Bevolking

Moldavië heeft 3.474.121 inwoners (2017). Dat betekent dat de bevolkingsdichtheid ca. 103 mensen per km2 bedraagt. Moldavië is daarmee één van de dichtst bevolkte gebieden van de voormalige Sovjet-Unie.

De bevolking bestaat voor het grootste deel uit Moldaviërs (75%) en verder uit o.m. Oekraïners (ca. 6,6%), Russen (ca. 4%) en Gagaoezen (4,4%; een Turkse taal sprekende, maar cultureel en religieus meer aan de Bulgaren verwante groep), Bulgaren (1,9%) en overigen. Van de Russen leeft tweederde in de steden. Over het algemeen leeft ongeveer de helft van de bevolking in de steden.

De meeste Gagaoezen en Bulgaren leven in Zuid-Moldavië. In Trans-Dnjestrië bestaat de bevolking voor een groot deel uit Russen en Oekraïners. De grootste steden zijn Chisinau, Tiraspol, Beltsy en Bendery.

De bevolking bestaat voor 18,2% uit personen van 0-14 jaar; voor 69,2% uit personen van 15-64 jaar en voor 12,6% uit personen van 65 jaar en ouder. De bevolkingsgroei is negatief en bedroeg in 2017 -1,05%. Het geboorte- en sterftecijfer bedroeg in 2017 respectievelijk 11.5 en 12.6 per 1000 inwoners. De levensverwachting voor mannen bedraagt 67,1 jaar en voor vrouwen 75,1 jaar.

Taal

In essentie is het Moldavisch een Roemeens dialect dat door het Sovjet- regime vanwege politieke redenen vanaf 1924 als een"nieuwe" taal geïntroduceerd werd. De introductie van het Cyrillisch alfabet creëerde een scheiding van het Roemeens en russificeerde deze Romaanse taal. Er werden constant nieuwe woorden uitgevonden en er werden lijsten van Roemeense woorden gepubliceerd die het Moldavisch"vervuilden", en alle woorden en neologismen van Latijnse origine werden geschrapt. Het Moldavisch wordt het meest gesproken, behalve in Trans-Dnjestrië waar het Russisch nog dominant is en waar het Moldavisch nog steeds in het Cyrillisch schrift geschreven wordt. In de rest van het land wordt het Moldavisch in het Latijnse schrift geschreven. De Gagaoezen spreken een soort Turks dat tot 1957 werd geschreven in het Griekse alfabet, en daarna in het Cyrillisch. Er zijn (kleine) verschillen tussen het Russisch, het Moldavisch Roemeens en het Gagaoezisch.

Godsdienst

Ongeveer 98% van de bevolking zijn orthodoxe christenen. Onder de Sovjet overheersing werden alle activiteiten van de orthodoxe kerk zwaar onderdrukt, met als uiteindelijk doel de totale afschaffing van elke vorm van godsdienstige uitingen. Kerken en kloosters werden afgebroken of voor andere doeleinden gebruikt. Priesters werden gestraft als ze een dienst leidden. In 1991 had Moldavië nog 853 orthodoxe kerken en elf orthodoxe kloosters. De Oud-Russisch orthodoxe kerk had op dat moment nog veertien kerken en één klooster. De Moldavische orthodoxe kerk, ondergeschikt aan het Moskouse patriarchaat, is de staatsgodsdienst in Moldavië, maar in 1992 werd wettelijk vastgelegd dat er vrijheid van godsdienst.

Het is nog wel zo dat alle religieuze groepen erkend moeten worden door de regering. Maar ook hierin is men niet eensgezind. In 1992 werd de Bessarabische Kerk opgezet door dissidente priesters van de Moldavische orthodoxe kerk. Een toenemend aantal Moldavische orthodoxen keert zich tot deze groep die zich richt naar het Roemeense orthodoxe patriarchaat. Halverwege 1997 besloot de Moldavische Hoge Raad dat de staat de Bessarabische kerk moest accepteren. De regering besloot tegen deze beslissing in beroep te gaan terwijl de aartsbisschop van de Moldavische orthodoxe kerk waarschuwde voor een"oorlog tussen orthodoxe christenen" in Moldavië.

Andere kerkgenootschappen zijn de Armeense Apostolische Kerk, zevendedagsadventisten, baptisten, de pinkstergemeente en Molokans, een Russisch orthodoxe sekte. De Moldavische joden hebben ondanks moeilijke tijden hun identiteit behouden. Begin jaren negentig werden er nog verschillende joodse kranten gestart en werd er een synagoge geopend in de hoofdstad Chisinau. De regering riep ook een afdeling joodse studies in het leven aan de staatsuniversiteit van Chisinau.

Samenleving

Staatsinrichting

Op 27 augustus 1991 verklaarde de presidentiële Republiek Moldavië zich onafhankelijk van de Sovjet-Unie en werd een soevereine staat. De Communistische Partij werd verboden. In mei 1991 was de naam van de nieuwe staat al gewijzigd van Socialistische Sovjet Republiek Moldavië veranderd in Republiek Moldavië. Deze afscheiding leidde tot oplopende spanningen tussen de etnische Roemeense meerderheid en de niet-Roemeense minderheden in de republiek. Op 27 februari 1994 werden er voor het eerst parlementsverkiezingen gehouden die gewonnen werden door de Democratisch Agrarische Partij Moldavië, een keerpunt in de Moldavische politiek.

Op 28 juli 1994 nam het Moldavische parlement een nieuwe grondwet aan die op 27 augustus in werking trad. In deze nieuwe grondwet wordt Moldavië omschreven als een onafhankelijk, democratisch en neutraal land. Het Moldavisch, geschreven in het Latijnse alfabet, is de officiële taal, maar ook de Russische taal en andere talen mogen gebruikt worden. Een andere bepaling in de nieuwe grondwet is dat er geen buitenlandse militaire troepen op Moldavisch grondgebied mogen verblijven. Moldavië is een democratie met een éénkamer-parlement. Als het parlement niet in zitting is worden de zaken waargenomen door een presidium. Het parlement heeft 104 leden die na algemene verkiezingen voor vier jaar gekozen worden. Iedere kiezer van achttien jaar en ouder kan ook in het parlement gekozen worden. Het parlement komt twee maal per jaar langdurig bijen, van februari tot eind juli en van september tot eind december. Voor politieke partijen geldt een kiesdrempel van 4% voordat men zitting kan nemen in het Moldavische Parlement.

Het parlement staat onder leiding van een voorzitter en twee vice-voorzitters die door het parlement gekozen worden. Het staatshoofd is de president, die de uitvoerende macht deelt met zijn ministers. De voor vier jaar gekozen president moet minstens 35 jaar zijn, minstens tien jaar in Moldavië wonen en de Moldavische taal spreken. De president nomineert de premier en de raad van ministers die door het parlement goedgekeurd worden. De president is o.a. ook het bevelhebber van de strijdkrachten. Moldavië is lid van de Verenigde Naties, de Raad van Europa, het Gemenebest van Onafhankelijke Staten en het Partnerschap voor Vrede van de NAVO. Moldavië is administratief verdeeld in veertig ratons (raioane), nog net zo als in de Sovjet-periode. Elk rayon wordt bestuurd door een lokaal gekozen raad. Chisinau , Balti, Tighina en Tiraspol zijn benoemde staatsgemeenten en vallen direct onder het nationale bestuur. Voor de actuele politieke situatie zie hoofdstuk geschiedenis.

Gagaoezië en Trans-Dnjestrië zijn autonome regio's.

Transdnjestrië

In augustus 1991 riep Trans-Dnjestrië de onafhankelijkheid uit die door de Moldavische regering uiteraard nietig verklaard werd. Men koos zelfs een eigen president en een eigen parlement die beiden niet erkend werden door de regering. In augustus 1994 ratificeerde het Moldavische parlement een nieuwe grondwet waarin Trans-Dnjestrië vergaande autonomie werd toegezegd wat betreft regionale aangelegenheden.

Trans-Dnjestrië ligt op een smal stuk land langs de oostoever van de rivier de Nistru. De ca. 700.000 inwoners bestaan voor 25% uit etnische Russen, voor 40% uit etnische Moldaviërs en voor 28% uit Oekraïners. Trans-Dnjestrië heeft wel een eigen munteenheid, eigen politiemacht en een uit 5000 manschappen bestaand leger. Het heeft ook eigen (niet officiële grenzen) grenzen die gecontroleerd worden door Trans-Dnjestrische grenswachten. De belangrijkste steden zijn Tiraspol en Tighina, beter bekend onder de Russische naam Bendery.

De economie van Trans-Dnjestrië staat op een zeer laag peil ondanks het feit dat ca. 40% van het Moldavische industriële potentieel is gevestigd in de hoofdstad Tiraspol. De inflatie is er torenhoog en de lokale munt, de Trans- Dnjestrische roebel, is vrijwel zonder waarde. Het gemiddelde salaris ligt rond ƒ125,- per maand. De staat kan haar ambtenaren vaak niet betalen.

De officiële talen in Trans-Dnjestrië zijn Russisch, Moldavisch en Oekraïens. Studenten en scholieren worden op universiteiten en scholen onderwezen in het Russisch. Ook lokale overheden en de meeste officiële instituten werken met de Russische taal. Alle straatborden zijn in het Russisch of in het Cyrillisch alfabet.

Gagaoezië

Gagaoezië (officieel Gagauz Yeri) is een autonome republiek met zelfbestuur. Deze status werd in december 1994 door de Moldavische regering goedgekeurd. Gagaoezië heeft een eigen wetgevende vergadering, de"Baskani", die is autonoom is in regionale aangelegenheden. Op nationaal niveau wordt Gagaoezië gerepresenteerd door het gekozen hoofd (Baskan) van de vergadering, die een vaste plaats heeft in het Moldavische nationale parlement. De wetgevende vergadering bestaat uit 35 leden die voor vier jaar gekozen worden. Aan het hoofd van het Gagaoezische parlement staat een gouverneur die tevens lid is van het nationale Moldavische kabinet. Men streeft geen totale onafhankelijkheid na doordat de Gagaoezische regio economisch te zwak is om een onafhankelijke economische koers te varen.

De hoofdstad van Gagaoezië is Comrat en de republiek is verdeeld in drie districten: Comrat, Ceadar-Linga en Vulcanesti. De Gagaoezen zijn Turks dialect sprekende christenen wiens islamitische voorouders in de 18e eeuw vluchtten tijdens de Turks-Russische oorlogen. Ze mochten in het huidige gebied blijven wonen mits ze zich bekeerden tot het christendom. Gagaoezië heeft ca. 155.000 inwoners, en dat is ongeveer 3,5% van de totale Moldavische bevolking. De republiek heeft sinds 3 oktober 1995 haar eigen vlag, een eigen politiemacht, weekbladen geschreven in het Gagaoezisch en een met behulp van Turkse gelden universiteit in Comrat. Studenten krijgen onderwijs in het Gagaoezisch, Roemeens en Moldavisch.

Onderwijs

In de decennia voor de onafhankelijkheid was het onderwijssysteem al bijna toegankelijk voor de gehele bevolking. Aan het begin van de twintigste eeuw was het analfabetisme onder de plattelandsbevolking nog vrij algemeen. In 1992 was nog maar 8% van de bevolking analfabeet. In 1990 ging men gemiddeld zes jaar naar school en maar 30% van de bevolking ouder dan 15 jaar had een voltooide voortgezette opleiding. Onder het Sovjet-onderwijssysteem waren er Roemeenstalige, Russischtalige en een aantal gemengde scholen.

Het huidige schoolsysteem in Moldavië voorziet in tien jaar basiseducatie en daarna de mogelijkheid om naar een technische school te gaan of een studie aan het hoger onderwijs te volgen. Begin jaren negentig werd de Roemeense taal weer ingevoerd op de scholen en werden er lessen in Roemeense literatuur en geschiedenis gegeven. De onderwijssystemen van Roemenië en Moldavië zijn sterk met elkaar verbonden. Zo studeren er enkele duizenden Moldavische studenten in Roemenië en schonk de Roemeense regering schoolboeken aan Moldavische scholen om de Russische schoolboeken te vervangen.

Het hoger onderwijs was al steeds belangrijker geworden onder het geïndustrialiseerde en meer complexe Sovjet-bewind. In 1940 studeerden er nog 10 studenten per tienduizend mensen, in 1992 was dat aantal al opgelopen tot 120 per tienduizend mensen. Begin 1995 had Moldavië tien instituten voor hoger onderwijs, waarvan vier gestart na de onafhankelijkheid.

Economie

Algemeen

Moldavië heeft een goed klimaat en goede grond voor de landbouw maar daarentegen weinig natuurlijke bronnen. Hierdoor was de economie grotendeels afhankelijk van de landbouw, o.a. fruit, groenten, wijn en tabak. Olie, steenkool en aardgas moeten allemaal geïmporteerd worden, voornamelijk van Rusland. Energietekorten waren de oorzaak van een scherpe daling van de agrarische productie na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991. Als onderdeel van een omvangrijk economisch hervormingsprogramma introduceerde Moldavië een inwisselbare munteenheid, bevroor alle prijzen, stopte subsidies aan staatsbedrijven, bevorderde de privatisering van landbouwgronden en liet de rentetarieven los. Interne en regionale economische en politieke problemen hadden echter nog steeds grote invloed op de economische toestand. Door de economische crisis in Rusland in 1998, Moldavië's belangrijkste handelspartner, daalde het bnp met 8,6%. In 1999 daalde het bnp opnieuw, nu met 4,4%, de vijfde daling in zeven jaar; met name de export daalde en de energievoorziening was zeer onregelmatig. In 2017 herstelt het bnp en bedroeg de economische groei 4,5%. De buitenlandse schuld bedroeg in het jaar 2017 31,5% van het BNP. Het BNP bedroeg $6.400 per hoofdd van de bevolking.

Landbouw en veeteelt

In de Sovjet-Unie was Moldavië het zesde landbouwland met als belangrijkste exportproducten champagne en wijn. Het weer is van grote invloed op de agrarische sector en heeft daardoor vaak slechte oogsten als gevolg. In 2013 zorgde de agrarische sector voor 13,8% van het bnp en werkte 26,4% van de beroepsbevolking in deze sector. Moldavië is een belangrijke producent van tomaten, appels, druiven en grapefruits, en de vele boomgaarden produceren verder pruimen, abrikozen, kersen en perziken. De fruitproductie is geconcentreerd in het noorden en het midden van het land en aan de oever van de Dnjestr-rivier. Verder is tabak belangrijk (30.000 werknemers), maar ook suikerbieten (80.000 ha, 30.000 werknemers en tien fabrieken) en zonnebloemen voor zonnebloemolie. Tarwe en vooral maïs worden geproduceerd voor de lokale markt, de export en voor diervoer. Ca. de helft van de in de Moldavische agrarische sector geproduceerde producten worden verkocht aan de voormalige Sovjet-republieken, met name Rusland, Oekraïne en Wit-Rusland. De vleessector zorgt voor 50% van het totale agrarische productie. De helft van de productie is varkensvlees is en verder rundvlees, kip en lamsvlees.

Industrie en handel

In 2017 zorgde de industrie voor 20,3% van het bnp en in deze sector werkte 12% van de beroepsbevolking. De belangrijkste industriële producten van Moldavië zijn motors en aanverwante artikelen, o.a. tractors en auto-onderdelen. Verder is er wat chemische industrie (plastics, synthetische vezels, verf en vernis) en bouwindustrie (cement, beton). De consumentengoederenindustrie heeft vanaf het begin van de jaren negentig grote problemen gekend. De aanvoer van goedkope brandstof en grondstoffen stopte bijna helemaal na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie en de vijandigheden in Trans-Dnjestrië. Samen met de hoge inflatie stegen de prijzen van de goederen, die soms zelfs verdubbelden.

Belangrijk zijn de textielindustrie (50%) en de voedingsmiddelenindustrie (40%). Zware industrie stamt nog bijna geheel uit de Sovjet-periode. Het zorgt voor 16% van de totale industriële productie m.n. de machinebouw.

Van groot belang is ook productie van wijn, tabak en voedingsmiddelenconserven (vleeswaren, zuivelproducten). Belangrijkste agrarische exportproduct is wijn. Moldavië gebruikt meer dan 150.000 ha voor de wijnbouw. Van toenemend belang is sinds de jaren zeventig de elektrotechnische industrie (televisies, koelkasten, wasmachines).

In 2017 werd er voor $1,9 miljard geëxporteerd. De belangrijkste exportpartners zijn Rusland, Roemenië, Duitsland, Oekraïne, Verenigd Koninkrijk en Polen.

In 2017 werd er voor $4,4 miljard geïmporteerd. De belangrijkste importpartners zijn Rusland, Roemenië, Oekraïne, China, Duitsland, Italië en Turkije.

Energievoorziening en verkeer

Een van de grote problemen waar Moldavië mee te kampen heeft is het bijna totale gebrek aan natuurlijke energiebronnen. Moldavië heeft geschat een reserve van 10 miljoen ton olie en 24.000 miljoen m3 gas in de grond zitten, die echter nog nagenoeg niet geëxploiteerd wordt. Men heeft wel een paar kleine hydro- elektrische centrales langs de Dnjestr-rivier en er zijn nóg kleinere thermische elektrische centrales en verder er is natuurlijk brandhout.

Maar bij elkaar leveren ze maar 1% van de totale behoefte aan energie. Moldavië is voor 90% afhankelijk van de invoer uit Rusland. Naar het buitenland lopen spoorlijnen naar Odense in de Oekraïne en de Roemeense steden Iasi en Galati. De vlieghaven van de hoofdstad Chisinau is economisch van belang. Scheepvaart is mogelijk op de Dnjestr en de Proet, maar levert slechts een kleine bijdrage aan het totale transport van goederen en mensen.

Vakantie en Bezienswaardigheden

Chisinau, de grootste stad in Moldavië grijpt de aandacht van de toeristen vanwege haar architectuur, monumenten en prachtige parken en biedt tal van wandelmogelijkheden. De stad heeft gevarieerde bezienswaardigheden, zoals de Nationale Opera, het presidentieel paleis en het park van de kathedraal. Het Nationaal Historisch Museum, en het Museumhuis van Poesjkin met tal van kunstwerken en kunstvoorwerpen zijn bestemmingen voor diegenen die geïnteresseerd zijn in de kennis van de geschiedenis van het land. Het Historisch Museum staat in het bijzonder vanwege de goed verzorgde tentoonstellingen en herbergt een uitgebreide collectie oude foto's, zeldzame boeken en manuscripten. De Armeense begraafplaats en de Joodse Begraafplaats liggen in Kishinev. Het oude Koor van de Synagoge is nu omgebouwd tot een theater.

Tipova is een van de meest gewilde toeristische bestemmingen in Moldavië vanwege de mooie natuur en het feit dat hier zich de bekende grotkloosters bevinden. Het kleine dorpje Tipova ligt op een afstand van 100 km ten noorden van Chisinau. Het Tipova klooster is het oudste en grootste klooster van Oost-Europa. Het oude klooster ligt langs de oevers van de rivier de Nistru en werd opgericht in de 8e eeuw voor Christus. Volgens de legendes is de beroemde heerser van Moldavië Stefan de Grote in dit klooster met zijn vrouw Maria Voichita. Nu trekt het Tipova grotklooster duizenden toeristen en pelgrims vanwege haar historische en religieuze betekenis. Daarnaast is het dorp is rijk aan natuurschoon en biedt het bezoekers dicht beboste heuvels met smalle paden. De Dnjestr stroomt vanaf de heuvels en vormt adembenemende watervallen langs haar loop. Tipova dorp is de beste plaats voor ecotoerisme in Moldavië.

Klik op de menuknop bovenaan het scherm voor meer informatie

MOLDAVIE LINKS

Advertenties
• Moldavie Vliegtickets.nl
• Djoser Rondreis Moldavie
• Chisinau Vliegtickets Tix.nl
• Autoverhuur Sunny Cars Moldavië
• Transport Moldavië - TTS Quality Logistics B.V

Nuttige links

Reisinformatie Moldavië (N)
Telefoongids Moldavië
Willgoto Moldavië (N)

Bronnen

Williams, N. / Romania & Moldova

Lonely Planet

Belarus & Moldova : country studies

Federal Research Division, Library of Congress

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt augustus 2021
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems