E S T L A N D
MEER REISINFO EN FOTO’S TE VINDEN OP ONZE TRAVELBLOG:
WWW.TANGATANGA.COM/HERLINDEMARC
ESTLAND – ALGEMEEN
Als leidraad gebruiken we het ANWB boekje ‘actief anders’ van Estland, Letland en Litouwen. Het is een uitgave van 2005, jammer genoeg wat verouderd, maar een heruitgave ervan hebben we niet kunnen vinden.
We hebben de hoogtepunten uit Lonely Planet opgelijst.
Verder nemen we ook een lijst mee van campings die we van het internet hebben gehaald.
We bezoeken de 3 Baltische staten door eerst via het binnenland naar het noorden te rijden en terug te keren via de kustlijn, hier en daar een stuk landinwaarts. Op deze manier kunnen we een mooie lusvormige tocht maken.
Gezien de Baltische staten bij de Europese Unie horen, zijn er geen grensposten tussen de landen onderling en de andere Europese landen waaraan ze grenzen.
Aan de kleine grensovergang van Ape (Letland – Estland) bevindt zich geen toerismekantoor, noch wisselkantoren. Het mooie grensstadje Valga wat verderop heeft een toerismekantoor en banken.
De Baltische Staten leven 1 uur voor op West-Europa (GMT +2). Omdat ze zo noordelijk gelegen zijn, duren de zomerdagen merkbaar langer dan bij ons. Niettegenstaande deze ligging hebben we 2 maanden zon en zeer warme temperaturen gehad (nooit beneden 30°C) en amper enkele korte onweersbuien of wat regen ‘s nachts. ’s Nachts koelde het amper af. Enkel de laatste dag van ons verblijf in Litouwen was ietwat koeler, het werd een gure regendag.
Estland is gelegen aan de Oostzee. 1520 eilanden betekenen 10 % van de oppervlakte van het 45.227 km² grote land, 48 % is bebost, 37 % zijn velden, 5 % grote meren en 7 % moerasgebieden. Het land heeft een prachtige zeer gevarieerde natuur te bieden … maar zoek er geen bergen !
Estland heeft een zeer vriendelijke bevolking (1,36 miljoen inwoners, waarvan 397.000 in de hoofdstad Tallinn wonen). Er wordt veel gelachen. De voertaal is het Ests, voor ons een onverstaanbare taal waarin we vaak denken wat Spaanse of Engelse klanken te herkennen. De taal zou aanleunen bij het Fins. De meeste mensen spreken een mondje Engels, soms Duits. Wanneer we in hun nabijheid kamperen, valt het ons op hoe enthousiast en open deze mensen zijn, ze praten honderduit en zijn niet te stoppen. Vóór middernacht wordt er niet geslapen, vaak steekt met de BBQ pas aan om 23.00u.
We hebben de indruk dat men een tamelijk hoge levensstandaard heeft.
Het is een zeer goedkoop land. Benzineprijzen zijn vergelijkbaar met deze in West-Europa. Supermarkten hebben er voldoende variatie te bieden, in de buurt van grote steden zijn grote moderne winkelcomplexen te vinden. Winkelen kan van 9.00 u tot 21.00 u (soms 23.00 u) in de grote zaken of winkelcentra, 7 dagen per week.
Men rijdt met grote en dure wagens, vaak zijn dit 2de handswagens uit West-Europa, herkenbaar aan de sticker met de landcode of reclame van de garage.
Campinggas is moeilijk te vinden, wij namen voldoende voorraad mee uit België.
Campings zijn niet overal dik bezaaid. Vooral rond de hoofdstad Tallinn is het moeilijk een tentje neer te zetten. De 3 kampeergelegenheden daar richten zich eerder naar mobilhomes en caravans met hun verharde plaatsen (amper gras, weinig sanitaire voorzieningen).
Kleine kampeergelegenheden aan huizen of boerderijen worden vaak aangeboden, echter zonder enig comfort. Verder mag je op vele plaatsen ook wild kamperen. Vaak zijn ook vrije kampeerplaatsjes aangeduid in de natuur, nabij een meer of rivier.
In de toerismekantoren is een kaart verkrijgbaar met een aantal volwaardige campings erop ingetekend, deze hoeven daarom niet zeer groot te zijn. Degene die we hiervan hebben aangedaan zijn allemaal aangename campings, zeer proper, soms eenvoudig, maar vaak met uitgebreide keuken, overdekte zitplaatsen, sauna, … Bijna overal is gratis WIFI beschikbaar.
Het is een zeer veilig land, we hoorden nooit iets over misdrijven, zagen geen tekenen van vandalisme.
De Estse munt, Krona, heeft een vaste koers tegenover de Euro:
1 EEK = 0,064 EUR
1 EUR = 15,65 EEK
Overal zijn bankautomaten te vinden. Bij het wisselen van cash in een bankkantoor vraagt men een commissie. Wisselagenten zijn hiervoor interessanter.

ELVA
Aan de grens van Letland met Estland zien we enkel een ooievaar, die voor onze wielen moeizaam omhoog geraakt. Laat ons maar even vertragen …
In Estland bezoeken we eerst het grensstadje Valga, waar we in het toerismekantoor zeer veel nuttige informatie over gans het land krijgen. Vooral de kaart met de campings zal ons goed van pas komen. Het informatiekantoor zelf is in een prachtig rood houten gebouw gevestigd.
Een mooie gevarieerde wandeling ‘Elva jöe ürgoru matkarada’ (14 km) in het natuurpark Elva-Vitipalu brengt ons door verschillende soorten bossen, langs meren, moeras- en vengebied, een uitkijktoren, … Grappig is het houten huisje op kippenpoten, dat zich volgens een Russisch sprookje zou omdraaien wanneer een ‘slecht’ persoon aanklopt.
Vertrek: parking van een sport-schietstand (vanuit Elva de weg naar Otepää nemen, over het spoor linksaf ‘lasketiir’, voorbij de begraafplaats rechtsaf, parking 600 meter verder).
Markering: wit – rood – wit.
Tartu, een oud Hanzestadje, is een must. Zoals in de meeste universiteitssteden heerst er een gezellige sfeer. Het is aangenaam toeven in het mooie gerestaureerde oude stadscentrum met de prachtige gebouwen in pasteltinten. Aan de hand van een stadsplannetje, met ingetekende wandeling langsheen de hoogtepunten van het centrum, verkennen we het centrum. Vele beelden sieren het straatbeeld, waarvan de meest opvallende: het studentenkoppeltje in de fontein op het pleintje voor het stadshuis, vader en babyzoon die hand in hand en even groot worden afgebeeld aan de rand van een parkje aan het plein Küüni.

Overnachting:
Waide motell-camping, 100 EEK per nacht voor 2 personen + tent + auto, elektriciteit inclusief, moderne sanitaire voorzieningen, enkel een beetjes weinig, wasmachine gratis beschikbaar, groot grasterrein dat zeer verzorgd is afgereden, geen afgebakende plaatsen, hoge bomen aan de randen zorgen voor wat schaduw, gratis WIFI, vriendelijk onthaal, restaurant en sauna in het motel, ijsblokken kunnen aan de receptie ingevroren worden, rustig gelegen aan de rand van Elva, langs de naar Valga, Käo Küla, Rongu Vald, Elva, tel. +372 730 36 06, info@waide.ee, www.waide.ee

TOILA
Op weg van Elva naar Toila bezoeken we een aantal mooie plaatsjes.
In Alatskivi vinden we een kasteel dat werd gebouwd naar het model van Balmoral in Schotland. Het park met vijver er rond is niet zeer goed onderhouden. We gaan niet binnen in het kasteel omdat het geen authentieke Estse stijl biedt.
Kolkja, Kasepaä en Varnja zijn zeer typische dorpjes aan de oever van het Peipsi Järv stuwmeer, dat de grens met Rusland vormt. Hier wonen oud-gelovigen, een groep afgescheiden orthodoxe christenen, die uit hun land werden gezet. Langsheen de dorpsstraat staan hun houten huisjes, met in elk groentetuintje minstens 1 rijtje uien. Volgens de traditie zou er ook telkens een spade staan, maar dat lijkt ons verleden tijd … we hebben er geen kunnen vinden.
In Kolkja bezoeken we het museum van de oud-gelovigen, waar het leven en de gebruiken van het oude volk worden afgebeeld (25 EEK pp.). Opvallend is de enorme haard die in het centrum van het huis is gebouwd in steen. De muren van deze haard komen uit in elke kamer eromheen en zijn bezet met porseleinen tegeltjes. De keuken krijgt het grootste deel van de haard, die hier een stuk uitsteekt op tafelhoogte, omdat er ook op wordt gekookt. Een vriendelijke dame geeft ons in moeilijk Duits wat uitleg over de traditionele klederdracht.
Op het strandje van Kallaste gaan we even kijken naar de 8 meter hoge rode zandsteenrots.
Het 19de eeuwse klooster van de oud-gelovigen te Raja is een eenvoudig geel geschilderd houten gebouw met bijhorende kerkje, wel leuk met de open klokkentoren.
Vissersdorpje Mustvee telt 4 kerken van verschillende religies. Een mooi sober beeld ‘de maagd’ siert de waterkant.
Toila zelf is een toeristisch dorpje, gelegen aan de Baltische Zee, met een klein groen natuurpark, het Toila Oru.
Een daguitstap vanuit Toila brengt ons naar Narva, een vroegere Hanzestad gelegen aan de Narva rivier die hier de grens met Rusland vormt. De stad toont vele sporen van een woelig verleden. Echt mooi vinden we de stad niet, maar hij heeft iets.
We bezoeken een Russisch-Orthodoxe kathedraal waar juist een begrafenisdienst wordt afgerond. Wat jonge mensen zijn hierop aanwezig in traditionele klederdracht.
Indrukwekkend zijn de immense gebouwen van een textielfabriek die nog steeds in werking is. Het Art Nouveau ziekenhuis ertegenover is niet echt mooi.
Het terrein rond het kasteel van Narva, biedt uitzicht op de grensbrug en het Russische Fort, de vesting van Ivangorod, dat werd gebouwd op de andere oever van de Narva rivier als tegengewicht voor het kasteel van Narva. Het kasteel is toegankelijk voor publiek, tot boven in de toren.
Even staan we stil om te zien hoe grondig de grenspost met Rusland hier wordt bewaakt, metershoge prikkeldraad is langs de brug geplaatst, zodat niemand illegaal het land in of uit kan. Wie hier de grens over wil, moet wel wat geduld hebben, er gebeuren zeer grondige controles van elk voertuig dat passeert.
Onderweg stoppen we in Sillamäe, een modelplaatsje uit de laat-Stalinische periode. Na WOII diende dit stadje als militaire basis voor de chemische en nucleaire oorlogsvoering van de Sovjet-Unie. Tot 1990 werden hier enkel Sovjetburgers toegelaten, zelfs Esten werden niet geduld. Op heden wonen hier nog steeds bijna uitsluitend Russen.
Het verlaten ogend straatbeeld bestaat uit vele sobere vierkante woonblokken in pasteltinten. Enkele officiële gebouwen zijn mooi om zien. Aan het strand zien we wat kleine armoedige houten vissershuisjes.
Klooster Kuremäe is een Russisch-Orthodox klooster waarin nog zo’n 150 nonnen wonen. Ze leven van groenteteelt, houden schapen, paarden en kippen. Binnen de muren van het klooster vinden we prachtige bloementuinen en een groen park. Overal zien we de nonnetjes aan het werk, uitgedost in zeer ouderwetse bebloemde-schort-kledij, met dito hoofddoek. De gebouwen zelf zijn bijzonder, opgetrokken uit rode baksteen, met groene koepels op de torens.
De 11-merenwandeling (12 km) start in het landschapsreservaat Kurtna maastikukaitseala, we parkeren op de parking van het verouderde vakantiecentrum Niinsaare. Het pad dat wordt aangeduid met blauwe verf op de bomen is te vinden een 50-tal meter vóór de parking, waar het de bossen induikt (eventjes zoeken, het wandelpad is aanvankelijk overwoekerd, maar al vlug wordt het een zeer aangenaam en goed begaanbaar pad). We genieten van deze zeer gevarieerde en rustige wandeling langs de 11 meertjes en door verschillende types van bos en onderbegroeiing. Waar het drassig wordt, zijn mooie houten loopbruggetjes voorzien.
Overnachting:
Kämping Männisalu bij het Toila Spa Hotel, 100 EEK per nacht voor 2 personen + tent + auto + elektriciteit (speciale campingstekker), veel schaduwplaatsen, proper verzorgde sanitair, keuken met kookplaten, koelkasten + vriesvak, gratis WIFI, houten huisjes te huur, omheind terrein, aan zee, vriendelijke ontvangst, aangename maar zeer drukke camping waar kampeerders zeer laat hun BBQ aanmaken (23.00u is geen uitzondering), met alle gevolgen van dien, Ranna 12, Toila, tel. +372 334 29 04, info@toilaspa.ee, www.toilaspa.ee

VOSU – TALLINN
Op weg van Toila naar Võsu stoppen we bij de waterval van Valaste in Ontika. Wat mooi zou kunnen zijn … stelt momenteel niet veel voor, een smal straaltje water druppelt naar beneden over de 20 meter hoge rond uitgesleten loodrechte kalksteenwand tot op het strand. Dit is het zomerbeeld van de waterval, die in de winter tot een mooie brede ijswaterval bevriest, in de lente komt hier het smeltwater naar beneden gedonderd.
De slakkenberg van Kivioli is één van de triestige voorbeelden van de industriële nalatenschap van de periode onder de Sovjet-Unie. We beklimmen de oude afvalberg met een hoogte van 101 meter en krijgen zo een overzicht op zijn omgeving met overal mijninstallaties, fabrieken met hoge schoorstenen die zwarte rook uitspuwen en andere afvalbergen, waarvan er steeds maar bijkomen. Hier in de streek wordt olieschalie gewonnen, een bruingrijze steensoort waarmee de energiecentrales worden gestookt. Bij verbranding veroorzaakt deze een enorme vervuiling. Er hangt dan ook een doordringende ongezonde geur in deze omgeving.
In het stadje Rakvere bezoeken we de gerestaureerde burchtruïne Tarvanpää. We wandelen ernaartoe via de Pikk tänav, een lange straat met enkele authentieke houten huizen. Via een grappige trap klimmen we naar de burcht. De treden beginnen smal en laag (+/- 1 cm hoog, 20 cm breed)... elke trede is iets hoger en breder … de bovenste is meer dan 80 cm hoog en 2 meter breed (om verder naar boven te kunnen werd hier een gewone smalle trap naast gebouwd).
Vihula mõis, een groot landhuiscomplex aan de oever van de Mustja rivier, is volledig gerestaureerd en ingenomen door een hotel. We wandelen door de tuin, maar vinden niets terug van de oude stijl van de gebouwen.
Sagadu mõis, een gelijkaardig landhuiscomplex kan ons meer bekoren, de restauratie van de verschillende gebouwen behield hier wat meer het authentieke. Naast het bureau van ‘staatsbos beheer’ werd ook hier een hotel ondergebracht. In de parktuin staan mooie ludieke beelden verspreid. Leuk om even rond te wandelen.
Palmse mõis is een derde landhuiscomplex in deze omgeving, dit bezoeken we echter niet omdat de inkom vrij duur (75 EEK pp) is en we al 2 andere dergelijke domeinen hebben gezien, van aan de poort zien we weinig verschillen met de vorige.
Vanuit Võsu bezoeken we de hoofdstad Tallinn, zo’n 75 km verderop. In die omgeving zijn geen degelijke campings te vinden waarop je voor een tentje wat gras en schaduw vindt. Wel zijn er enkele plaatsen die geschikt zijn om te overnachten met mobilhome of caravan op verharde ondergrond.
Tallinn, de door Unesco erkende hoofdstad van Estland, is gelegen in het uiterste noorden van het land, aan de Finse Golf, tegenover Helsinki. Met zijn 400.000 inwoners huisvest de stad 1/3 van de Estse bevolking. We vinden geen echte stadsdrukte in deze bijzonder mooie kleine hoofdstad.
De volledig omwalde stad met zijn 20 torens is in 2 delen opgesplitst. Het bovenste stadsdeel op de Domberg, huisvest het administratieve centrum. De benedenstad herbergt vele winkels en restaurantjes.
Buiten langs de stadsmuren wandelen we doorheen een rustgevend parkje waar kunstig aangelegde groene perceeltjes elkaar de loef afsteken. We vinden er ook een klein ceramiekwinkeltje met zeer bijzondere kunstwerkjes, Asuuritorn (www.hot.ee/asuurkeraamika). Benieuwd naar wat de stad ons nog meer te bieden heeft, begeven we ons naar boven op de stadmuren om eerst het uitzicht te bewonderen.
Het Toompea Loss (oud kasteel in roze kleur waar het Estse parlement zetelt), de Domkerk, de Alexander Nevsky kathedraal, de Pikk Herman (50 meter hoge stadstoren), … zijn de belangrijkste gebouwen in de bovenstad. We pauzeren even in een parkje waar een Zweeds blaasorkest trakteert op moderne muziek.
Tijd voor de lunch, de vele restaurantjes bieden een variatie aan keukens uit de ganse wereld. We slagen er in een typisch zaakje te vinden, waar we zoute pannenkoeken op zijn Ests bestellen.
De smalle kronkelige straatjes in de benedenstad zijn geplaveid met kinderkopjes die allemaal naar de Raekoda plats (het centrale raadhuisplein) toelopen. Hier pronkt het gotische raadhuis omringd door terrasjes en kraampjes, de oude stadsapotheek is te bezichtigen. Goed onderhouden gebouwen zijn witgekalkt of in pasteltinten getooid, een lust voor het oog. Vabaduse väljak, het plein van de vrijheid wordt omringd door mooie gebouwen uit de jaren ´30. We beklimmen de toren van de St. Olavskerk (30 EEK pp.), van waar we een prachtig zicht hebben op de stad met zijn vele torens en rode daken, binnen zijn indrukwekkende omwalling.
Het stadscentrum is gemakkelijk bereikbaar met de wagen, er zijn volop parkings rond het centrum (van 25 EEK tot 100 EEK per dag, kwestie van wat rond te kijken).
Aan de rand van de stad, aan de Rocca al mare, bezoeken we het openluchtmuseum Eesti Vabaõhumuuseum. Een soort Bokrijk in het klein, waar het leven in de 18de en 19de eeuw wordt uitgebeeld. Eigenlijk hadden we hier wat meer variatie verwacht, een aantal huisjes zijn niet open. Onze conclusie is dat er vele gelijkenissen zijn tussen het leven hier en bij ons in die tijd. Een opvallend verschilpunt is de verwarmingsmethode van de huisjes. Centraal in elk huis wordt een stenen ‘kachel’ gebouwd, die als een stuk wand in elke kamer van het huis uitkomt om deze te verwarmen, de keuken krijgt het belangrijkste deel ervan met een laag uitsteekstel als kookfornuis. (inkom 95 EEK pp., www.evm.ee).
Vanuit Käsmu maken we een rondwandeling op het schiereiland, dat deel uitmaakt van het Lahemaa National Park. Deze start aan de parking op het einde van het dorp, waar tevens de weg eindigt. We volgen een hele tijd een markering van rode linten rond de boomstammen, een smal pad langs de kustlijn. Dit tot we op een moment deze rode linten samen met blauwe linten vinden en dwars over het schiereiland via een breder bospad terugkeren naar Käsmu.
Nadat we de eerste huizen van Käsmu zijn gepasseerd, kiezen we voor een andere wandelroute, gemarkeerd met wit/groen/wit. Deze loopt doorheen het bos via een aantal grote zwerfkeien, zoals we er ook tegenkwamen aan het begin van onze wandeling, sommige vooraan in zee. De reuzenkeien zijn hier tijdens de ijstijd naartoe geschoven vanuit Finland. De grootste die we op ons pad tegenkomen is 4,8 meter hoog en heeft een omtrek van 24,7 meter.
Verderop kronkelt het bospaadje doorheen een mysterieus veld van grote groen bemoste stenen. Een aangenaam einde van deze mooie gevarieerde wandeling. (15 km, aangeduid op een bord nabij de parking)
In hetzelfde nationale park willen we nog een wandeling maken die ons langs enkele watervallen van de Valgejõgi rivier zal brengen. Deze rivier volgt een nauw dal dat is uitgesleten in het Noord Estse kalksteenplateau. We beslissen echter de wandeling niet te maken omdat meer dan de helft ervan de onverharde autoweg volgt die we reeds met de auto moeten volgen om naar het startpunt te rijden. We stoppen nabij de stuwmeertjes met de watervallen Nõmmeveski en Joaveski om deze te gaan bekijken.
Voor we de streek verlaten, maken we nog een laatste wandeling in dit gevarieerde natuurgebied : Viru Bog (5,5 km, overzichtsborden aan het vertrekpunt). We vertrekken aan de parking vlakbij de A1 Tallinn-Narva, op de weg naar Loksa. Over een ven- en moerasgebied is een mooi planken pad aangelegd over 3,5 km, met schitterende zichten op de kleurrijke natuur. Een uitkijktoren biedt een zicht op het waterrijke gebied met zijn meertjes en de kans om vogels te bespieden. Voor de terugweg nemen we het pad dat langsheen het moerasgebied de bosrand volgt.
Overnachting:
Camping Eesti Karavan, 100 EEK per nacht voor 2 personen + tent + auto, een ruime camping met genummerde plaatsen voor caravans en mobilhomes en enkele veldjes voor tenten, weinig schaduw, sanitair op 3 verschillende plaatsen is te beperkt voor de grootte van de camping, water smaakt en ruikt naar metaal, gratis WIFI, ijsblokken kunnen aan de receptie worden ingevroren, wasmachine 65 EEK, vriendelijke ontvangst, Engels gesproken, we kregen de toelating ons tentje in de schaduw onder de bomen achter het receptiegebouwtje te plaatsen, wat normaal geen deel uitmaakt van het tentenveld.

HAAPSALU – EILAND VORMSI
Onderweg tussen Tallinn en Haapsalu stoppen we in het landschapspark Keila-Joa om er naar de waterval te gaan kijken, een mooie maar niet spectaculaire waterval. Wat de plaats bijzonder maakt, is de hangbrug om naar de overkant van de waterval te gaan. Aan de reling van deze brug hangen duizenden hangsloten groot en klein in alle mogelijke uitvoeringen, meestal met 2 namen en een datum erop aangebracht. Paartjes uit de streek die huwen, hebben de gewoonte naar aloude traditie hier op deze heuglijke dag een hangslot te komen bevestigen. En we hebben het geluk juist een paartje op de brug te treffen.
Verderop, in Padise, bezoeken we de ruïne van een Cisterciënzerklooster uit de 13de eeuw. Deze werd mooi onderhouden en waar nodig gestut. Binnenin stuiten we op een orkestje dat een live optreden in de grote ruimte aan ’t voorbereiden is. Dit geeft een mysterieuze sfeer aan het bouwwerk. We klimmen tot op de toren voor het uitzicht op de omgeving.
Haapsalu is een aangenaam kuuroordstadje aan zee, vooral bekend voor de heilzame modderbaden. Aan het centrale plein staat het immense bisschoppelijk paleis en kathedraal complex.
Een romantische avondwandeling bij zonsondergang op de promenade is zeker een aanrader. Bij de zitbank ter nagedachtenis van Tsjaïkowsky, die hier te gast was, klinkt zachtjes zijn muziek. Op de promenade en in zee werden een aantal beelden geplaatst, die samen met de houten gebouwen - waarvan het kuurhuis de meeste aandacht trekt - een aangename sfeer scheppen.
Tussen het haventje van Rohuküla, waar we de ferry nemen, en Haapsalu staat de indrukwekkende ruïne van het Ungru kasteel. Enkele hoge gevelmuren staan nog volledig rechtop, terwijl een groot deel van het gebouw is ingestort.
Vormsi is een zeer authentiek en rustig eiland, het 4de grootste van deze groep voor de Estse kust. Hier voelt men nog echt een ‘eiland’ sfeer. Vooral onverharde wegen die amper bereden worden, traditionele huisjes en boerderijtjes, beperkt toerisme, mooie natuur, schapen, vogels, … De gure wind die vandaag heerst maakt voor ons het gevoel compleet.
We maken een wandeling op het Rumpo schiereiland dat in een lange smalle piek ver uitloopt in zee.
In het dorpje Hullo is een feest aan de gang, de traditionele kledij wordt volop gedragen. We bezoeken er het St. Olaf kerkje uit de 14de eeuw, een sober wit kerkje midden in het bos, een kleurrijk beeldje in een nis siert de gevel. Midden in de kerk hangt een visserssloep omhoog, aan de muren 1 schilderij, kleurrijk maar eenvoudig. Een dienst is aan de gang, vrolijke liederen worden gezongen door een man en vrouwen in klederdracht. Het kerkhof, 50 meter verderop, draagt de stempel van een Zweeds verleden. Ronde kruisjes uit de 18de en 19de eeuw (het oudste dateert uit 1743) staan tussen scheef weggezakte stenen kruisjes en modernere grafstenen in het bos.
Tijdens onze rondrit verder over het eiland, komen we o.a. nog de vuurtoren van Saxby tegen, een mooie ranke witte toren.
Ferry van Rohuküla (vasteland) naar Sviby (Vormsi): 110 EEK auto + 50 EEK pp. enkele tocht. Vaartijd: 20 min. Bij aankoop van het ticket naar Vormsi wordt automatisch een retour aangerekend, wanneer je terugkomt speelt hiervoor geen rol, kan dezelfde dag zijn, maar ook later. Let wel, soms zijn er te veel auto’s voor de ferry en kunnen de laatste niet mee terug, dus wordt het aangeraden ruimschoots op tijd ter plaatse te zijn. Overnachten op het eiland is zeker mogelijk, maar beperkt (B&B, pensionnetjes, vrij kamperen).
Overnachting:
Camping Pikseke, 215 EEK per nacht voor 2 personen + tent + auto, aangename camping met voldoende bomen die voor schaduwplaatsjes zorgen, weinig maar proper ietwat verouderd sanitair, keuken met kookplaten, koelkast, vriesvak, microgolf, gratis WIFI, wasmachine (95 EEK), vriendelijk en behulpzaam onthaal, Engels gesproken, toeristische info beschikbaar, sauna, massages, vanaf 8.45 u zijn verse broodjes en koffiekoeken verkrijgbaar, Männiku tee 32, Haapsalu, tel. +372 475 57 79, www.campingpikseke.com, info@campingpikseke.com

HIIUMAA
Het eiland Hiiumaa bereiken we met de ferry vanuit Rohuküla naar Heltermaa (ticket: 120 EEK auto, 40 EEK pp., enkele tocht, vaartijd 1 ½ uren). Er zijn voldoende mogelijkheden voor een verblijf op het eiland.
Op Hiiumaa bezoeken we de 3 vuurtorens, Tahkuna, Kõpu en Ristna. Deze zijn toegankelijk voor publiek, je kan met de trap tot helemaal boven (20 EEK pp.) waar je een schitterend uitzicht hebt. De eerste vonden we het meest interessant om in te klimmen. Deze van Kõpu is de oudste vuurtoren in gebruik in Estland, de 3de oudste in de wereld.
Een boekje met korte natuurwandelingen dat we krijgen in het toerismekantoor, helpt ons een aantal mooie plekjes op het eiland uit te zoeken.
Op het schiereiland Kassari stoppen we bij de gelijknamige kapel, de wandeling daar is niet te vinden. We rijden verder het schiereiland rond en wandelen nog aan Orjaku over de smalle lange strook land die als een piek in zee ligt. Op de uitkijktoren Linnutorn genieten we van een mooi uitzicht op zee en de natuur rondom met zijn vele vogels. Via een plankenpaadje stappen we over een vengebied naar uitkijktoren Silmakare, voor eveneens een prachtig uitzicht.
We willen in Õngu het meer Tihu järv bezoeken, op aanraden van het toerismekantoor, maar na kilometers onverharde weg en nog een heel eind stappen op een smalle bosweg met hoog gras en onkruid, geven we het op. Behalve een kaart aan de wegkant zijn hier geen aanduidingen en het pad is helemaal niet onderhouden. We hebben geen idee welke kant we in het bos uit moeten.
Aan het smalle kronkelende riviertje Vanajõgi volgen we een rondwandeling met bruggetjes.
Ristimägi, de kruisjesheuvel, is een indrukwekkende plaats. Een 1.000-tal Zweden, die in 1781 door de Russen verbannen werden van hun eiland Hiiumaa, begonnen hier de kruistocht naar het zuiden van Oekraïne. Op deze heuvel plaatsten ze allemaal een kruis.
De traditie zegt dat elke bezoeker hier een kruisje mag aanbrengen, gemaakt met natuurlijk materiaal, zonder de natuur hiervoor te beschadigen. Ze doen dit ter nagedachtenis van de kruisvaarders. Wie dit doet, zal een gelukkige toekomst hebben.
Rond deze heuvel vinden we dan ook duizenden kruisjes in het bos, gemaakt van steentjes, takken, sparrenappels, …
Een minuscuul natuurlijk orchideeënveldje Kõrgessaare stelt niet veel voor, van de wilde begroeiing staat weinig in bloei, we vinden slechts 1 van de 30 soorten orchideeën.

Overnachting:
Randmäe Puhketalu, 140 EEK per nacht voor 2 personen + tent + auto (vanaf 2 overnachtingen), mooie rustige camping met veel bomen voor schaduw, oude omgebouwde boerderij aan zee, gratis WIFI, keuken met kookvuur, oven, koelkast, wasmachine, afwasbakken ontbreken, BBQ’s, vriendelijk onthaal, beperkt Duits en Engels gesproken, water heeft sterke metaalgeur, sanitair is proper, maar te beperkt, sauna mogelijk, Mangu Küla, Kõrgessaare Vald, Hiiumaa, tel. +372 56 91 38 83, puhketalu@hot.ee, www.hot.ee/puhketalu

SAAREMAA – TEHUMARDI
We nemen de ferry van Sôru op het eiland Hiiumaa naar Triigi op eiland Saaremaa (duurtijd: +/- 1 uur, auto 100 EEK + 35 EEK pp.). Saaremaa is het grootste van de Estse eilanden, in de hoofdstad Kuressaare vindt men banken, winkels en hotels. Er zijn een aantal campings over het eiland verspreid.
Bij het kleine toerismekantoor in Leisi krijgen we reeds wat basisinformatie, zo kunnen we op weg naar de camping reeds de belangrijkste bezienswaardigheden bezoeken. Later gaan we naar het informatiekantoor van Kuressaare om wat meer informatie over het eiland, alsook een folder met natuurwandelingen (die lang niet allemaal terug te vinden zijn).
In Metsküla duikt een mooi kerkje op, midden in het veld. Dit is het kleinste Orthodoxe kerkje van het eiland, stamt uit de 17de eeuw. Het is opgetrokken uit rood hout, op de 2 torentjes prijken groene bolronde koepels. Ook hier zien we weer de typische Orthodoxe kruisen met dubbele horizontale balk + nog een klein schuin balkje eronder. Binnenin het kerkje treffen we één grote open ruimte, rijen banken ontbreken. Deze werd gezellig ingericht, voelt eerder als een woonkamer, treffend is de soberheid. Enkel aan de zijwand staan enkele banken. 2 reuze kachels moeten deze kerk verwarmen in de hier toch wel strenge winters. Vooraan in de ruimte is een dunne houten scheidingswand aangebracht, waarachter een soort altaartafel staat, een dubbele deur in de wand wordt geopend tijdens de dienst. Een oude man leidt ons rond en toont fier ‘zijn’ kerkje. Bij het buitengaan stoppen we hem wat geld toe, uit dankbaarheid moeten we samen met hem de klok 3 maal luiden.
Het kerkje van Karja is mooi door zijn eenvoud, de volledig witgepleisterde rechte buitenmuren zijn enkel versierd met een dubbele deur met sierboog en een beeldhouwwerkje in een nisje op de zijmuur.
De meteorietkrater van Kaali is een indrukwekkend grote ronde kuil, met in het midden een mooie groene vijver, waarop waterlelies drijven. Het meer heeft een diameter van 110 meter, 22 meter diep en minstens 4.000 jaar oud. De meteoriet zelf zou ongeveer 1.000 ton hebben gewogen. In een omtrek van 1 km² zijn nog een 9-tal kleine kraters te vinden.
Kuuroord Kuressaare is vooral bekend om zijn geneeskrachtige modderbaden. We bezoeken er het fort en kijken even in het levendige centrum, met enkele oude gebouwen, rond.
Op het Vätta schiereiland willen we de 2 oud-Zweedse dorpjes, Suuri-Rootsi (groot-Zweeds) en Väike-Rootsi (klein-Zweeds), zien. We verwachten hier wat oude cultuur, maar er is niet veel traditie meer te vinden. In het laatste dorpje maken we een klein aangenaam wandelingetje dat aan de vakantieboerderij ‘Aadu Tourist Farm’ vertrekt, we keren terug wanneer de aanduidingen ophouden na ongeveer 1 km.
Op weg naar de camping stoppen we 2 km voorbij Kuressaare, waar we een leuke wandeling over graspaden maken in het natuurgebied ‘Loode Oak Wood Nature Reserve’ (2,4 km).
Harilaid schiereiland, dat deel uitmaakt van Vilsandi nationaal park, is een must om te bezoeken. Na een heel eind over onverharde wegen komen we op een parking terecht, vanwaar we een prachtige rondwandeling maken langs de buitenrand van het onbewoonde kleine schiereiland, ongeveer 11 km. Op het uiteinde komen we bij een opmerkelijke vuurtoren, die door het opkomende peil van het zeeniveau, nu in zee staat. Soms staat hij volledig scheef, maar dan komt hij vanzelf weer min of meer recht te staan. Wat verderop lopen we over een zeer smalle landtong, die als een sliert in zee uitloopt op een puntje, we kunnen deze nog een eindje volgen onder het zeeniveau. Overal zijn minimosseltjes aangespoeld. De stromingen komen van beide kanten, de kleine golven komen naar elkaar toe. Het is grappig om zien.
Van de Jaagarahu haven blijft enkel de oude pier over, die in 2 stukken is gebroken door de stroming. Hier werd kalksteen geëxporteerd naar Europa, de gedeporteerden van het eiland Saaremaa werden verscheept naar Siberië.
Op weg om het schitterende eiland te verlaten, stoppen we nog een aantal keren onderweg.
De kerk van Valjala is de oudste van het eiland, met Romaanse invloeden. Vóór de ingang van het kerkje zijn een groepje jongeren bezig met opgravingen. Ze hebben reeds een heleboel nietszeggende stenen, maar ook wat beenderen en een schedel blootgelegd.
Om van Saaremaa naar het vasteland te komen, rijden we eerst de dam over naar Muhu eiland.
Daar bezoeken we het oude vissersdorpje Kogura (°1532). Het is een nationaal monument, de 20-tal huizen worden nog bewoond door afstammelingen van de oorspronkelijke bevolking. Zij moeten de huizen in hun originele toestand bewaren. Een rustig dorpje waar de tijd is blijven stilstaan.
Aan het kerkje van Muhu zijn enkele merkwaardige trapeziumvormige originele grafstenen te vinden, die slechts op 2 plaatsen in Estland overblijven. Bij het binnengaan van het oude kerkje verzwikt Herlinde haar ‘rechter’ voet, het ziet er nogal ernstig uit, zwelt op, wordt blauw en ze kan er niet op staan.
In Mäla is een prehistorisch kerkhofje te vinden, het is een verbrandingsplaats van 500 v. Chr., die nog werd gebruikt gedurende verschillende culturele periodes. De oudste verbrandingen gebeurden midden in 2 concentrische cirkels van stenen, de buitenste met een diameter van 8 meter. In het centrum staat een 1,5 meter hoge steen rechtop. Hier werden niet verbrande beenderen en gebruiksvoorwerpen teruggevonden.
In Kuivastu moeten we de ferry nemen naar Virtsu op het vasteland, auto 100 EEK, 35 EEK pp., +/- 30 min. varen met een fonkelnieuwe moderne ferry.
Overnachting:
camping Tehumardi Puhkekeskus ****, 120 EEK per nacht voor 2 personen + auto + tent, zeer aangename camping met veel schaduwplaatsjes onder hoge bomen, geen afgebakende plaatsen, ruim en proper modern sanitair, volwaardige keuken met kookvuren, koelkast, diepvries, oven, koffiezet, waterkoker, broodrooster, … zitplaatsen op het terras voor de keuken, zitruimte aan de receptie, gratis WIFI, toeristische informatie beschikbaar, vriendelijk onthaal, Engels gesproken, gelegen langs de hoofdweg in Tehumardi, tel. + 372 457 16 66, info@tehumardi.ee, www.tehumardi.ee. Aanrader !

UULU
Uulu is een klein plaatsje langs de kustbaan van Pärnu naar Letland. Hier overnachten we om de lange rit te onderbreken. We dachten dit in Pärnu zelf te doen, maar de camping daar was niet aan ons besteed, het sanitair was helemaal niet fris, geen mooie plaatsjes om een tentje neer te zetten.
Het bezoek van het kuuroordstadje Pärnu slaan we bijgevolg over, op het eerste zicht lijkt ons dit een industriestad met grauwe bebouwing. Misschien is het oude stadscentrum toch wel de moeite waard … dit bewaren we voor een volgende keer.
In Ikla verlaten we Estland en gaan de grens naar Letland over. In de grensstreek zijn enkele kleine dorpjes met stranden te vinden, maar geen enkele winkel van belang, noch benzinestations.

Overnachting:
Camping White House Guesthouse, 100 EEK per nacht, zeer rustige camping aan de rand van een nietszeggend plaatsje, bos + open grasveld, zwembadje, goed onderhouden en proper terrein, nieuwe sanitaire blok is proper maar niet volledig afgewerkt, ook wat verouderd sanitair op het einde van het terrein, geen Engels gesproken, tel. +372 58 05 04 80, whouse@hot.ee, www.whitehouse.ee

Veel reisplezier, www.tangatanga.com/herlindemarc

ESTLAND LINKS

• Estland Vliegtickets.nl
• Estland Hotels
• Estland Kras Reizen
• Accommodaties Estland
• Jouw reis voor de beste prijs - Prijsvrij.nl
• Djoser fietsreis - Estland, Letland & Litouwen
• Ferry overtochten van en naar Estland
• Autoverhuur Sunny Cars Estland
• Estland WTC
• Transport Estland - TTS Quality Logistics B.V
• Tallinn Vliegtickets Tix.nl

Artikelen


   ESTLAND

rondreis MH11