ZAMBIA   

Wil je persoonlijke reistips ontvangen? Klik hier.

Staatsinrichting en bestuurlijke indeling

Volgens de in 1996 gewijzigde grondwet van 1991 is Zambia een presidentiële republiek binnen het Gemenebest, met aan het hoofd een voor vijf jaar gekozen president. Sinds de nieuwe grondwet in werking trad heeft Zambia een meerpartijenstelsel die de president het recht ontneemt om boven de wet te staan, de noodtoestand uit te roepen en een kabinet samen te stellen uit leden van buiten het parlement. De president kan slechts één keer herkozen worden en volgens de grondwet dienen beide ouders van een presidentskandidaat van Zambiaanse afkomst te zijn.
De Nationale Vergadering (National Assembly), het parlement, bestaat uit 150 leden, die volgens het districtenstelsel naar Brits model voor vijf jaar bij algemeen kiesrecht gekozen worden; acht extra leden worden door de president benoemd. Er is verder een House of Chiefs, waarin de traditionele stamhoofden zitting hebben.
De belangrijkste politieke partijen zijn de United National Independence Party van K. Kaunda, die de laatste omstreden verkiezingen van november 1996 boycotte en tussen 1964 en 1991 de eenheidspartij was, en de huidige regeringspartij, de Movement for Multi-Party Democracy (MMD). In totaal zijn er ca. 30 politieke partijen actief.

Bestuurlijk is het land ingedeeld in negen provincies, Central Province (hoofdstad: Kabwe), Copperbelt (Ndola), Eastern Province (Chipata), Luapula (Mansa), Lusaka, Northern Province (Kasama), North-Western Province (Solwezi), Southern Province (Livingstone) en Western Province (Mongu).
Zambia is lid van de Verenigde Naties en een aantal van zijn suborganisaties, van het Britse Gemenebest van Naties, van de Organisatie van Afrikaanse Eenheid (OAE), de GATT en geassocieerd lid van de Europese Unie. Voor de huidihge politieke situatie zie hoofdstuk geschiedenis.

Onderwijs

Na de onafhankelijkheid investeerde de Zambiaanse regering grote bedragen in het opzetten van scholen, opleidingen en een universiteit (University of Zambia), die in 1966 open ging. Deze universiteit had halverwege de jaren negentig ca. 10.000 studenten. De Copperbelt University is in de stad Kitwe gevestigd. Verder zijn er nog diverse hogere opleidingen en een aantal privé-scholen. Tot de laatste categorie behoren o.a. de Banani International Secondary School for Girls, Simba International School, Sakeji School, Makeni Ecumenical Centre en de Evelyn Hone College of Arts and Commerce.

Halverwege de jaren zeventig van de vorige eeuw volgden ca. één miljoen kinderen gratis basisonderwijs en ca. 80.000 kinderen gratis voortgezet onderwijs. Zambiaanse kinderen beginnen hun schoolcarrière vaak pas als ze negen jaar oud zijn. In de Southern province worden de kinderen de eerste twee jaar onderwezen in het Tonga, daarna gaat het onderwijs verder in het Engels.
Na groep zeven worden er nationale examens afgenomen; worden deze met goed gevolg afgesloten dan kan men verder leren in een plaatselijke school. De knapste leerlingen gaan naar een school voor voortgezet onderwijs, vaak in een grote stad. Ze moeten dan echter wel geld meenemen want dit onderwijs is duur, soms meer dan een jaarinkomen. Het zal duidelijk zijn dat voortgezet onderwijs maar voor een enkeling is weggelegd. Noch de scholen, noch de regering springen de ouders bij in de kosten. In 2001 werd er een wet aangenomen die ervoor zorgde dat de examengelden werden afgeschaft. De scholen waren echter niet voor een gat te vangen en verhoogden de ouderbijdrage zodanig, dat het voor veel kinderen onmogelijk bleef om voortgezet onderwijs te volgen.

Na de oliecrisis en het instorten van de koperprijs in 1973/1974 werd gratis onderwijs onbetaalbaar. Het gevolg was dat het gehele schoolsysteem wegens geldgebrek opgeblazen werd, nog versterkt door mismanagement van de regering. Ondanks inspanningen van de regering om het onderwijs weer op poten te zetten, gaat nog maar de helft van alle kinderen naar de basisschool. Velen maken de basisschool niet eens af en maar een kwart van basisschoolleerlingen gaat naar het middelbaar onderwijs.
Cijfers uit 2000 tonen aan dat een derde van de kinderen geen enkele vorm van onderwijs geniet. Een groot probleem zijn de overvolle klassen met vaak meer dan 100 kinderen in een klas. Verder worden onderwijzers zwaar onderbetaald wardoor de motivatie bij deze beroepsgroep danig slinkt.

Gezondheidszorg

Ten tijde van de onafhankelijkheid in 1964 was het met de gezondheidszorg slecht gesteld in Zambia. Met name in de ‘compounds’ bij de grote steden en op het platteland was het droevig gesteld. De minimale voorzieningen konden ziektes als malaria, slaapziekte en tuberculose niet voorkomen. Het waren eigenlijk alleen de missieposten waar de mensen enige (medische) zorg kregen.
Na de onafhankelijkheid werd er veel geld gestoken in het opzetten van plattelandsklinieken, districthospitaals en stadsziekenhuizen. Ook werden er verpleegstersopleidingen gestart. Begin jaren zeventig was de situatie al aanzienlijk verbeterd, zelfs op het platteland. Ook vonden er grootscheepse inentingscampagnes plaats en de meeste voorzieningen waren gratis.

Na de oliecrisis en de instorting van de koperprijs in de jaren 1973/1974 werd de gezondheidszorg onbetaalbaar voor de Zambiaanse overheid. Alles wat in tien jaar tijd was opgebouwd, was in een klap verdwenen. Klinieken konden de eenvoudigste zorg niet meer aanbieden en veel artsen verdwenen naar het buitenland.
Pas onder president Chiluba werd er een hervormingsplan opgesteld. De op zich goede plannen zijn vooral gericht op de basisgezondheidszorg, maar de uitvoering is nog zeer wisselend. In het algemeen kan men zeggen dat het met de gezondheid van de bevolking steeds slechter gesteld is. De gemiddelde levensverwachting is verder gedaald, de kindersterfte stijgt steeds verder en ook het aantal ondervoede kinderen neemt schrikbarend toe. Het enige positieve feit is dat de achteruitgang minder snel gaat dan een aantal jaren terug.
Een van de grootste problemen van het laatste decennium is aids. Honderdduizenden mensen zijn HIV-positief en tienduizenden Zambianen zijn al aan aids gestorven. Zo’n 60% van de ziekenhuispatiënten lijdt aan HIV/AIDS gerelateerde aandoeningen. De verwachting is dat de situatie nog erger zal gaan worden. Zo schat men dat er in 2015 bijna één miljoen weeskinderen zullen zijn, en dat 20% van de bevolking tussen 15-45 jaar HIV-geïnfecteerd zal zijn.

ZAMBIA LINKS

Advertenties
• Rondreis Zambia Djoser
• Rondreizen Zambia Kras Reizen
• Zambia Vliegtickets.nl
• Sundowner wildlife & natuur reizen
• Accommodaties Zambia
• Zambia Vliegtickets WTC
• Hotels Zambia
• Lusaka Vliegtickets Tix.nl
• Eliza was here

Nuttige links

Africa Explorer (N)
Dieren in Zambia (N)
Imena: Hulp aan Zambia( N+E)
Reisfoto's Zambia
Reisinformatie Zambia (N)
Reisverslag Zambia (N)
Romans over Zambia (N)
Rondreis Zambia (N)
Startpagina Zambia (N)
Zambia informatie - Reizendoejezo (N)
Zambia Reisstart (N+E)
Zambia Start België (N)
Artikelen en Reisverhalen over ZAMBIA
  Victoria falls en Zambezi

Bronnen

Else, D. / Zambia
Lonely Planet

Posthumus, B. / Zambia : mensen, politiek, economie, cultuur
Koninklijk Instituut voor de Tropen / Novib

Zuidoost-Afrika
The Reader’s Digest

CIA - World Factbook

BBC - Country Profiles

laatst bijgewerkt oktober 2019
Samensteller: Arie Verrijp / Geert Willems